PhD and MA dissertations and thesis

Dissertation and Thesis News (PhD and MA)
on Philosophical Practice and Counseling
 
So far there are few people who did graduate and/or postgraduate work in this area.
With this page we like to update and encourage students and their supervisors
to consider this subject for additional research. You can contribute to this project
by sending information about new research on this topic to the Webmaster.

 



Shlomit C. Schuster
PHILOSOPHICAL AUTOBIOGRAPHY:
A COMMENTARY ON THE PRACTICE OF PHILOSOPHY (2 Vol.),
1997, Ph. D. Dissertation, Dept. of Philosophy, The Hebrew University of Jerusalem, Israel.
Supervisors: Professor Marcel Dubois (The Hebrew University of Jerusalem) and
Professor Maurice S. Friedman (San Diego State University). 
 
Copies of these volumes can be found at the Hebrew UniversityLibrary and
at the Royal Dutch Library (KB) in The Hague--The Netherlands .
 
I reflect in this dissertation on the autobiographies of Augustine,Rousseau and Sartre.
Presented is an analysis of how philosophy and its practice changed the lives of 
these 3 philosophers. Chapter 2, 3, and 4 are respectively concerned with Augustine's
and Rousseau's Confessions, with Sartre's Words and other of these authors' main works. 
Its conclusion demonstrates that in contradistinction to psychoanalytical understandings
about continuity and consistency the philosophers mentioned attained unity and harmony
within themselves through their own way of practising philosophy.
 
 

 
 
Maria daVenza Tillmanns,
PHILOSOPHICAL COUNSELING AND TEACHING:
"HOLDING THE TENSION" IN A DUALISTIC WORLD
1998, Ph.D. Dissertation,College of Education, University of Illinois
at Urbana-Champaign, USA.
Directors of Research: Richard C. Anderson and Maurice S. Friedman
 
In this dissertation, I develop a theory of philosophical counseling and teaching.
It is the outcome of my holding the tension of my practical and theoretical viewing points.
Holding the tension is a term which Maurice Friedman coined to counter the idea
of dichotomous either/or thinking and any attempt to synthesize thought into unity or fusion.
This dissertation focuses on Buber's notion of the dialogical,which implies
acknowledging the other's otherness. Buber's notion of other is diametrically opposed
to the post-modern notion of other. The difference lies in the fact that Buber's notion of
the not-I is rooted in trust, whereas the post-modern notion of denial and exclusion is rooted
in distrust. This difference is of great importance, especially as it affects fields like
counseling and teaching. In both counseling and teaching, it is important to be able
to acknowledge the other as other, and to be able to meet the other while holding one's
own ground. Yet, one can only do so when one can trust the other's otherness through
an act of implicitly understanding his otherness. In any field which affects learning and
teaching, we deal with different styles of discourse. It is my contention that a topic-centered
discourse style distrusts what is implicitly understood and requires that it be made explicit.
It cannot be relied upon for any kind of accuracy or coherence.Topic-associating, trusts
and relies on what is implicitly understood.
In my work as both philosophical counselor and teacher I try to restore the notion
of working on the basis of understood trust, and on the basis of responding to
people's otherness. In this dissertation I present illustrations of my work as philosophical
counselor and as an instructor in the Upward Bound College Prep Academy at
the University of Illinois. These are examples of actively bringing trust back into the
interaction between teacher/student or counselor/counselee.
 
 

 
Peter B. Raabe
PHILOSOPHY OF PHILOSOPHICAL COUNSELING
1999, Ph.D. Dissertation,Faculty of Education, the University of British Columbia,
Vancouver, Canada.
Supervisor: Prof. Jerrold Coombs, philosopher.
 
For more information about how to access a copy of this
dissertation visit the UBC library web site.
 
This dissertation critiques both the existing theoretical conceptions of philosophical
counseling and accounts of its practice.It also compares philosophical counseling with
psychotherapy in order to point out the fallacy of the argument that philosophical
counseling is radically removed from all forms of psychotherapy.
It then presents and defends a four-stage model of philosophical counselling that
captures the best conceptions and reports of practice,one that is more comprehensive,
more positive (as opposed to the more common characterization of what it is not)
more explicit, and more definitive in its conceptualization than any that have been
offered in the philosophical counseling literature thus far.
Furthermore, this model addresses more of the actual needs of potential clients as
they are highlighted in descriptive accounts and case studies, and conforms more
closely to justifiable normative criteria of what ought to constitute practice in
philosophical counselling than any of the currently existing models.
The final chapter highlights those areas in which philosophical counselling is
superior to approaches found in psychotherapy, and explores the benefits
of philosophical counselling over other forms of counseling.
 
