statuten

WEST-VLAAMSE GIDSENKRING vzw
met ondernemingsnummer: 0411022058
 
TITEL I. - Naam, zetel, doel, duur
 
Artikel 1
De vereniging wordt ‘West-Vlaamse Gidsenkring vzw’ genoemd.
 
Artikel 2
De zetel is gevestigd in Ieper, Deken Delaerestraat 2 in het gerechtelijk arrondissement Ieper.
 
Artikel 3
De vereniging heeft tot doel, met uitsluiting van enig winstoogmerk,
  1. de geschiedenis, het kunst- en cultuurpatrimonium, het natuurschoon en de eigen volksaard van Europa, België, Vlaanderen en in het bijzonder West-Vlaanderen te bestuderen en de kennis ervan onder haar leden en andere belangstellenden te bevorderen;
  2. mee te werken aan de bevordering van het toerisme door het inrichten van leergangen en cursussen tot het vormen van gediplomeerde gidsen;
  3. het toerisme in de hand te werken door lezingen, voorlichting of andere passende activiteiten.
In ondergeschikte orde mag zij zekere economische activiteiten uitoefenen op voorwaarde dat de opbrengst daarvan uitsluitend aan het hoofddoel besteed wordt.
Eveneens mag de vereniging, hetzij als houdster van een zakelijk recht, hetzij als eigenares, roerende en onroerende goederen bezitten die nodig zijn voor de verwezenlijking van haar hoofddoel.
 
Artikel 4
De vereniging is voor onbepaalde duur opgericht.
Zij kan te allen tijde ontbonden worden.
 
TITEL II. – Leden
 
Artikel 5
De vereniging groepeert regionale afdelingen, waarvan het aantal en de geografische omschrijving door de Algemene Vereniging op voorstel van de Raad van Bestuur wordt bepaald.
 
Artikel 6
Het aantal leden is onbeperkt maar moet ten minste drie bedragen.
 
Artikel 7
De werkelijke leden zijn
  1. de stichtende leden
  2. de bestuursleden van de regionale afdelingen derwijze dat elke afdeling een basisvertegenwoordiging van 2 leden krijgt.
    Het aantal wordt verhoogd met 1 vertegenwoordiger per begonnen schijf van 50 leden waarvoor de afdeling het voorbije jaar de lidmaatschapsbijdrage betaalde.
Jaarlijks ten laatste op 31 januari wordt de lijst van de bestuursleden van de regionale afdelingen op de zetel van de vereniging neergelegd.
De volheid van het lidmaatschap, met inbegrip van het stemrecht op de Algemene Vergadering, komt uitsluitend aan de werkelijke leden toe.
 
Artikel 8
De Raad van Bestuur kan nog andere categorieën van leden creëren. Dit zijn de toegetreden leden.
Om als toegetreden lid aanvaard te kunnen worden, dient het kandida(a)t(e)-lid de doelstellingen zoals vermeld onder artikel 3 te onderschrijven.
Een toegetreden lid kan elke activiteit van de vereniging, met uitsluiting van de vergaderingen van de Raad van Bestuur en de Algemene Vergadering bijwonen.
De overige voorwaarden voor de aanvaarding als werkelijk of toegetreden lid of van de andere door de Raad van Bestuur gecreëerde categorieën, alsook hun rechten en plichten worden door de Raad van Bestuur in het huishoudelijk reglement vastgelegd.
 
Artikel 9
De werkelijke, de toegetreden leden en de andere door de Raad van Bestuur gecreëerde categorieën worden bij besluit van de Algemene Vergadering en op voordracht van de Raad van Bestuur aanvaard.
 
Artikel 10
De jaarlijkse bijdrage van de leden en van de regionale afdelingen alsook het maximum bedrag worden door de Raad van Bestuur bepaald.
 
Artikel 11
§1 Het ontslag en de uitsluiting van de leden gebeuren op de wijze bepaald door artikel 12 van de wet van 27 juni 1921.
§2 Zo kan onder meer ieder lid worden uitgesloten, van wie de houding, het gedrag, uitspraken of geschriften, gedragingen in het publiek of privé, onverenigbaar zijn met het doel van de vereniging, of een aanslag betekenen op de goede naam van de vereniging.
De Algemene Vergadering beoordeelt de feiten, na belanghebbende te hebben gehoord, en beslist zonder mogelijkheid tot beroep.
§3 Verliezen automatisch het lidmaatschap van de vereniging, zij die ten gevolge van een strafrechtelijke veroordeling hun burgerlijke en politieke rechten verloren hebben.
 
Artikel 12
Uitgetreden en uitgesloten leden en hun rechtsopvolgers hebben geen deel in het vermogen van de vereniging.
Evenmin hebben zij het recht om de door henzelf of hun rechtsvoorgangers gedane inbrengen of gestorte gelden terug te vorderen.
 
