De Witt was written for the album Miseriae Mundi but took parts from a previously unreleased song which was supposed to feature on "In Death's Embrace". One could argue it is therefore the oldest song on the album.
There are several pieces of art depicting the murder of Johan and Cornelis de Witt. This one in particular is made by Romeyn de Hooghe in 1672.
The lyrics are taken from an old play, hence the oldfashioned grammar and spelling.
The song can be listened to via the following channels:
De Republiek, een droom voor velen voor haar tolerantie, haar vrijheid, haar deugdzaamheid
Doch de Gouden Eeuw is reeds voorbij politiek en machtsstrijd brengt de nacht
Met onvrede in hun hart wordt voor het volk een zondebok gebracht;
Landsverraders om een politiek verschil
Och broeder, och! Is dit de vrucht van uw’ vertrouwen! Word men dus,
Wanneer men geen gevaar beducht, verraden door dien Judas-kus!
De welverdiende straf van landverraad en moord,
Van landsdiefte, en van t bloed dat wraak roept, rechtevoort,
‘k Wensch aan mijn eersten dronk de dood te mogen drinken,
Eer ik den ijver van zoo heil’ge wraak laat zinken,
Die w’uwe zielen, o Buath, en Vander Graaf,
Verplicht zijn: dat met mij de duivel heene draaf,
Indien ik niet een koom mijn handen in de plassen
Van ’t bloed die schelmen nog van dezen dag te wassen.
Men valt aan ‘t werk met snijen, en met villen,
En drijft een Koopmanschap van wat d’m omstanders willen,
Met oren, lippen, neus en d’uitgesneden tong
Van Jan, van ving’ren, die men afwreekte, en draaide en wrong,
Of dat het knarste op ’t been afzaagde, en t vlees aan stroken
Gesneden, speekt men alhier van braden, en van koken.
Nu had men van de buik het deksel weggesmeten,
Dies werd wat manlijk was hen van het lijf gereten,
Met een ontuchtigheid van woorden, en gelaat,
Als op die handel past; de buik geopend, gaat
De hand in ’t ingewand, om ’t hart daar uit te halen
Doch wat behoef ik u dit woeden af te malen?
Die dolle blijdschap nam geen einde
Och broeder, och! Is dit de vrucht
Van uw’ vertrouwen! Word men dus,
Wanneer men geen gevaar beducht,
Verraden door dien Judas-kus!