Vakwerkbouw

Onderzoek naar vakwerkbouw toont aan dat er heel wat (streekeigen) verschillen zijn in de opbouwstructuren. Kenmerkend is wel een uitgesproken horizontale en verticale uitbouw van de structuurelementen. De vulling der vlakken gebeurde met vits- en vlechtwerk dat diende als basis en wapening voor de afwerklaag in leem. Ook baksteen en natuursteen werd gebruikt als vulling van de gevelvlakken. Een aantal voorbeelden tonen erg strakke kwadraatvormige panelen. Hieruit blijkt dat een verdere functionele invulling van de vakwerkpanelen technisch niet noodzakelijk is. In de onderstaande dia-reeks zijn een aantal verduidelijkende tekeningen overgenomen uit: van vakwerk tot baksteenbouw van Clemens V. Trefois, Danthe, Sint-Niklaas, 1979.
Toch zien we een aantal voorbeelden waar de vakken verder zijn opgevuld met maalkruisen en levensbomen. Ook hier zien we de steeds terugkerende apotropaeïsche reflex in deze decoratieve elementen. Het maalkruis vinden we als wijd verspreid afweerteken terug (zie ook bij de metseltekens). In mijn regio zijn er een drietal dergelijke voorbeelden nog terug te vinden: Hasselt ('t Sweerd), Tongeren (Spaans huis) en Durbuy. 
Maar nergens anders is de organische aaneenrijging van het boommotief als functioneel-decoratief onderdeel van het wandwerk zo fascinerend aanschouwelijk voorgesteld. De verzinnebeelding van het natuurgodsdienstig begrip: leven-dood-wedergeboorte, de eeuwige wording en het eeuwige vergaan op dergelijk verrassende wijze gestileerd tot raak getraceerde lijnen. Het ritme van de in rijen zig-zag-gewijze opgestelde takken tot boompatronen in de gevelwanden.

In de navolgende dia-reeksen zijn voorbeelden weergegeven van invullingen met:
                              maalkruisen                                                                               levensbomen