Artikel 13
Overeenkomstig artikel 2bis van de wet van 27 juni 1921 gaan de leden in die hoedanigheid geen enkele persoonlijke verplichting aan inzake de verbintenissen die de vereniging aangaat en zij staan met hun eigen goederen geen borg voor haar schulden.
 
TITEL III. - Raad van Bestuur
 
Artikel 14
§1 De vereniging wordt bestuurd door de Raad van Bestuur, die samengesteld wordt uit ten minste drie natuurlijke personen.
De verkozen bestuurders kunnen slechts uit de werkelijke leden worden verkozen.
De Raad van Bestuur wordt zo samengesteld dat elke regionale vereniging 2 bestuurders afvaardigt.
Een regionale afdeling die meer dan vierhonderd leden telt, bekomt een bijkomende bestuurder.
§2 De bestuurders worden op voorstel van de regionale afdeling door de Algemene Vergadering benoemd en zijn te allen tijde door haar afzetbaar.
Ze moeten door de meerderheid van de aanwezige leden worden aanvaard.
§3 De bestuurders oefenen hun mandaat onbezoldigd uit.
Overeenkomstig artikel 14bis van de wet van 27 juni 1921 gaan de bestuurders geen enkele persoonlijke verplichting aan inzake de verbintenissen die de vereniging aangaat en zij staan met hun eigen goederen geen borg voor haar schulden.
 
Artikel 15
§1 De bestuurders worden benoemd voor een termijn van vier jaar en zijn herkiesbaar.
Die verkiezingen vinden om de twee jaar plaats, derwijze dat voor regionale verenigingen met twee bestuurders slechts één bestuurder en voor regionale verenigingen met meer bestuurders maximaal twee bestuurders aan de beurt komen.
Wanneer om een of andere reden tussentijds een bestuurder wegvalt, wordt voor de resterende duur van zijn mandaat een nieuwe bestuurder uit de regionale afdeling die hij vertegenwoordigt, door de Algemene Vergadering op voorstel van de regionale vereniging waarvan hij lid uitmaakte, benoemd.
Na verloop van de eerste bestuurstermijn van twee jaar na de inwerkingtreding van dit artikel is de helft van de Raad van Bestuur door loting uittredend.
De uittredende bestuurders zijn herkiesbaar.
§2 Uittredende bestuurders blijven ook na het verstrijken van hun mandaat in dienst, tot er in hun vervanging is voorzien.
 
Artikel 16
§1 De Raad van Bestuur kiest onder de bestuurders een voorzitter, een ondervoorzitter, een secretaris en een financieel beheerder.
Bij ontstentenis of verhindering van de voorzitter worden zijn functies door een ondervoorzitter waargenomen of, bij diens afwezigheid, door de oudste van de bestuurders.
§2 De Raad van Bestuur vergadert ten minste tweemaal per jaar op initiatief van de voorzitter of van twee bestuurders.
Om geldig te beraadslagen moet minstens de helft van de bestuurders aanwezig zijn.
De uitnodiging vermeldt dag, uur en plaats van de vergadering, en bevat de agenda.
De verdere vorm en inhoud van de uitnodiging worden door het huishoudelijk reglement bepaald.
§3 Een bestuurder kan zich door een andere bestuurder laten vertegenwoordigen, maar niemand mag meer dan één volmacht hebben.
§4 Van elke vergadering wordt een verslag opgemaakt.
Het goedgekeurde verslag wordt door de voorzitter en de secretaris ondertekend en in een apart register bewaard.
Uittreksels van het verslag worden geldig ondertekend door de voorzitter of door twee bestuurders.
 
Artikel 17
De Raad van Bestuur vergadert als college, bestuurt de vereniging en vertegenwoordigt die bij alle gerechtelijke en buitengerechtelijke handelingen.
Hij treedt op, als eiser of verweerder, in alle rechtsgedingen en beslist over het al of niet aanwenden van rechtsmiddelen.
Hij is bevoegd voor alle daden van beheer en voor het opmaken van het huishoudelijk reglement.
 
Artikel 18
§1 De Raad van Bestuur kan zijn bevoegdheden overdragen aan een of meer van zijn leden of aan een derde, en bepaalt de duur van hun mandaat.
§2 Elke delegatie van bevoegdheid is op ieder ogenblik herroepbaar.
 
Artikel 19
Behalve wanneer bestuurders of derden een algemene of bijzondere volmacht kunnen laten gelden, is de vereniging slechts geldig verbonden indien de Raad van Bestuur er zijn goedkeuring heeft aan verleend en indien ze door twee bestuurders voor akkoord ondertekend werd.
 
