Bij het dubbelspel tellen de buitenste en achterste lijnen.
De opslag wordt onderhands gegeven en vanuit je eigen servicevak (het rechter- of linkerdeel van het speelveld achter de voorste lijn).
De opslag moet gekruist gespeeld worden (hetzij dus van rechts naar links of van links naar rechts).
Bij de opslag in het dubbelspel tellen de buitenste en voorste lijnen (je mag bij dubbelspel dus niet zo ver serveren als bij enkelspel, maar je mag wel schuiner serveren dan bij enkelspel).
De pluim mag zowel bij de opslag als tijdens het verdere spel, het net raken (het racket mag het net niet raken).
Als de pluim op de lijn valt, wordt dit gezien als binnen = punt.
Een opslag in badminton is alleen juist als het racketblad ten opzichte van het handvat tijdens de service naar beneden wijst. Een handige vuistregel: zorg ervoor dat het racketblad onder je hand is tijdens de service.
"Bij een correcte service moet de shuttle op het moment dat het racket van de serveerder deze raakt zich geheel onder het middel van de serveerder bevinden."
Het middel is een denkbeeldige lijn rondom het lichaam van de speler die serveert, lopend over het laagste punt van beide onderste ribben. Een handige vuistregel: raak de shuttle op navelhoogte of lager tijdens de service.
Onderstaande film is informatief