KOERSEN MET TRAPWAGENS OP DE BEGIJNENVEST. DE EERSTE WIELERWEDSTRIJDEN IN GENT (1869)
KOERSEN MET TRAPWAGENS OP DE BEGIJNENVEST. DE EERSTE WIELERWEDSTRIJDEN IN GENT (1869)
Inleiding
Na de allereerste wielerwedstrijd in België op maandag 20 juli 1868 in Brussel sloeg een jaar later de wielergekte in alle hevigheid toe. Overal wou men deze nieuwe sportdiscipline en haar acrobatische atleten aan het werk zien. In tegenstelling tot de toonaangevende landen Frankrijk en Groot-Brittannië, waar de wielersport een veilig onderkomen hadden gevonden in de accommodaties van andere sportdisciplines zoals de paardensport, atletiek en cricket, werd het merendeel van de eerste wielerwedstrijden in ons land opgenomen in het kermiscircuit. Elke stad en gemeente wou tijdens haar religieuze of gemeentelijke feesten wel een wielerwedstrijd aan haar inwoners aanbieden. Ook in Gent zouden er in 1869 meerdere koersen op het programma staan.
Koers op Paasmaandag 1869
Begin 1869 kreeg de rage met velocipeden in Gent meer en meer voet aan de grond. De velocipedisten begonnen zich te verenigen in wielerclubs en de organisatie van een eerste wielerwedstrijd kon niet lang uitblijven.
De eerste aankondiging voor een wielerwedstrijd in de Gentse binnenstad verscheen begin maart in de pers. Deze zou op het einde van de maand doorgaan op de Begijnenvest, nu de Begijnhoflaan. Deelnemers dienden hun inschrijving voor 21 maart op te sturen naar de plaats waar de koers gepland was op het nummer 52. Wie in 1869 op dit adres woonde is onduidelijk, maar in 1871 vinden we in de Dubbele wegwyzer der stad Gent en der provincie Oost-Vlaenderen dat het bewoond werd door Heyman, een 'conducteur van 2de klas bij het korps der bruggen en wegen'. Naast het huis bevond zich op het nummer 51 het Café du Boulevard van Virginie Canfyn, het clublokaal van de Société Sport Vélocipédique Gantois die de wielerwedstrijd waarschijnlijk organiseerde.
De pers had klaarblijkelijk haar bedenkingen bij deze nieuwe vorm van mobiliteit en de organisatie van een wedstrijd met velocipeden. In de Gazette van Gent van 15 maart verscheen het volgend ludiek artikel:
"... plezierig is het tegenwoordig ook om eene wandeling te doen langs den boulevard van het Begijnhof, alwaar dagelijks de oefeningen der velocipedisten plaatsgrijpen, in het vooruitzicht van den grooten prijskamp van tweeden Paaschdag. Hier ziet men eenen nieuweling in de kunst, zijne eerste proeven in de loopbaan van harddraver doende, door twee commissionnarissen ondersteund, die hem langs beide kanten vasthouden, opdat hij niet vallen zou ; daar ziet men een ander, welke denkt die hulp te kunnen missen, doch van hardlooper een oogenblik zandbijter wordt. Wij zagen er gisteren een die had kunnen dienen voor uithangbord van een wafelhuis, zoodanig had hij onder het vallen zijne broek gescheurd ; doch het schoonste van al was, dat hij niets gemerkt had en op nieuw begon te harddraven, alsof zijne toilet niet de minste wanorde had ondergaan. En het zijn niet alleen kinderen, die men met trapwagentjes rijden ziet ; men treft er nevens de jeugd ook grijskoppen aan ; zelfs bemerkten wij eenen dikken heer, die zijne pruik verloor en ze maar liet vliegen, om door geen vlug manneken van 12 jaar te worden voorbijgestoken. Wat zal er dan niet gebeuren op den dag van den grooten prijskamp ?"
Een tiental dagen later volgde in dezelfde krant een ander artikel met een uiteenzetting over de geschiedenis van de velocipede, "... welke op dit oogenblik het speeltuig is waarmede schier iedere ledigganger probeert om zich de armen of beenen te breken", en de aankondiging van de wielerwedstrijd met deelname van Antwerpse en Brusselse liefhebbers.[8] De katholieke Denderbode maakte de opmerking dat het ongepast was om nieuwe evenementen te organiseren ten koste van oude kermissen zoals de Ledebergse Kapellekenskermis die ongetwijfeld benadeeld was door de wielerfeesten.
