Jacobus Pieter Keller, verzetsman, gefusilleerd in Makkum, woonde Oudestraat 44. Een kille mededeling over een jong afgebroken leven tijdens de tweede wereldoorlog. De vragen dringen zich op. Wie was deze tamelijk onbekende verzetsman Jaap Keller? Waarom woonde hij aan de Oudestraat 44?
Jaap Keller (Zeist 1921 – 1945 Makkum) werd in Zeist geboren als zoon en jongste kind in het gezin van handelsreiziger Bertus Reinier Teunis Keller en Hendrika van den Bragt. Jaap werd opgeleid tot manufacturier, handelaar in stoffen, kleding en huishoudtextiel. Het is goed mogelijk dat hij tot deze beroepskeuze kwam onder invloed van zijn Kamper familie.
het verzet
Hoe en wanneer Jaap bij het verzet betrokken raakte valt niet te achterhalen. Over zijn werkzaamheden valt ook weinig te vinden. Duidelijk is dat hij zich, gezien zijn leeftijd, had moeten melden voor de Arbeitseinsatz. Misschien was het ontduiken van de Arbeitseinsatz de reden voor zijn verblijf bij zijn familie in Kampen. Dat onderduikadres betrof de gerenommeerde manufacturenzaak Van der Hoogt. Op dat moment al decennia lang gevestigd in Oudestraat 44. Gelegen ongeveer tegenover de Bredesteeg, voorzien van een prachtige rococo-dakkapel en met een erf dat doorloopt tot de parallel lopende Hofstraat. De verzetsnaam van Jaap Keller was Koos en hij was in 1945 lid van de BS (Binnenlandse Strijdkrachten). Inmiddels zat Jaap niet meer in Kampen ondergedoken, maar in Makkum bij Johannes Adema. Dat liep voor Jaap Keller fataal af.
manufacturenzaak Van der Hoogt
De manufacturenzaak van de fam. Van der Hoogt kent een lange geschiedenis in Kampen. Het verhaal begint met Helena (Lena) van der Hoogt, geboren in Alblasserdam en wonende in Klundert. Na het overlijden van haar 1e man, beviel Lena van een zoon: Jacobus (Klundert 1816-1901 Kampen). Wanneer Jacobus van der Hoogt in 1846 in Kampen trouwt met Martina Eijkman (1816-1891), geeft zijn moeder winkelierster als beroep op. Zij is in 1831 hertrouwd en woont nog steeds in Klundert, waar zij in 1860 overlijdt.
Jacobus van der Hoogt, kleermaker
In het midden van de 19e eeuw was Jacobus van der Hoogt kleermaker in Kampen. Hij en Martina kregen zes kinderen, 5 zoons en 1 dochter. Twee zoons emigreerden naar Amerika, waaronder hun jongste kind Cornelis Willem van der Hoogt.
Jacobus Gerrit van de Hoogt, manufacturier
De oudste zoon van Jacobus en Martina, Jacobus Gerrit van de Hoogt (Kpn 1847-1908), nam de winkel aan de Oudestraat over. Jaap G. trouwde in 1872 in Haarlem met Catharina Elffers, dochter van een koopman. Na drie meisjes en een jong overleden ouder broertje, werd in 1886 zoon Jacobus Pieter geboren.
De familie Van der Hoogt was een kerkelijk meelevende familie. Zij ging mee met de 'Afscheiding', maar niet met de latere 'Doleantie' o.l.v. Abraham Kuyper. Wel bleven zij altijd in contact met dr. Kuyper.
Zakelijk ging het hen voor de wind. Jaap G. van der Hoogt bezat aan de 1e Ebbingestraat een tuin met 7 huisjes, waarschijnlijk op de plek van de huidige Hoogstraat.
Jacobus Gerrit van der Hoogt overleed in 1908, waarna zijn weduwe de winkel voortzette. Enkele jaren later wordt Cathrien in de de zaak bijgestaan door de weduwe H. Th. Keller-Keller. Dit laatste Keller moet een verschrijving zijn.
de familie Keller
Hendrik Theodorus Keller was in 1880 in Arnhem getrouwd met Bartha Hendrika Zweers (Rheden 1860-1943 Kpn). Er kwamen vlot op elkaar vier kinderen, terwijl Henk zich opwerkte van fabrieksarbeider (1881, geboorte 1e kind) tot koopman (1887, geboorte 4e kind). In 1888 overleed hij op de jonge leeftijd van 30 jr.
Hoe het contact tussen de fam. Keller en de fam. Van de Hoogt tot stand kwam, is niet bekend. Misschien had de fam. Keller ook een manufacturenzaak. In ieder geval zijn de kinderen van Henk Keller en Bartha Zweers aan het begin van de 20e eeuw volwassen en het huis uit. Jongste dochter Geertruida Gesina Keller (Arnhem 1887-1967 Heerde) was in 1910 getrouwd met Jacobus Pieter van der Hoogt (Kpn 1886 -1971 Heerde), manufacturier uit Kampen.
Jacobus Pieter van der Hoogt en Geertruida Gesina Keller
Terwijl de beide grootmoeders samen de winkel bestierden, werden in het gezin van Jaap P. en Geertruid zes kinderen geboren. Dit keer 5 dochters en 1 zoon Jacobus Gerrit jr.. Terwijl de andere kinderen fijne familienamen als Bertha Hendrika (1911); Jacobus Gerrit (1912); Catharina (1916 en 1920) en Hendrika Theodora (1921) kregen, werd hun jongste dochter Lucy Ballard (1922) genoemd.
