hierboven de handtekening van Hendrik Jan Kist
Hendrik Jan Kist (Kampen 1911-1945 Buchenwald)
Hendrik Jan werd op 3 juli 1911 geboren in de Schapensteeg, als derde kind van Harm Gerrit Kist, arbeider en Hendrikje Kanis. Per 8 nov. 1911 vestigde het gezin Kist-Kanis zich in Amsterdam, op dat moment waren er 5 kinderen. Binnen een jaar zijn zij weer terug in Kampen. Het adres is dan aan de Hofstraat. Bij de geboorte van zus Johanna (1915) woont de familie Kist-Kanis aan de Noordweg. Vader Harm Gerrit was schipper, maar werd na de geboorte van oudste zoon Lucas (1909) los arbeider. In 1931 scheiden de ouders en een jaar later is Harm Gerrit Kist weer schipper en woonde Hendrikje Kanis in Amsterdam.
Hendrik Jan diende bij de marine en werd machinist. Hij trouwde in 1935 in Amsterdam met Grietje Wallage uit Onstwedde (nabij Stadskanaal). Grietje was een dochter van paardenslager Jacob Wallage en Saartje Levitus. Vrij kort na hun huwelijk vestigden Hendrik Jan en Grietje zich in Kampen aan de Voorstraat. Er kwamen 4 kinderen. In 1939 verhuisden zij naar een huurwoning met een woonkamer en 3 slaapkamers in de Morrensteeg. Hendrik Jan was fabrieksarbeider, maar werkte ook op schepen. Tijdens de oorlog kwamen er nog 3 kinderen bij. In 1942 woonde ook vader Harm Gerrit (Kpn 1880-1969) een half jaar bij het gezin in.
rechts in het midden: het huis in de Morrensteeg (foto Beeldbank Stadsarchief Kampen)
de Tweede Wereldoorlog
Hendrik Jan had in 1941 werk gevonden in Frankrijk, waardoor zijn vergunning als vuilnisophaler in Kampen werd ingetrokken. Welk werk hij in Frankrijk deed, blijft onduidelijk. Hendrik Jan kwam tussendoor regelmatig terug naar Kampen. In de zomer van 1944 wordt hij gezocht door de politie. Hendrik Jan geeft op wo. 2 aug. 1944 de geboorte van zijn jongste dochter aan in Kampen. Ruim 2 weken later, op vr. 18 aug 1944 wordt hij gearresteerd in Rotterdam, aangezien zijn naam in het opsporingsregister vermeld staat. Bij het fouilleren heeft hij f 1,70 op zak en een doos met papieren, een doos met tabak en 1 pond brillantine bij zich. De papieren zouden kunnen wijzen op verzetswerk; papier, tabak en brillantine op zwarthandel. Het is ook mogelijk dat Hendrik Jan zich onttrok aan de Arbeitseinsatz, waarvoor hij zich als los werker wel had moeten aanmelden. De werkelijke reden van zijn arrestatie is nooit duidelijk geworden.
Een dag na zijn arrestatie, op za. 19 aug., wordt Hendrik Jan overgedragen aan de Sicherheitspolizei (Sipo) in Den Haag. Grietje wordt dan over zijn aanhouding geinformeerd. Na verhoor in Den Haag, wordt Hendrik Jan een week later (rond 26 aug.) overgebracht naar Vught, ''auf Grund der Schutzhaft''. Een eufemisme voor een willekeurige arrestatie van -volgens de bezetter- ongewenste elementen in de samenleving (kan dus verzet zijn, maar ook zwarthandel of ontduiken Arbeitseinsatz). Op vr. 8 sept. 1944 vertrekt Hendrik Jan vanuit Vught naar concentratiekamp Sachsenhausen. Daar heeft zijn kaart een rode driehoek, het kenmerk voor politieke gevangenen. In Sachsenhausen werkt Hendrik Jan enkele maanden als machinist. Daarna wordt hij doorgezonden naar concentratiekamp Buchenwald, waar hij op zo. 4 febr 1945 arriveert. Een week later, op zo. 11 febr 1945, overlijdt Hendrik Jan Kist in Buchenwald, hij is 33 jr oud. Op za. 17 mrt 1945 wordt een bericht van zijn overlijden naar Den Haag verstuurd, maar dit bericht bereikt Kampen nooit.
