https://sites.google.com/view/linguarium
Sweikhuizen
Het gebeurt niet vaak, dat je naar Sweikhuizen komt om me op te zoeken, maar dat zou eigenlijk wel moeten. Je moet echt wat vaker deze kant op komen.
Het verwondert mij, dat er zoveel mensen van de stad naar dit dorp zijn verhuisd. Ik zou graag van jou willen horen hoe je daarover denkt.
ik zal je eerlijk zeggen wat ik ervan vind. Ze wonen hier in dit dorp bij elkaar, van huis uit stadsmensen, als levend bewijs van het spreekwoord: soort zoekt soort. De meesten van hen verachten de stad waar ze vandaan zijn gekomen, de drukte, het lawaai, en ze kijken naar het dorp, alsof dit ooit hun thuis is geweest. Ze houden van de stilte, het passieve leven en het zalige niets doen. Maar ik denk, dat ze het bij het verkeerde eind hebben. Want hadden ze gelijk, dan zou ik ook mijn tijd hier verdoen met niets doen, net als die mensen die de stad zijn ontvlucht. Er is trouwens voor deze vlucht naar het platteland maar een oorzaak, niet de stad, maar het karakter van de mensen. want voor actieve mensen zal het geen verschil maken, dan is een dorp net zo goed als een stad.
Als de mensen jou zo horen praten, zullen de meesten je niet geloven en je actieve leven toeschrijven aan je karakter en niet aan het dorp waar je geboren bent.
Zelf zou ik misschien niet zo actief zijn, als het niet in mijn aard lag, maar die mensen zullen uit hun aard nooit tot actie komen.
Mag ik je vragen, wat is volgens jou voor actieve mensen het voordeel van het wonen in een dorp?
Dat weet ik niet zo goed, want zoals ik al zei, dorp of stad, dat maakt me niet zoveel uit. Misschien kan ik je een droom vertellen, gaat hij verder, een rare droom die ik verschillende keren na elkaar heb gehad. Eerst droom ik, dat ik met jou door het dorp rijd. Ik laat je het landschap zien. We hebben het over verstedelijking. Ik zeg dat je de stad ook als metropool kunt bouwen en het landschap leeg laten. Dat had ik wel gedacht, zeg jij, dat je dat zou denken. Een andere keer droom ik, dat Nieuwstadt als stad is herbouwd met veel gebouwen in Renaissancestijl. Daarna droom ik, dat ik tegen jou zeg: Iedere keer als ik Nieuwstadt terug zie is het wel tien keer zo groot. Als je nu zo doorloopt, gaat dit zeker nog 50 km zo door. En nou wil ik je vragen wat je mening is over deze dromen.
Een droom heeft bijna altijd een rare inhoud, en dat komt doordat hij geen ware gebeurtenissen laat zien, maar wat je over die gebeurtenissen denkt. En dan vertelt deze droom misschien dat voor jou niet geldt wat je eerder zei, dat een dorp of een stad geen verschil maakt. Misschien laat de droom zien, dat jij eigenlijk het liefst in een grote stad wil wonen, maar daarvoor hoef je niet naar Parijs of Londen te verhuizen, want het dorp waar je vandaan komt, ligt er midden in.
In een straal van 50 kilometer rond het dorp is nergens een hele grote stad te bekennen. Natuurlijk zijn er niet zo ver van het dorp steden, zoals Maastricht, Aken en Luik, maar die zijn niet zo groot als de stad die ik zie in mijn droom.
Dat is wat je ziet met je verstandelijke blik, maar misschien laat de droom je zien wat met de gewone ogen niet zo goed waar te nemen is, maar waar je innerlijk wel aan denkt.
Bedoel je een metropool?
Ja, dat bedoel ik. Wat je in je droom ziet, is een metropool, en daar ligt Nieuwstadt in.
Je hebt gelijk, daar denk ik inderdaad aan, maar ik vind het geen realistische gedachte. Kijk je naar steden, zoals Luik, Verviers, Aken, Düren, Maastricht, Hasselt, Genk, Heerlen en Sittard-Geleen afzonderlijk, dan zijn deze klein en ze grenzen niet aan elkaar. Ik associeer dit niet met een metropool, maar door die droom verandert dat misschien. Kijk je naar deze steden alsof ze een geheel vormen, dan ontstaat daaruit ineens het beeld van een metropool.
En zo wordt de droom over het dorp, herbouwd als stad, op een manier die je niet verwacht, verwezenlijkt.
Ja, ik ga daardoor anders naar het dorp kijken. Het dorp is een soort buitenwijk van de stad Sittard-Geleen, en deze stad is weer een andere soort
wijk van de Euregio.
Uitstekend. Maar nu we het toch over de Euregio hebben, is dat dan zo’n metropool als Parijs, of gaat dat misschien te ver?
ik denk aan zoiets als Parijs, maar zo’n grote stad is het natuurlijk niet. Ik vraag me wel af, hoe ik dan aan dat idee van een metropool kom, en dan denk ik, dat de metropool die ik hier denk te zien in de omgeving van Maastricht, Aken en Luik, misschien beter gezien kan worden als een metropool in wording.
ik begrijp het. Bedoel je, dat de toestand waarin je deze metropool ziet overeenkomt met de toestand waarin de regio rond Parijs meer dan honderd jaar eerder verkeerde?
