Vertalingen van de Franstalige texten
Pagina 2
Als we naar oude ansichtkaarten kijken, zouden we bijna denken: zoveel mooie gebouwen zijn verdwenen, zoveel gezellige en rustige straatjes zijn nu volgestouwd met auto's. Dat is waar, maar het België van vóór 1914 was geen paradijs, verre van dat! Armoede, slechte hygiëne, promiscuïteit, onveiligheid en vieze geuren waren het dagelijkse lot van een groot deel van de bevolking.
WAAROM IS ER ZOVEEL GESLOOPT?
Simpelweg omdat dat altijd zo werd gedaan! Vroeger maakte men zich weinig zorgen over het behoud van historische gebouwen: wanneer dat nodig was, was het de norm om te slopen en op de bestaande funderingen opnieuw op te bouwen. Pas in de 19e eeuw begon men zich langzaam bewust te worden van de erfgoedwaarde van bepaalde gebouwen.
Maar in de grote arbeiderscentra, met name Charleroi en Luik, waren de druk op de vastgoedmarkt, de behoeften van de industrie en de urgentie van de naoorlogse wederopbouw groter dan elders. Namen, Doornik en kleine Vlaamse steden hebben bijvoorbeeld hun karakter beter behouden. Hoewel Vlaanderen vandaag de dag vooroploopt op het gebied van architectonische innovatie, is het lange tijd conservatief gebleven op dit gebied. Brugge en Ieper zijn daar het bewijs van.
BELANGRIJKSTE OORZAKEN VAN SLOOP
De sloop van gebouwen in België sinds 1900 kan worden verklaard door verschillende factoren. Ik noem er vier.
Vernietigingen door oorlogen en branden
De twee wereldoorlogen hebben tientallen stations, kerken, openbare gebouwen, honderden fabrieken en tienduizenden woningen verwoest. De meeste huizen werden herbouwd, soms in een harmonieuze architecturale stijl die past bij hun wijk, zoals bijvoorbeeld die op de Grote Markt van Doornik. In andere gevallen kregen de urgentie, de behoefte aan efficiëntie en het modernisme van de jaren '50 de overhand. Ook vandaag de dag zijn sommige van deze gebouwen nog steeds een doorn in het oog. In geval van brand werd de wederopbouw vaak per geval bekeken, vaak in een homogene stijl.Stedenbouwkundige ontwikkelingen
Huisvesting en industrie waren de prioriteiten bij de wederopbouw na de oorlog. Maar in de welvaart van de jaren '50 schoten renovatie- en uitbreidingsprojecten als paddestoelen uit de grond: wegen en snelwegen, administratieve gebouwen, stations, parkeergarages, moderne torens...Veroudering, gevaar, en veiligheidsnormen
De zorg voor het menselijk leven, die vandaag de dag vanzelfsprekend is, bestond vroeger niet. Er waren geen veiligheidsnormen of verplichte inspecties door de brandweer. Veel gebouwen bleven overeind door gewoonte (of door een wonder). Dat veranderde in de loop van de decennia met de invoering van steeds strengere normen. Eigenaren moesten hun onroerend goed renoveren, of in sommige gevallen slopen en herbouwen.Druk en speculatie op de vastgoedmarkt
De vraag naar woningen overtrof ruimschoots het beschikbare aanbod in bepaalde regio's van het land, met name in de grote steden en aan de kust. Dit was een buitenkans voor projectontwikkelaars, die op grote schaal bouwden en oude gebouwen vervingen door veel functionelere en comfortabelere gebouwen, maar vooral door gebouwen met een hoger huurrendement.
GEBOUWEN DIE VAAK DOOR SLOOP WORDEN GETROFFEN
Industriële gebouwen: fabrieken, magazijnen, stations en spoorweginstallaties.
Openbare gebouwen: scholen, zwembaden, gemeentehuizen.
Woongebouwen: vervallen huizen en woningen, vooral in de steden.
Gebouwen voor culturele of sociale doeleinden: theaters, bioscopen, feestzalen, arbeidersverenigingen.
Binnenbladzijden (van januari tem december)
Wat veranderingen betreft, is er nauwelijks een opvallender voorbeeld te vinden dan dit. De voormalige rijkswachtskazerne – wie herinnert zich die nog? – is in handen gebleven van de ordestrijdkrachten maar heeft voor het politiehoofdkwartier plaatsgemaakt. Daar tegenover bevinden zich de voormalige kantoren van de commandant, die nu zijn omgebouwd tot de bed & breakfast "76 Tour" (zonder s aan het einde), die ik u van harte aanbeveel.
