Fv Van Haesendonck
 
Van Asschevoetweg 10
1982 Weerde-Zemst
Tel: 015 61 27 07
Fax: 015 61 27 07
 

Al sinds 1921 staat de boerderij van de familie Van Haesendonck aan de oevers van de Zenne in Weerde. Een uniek en bloeiend familiebedrijf waar de broers Johan, Benny, Koen, Wim en zus Lieve de taken verdelen. Terwijl Johan het witloof oogst, bewerkt Benny de akkers en houdt Koen zich bezig met de administratie. Wim is de baas van de veestapel en Lieve baat de hoevewinkel uit. Moeder Van Haesendonck helpt ook nog een handje mee en zorgt voor de rust en het evenwicht. ‘We vullen elkaar perfect aan in onze familie’, lacht Johan. ‘Eenheid in verscheidenheid.’
De familie teelt streekeigen grondwitloof en aardbeien maar ook aardappelen, uien en granen. ‘Onze runderen worden gevoed met eigen gewassen. Zo blijft de kringloop gesloten. Duurzame landbouw is voor ons een evidentie’,weet Johan.

Brussels grondwitloof ontstond in de gemeente Schaarbeek. Meer bepaald in de "Botanieken Hof" aan de Schaarbeekse poort. Hier werd geëxperimenteerd met gekropt witloof uit chicoreiwortels. De wortelen werden rechtop naast elkaar geplaatst, bedekt met paardenmest en werden vochtig gehouden. Mooie witte kropjes waren het resultaat. Andere tuinlieden die hier werkzaam waren, namen de teelt over in hun eigen tuintjes. Onder invloed van de verstedelijking en toename van de productie breidde de teelt zich uit naar de aangrenzende gemeenten tot het centrale deel van de provincie Vlaams-Brabant tussen de steden Brussel, Mechelen en Leuven. Vandaar ook de benaming 'Brabants grondwitloof'. De uitbreiding was mogelijk door de aanwezigheid van kleine onrendabel geworden landbouwbedrijfjes voor wie de teelt het uitzicht op een fatsoenlijk inkomen bood. Ook de zandleemgronden leenden zich goed voor de witloofteelt. Ze leverden een kwalitatief goede wortel die nog voldoende gemakkelijk kon worden gerooid als de grond erg nat was. De witloofboeren selecteerden zelf het witloofzaad en letten hierbij op smaak, mooi gevormde kroppen en spreiding van de oogstperiode. Voor het Brussels grondwitloof is dat een goed evenwicht tussen bitter en zoet en een knapperige structuur.