In het filmpje wordt de beeldvorming bij een vlakke spiegel uitgelegd. Het is belangrijk deze eerst te bekijken zodat je weet hoe het licht op een spiegelend oppervlak weerkaatst wordt.
Oefeningen hierover staan op de startpagina.
Belangrijk bij het filmpje:
Weerkaatsingswetten
1) Invallende straal, weerkaatste straal en normaal liggen in 1 vlak, loodrecht op de spiegel.
2) Invalshoek î = terugkaatsingshoek ^t.
3) De stralengang is omkeerbaar.
Symmetriewet
Bij vlakke spiegels liggen een voorwerpspunt en zijn beeldpunt symmetrisch ten opzichte van de spiegel
(In het filmpje wordt dit voorgesteld als Tom aan de linker kan van de spiegel en Tom aan de rechterkant van de spiegel, met telkens dezelfde afstand tussen Tom en de spiegel.)
Voorwerp en beeld
Een vlakke spiegel vormt van een reëel voorwerpspunt een virtueel beeldpunt. Dat beeldpunt is het snijpunt van de verlengden van de teruggekaatste stralen.
De gebruikte termen definieer ik aan de hand van de volgende figuur:
1) De invallende straal (i) is de invallende lichtstraal.
2) De weerkaatste straal (t) is de teruggekaatste lichtstraal.
3) De normaal (n) is de rechte door het invalspunt (I), loodrecht op het spiegeloppervlak.
4) Het invalspunt (I)is het punt op de spiegel waar de invallende straal de spiegel raakt.
5) De invalshoek (î) is de hoek tussen de invallende straal en de normaal.
6) De weerkaatsingshoek (^t) is de hoek tussen de weerkaatste straal en de normaal.
Toepassingen
In turn- en sportzalen.
In de badkamer.
In een spiegeldoolhof op de kermis of in een pretpark.