Ondertussen in Kampen
Tussen 1944 en 1947 staat de oudste broer van Hendrik Jan, Lucas Kist, ook ingeschreven op het adres in de Morrensteeg. Direct na de oorlog begint de familie een zoektocht naar Hendrik Jan, waarbij het Rode Kruis wordt ingeschakeld. Veel meer dan dat Hendrik Jan Kist in februari 1945 nog in Buchenwald gezien is, levert dit niet op. Pas op 12 mei 1948 wordt het overlijden van Hendrik Jan officieel bij de burgerlijke stand geregistreerd. Grietje kan nu haar zaken gaan regelen en afhandelen. Zij hertrouwde nog in 1948 met Berend van 't Ende, een opperman.
Grietje Wallage (Onstwedde 1909-1954 Kpn)
Grietje was een dochter en het vierde kind in het grote gezin van paardenslager Jacob Wallage en zijn eerste vrouw Saartje Levitus (†1925). Van hun (zeker) 12 kinderen overleefde de helft de eerste kwetsbare maanden niet. In 1932 hertrouwde Jacob Wallage met Antje Beuker, zij overleed in 1941. Grietjes vader werd op 23 nov 1942 vermoord in Auschwitz, hij was 67 jaar. Het zelfde lot trof haar oudere zus Bertha (5 aug. 1942, 39 jr) en haar gezin, en oudere broer Levie (30 sept. 1942, 38 jr) met zijn gezin. Niet alleen Grietje overleefde de oorlog, maar ook haar zussen Jetta en Berentje en broer Nathan.
hieronder: Grietje zichtbaar tussen vader Jacob, met slachtmes en aanscherpijzer, en moeder Saartje, met rechts zus Jetta voor de slagerij (detail van foto Beeldbank Groningen)
Grietje tijdens de Tweede wereldoorlog
Het is opmerkelijk dat Grietje de oorlog in Kampen overleefde. In de eerste oorlogsjaren zal zij enigszins beschermd zijn geweest door haar ''gemengde'' huwelijk. Volgens Maarten Duivendak werd zij misschien ook ontzien omdat zij de zorg droeg voor 7 kinderen, allen onder de 8 jaar oud. Maar in andere gevallen met jonge gezinnen waren de Duitsers ook niets ontziend. Het verschil was misschien dat de kinderen Kist als Nederlands Hervormd waren ingeschreven. In de zomer van 1942, enkele maanden voordat de Joodse inwoners van Kampen worden afgevoerd, werd bij Grietjes naam met potlood geschreven ''zij niet''. Genoot Grietje bescherming vanuit de kerk? Tot in oktober 1944 had Grietje contact met de Kamper politie over de arrestatie van haar man. Onduidelijk is of zij daarna korte tijd ondergedoken heeft gezeten. Haar oudste zoon, dan ca 8 jaar, heeft daar geen herinnering aan. Zeker is dat het gezin Kist-Wallage de bevrijding in Kampen meemaakte.
Tussen 1944 en 1947 staat de oudste broer van Hendrik Jan, Lucas Kist, ingeschreven op het adres aan de Morrensteeg. Dat overlapt redelijk met de arrestatie van Hendrik Jan in 1944 en het hertrouwen van Grietje in 1948. Zorgde hij in deze periode voor het vaderloze gezin?
In 1946 werd de situatie in het gezin zo benard beoordeeld, dat de kinderbescherming ingreep en de kinderen uit huis plaatste. Een ingreep die zelden op goede gronden wordt genomen en ook in dit geval door alle betrokkenen als zeer traumatisch werd ervaren.
hierboven: de portiekflats aan de Groen van Prinstererstraat, naar ontwerp van de Kamper architect Hein Boer en gesloopt in 1992. (foto Beeldbank Stadsarchief Kampen)
Een nieuw begin
Ondanks de harde klappen die het leven haar had uitgedeeld, lukte het Grietje haar leven weer op de rit te krijgen. In 1948 hertrouwde zij met opperman Berend van 't Ende (Kpn 1893). Hij trok bij haar in in de Morrensteeg. Enkele jaren later verhuisden Berend en Grietje naar de Groen van Prinstererstraat. Het betrof een appartement in een portiek flat van 3 woonlagen in het eerste deel van de Hanzewijk. Deze flats werden eind 1952 opgeleverd en gingen al na enkele jaren gebreken vertonen. Grietje maakte dat niet meer mee, zij overleed in 1954 op de leeftijd van 45 jaar.
Voor een deel gebaseerd op het onderzoek van Maarten Duivendijk in ''Sporen van Joods Leven'', aangevuld met eigen onderzoek en kennis.
© cultuurZIEN 2026