Liedsuggesties‎ > ‎

3e zondag in de veertigdagentijd - C

Intredelied: 
    ZJ 566 Hoe is uw naam
    ZJ 540 Heer, onze Heer
Antwoordpsalm: 
    P 180 • download • beluister
    ZJ 318 Onze hulp is de naam van de Heer
Vers voor het evangelie: : ZJ 3c Barmhartig de Heer 
Bij de bereiding van de gaven: 
    ZJ 316 Barmhartige Heer
Communiezang: 
    ZJ 302 Gij hebt met groot geduld

Gregoriaans: Graduale Romanum pg. 96-99

De zondagsliturgie van deze C-cyclus zet tijdens de veertigdagentijd heel bijzonder het mysterie van Gods verzoening in het licht.  De keuze van het evangelie is daarbij opmerkelijk.  Wij beginnen daarom deze viering met het zingen van lied 566 als intredepsalm.: Hoe is uw naam, waar zijt Gij te vinden…Geef ons vandaag een teken van liefde…Gij, de vergeving van alle zonden.  Het is een beurtzang op psalm 103 (102).  Men mag niet vergeten de vijfde en zesde strofe te zingen met het herhaalde Gij, de vergeving van alle zonden!

De eerste lezing uit het Oude Testament gaat weer zijn eigen weg – de grote etappes van de heilsgeschiedenis – en blijft vandaag staan bij Mozes. We beluisteren het verhaal van zijn ontmoeting met God bij de brandende doornstruik, waar hij zijn zending ontvangt.

De antwoordpsalm 103 sluit aan bij de uitspraak uit de eerste lezing dat God de ellende van zijn volk heeft gezien, en dat Hij afdaalt om het te bevrijden. De keerverzen P 179 en P 180 belijden: “De Heer is steeds barmhartig, zijn genade onbeperkt”.

Een alternatief is lied 540 Heer, onze Heer, hoe zijt Gij aanwezig. Dit raakt ook het thema aan van Gods nabijheid en zorg voor de mensen: “Gij zijt gestadig met ons bezig.”

Aangezien vandaag en de volgende twee zondagen de evangelie in het teken staat van vergeving en verzoening, kan men heel passend acclamatie 3c Barmhartig de Heer en genadig voorzien vóór het evangelie.

Als communiezang kan men de intredepsalm 103 hernemen, zodat deze vandaag als een boog over de viering gespannen staat.  Nu zingen we die psalm echter met de beurtzang 318: Onze hulp is de Naam van de Heer…Hij is voor ons een barmhartige Vader.  Deze God beschuldigt ons niet en nooit zal Hij kwaad met kwaad vergelden.

Ofwel kan men teruggrijpen naar de figuur van Mozes, met het lied Gij hebt met groot geduld uw heerlijkheid onthult…dit vuur ontstoken (302).