Hoeveel is 3 meter plus 5 centimeter? Mag je dat zomaar optellen?
Kan 5,4 + 4 ook 9 zijn?
Je hebt alle waarden gemeten die je nodig hebt om de oppervlakte van jouw muren te berekenen. Zo weet je immers hoeveel verf je nodig hebt. Maar mag je die waarden zomaar vermenigvuldigen?
En belangrijker nog: komt iemand jou helpen?
Tel- en meetresultaten zijn het gevolg van een telling of meting met een meettoestel. De nauwkeurigheid van dat toestel is belangrijk. Voert men een meting niet zelf uit, dan kan men uit het vermelde resultaat afleiden hoe nauwkeurig het gebruikte meettoestel was.
Om dat weer te geven maken we gebruik van kenmerkende of beduidende cijfers (BC). Dat zijn de cijfers die in een tel- of meetresultaat betekenis hebben. Een telresultaat is een aantal zonder eenheid. Bij een meetresultaat hoort altijd een eenheid.
Hoe groter het aantal BC, hoe nauwkeuriger het meetresultaat is. Het is het aantal cijfers in het maatgetal vanaf het eerste cijfer verschillend van nul.
De nullen waarmee een meetresultaat begint zijn dus nooit BC. Ze zijn enkel nodig om het getal te kunnen schrijven. De andere nullen zijn altijd BC.
Moeilijk? In dit document kan je alles nog eens goed nalezen en oefeningen maken.
Als je verschillende meetresultaten moet gebruiken in een formule (optellen, aftrekken vermenigvuldigen of delen), dan volg je een aantal regels.
Het resultaat moet immers nog steeds de nauwkeurigheid van de meting weergeven en respecteren.
In de animatie hiernaast wordt dat mooi verduidelijkt.