Verkiezing van ambtsdragers

Informatiebrief over de verkiezing van ambtsdragers

Inleiding

In de afgelopen jaren heeft de Kerkenraad zich meermaals bezonnen op de 6-jaarlijkse stemming. In zo’n stemming kan de gemeente aan de kerkenraad een volmacht verlenen, om gebruik te maken van dubbeltallen, bij de invulling van vacatures in de kerkenraad. Naar aanleiding van de recente vacatures is die bezinning voortgezet. Daaruit heeft de kerkenraad de beslissing genomen om niet langer de gemeente te vragen om een volmacht tot het opstellen van dubbeltallen. Dit betekent een wijziging van de plaatselijke regeling op het punt van de verkiezing van ambtsdragers (paragraaf 2.2 van de plaatselijke regeling). Voordat de kerkenraad de aangepaste paragraaf van de regeling definitief vaststelt krijgt de gemeente de gelegenheid om de conceptversie in te zien en eventueel daarop te reageren. In deze brief treft u aan:

  1. De oude tekst van de plaatselijke regeling, naast de tekst van de plaatselijke regeling zoals de kerkenraad die in concept heeft besloten
  2. Een toelichting op wat de gevolgen daarvan zijn
  3. Informatie over de procedure

1. De oude en nieuwe tekst (concept) van de plaatselijke regeling naast elkaar

Nieuwe versie

Vigerende versie

Artikelen plaatselijke regeling

2.2.1 Tot ambtsdragers kunnen alleen belijdende mannelijke lidmaten verkozen worden.

Artikelen plaatselijke regeling

2.2.1 Tot ambtsdragers kunnen alleen belijdende mannelijke lidmaten verkozen worden.

2.2.2 De verkiezing van ouderlingen, ouderlingen-kerkrentmeesters en diakenen vindt normaal gesproken plaats voor 31 mei. Elk ambtstermijn is in principe 4 jaar ook na herverkiezing tot een maximum van 12 jaar. Treedt een ambtsdrager tussentijds af dan bepaalt de kerkenraad wanneer een verkiezing plaatsvindt.

2.2.2 De verkiezing van ouderlingen,ouderlingen-kerkrentmeesters en diakenen vindt normaal gesproken plaats voor 31 mei. Deze verkiezing zal jaarlijks plaatsvinden waarbij in principe ¼ van de kerkenraad volgens een vastgesteld rooster aftredend is. Elk ambtstermijn is in principe 4 jaar ook na herverkiezing tot een maximum van 12 jaar. Treedt een ambtsdrager tussentijds af dan bepaalt de kerkenraad wanneer een verkiezing plaatsvindt.

2.2.3. De uitnodiging tot het doen van aanbevelingen, genoemd in Ord. 3-6-2, wordt tenminste 3 weken voordat de kerkenraad de kieslijst vaststelt, door de kerkenraad gedaan.

2.2.3. De uitnodiging tot het doen van aanbevelingen, genoemd in Ord. 3-6-3, wordt tenminste 4 weken voordat de verkiezing plaats heeft, door de kerkenraad gedaan. De uitnodiging om te stemmen wordt tenminste 2 weken voordat de verkiezing plaats heeft, door de kerkenraad gedaan. Aankondiging vindt plaats door afkondiging in de Zondagse eredienst en daarnaast door publicatie in het kerkblad.

2.2.4. Indien een stemming noodzakelijk is, vanwege het bepaalde in Ord. 3-6-3, worden ouderlingen en diakenen gekozen tijdens een vergadering van stemgerechtigde leden. De uitnodiging om te stemmen wordt tenminste 2 weken voor de vergadering plaatsvindt, door de kerkenraad gedaan. Aankondiging vindt plaats door afkondiging in de Zondagse eredienst en daarnaast door publicatie in het kerkblad.

