hierboven: Kampen Zuid, rode lijn is de Okmastraat (tussen Apeldoornsestraat en Bavinckstraat).
Wolf van der Hoeden werd op 22 nov. 1886 in Amsterdam geboren als zoon van schoenmaker Isaac van der Hoeden en Beletje Goubits. Hij behoorde tot de middelste kinderen in een gezin met 8 kinderen. Oudere broer Simon (A'dam 1878) overleed op jonge leeftijd in 1929.
Via fabrieksarbeider en machinezetter klom Wolf van der Hoeden op tot journalist. Na Lonneker en Enschede, waar Wolf voor Twentse kranten werkte, kwam het echtpaar Van der Hoeden-de Haan door een uitgeversfusie in Kpn terecht. Hier volgde Wolf de vermaarde J.F. van Hanswijk Pennink op bij de Kamper Courant. In 1938 werd dat blad opgeheven en werd Van der Hoeden Kamper correspondent voor de Provinciale Overijsselsche en Zwolsche Courant in Zwolle. Totdat dit in mei 1941 voor Joden werd verboden.
Van der Hoeden was een sociaaldemocraat met ‘een uitgesproken mening’ en bevriend met de SDAP-er Hendrik Bakker, die in aug 1940 gemeentesecretaris van Kpn werd. Hij wordt ook omschreven als een vrijdenker en anarchist.
Wolf trouwde op 11 december 1917 met Klaske de Haan, een bakkersdochter uit Groningen. Er waren toen al 3 kinderen, die bij het huwelijk gewettigd werden. In die tijd toch een opmerkelijke gang van zaken. Wolf en Klaske waren vele jaren actief pleitbezorger voor het vegetarisme.
Na het afvoeren van de Kpr Joden op 17/18 nov 1942, trad Wolf van der Hoeden op als de plaatselijke vertegenwoordiger van de Joodse Raad, hoewel het gezin niet kerkelijk aangesloten was. Ook namen zij de bedlegerige Sophia Boektje in hun gezin op. Ook is duidelijk dat Van der Hoeden papieren heeft ondergebracht bij de Nutsspaarbank, zoals het pakpapier van het pakketje voor Heintje Vos-Heilbron van april 1943, dat retour was gezonden uit kamp Westerbork aan zijn adres in de Okmastraat. Op 13 maart 1944 moest Wolf van der Hoeden zich weer bij de politie melden. Hij deed dat niet maar dook onder, eerst ergens op de Veluwe, toen in Gramsbergen en later in het dorp De Krim. Als enige van de zeven, in 1940 nog levende broers en zussen, overleefde Wolf de oorlog.
De oorlogsdreiging en de bezetting deden een zware aanslag op zijn gezondheid. Na afloop van de oorlog werkte hij korte tijd bij de overheid en probeerde hij weer in zijn oude vak terug te keren, wat met moeite lukte. Hij stierf op 2 november 1947, hij werd 60 jaar.
© cultuurZIEN 2025