Ik heb het over een tijd die mensen onder de 50 niet kunnen kennen... De gevangenis, waarrond de trams naar Jumet reden, werd in de jaren 70 gesloopt en maakte plaats voor het gebouw van Financiën. Links ervan staat de toren van de FGTB/ABVV. Was het vroeger beter?
Veel inwoners van Charleroi betreuren nog steeds de sloop van de Materniteit Reine Astrid in 1988, een iconisch gebouw uit de jaren 30, waarover veel is geschreven en dat nog steeds gedebatteerd wordt. In plaats daarvan staat nu een woongebouw, dat weliswaar goed ontworpen is, maar niet de chic en charme heeft van deze Art-Deco gebouw. Nu, was het vroeger beter?
Maar waar is het Weststation gebleven? Het gebouw, links op de kaart te zien, werd gesloopt om plaats te maken voor de metro, waarvan het station Ouest de naam draagt. De weg werd naar rechts verplaatst, het terrein werd grondig heringericht en is, afgezien van de spoorwegen, onherkenbaar.
Het Sacré-Cœur-college was een iconisch gebouw in Charleroi, dat ik kende van de basisschool. Door de toename van het aantal leerlingen, de verouderde lokalen en de behoefte aan ruime en functionele klaslokalen zag de jezuïetenorde zich genoodzaakt het gebouw te slopen. Veel gebouwen in de wijk ondergingen hetzelfde lot.
Deze mooie ingekleurde ansichtkaart uit die tijd toont de stuw en de sluis, gelegen op de natuurlijke bedding van de Samber... Het verhaal is bekend: om de stad te saneren en het verkeer te vergemakkelijken, ondernam burgemeester Tirou grote werken om dit deel van de rivier droog te leggen en er een drukbezochte boulevard van te maken. Een verstandige beslissing of een spijtige keuze? Iedereen heeft zijn eigen antwoord.
Was het vroeger beter? Velen betreuren bepaalde sloopwerkzaamheden, terecht of ten onrechte. Daarentegen stemmen de Carolos als één man voor hun huidige stadhuis. Een prachtig Art-Deco gebouw uit de jaren 30, dat uit de plannen van een zekere Julius Caesar is ontstaan. Zijn die Romeinen gek? Nee, hij was Belg!
Het fotograferen van verdwenen locaties is vaak erg ingewikkeld, omdat de exacte locatie moeilijk te achterhalen is. Volgens een nauwkeurige analyse van kaarten stond de voorgevel van de Internationale Tentoonstelling van Charleroi van 1911 waarschijnlijk op de plaats van de rotonde van de Marsupilami. Links daarvan: het provinciaal instituut Lise Thiry en de hogeschool Condorcet.
Op het Émile Buissetplein tegenover het Zuidstation – oeps, dat heet nu Centraal Station! – valt op dat het Grand Hôtel Terminus van naam is veranderd en dat de rest van de site, inclusief de brug zelf, niet veel meer gemeen heeft met de toestand in de jaren 30. Was het vroeger dan beter?
Als we de ansichtkaart bekijken, begrijpen we beter waarom de huidige straat "du Pont-Neuf" heet. Niemand vond het nodig om haar een andere naam te geven toen de Samber door de beroemde burgemeester Joseph Tirou werd gedempt. Het uitzicht van bovenaf lijkt even idyllisch als poëtisch, waardoor sommigen het uitzicht van vroeger missen. Maar was het vroeger echt beter?
Hoewel bijna niemand de sloop van het oude stadhuis betreurt, geldt dat niet voor het beroemde Palais du Peuple. Zijn vervanger, in een stijl die typisch voor de jaren 80 is, is weliswaar homogeen, maar mist de charme en klasse van dit bolwerk van het socialisme in Charleroi. Was het vroeger dan beter?
Laten we het jaar afsluiten met nog een blik op wat er was, maar nu niet meer is, namelijk de natuurlijke bedding van de niet-gekanaliseerde Samber. Als we de ansichtkaart bekijken, kunnen we betreuren dat Charleroi niet meer de charme heeft van steden die door een rivier worden doorkruist. Maar de geuren die ze met zich meebracht, waren niet altijd even aangenaam... En bovendien is de metamorfose van de Boulevard Tirou een succes!