Ja, dat bedoel ik. Maar ik vind dat de Euregio in de toekomst een stad zo groot als het tegenwoordige Parijs kan worden.
Zo te horen, hul je je definitie van een metropool in dichterlijke nevelen. Blijkbaar bedoel je met een metropool een stad die zo groot is als Parijs.
Wat zou je anders denken?
Tja. Stel dat iemand jou vraagt: Als er zoiets is als aardrijkskunde, wat is dat voor een vak? Wat is jouw antwoord op die vraag?
Dat is natuurlijk de wetenschap die zich bezighoudt met wat er te leren is over de aarde. Bijvoorbeeld topografie. Bij aardrijkskunde leer je waar Parijs ligt, of cartografie, het in kaart brengen en het beschrijven van het landschap van Parijs.
En als er zoiets is als cartografie, hoe wil je zo’n kaart dan maken?
Ik maak bijvoorbeeld een kaart van het stedelijke bodemgebruik. Dat gaat zo. Je gaat uit van een topografische kaart. Deze toont de fysieke objecten, gebouwen, straten, parken, die in de stad zijn waar te nemen. Om het bodemgebruik vast te stellen, is het nodig deze objecten te vertalen naar hun gebruik. Dit gebeurt aan de hand van de legenda, bijvoorbeeld kleuren rood voor gebouwen, groen voor parken, of lijnen voor straten.
Maar dan bedenk ik, dat ik geen aardrijkskunde geleerd heb en daarom zo’n kaart niet kan maken. Ik pak dit anders aan. Ik vind in Wikipedia een kaart van de Unité urbaine de Paris. De kaart laat het stedelijke gebied van Parijs zien zoals het was in 1999. Ik open de afbeelding in Pixlr op de computer, bewerk deze onder aanpassingen met drempel waarde. Tenslotte verwijder ik overbodige details. Zo maak ik ook een kaart van de Euregio, maar zo'n kaart als die van de Unité urbaine de Paris is niet te vinden. Daarom maak ik op de computer de kaart uit een combinatie van satelliet beelden en kaarten van het stedelijke bodem gebruik. Ik vind de kaarten mooi, ze laten meteen duidelijk zien waar het om gaat, namelijk de dichtheid van bebouwing van het gebied waar de mensen wonen.
Maar ik denk dat de aardrijkskundigen zeggen dat de kaarten door een gek gemaakt zijn. Ze zijn niet erg nauwkeurig. Ze geven bij benadering het bebouwde gebied weer. Dat is niet hetzelfde als het gebied waar de mensen wonen. In een grote stad zijn er een heleboel fabrieken, kantoren en dergelijke, terreinen met gebouwen. Daar komen mensen alleen maar om er
te werken, en niet om er te wonen. Aardrijkskundigen die zo’n kaart zien als die ik maak vragen nooit het belangrijkste. Ze vragen nooit: Wat zie je op de kaart? Een bijenkorf? Een zwerm vogels? Maar ze vragen: Hoeveel inwoners heeft de stad? Wat is de bevolkingsdichtheid? Wat is het stedelijke bodem gebruik? Dan pas vinden ze dat ze stad kennen. Als je tegen de aardrijkskundigen zegt: Parijs is een bijenkorf, dan kunnen ze zich daar niets bij voorstellen. Je moet zeggen: de Petite Couronne van Parijs heeft een bevolkingsdichtheid van 8633 inwoners per km2. De Grande Couronne heeft 452 inwoners per km2. Dan roepen ze: wat groot! En al net zo gaat het als je zegt: de Euregio is een zwerm vogels die voorbij trekt. Ze zullen de schouders ophalen en je voor een gek uitmaken. Maar als je zegt: Het centrale gebied van de Euregio heeft een bevolkingsdichtheid van 686 inwoners per km2. Het perifere gebied heeft 238 inwoners per km2, dan geloven ze het meteen en stellen ze verder geen vragen meer. Of misschien zijn er onder die aardrijkskundigen een paar die vragen: wat is het verschil tussen een bijen korf en een zwerm vogels? En als je dan zegt: alle bijen zoeken hetzelfde nest, maar vogels hebben allemaal hun eigen nesten. Dan zeggen ze: Verkeerd! Je moet zeggen: Parijs heeft bijna 3 keer zoveel inwoners als de Euregio, bijna 12 miljoen tegen 4 miljoen, op een ongeveer even groot gebied. De bevolkingsdichtheid in de Petite Couronne van Parijs is 19,1 keer zo groot als die in de Grande Couronne. In de Euregio is de bevolkingsdichtheid in het centrale gebied slechts 2,9 keer zo groot als in het perifere gebied. Conclusie: de verstedelijking van de Euregio is gering in vergelijking met die van een erkende metropool als Parijs.
Maar, zeg ik dan, dat is dan toch dezelfde conclusie als die ik heb getrokken. De Parijzenaars wonen net als de bijen heel dicht bij elkaar in het centrum van de agglomeratie. De Euregianen wonen als vogels verspreid in hun stadsgebied.
Ja, zeggen die aardrijkskundigen dan, maar kun je dat niet beter met cijfers onderbouwen?
Dat zal wel beter zijn, antwoord ik dan, maar ik, gekke man zonder verstand van aardrijkskunde, geef om al die cijfers niets!