Enkele dagen voor het evenement volgde nog meer gedetailleerde informatie. Het feest werd op Paasmaandag tijdens de voormiddag aangekondigd met kanonschoten. Voor de gelegenheid werd de Begijnenvest langs haar volledige lengte versierd met vlaggen en werden er twee tribunes opgesteld, een voor het muziekkorps die de wedstrijd muzikaal animeerde rechtover het Café du Boulevard en een ander aan de start- en finishlijn waarop men voor de prijs van vijftig centiemen de wedstrijden van op de eerste rij kon aanschouwen. Als interludium tussen de verschillende wedstrijden was er ook een demonstratie van een nieuw soort velocipede met één wiel gepland.
Het ganse evenement liep echter uit op één groot fiasco. Het goede weer en de promotie in de pers hadden duizenden nieuwsgierigen naar de Begijnenvest gelokt. Door de grote mensenmassa en de afwezigheid van ordediensten kon het parcours niet vrijgemaakt worden en werden de velocipedisten constant gehinderd met als gevolg dat de wielerwedstrijden niet konden doorgaan. Een man van de organisatie die verantwoordelijk was voor het spannen van de koorden rond de bomen, raakte dermate over zijn toeren dat hij de kinderen die niet tijdig achter de afspanning gingen staan met een koord op de handen en in het gelaat sloeg. Enkele omstaanders die over zijn brutale optreden opmerkingen maakten kregen scheldwoorden naar het hoofd geslingerd. En als klap op de vuurpijl zwichtte de tribune voor toeschouwers onder haar gewicht en stortte in elkaar, "... echter geene andere ongevallen dan onaangename tuimelperten en eenige geblutste hoeden na zich slepende. Een halven frank betalen om niets te zien, en dan op den duur nog door de planken vallen, ziedaar eene aangename manier om den achternoen door te brengen.", aldus de Gazette van Gent.
De wielerwedstrijd werd eerst uitgesteld naar de volgende zondag, maar moest dan bijgesteld worden naar donderdag 1 april door de geplande optredens van Die Fliehende Fanfaren, een velocipede-vereniging uit Keulen. Deze mobiele fanfare van veertig leden, die marsen speelde terwijl de muzikanten op velocipeden allerlei figuren maakten, kon niet langer dan tot vrijdag in Gent verblijven. ’s Avonds na de wielerwedstrijden was er een fakkeltocht gepland door de Gentse binnenstad richting de Kouter waar de vereniging een demonstratie van de Quadrille des Lansiers zou geven. Aangezien verdere informatie ontbreekt en de wielerwedstrijd twee weken later op zondag 11 april georganiseerd werd, mogen we aannemen dat ook dit optreden niet doorging.
Koers op ‘t Zomerlief
Twee weken na het debacle van Paasmaandag werd ter gelegenheid van de wandeling van het Zomerlief op zondag 11 april 1869 een tweede poging ondernomen. Het Zomerlief was een bedevaartswandeling naar aanleiding van Maria Boodschap, het religieuze feest op dinsdag 6 april ter herdenking van het bezoek dat de aartsengel Gabriël aan Maria bracht met de blijde boodschap dat zij een zoon zou baren.
De wandeling vertrok aan de oude omwalling van de Brugsepoort aan de Coupure en de Begijnhoflaan en liep richting de Onze-Lieve-Vrouwkerk in Mariakerke via de Brugsesteenweg en ook langs via de Brugsevaart en de Eeklooschen Heirweg (Eeklostraat). Mettertijd werd het evenement tevens gebruikt door jonge adolescenten die van de gelegenheid gebruik maakten om op een subtiele manier met het andere geslacht kennis te maken. Door iemand op de teen te tikken gaf je je voorkeur aan een ander te kennen, die je toenadering al dan niet op dezelfde manier beantwoordde. Daarom werd de Maria Boodschap bedevaart ook Onze-Lieve-Vrouw Tert den Teen of ‘t Zomerlief genoemd. De prille liefde werd dan bezegeld met een drankje en dansje in de verschillende guinguettes (lusthoven) langs het wandelparcours, zoals Den Hulstenboom langs de Brugsesteenweg, Het Maagdeken aan de Palingshuizen en Het Staeksken (heden restaurant De Groene Staak) nabij het Kollekasteel. De Ruitermaatschappij had ook besloten om het Zomerlieffeest op de Coupure met paarden en rijtuigen op te luisteren, waardoor men terug een zeer grote toeloop verwachtte aan de voormalige Brugsepoort van wandelaars, ruiters en wielerliefhebbers.
