Doelstelling van de vrijmetselarij

De eerste beschrijvingen van de vrijmetselarij of vrijmetselaarsachtige organisaties zijn al te vinden in de vroeg Christelijke tijd en zelfs al in de tijd van de Egyptenaren.

Uit diverse publicaties, zoals “the Temple and the Lodge” van Michael Baigent en Richard Leigh en “Het Verloren Symbool” van Dan Brown, zijn vele verwijzingen te vinden.

Er worden vele mysteriescholen beschreven waarvan een aantal, zoals de Rozenkruis beweging en de Tempelieren, vaak in relatie gebracht worden met de vrijmetselarij.


De vrijmetselarij bestaat dus al vele eeuwen en is, zoals algemeen wordt erkend, het meest zichtbaar geworden in de zogenaamde Bouwgilden.

Deze trokken in de middeleeuwen rond door Europa voor de Kathedralenbouw, de sporen daarvan zijn overal aan te treffen.

Omdat men in die tijd nog niet kon lezen en schrijven werden geheime tekens en woorden gebruikt om zich kenbaar te maken en om ook het onderscheid tussen leerling, gezel en meester te kunnen maken om de specifieke bouwtechnieken door te geven.

Na hun werk troffen ze elkaar in zogenaamde Bouwhutten, of in het Engels Lodge, wat vertaalt Loges werd.

Vandaar dat er in de vrijmetselarij nog steeds gewerkt wordt met de Bouwsymboliek.

De belangrijkste symbolen zijn de passer en de winkelhaak, ze liggen in de loge op de Bijbel.

De Bijbel ligt daar niet omdat de vrijmetselarij een godsdienst is, maar als symbool.        

Het is een Heilig Boek, dat staat voor universele waarheden.


Maar er zijn meer Heilige Boeken, zoals bijvoorbeeld de Thora, de Koran en de leringen van Boeddha. Er zijn zelfs vele loges op de wereld waar alle heilige boeken gezamenlijk aangetroffen kunnen worden. Ze representeren daar het geloof van de broeders in die Loge en de globalisering van deze wereld.


         Alle Heilige Boeken


In de tijd van de Bouwgilden werden in de Loges van die tijd, naast het bespreken van het handwerk, ook gaandeweg over spirituele, godsdienstige en filosofische onderwerpen gesproken; dit was de operatieve vrijmetselarij.

Dit sloeg aan en gaandeweg werd de werkwijze van die Loges ook toegepast buiten de kathedralenbouw - dus buiten de kring van de handwerkmannen - en dat begon in Schotland.

Achter de gilden ontstonden daardoor geheime loge genootschappen waar mannen in vrijheid en vooral in vertrouwen met elkaar over deze zaken konden praten, zonder op de brandstapel of aan de galg te eindigen.

Daartoe kregen ze bij hun Inwijding herkenningstekens.

Dit was het begin van de speculatieve vrijmetselarij.

Die bood in die tijd op die wijze een tegenwicht tegen de dogma`s van de starre kerkinstellingen.

Het was voor hen een veilige omgeving om over zaken te spreken die in die tijd van belang waren, het was een vertrouwde omgeving.

De eerste beschrijvingen van loges zijn van rond 1400, vooral in Schotland, maar officieel werd in 1717 in Londen de eerste Grootloge van de vrijmetselarij opgericht en dominee James Anderson beschreef toen in de Constitutions de uitgangspunten van de vrijmetselarij.


De uitgangspunten van de vrijmetselarij zijn in het kort:


o        De gelijkwaardigheid van alle mensen; dus ongeacht geloof, sekse of ras,

o        Het recht zelfstandig te zoeken naar waarheid,                                                   

o        Het kweken van verdraagzaamheid en tolerantie,

o        Het betrachten van rechtvaardigheid,

o        Het bevorderen van naastenliefde,

o        Te zoeken naar wat verbindt en weg te nemen wat verdeelt.

o        Uitgaan van de eigen verantwoordelijkheid.

o        De arbeid verrichten in het licht van een hoog beginsel.


Dat was het startpunt van de vrijmetselarij als organisatie; alle loges in de Wereld richten zich naar deze uitgangspunten.