TlTEL IV. - Algemene Vergadering
 
Artikel 20
De Algemene Vergadering is samengesteld uit de werkelijke leden en is bevoegd voor:
  • het wijzigen van de statuten,
  • het benoemen en afzetten van de bestuurders en de commissarissen,
  • het goedkeuren van de begroting en de rekeningen,
  • de kwijting aan de bestuurders en de commissarissen,
  • het ontbinden van de vereniging,
  • het aanvaarden en uitsluiten van leden van de vereniging,
  • het stellen van daden van beschikking,
  • het bepalen van de bestemming van de goederen van de ontbonden vereniging,
  • de omzetting van de vereniging in een vennootschap met een sociaal oogmerk.
De Raad van Bestuur heeft de residuaire bevoegdheid.
 
Artikel 21
§1 Er moet ten minste elk jaar één gewone Algemene Vergadering gehouden worden na het afsluiten van het boekjaar.
In elk geval dient ze binnen zes maanden na sluiting van het boekjaar plaats te vinden.
§2 Buitengewone Algemene Vergaderingen worden gehouden telkens als de omstandigheden dit vereisen, en in elk geval wanneer één vijfde van de werkelijke leden daarom verzoekt.
 
Artikel 22
Oproepingen kunnen alleen geldig gedaan worden door de voorzitter, door twee bestuurders of door één vijfde van de leden.
Ze worden verstuurd per gewone post of op de wijze bepaald in het huishoudelijk reglement, ten laatste tien dagen vóór de vergadering.
De oproeping vermeldt dag, uur en plaats van de vergadering en bevat de agenda.
 
Artikel 23
De vergadering wordt voorgezeten door de voorzitter van de Raad van Bestuur; bij diens afwezigheid door de ondervoorzitter.
De voorzitter duidt een verslaggever aan.
 
Artikel 24
Alle leden hebben stemrecht.
Elk lid mag zich door een ander lid laten vertegenwoordigen.
De volmacht moet schriftelijk zijn.
 
Artikel 25
Met uitzondering van de gevallen voorzien in de artikelen 8, 12 en 20 van de wet van 27 juni 1921, is de vergadering geldig samengesteld als de helft van het aantal leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
Indien dit niet het geval is, wordt een nieuwe Algemene Vergadering belegd, die niet binnen vijftien dagen volgend op de eerste vergadering mag worden gehouden, en die geldig kan beslissen ongeacht het aantal aanwezigen.
De beslissingen worden genomen bij gewone meerderheid van stemmen, behalve in de gevallen waarin de wet een bijzondere meerderheid vereist.
Bij staking van stemmen is de stem van de voorzitter van de vergadering beslissend.
 
Artikel 26
Van elke Algemene Vergadering wordt een verslag opgemaakt.
Het goedgekeurde verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris, en in een apart register op de zetel van de vereniging bewaard.
De voor eensluidend verklaarde afschriften of uittreksels van het verslag bestemd voor derden worden ondertekend door de voorzitter of door twee bestuurders.
 
TITEL V. - Begroting en rekening
 
Artikel 27
Het boekjaar valt samen met het burgerlijk jaar.
De Raad van Bestuur legt de rekeningen van het voorgaande boekjaar en de begroting van het volgende boekjaar ter goedkeuring voor aan de Algemene Vergadering.
Vervolgens wordt bij afzonderlijke stemming aan de bestuurders kwijting verleend.
 
TITEL VI. - Ontbinding en vereffening
 
Artikel 28
Behalve de gevallen van gerechtelijke ontbinding en van ontbinding van rechtswege, kan tot de ontbinding slechts worden besloten door de Algemene Vergadering overeenkomstig artikel 20 en volgende van de wet van 27 juni 1921.
In het ontbindingsbesluit worden tevens één of meer vereffenaars aangeduid.
 
Artikel 29
§1 In geval van ontbinding wordt het netto overblijvend eigen vermogen overgedragen aan een werk met een gelijkaardig doel als dat van de vereniging, aan te duiden door de Algemene Vergadering.
§2 Bij het bepalen van de bestemming moeten de vereffenaars en de Algemene Vergadering rekening houden met het doel van de onderhavige vereniging en met de in artikel 3 § 1 en § 2 bedoelde beginselen, en die voorwaarde ook aan de begiftigde opleggen.
In geen geval mogen de activa toegewezen worden aan leden of oud-leden, tenzij het zou gaan om verenigingen met een doel gelijk aan dat van de ontbonden vereniging; ook dan moeten de goederen bestemd blijven voor een doel als dat van de ontbonden vereniging.
 
Artikel 30
Voor alles wat niet door deze statuten wordt geregeld, is de wet van 27 juni 1921 en de wijziging door de wet van 2 mei 2002 van toepassing.
 
 
Aldus aangenomen met eenparigheid van stemmen op de Algemene Vergadering gehouden in Roeselare op 27 november 2004.