De Gazette van Gent kondigde de wielerwedstrijden de dag voordien als volgt aan:
“De prijskamp der velocipeden, die den 2en Paaschdag uitgesteld werd, zal bepaald 11 dezer, te half drie plaats hebben op de Begijnevest. De velocipedisten zullen van 1 ½ tot 2 uur op de Koornmarkt vergaderen om van daar in stoet en met muziek aan ’t hoofd naar de plaats van den prijskamp te rijden. De stoet zal over de Grasbrug, de Zeurzaksteeg, de Burgstraat, den St-Elisabethgracht naar de Begijnenvest trekken. Er zullen verschillende liefhebbers uit Rijsel, Brussel en Antwerpen rijden. Thans zijn alle maatregelen genomen om ongemakken en belemmeringen te vermijden. De baan, voor de wedlopen bestemd, zal afgesloten zijn met koorden, en door de politie bewaakt.”
Blijkbaar waren deze keer dus wel alle maatregelen genomen om het evenement in goede banen te leiden.
Affiche in Ghendtsche Tydinghen, 9 (1980).
Er stonden in totaal zes wedstrijden op het programma: een snelheidswedstrijd voor velocipeden met twee wielen, een voor velocipeden met drie wielen, een traagheidswedstrijd en een wedstrijd voor kinderen. En voor het eerst in België waren er twee courses d’obstacles gepland. De courses d’obstacles of wedstrijden met hindernissen waren gebaseerd op de steeplechase in de paardensport. In Frankrijk gingen sinds de nazomer van 1868 de velocipedewedstrijden immers grotendeels in de hippodromen door, waardoor deze subdiscipline in de paardensport ook snel gekopieerd werd. Het gebruik van hagen, balken, zandbakken en waterpartijen kan het best vergeleken worden met de hindernissen in het hedendaags cyclo-crosscircuit. De tribune voor betalende toeschouwers was deze keer waarschijnlijk steviger en uit beter materiaal vervaardigd, want de prijzen waren verdubbeld ten opzichte van twee weken voordien: 2 frank voor de plaatsen op de eerste rij, 1 frank op de tweede rij.
De uitslagen stonden enkele dagen later in de krant:
"Velocipeden met 3 wielen.
Snelloop. - Afstand 912 meters. 6 mededingers. - 1e prijs, L. Christiaens, van Gent, in 3 minuten; 2e Ch. Michotte, id., in 3 m. 2s.
Loop met hinderpalen. - Afstand 912 meters. 6 mededingers. - 1ste prijs, Ch. Michotte, van Gent, in 3m.: 2e L.Christiaens, id. in 3m. 20 s.
Snelloop (voor kinderen).- Afstand 912 meters. 2 mededingers. - Eenige prijs, Jul. Duprez, van Gent, in 3m. 15s.
Velocipeden met 2 wielen.
Snelloop. - Afstand 912 meters. 9 mededingers. - 1e prijs, A. Etienne, van Brussel, in 1m. 58s; 2e, in verdeeling, Fusno en Ch. Etienne, beiden van Brussel, in 1m. 59s.
Traagloop. - Afstand 100 meters. 6 mededingers. - 1e prijs, Ch. Etienne, van Brussel, in 20m.; 2e, een liefhebber van Brussel, in 19m.
Hinderpalen. - Afstand 912 meters. 7 mededingers. - 1e prijs, A. Etienne, van Brussel, van Brussel, in 2m. 30s.; 2e een liefhebber van Brussel, in 2m. 31s. "
In de wedstrijden met driewielige velocipeden gingen de overwinning naar twee Gentenaars, L. Christiaens en Ch. Michotte. Bij nazicht in de Dubbele wegwyzer der stad Gent en der provincie Oost-Vlaenderen van het jaar 1869 vinden we één Michotte terug met het beroep van ‘rijtuigmaker’ en woonachtig in het Prinsenhof, en twaalf mensen met de achternaam Christiaens waarvan één met het beroep van ‘voituursmit’ uit de Begijnendriesch, nu de Begijnhofdries. Het was niet ongebruikelijk dat gespecialiseerde smidsen en ateliers waar koetsen geassembleerd werden hun omzet probeerden te verhogen met de verkoop en onderhoud van velocipeden. De beide ateliers bevonden zich in de onmiddellijke omgeving van de Begijnhoflaan en het waren waarschijnlijk hun zonen of jongere familieleden die aan de wedstrijd deelnamen.
Bij de tweewielige velocipeden triomfeerden de gebroeders of neven Arthur en Charles Etienne uit Brussel, stichtende leden waren van de Vélocé Club Bruxellois die het jaar voordien ook hadden deelgenomen aan de eerste wielerwedstrijd op het Champ des Manoeuvres, het latere Jubelpark in Brussel. Zij zouden samen met Fusnot later nog regelmatig opduiken in de uitslagen van wedstrijden in andere steden. Na het afsluiten van het evenement werden de Brusselse deelnemers door hun Gentse vrienden naar het station vergezeld.