Bertus Reinier Teunis Keller en Hendrika van der Bragt
Ook Geertruids oudere broer Bertus Reinier Teunis Keller (Arnhem 1885-1959 Zeist)
en zijn gezin woonden enige tijd in Kampen. Bert Keller was handelsreiziger. Hij en zijn vrouw Hendrika van den Bragt kregen vier kinderen. De oudste, zoon Hendrikus Theodorus werd in 1914 nog in Arnhem geboren en werd maar 4 maanden oud. Daarna volgde in 1916 in Kampen dochter Bartha Hendrika. De jongste twee kinderen werden in Zeist geboren: Hendrika Theodora (Zeist 1917) en als jongste Jacobus Pieter (Zeist 1921), de latere verzetsman.
Het is aannemelijk dat grootmoeder Bartha Zweers en zoon Bert met zijn gezin rond 1915 gezamenlijk vanuit Arnhem naar Kampen zijn overgekomen en introkken bij de familie Van der Hoogt.
J.P. van der Hoogt, dames- en herenmode
Inmiddels beginnen de grootmoeders op leeftijd te komen en in 1924 is de naam van de winkel gewijzigd in: J.P. van der Hoogt, dames- en herenmode. Na het overlijden van grootmoeder Catrien Elffers in 1928, treedt in 1929 de volgende generatie in de winkel aan: zoon Jacobus Gerrit jr. De firmanaam wordt nu gewijzigd in. J. Van der Hoogt & zn., vader en zoon heten immers beiden Jacobus
hierboven: oudestraat 44 feestelijk versierd bij de geboorte van prinses Beatrix in 1938 (foto coll. GeertvanWouschool in Stadsarchief Kampen)
J. van der Hoogt & zn, manufacturen
Bij Jaap P. en Geertruid in huis woont dan nog steeds de inmiddels flink bejaarde grootmoeder Bartha Zwerus. Zij overlijdt in 1943.
Het moet toch bijzonder zijn geweest dat gedurende de oorlogsjaren korte tijd weer drie generaties uit één familie onder het dak van Oudestraat 44 hebben gewoond. Inclusief neef/kleinzoon en verzetsman Jacobus Pieter Keller uit Zeist.
Maar daarmee is het tamelijk bijzondere verhaal van de familie Van der Hoogt uit Kampen nog niet af
Oom Cornelis Willem van der Hoogt (Kpn 1857-1928 Den Haag)
Cornelis Willem van der Hoogt (1857-1928) was de 5e zoon en het jongste kind in het gezin van kleermaker Jacobus van der Hoogt en Martina Eijkman. Hij was daarmee de jongste broer van Jacobus Gerrit van der Hoogt, manufacturier in Kampen.
Cor woonde een tijd in Amsterdam bij zijn broer Gerrit, die daar makelaar was. In 1882 trouwde hij in Amsterdam met Neeltje Roest, makelaarsdochter. Zelf geeft Cor dan als beroep commissionair op. Het is de tijd dat hij grote bedragen geld uitleend aan derden bij de aankoop van panden. Enkele jaren later wonen Cor en Neeltje in Nieuwer Amstel en in 1892 verhuizen zij naar Hilversum. Het overgeleverde verhaal dat Cor in deze jaren naar Zuid-Afrika emigreerde, daar fortuin maakte en vervolgens alles weer verloor, lijkt niet te kloppen. Over het lot van Neeltje is niets te vinden.
In 1891 vertrok Cor naar Amerika. Tussen 1897 tot 1902 was hij Secretary of the State Bureau of Immigrations van den Staat Maryland. Hij was persoonlijk bevriend met president Roosevelt. Toen Abraham Kuyper de Verenigde Staten bezocht, was Cor van der Hoogt zijn persoonlijke reisbegeleider. In 1913 is Cor, samen met zijn toekomstige tweede vrouw Lucy Ballard Marks (Parijs 1865-1937 Den Haag), even terug vanuit New York in Den Haag. In 1920 volgt de definitieve vestiging van Cor en zijn vrouw in Den Haag, waar zij huis ''Zuiderbosch'' op het Bezuidenhout betrokken.
Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs
In 1924 schonken zij een geldbedrag, waarmee de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs werd ingesteld, een aanmoedigingsprijs voor veelbelovend literair talent. De prijs wordt sindsdien jaarlijks uitgereikt door de Maatschappij der Nederlandse Letteren. Het was een van de eerste literaire prijzen die werd ingesteld en had daardoor in de beginjaren veel invloed. Het prijzengeld van f 1000 was een welkome aanvulling op een sober schrijversinkomen.
Later in de 20e eeuw werd de naam ingekort tot Van der Hoogtprijs. Bijna een eeuw na de instelling, in 2022, werd de naam gewijzigd in Debutantenprijs. Een naam die de lading beter dekt, maar ook een verlies aan historie van de prijs betekent.
Tal van grote namen ontvingen de aanmoedigingsprijs aan het begin van hun carrière, onder hen Ida Gerhardt voor haar dichtbundel Het Veerhuis (1945) en Willem G. van Maanen voor De Onrustzaaier (1955).
Cornelis Willem van der Hoogt overleed vrij plotseling in 1928, zijn vrouw Lucy volgde hem in 1937. Toen was haar naam al doorgegeven aan de jongste dochter in het gezin van neef Jacobus Pieter van der Hoogt, manufacturier in Kampen en Geertruida Gesina Keller. Zij verloofde zich in 1943 met Dirk Reinder Ubbens (1920), zoon van een arts.
© cultuurZIEN 2026