 

 
 
Eite P.Veening
ABOUT THE REALITY OF THE THREE WORLDS
1998, Ph.D. Dissertation,University of Groningen, The Netherlands (in Dutch).
Supervisor: Prof. Th.A.F. Kuipers en Prof. L.W. Nauta
 
Over de werkelijkheid van drie werelden:
Dit proefschrift gaat over een theorie die door de filosoof Karl Popper
in de periode tussen 1965 en ongeveer 1990 is uitgedachten beschreven.
Dit proefschrift bevat een weergave, maar vooral een bewerking en
uitbreiding van deze theorie. Met ditproefschrift wordt beoogd dat deze
theorie de waardering krijgenzal die zij verdient; zowel binnen als buiten
de filosofie. Het gaat om Poppers Driewereldentheorie en deze houdt
kortweg indat er eigenlijk drie verschillende werelden zijn met in elk
van die werelden allerlei objecten of zijnden, en dat die driewerelden
alle drie even echt bestaan en altijd van elkaar tescheiden zijn en dus
ook niet door elkaar gehaald moeten worden. De eerste wereld is die van
de dingen en wat daar bij hoort, vanalles waar de natuurwetenschappen
zich mee bezig houden. Deze wereld wordt meestal als de echte,
objectieve buiten-wereldgezien en is ook eigenlijk de gewoonste.
Ieder mens maakt, alslichaam, deel uit van en leeft in een deel van
deze wereld; nietieder mens leeft in dezelfde plaatsen en streken
van deze wereld.De tweede wereld is die van de ervaringen en
gewaarwordingen en belevingen en emoties en gedachten; de
binnenwereld van alleswat subjectief  is. Deze wereld bestaat
eigenlijk net zo echt alsde buitenwereld; mensen kunnen net zo min
negeren dat ze ervarenen voelen en denken als dat ze handen hebben
of in een huiswonen. Ook hier geldt dat ieder mens in een deel van
deze wereldleeft en dat niet ieder mens in dezelfde streken van deze
wereldleeft. De derde wereld is die van de concepten en van de inhouden
van opvattingen en ideen en abstracties: de wereld van de theoretische
zijnden. Ook deze bestaat echt; mensen kunnen nooitnegeren dat ze ideen
denken en de ene theorie meer waar vindendan de andere, en dat betekent
dus dat ze zich in hun gedachten( en dus vanuit hun plaats in wereld
2) tot die opvattingen (iets in wereld 3) kunnen verhouden,
net zoals ze dat ook tot voorwerpen  (iets in wereld 1) kunnen doen.
Wederom: ieder mensleeft in een deel van deze wereld en niet
iedereen leeft indezelfde streken (oftewel: niet iedereen kent en
gelooft indezelfde opvattingen).
Van deze drie is de laatste wereld het meest omstreden, ook in de filosofie,
maar in het proefschrift wordt betoogd dat deze derdewereld eigenlijk
net zo objectief is als de eerste: zoals we subjectief naar objectieve
dingen kunnen kijken, zo kunnen we analoog ook subjectief over
objectieve ideen nadenken en zebeschouwen. En eigenlijk kunnen we analoog
ook subjectief onze( objectieve ) binnenwereld in ogenschouw nemen.
In het proefschrift wordt deze metafysische theorie-over- alles uitgewerkt tot
een eigen verbeterde en uitgebreide versie van deze driewereldentheorie. (....)
Zo wordt aangetoond op hoeveelterreinen de theorie bruikbaar is.
Er zijn hoofdstukken en paragrafen over bijvoorbeeld de (geestelijke)
gezondheidszorg, maar ook de grondrechten van de mens in drie werelden.
Zo komen ook filosofische praktijken aan de orde. Een apart hoofdstuk gaat over
de bekende vraag naar de verhouding tussen lichaam en geest.
Steeds weer wordt gedemonstreerd dat het hier om een gebruiks vriendelijke,
handige en krachtige theorie gaat met tal van toepassings mogelijkheden
en met een maximale kans opzorgvuldigheid omdat niets vergeten of
overgeslagen kan wordenwat eigenlijk van belang is bij ons denken en handelen.
Daar mee is het ook een theorie waarin maximaal recht gedaan kan worden
aan de complexiteit van veel vraagstukken in het menselijkbestaan.
 
Het proefschrift is een uitgave van de Filosofische Consultatiepraktijk E.P.Veening.
Het proefschrift is te verkrijgen door overmaking van f 35 opgiro 4738948
t.n.v Filosofische Praktijk E.P.Veening te Groningen,Holland.
ondervermelding van 3Wt-R .(ISBN 90-6464-4412-8)

 




Patrick Neubauer
Ph.D. Thesis "Schicksal und Charakter. Lebensberatung in der `Philosophischen Praxis´"
("Faith and Character. Life counselling in `Philosophical Practice´") has been published in August 2000. Its supervisor was Prof. Herbert Schnadelbach of the Humboldt University, Berlin. It has been graded with "cum laude" and is the first Ph.D. thesis on the subject in German. In spite of its scientific nature, the work is written in an understandable language and primarily adresses philosophical counsellors.


The work explores the institutional development as well as the conceptual foundations of philosophi-cal counselling. I explore the philosophy of dialogue and the philosophical goals of counselling. Tho-rough comparisons are drawn to different kinds of psychotherapy. Furthermore, a number of case stu-dies of different counsellors allows for a first systematic insight into the actual couselling practice.


My work is published by Verlag Dr. Kovac, ISBN 3-8300-0202-5. However, the price is DM 151,60, which is far too high for a book of 260 pages. I offer you to purchase one of my author`s copies for DM 60,-. I can also offer you to send you the table of contents if you send me an e-mail under patrick_neubauer@hotmail.com.


Comments