Een velocipedenwedstrijd voor dames in Bordeaux (Le Monde Illustré, 21 november 1868)
Koers ‘voor damen’ tijdens de Gentse Feesten
Enkele maanden later stonden naar aanleiding van de Gentse Feesten op zondag 11 juli heel wat vermakelijkheden op het programma. Er gingen wedstrijden voor handboogschieten door op drie plaatsen, de dansgroep De Lochte Gentenaars toonden hun danskunsten op de Oude Beestenmarkt, de jaarlijkse paardenkoersen lokten veel volk naar het Sint-Denijsplein, er was fanfaremuziek in de Gentse Diergaerde (dierentuin), op de Koornmarkt en Vrijdagsmarkt, en er werden vier blijspelen vertoond in de Minardschouwburg. Er waren ook terug wedstrijden voor velocipeden op de Begijnenvest gepland waaraan voor het eerst in België drie dames zouden deelnemen. De Brusselse deelnemers toonden zich de beste wielrenners en wonnen al de wedstrijden, zowel in snelheid, met hindernissen en traagheid. Een troostprijs werd uitgereikt aan de Gentenaar Jules Corbyn. Ook de drie Brusselse dames die met een broek en vest als pages uitgedost waren werden na hun wedstrijd onder luid applaus van de menigte bij het spelen van de Brabançonne uitgebreid in de bloemetjes gezet.
Tijdens de daaropvolgende week gingen de vermakelijkheden verder en op zondag viel het zwaartepunt terug aan de oude Brugsepoort. Daar werden aan de Brugsevaart tijdens de namiddag allerlei volksspelen georganiseerd onder muzikale begeleiding van de fanfares Sint-Cecilia, Gretry en Noordstar. Ook werden er opnieuw wielerwedstrijden georganiseerd op de Begijnenvest, met tussendoor een demonstratie van een éénwielige velocipede. 's Avonds werden de feestelijkheden afgesloten met een vuurwerk. In de Gazette van Gent werden een dag later de wedstrijduitslagen vermeld:
“Ziehier de prijswinnaren van den Trapwagenwedstrijd :
Tweewielige Snelloop. – 1e Prijs, Morobé; 2e De Cock; 3e Christiaens; 4e Jooris.
Loop met hinderpalen. – 1e Prijs, Edm. Honoréz; 2e Jooris; 3e Christiaens; 4e Tydgadt.
Driewielige snelloop. – 1e Prijs, Kerckhove; 2e Joos; 3e Marchand.
Loop voor kinderen. – 1e Prijs, Julien Duprez; 2e Karel Duprez.”
Een course d’obstacles met een nieuw soort velocipede van de Compagnie parisienne in Levallois (’Illustration, 21 augustus 1869)
Conclusie
Na de eerste Belgische wielerwedstrijd in Brussel in 1868 was men er in Gent als de kippen bij om deze nieuwe spectaculaire sport aan de inwoners te laten zien. De vier wielerwedstrijden die in 1869 in de Gentse binnenstad georganiseerd werden, vonden allemaal in het kader van gemeentelijke en religieuze feesten plaats. De Gentenaars genoten er met volle teugen van, want elke wedstrijd bracht een enorme menigte naar de Begijnenvest die het verkeer zwaar in de war bracht. En hoe graag het de fiere Gentenaars ook gegund is dat de allereerste wielerwedstrijd in hun stad was doorgegaan, de naakte feiten spreken voor zich. Brussel heeft die eer een jaar voordien gehad, daar kan tot het tegendeel met onderbouwde argumenten bewezen is geen enkel twijfel over bestaan.
Trouwens, enkele tientallen jaren later zou hun tijd nog komen door de centrale ligging van de stad in het Vlaamse wielerlandschap, de verschillende velodromen die aan de stadsrand opgericht werden, de vele wielerclubs die zich engageerden om de sport te promoten en de organisatie van de Ronde van Vlaanderen die na de amateurversies van 1908 tot 1912 onder leiding van Sportwereld in 1913 doorgroeide van een regionale wielerwedstrijd voor profs tot de grootste wielerklassieker van de Lage Landen.
Met al deze argumenten heeft Gent zijn achterstand ruim ingelopen en mag het de titel van dé Vlaamse wielerstad terecht opeisen.
Artikel 2023 @ Filip Walenta
Project Karelvanwijnendaele.be
Volledig artikel met annotaties op aanvraag via het contactformulier.