2.2.4. Ouderlingen en diakenen worden gekozen tijdens een vergadering van stemgerechtigde leden.

2.2.5. Voor de wijze van verkiezen wordt aangehouden wat is bepaald in Ord. 3-6-3.

2.2.5. Na kennisneming van de ingekomen aanbevelingen voor de verkiezing van ouderlingen en diakenen stelt de kerkenraad voor elke vacature afzonderlijk een dubbeltal (op alfabetische volgorde) vast, waaruit de verkiezing door de stemgerechtigde leden van de gemeente plaatsvindt. De stemgerechtigde leden van de gemeente hebben de kerkenraad hiertoe voor een periode van 6 jaar gemachtigd. Zie voor nadere bijzonderheden de ‘machtiging uit hoofde van Ord. 3-6-4’, zoals in bijlage 1 vermeld. De procedure beschreven in dit artikel komt in de plaats van het bepaalde in Ord. 3-6-3, eerste deel.

2.2.6.Nieuwe en zittende kerkenraadsleden dienen zich te conformeren aan het beleid zoals dat is vastgelegd in het Beleidsplan en de plaatselijke Regelingen.

2.2.6.Nieuwe en zittende kerkenraadsleden dienen zich te conformeren aan het beleid zoals dat is vastgelegd in het Beleidsplan en de plaatselijke Regelingen.

2. Een toelichting op wat de gevolgen daarvan zijn

Dat betekent dat de kerkenraad besloten heeft (en daar wordt dus ook uw zienswijze op gevraagd) dat zodra het besluit definitief raakt (na de verwerking van zienswijzen) voor onze gemeente ordinantie 3-6-3, sub. a-e, van de kerkorde van toepassing zullen zijn. Om te weten wat dat betekent, volgen:

1. De tekst van die ordinantie

2. Uitleg over wat dit betekent in de praktijk

3. Een opmerking van de kerkenraad over hoe ze hier mee om wil gaan

1.1. De tekst van ordinantie 3-6-3, sub. a-e

Verkiezingsprocedure

  1. Bij de aanbevelingen wordt het ambt vermeld waarvoor de betrokkene wordt aanbevolen.
  2. Als voor dat ambt geen aanbevelingen zijn binnengekomen die door tien of meer stemgerechtigde leden worden ondersteund, geschiedt de verkiezing door de kerkenraad.
  3. Als voor dat ambt aanbevelingen zijn binnengekomen die door tien of meer stemgerechtigde leden worden ondersteund, maakt de kerkenraad een lijst op met de namen van hen die voor dat ambt door tien of meer stemgerechtigde leden zijn aanbevolen en die verkiesbaar zijn. De kerkenraad kan de lijst aanvullen met de namen van hen die door de kerkenraad zelf voor dat ambt worden aanbevolen.
  4. Als het aantal namen op de lijst niet groter is dan het aantal vacatures voor dat ambt, worden de kandidaten door de kerkenraad verkozen verklaard.
  5. Als het aantal namen op de lijst groter is dan het aantal vacatures voor dat ambt, geschiedt de verkiezing door de stemgerechtigde leden van de gemeente

2.2. Uitleg over wat dit betekent in de praktijk

Voorbeeld: Er is 1 vacature voor een ouderling.

Er wordt gevraagd om aanbevelingen. De belijdende leden dienen namen in, ieder één naam, en vermelden daarbij om welke vacature het gaat.

Mogelijkheid 1: Stel dat het volgende wordt ingediend:

Jan: 11; Piet: 11; Joris: 4; Corneel : 4.

Wat moet de kerkenraad daar dan mee doen? De kerkenraad stelt een kieslijst op. Op die kieslijst komen hoe dan ook Jan en Piet te staan. De kerkenraad kan in haar vergadering beslissen om toch ook Joris of Corneel, of iemand anders aan de kieslijst toe te voegen. Vervolgens worden de stemgerechtigde leden uitgenodigd voor een stemmingsvergadering. Op die vergadering wordt een nieuwe ouderling gekozen.

