Liedsuggesties‎ > ‎

14e zondag door het jaar - A

Intredelied: 
    ZJ 516 Geef vrede, Heer, geef vrede
    ZJ 809 Here Jezus, om uw woord
Antwoordpsalm: 
    P 194 • download • beluister
    ZJ 351 De koning van de vrede (alleen str. 1+2)
Alleluia-vers: ZJ 4g Uw woord is een lamp
Bij de bereiding van de gaven: 
    ZJ 736 Wie is die God die eeuwig leeft
    ZJ 569 God die leven hebt gegeven
Communiezang: 
    ZJ 570 Gij zijt mijn goed (vooral str. 1,2,4,6)
    ZJ 765 Laten wij met vreugde

Gregoriaans: Graduale Romanum pg. 300-303

TOELICHTING

Inhoudelijk aansluitend bij de tweede lezing:
    ZJ 433 Geest van hierboven

‘Genade en vrede’: zo luidt veelal de begroeting bij de aanvang van de eucharistieviering.  Inderdaad, wij komen bij de Heer zoeken naar een vrede die wij nergens anders kunnen vinden en die ons niemand anders kan geven. Vandaag kunnen wij die bede om vrede wat breder uitzingen in de intredezang 516 Geef vrede, Heer, geef vrede, de wereld wil slechts strijd. De derde strofe vormt eigenlijk het hoogtepunt als wij zingen: Geef vrede, Heer, Gij die de vrede zijt. De vierde strofe verwoordt de innerlijke consequentie van dit smeekgebed: om Gods vrede te ontvangen, moeten we ons bekeren maar ook dat is een gave van God.

Antwoordpsalm 145, één van de grote lofpsalmen, is als het ware een antwoord op de uitnodiging van de profeet Zacharia in de eerste lezing: ‘Jubel luid, dochter Sion!’. We sluiten ons aan bij zovele andere gelovigen die Gods Naam bezingen: Uw Naam wil ik verheerlijken voor altijd, mijn God en Koning (P 194-195). Zacharia spreekt over de komst van de grote koning, deemoedig, rijdend op een ezel. Als alternatief kunnen we putten uit een lied dat bij Palmzondag hoort: de eerste twee strofen van lied 351: De koning van de vrede komt in de hoofdstad aan ...  Ik zie de koning komen die op een ezel rijdt. 

In het evangelie nodigt Jezus ons uit bij Hem rust en verlichting te zoeken en zijn juk te dragen. Een mooie echo hierop vinden wij in de communiezang 570: Gij zijt mijn goed, mijn overvloed.  Vooral de vierde strofe is dan vandaag belangrijk: Wordt vrij en komt tot Mij, mijn juk is licht te dragen. De vermelding van de kinderen doet ons ook denken aan het ‘kinderlijke’ lied 765 Laten wij met vreugde. Hierin wordt de lofprijzing uit de antwoordpsalm dan hernomen.