In de eeuw van de Verlichting kreeg de vrijmetselarij een echte impuls. Men kreeg toen namelijk behoefte aan de eigen individuele invulling van het godsbegrip en men wilde zich niet meer door de Kerk laten voorschrijven hoe te denken en te handelen. Men wilde vrij zijn en zelf de keuze bepalen voor de inrichting van het eigen leven en de inrichting van de maatschappij. Dus geen voorschriften van de Kerk en de Koning meer, maar inspraak en democratie.


De Verlichting is daardoor een inspiratiebron geworden voor tal van revolutionaire bewegingen over de gehele wereld.

Als gevolg daarvan hebben in het verleden ook vrijmetselaren veel invloed gehad, zeker in het pogen de beschaving op een hoger peil te brengen.


Op dit moment is de vrijmetselarij over de hele wereld te vinden en verbindt ze vrije mensen met elkaar om te trachten tegenstellingen te overbruggen en vrijheid voor het individu te bereiken.

Er zijn ongeveer 4 miljoen vrijmetselaren over de hele wereld, waarvan de helft in de Verenigde Staten en 5.800 in ons eigen land, die in een 150 tal loges samen komen.


De vrijmetselaarstempel in Huize het Oosten


De vrijmetselarij ziet het werken aan jezelf als een belangrijke, zo niet dè belangrijkste opdracht. Boven elke tempelpoort staat “Ken U Zelve”, een oude tekst uit Griekenland die daar boven de Tempel van Apollo in Delphi staat.

Het werken in de vrijmetselarij maakt de weg vrij voor zelfontplooiing, waarbij het een ieder vrijstaat zijn eigen richting te kiezen.

Om dit werken te vergemakkelijken hanteert de vrijmetselarij o.a. bouw- en lichtsymboliek en worden rituelen gebruikt.

De werkwijze is door de eeuwen heen in essentie hetzelfde gebleven: een veilige omgeving bieden om over levensvragen te kunnen praten.

De vrijmetselarij is geen godsdienst, het is een levenshouding waarbij gewerkt wordt in het licht van een hoog beginsel, symbolisch aangeduid als De Opperbouwmeester des Heelals, aan zaken zoals:


Het kweken van verdraagzaamheid, het betrachten van rechtvaardigheid, het bevorderen van naastenliefde, te zoeken naar wat mensen en volken vereent en te trachten weg te nemen wat de geesten en gemoederen verdeelt.

Daarbij wordt uitgegaan van de eigen verantwoordelijkheid en de gelijkwaardigheid van alle mensen.


In de vrijmetselarij wordt met symbolen gewerkt om op die wijze gevoelens op te wekken en inzicht te geven, dit met het doel een persoonlijke groei te bereiken die de kandidaten verder brengt op hun levensweg, een weg met meer inzicht en een vollediger begrijpen.

       

De vrijmetselarij is een levenshouding die alle godsdiensten overstijgt en waar alle godsdiensten een plaats in kunnen hebben.

Het grote punt van verschil met vele godsdiensten is dat er NIET uitgegaan wordt van dogma`s, maar van een eigen individuele invulling van het begrip waarheid, van het godsbegrip en van het zoeken naar antwoorden op levensvragen.


Samengevat:

    • Vrijmetselarij is een eeuwenoude methode tot persoonlijke ontwikkeling waarbij gebruik gemaakt wordt van rituelen en symbolen. Men werkt daarbij samen met anderen.

    • De vrijmetselaar gaat uit van de gelijkwaardigheid van alle mensen en erkent ieders recht zelfstandig te zoeken naar waarheid.

    • Er wordt gezocht naar wat  verbindt en niet naar wat verdeelt.

    • De vrijmetselaar werkt zonder dogma`s en kan daardoor in vrijheid waarnemen, redeneren en onderzoeken en daardoor de wereld wezenlijk vooruithelpen.

    • Vrijmetselarij is een Broederschap die helpt richting te geven aan het leven.

Zo wordt er gewerkt aan een groter goed: een betere wereld waarin de moderne mens optimaal kan functioneren.