Mogelijkheid 2: stel dat het volgende wordt ingediend

Jan: 11; Piet: 4; Joris: 4; Corneel: 4.

Wat moet de kerkenraad daar dan mee doen? De kerkenraad stelt een kieslijst op. Op die kieslijst komt hoe dan ook Jan te staan. De kerkenraad kan dan in haar vergadering beslissen dat Jan daarmee verkozen is, zonder dat een stemming van de stemgerechtigde leden nodig is.

Wanneer de kerkenraad echter goede redenen ziet om toch ook Piet, of Joris of Corneel, of iemand anders aan de kieslijst toe te voegen, komt er alsnog een stemming. Vervolgens worden de stemgerechtigde leden uitgenodigd voor een stemmingsvergadering. Op die vergadering wordt een nieuwe ouderling gekozen.

Mogelijkheid 3: stel dat het volgende wordt ingediend

Jan: 6; Piet: 4; Joris: 4; Corneel: 4.

Wat moet de kerkenraad daar dan mee doen? De kerkenraad stelt een kieslijst op. Op die kieslijst komt dan in beginsel niemand te staan, aangezien niemand meer dan 10 keer is ingediend.

De kerkenraad kan dan in haar vergadering zelf iemand verkozen verklaren. Dat kan Jan zijn, maar ook even goed iemand anders, vanwege voor de kerkenraad bekende redenen.

Wanneer de kerkenraad echter goede redenen ziet om alsnog de stemgerechtigde leden te laten stemmen, kan de kerkenraad zelf namen op de kieslijst zetten. Vervolgens worden de stemgerechtigde leden uitgenodigd voor een stemmingsvergadering. Op die vergadering wordt een nieuwe ouderling gekozen.

Wat nu als er meerdere vacatures zijn?

Stel dat er 2 vacatures zijn voor een ouderling. In dat geval wordt er gekeken of er meer namen op de kieslijst staan (omdat ze meer dan 10 keer zijn ingediend, of omdat ze door de kerkenraad op de lijst zijn gezet) dan het aantal vacatures. In dat geval wordt er een stemming gehouden door de stemgerechtigde leden. Wanneer er slechts 1 naam op de kieslijst staat, kan de kerkenraad zelf een andere daar aan toevoegen, zodat daarmee 2 ouderlingen verkozen worden. Echter kan de kerkenraad ook dan alsnog meerdere namen toevoegen om over te gaan tot een stemmingsvergadering.

2.3. Hoe zal de kerkenraad er mee om gaan?

De kerkenraad kiest voor deze werkwijze vanwege het voordeel dat hiermee de kans bestaat dat er niet steeds twee namen nodig zijn voor één vacature. Daarmee heb je wellicht minder snel te maken met broeders die ‘weggestemd’ raken. Een ander bijkomend voordeel is dat de betrokkenheid van de gemeente nog belangrijker wordt, namelijk vanwege het opstellen van de kieslijst. De kerkenraad zal dan ook vooral de ingediende namen serieus nemen, en niet zonder meer toewerken naar onnodige stemmingsvergaderingen.

3. Informatie over de procedure

Aangezien het gaat om een wijziging van de plaatselijke regeling is de kerkenraad er aan gehouden om de gemeente te kennen (middels de afkondiging, de Zaaier en deze brief), en vervolgens ook te horen. Oftewel: u moet de gelegenheid krijgen uw zienswijze in te dienen. De kerkenraad zal iedere zienswijze behandelen, bij voorkeur in gesprek met diegene die deze heeft ingediend.

Uw zienswijze kunt u schriftelijk indienen tot en met uiterlijk 17 april 2017 bij de scriba.

De kerkenraad zal er naar streven om op zeer korte termijn in te gaan op eventuele zienswijzen, zodat er ook voortgang kan zijn in de ontstane vacatures.