Wedstrijden‎ > ‎

Sportreglement lijnwedstrijden KBKV

Sportreglement lijnwedstrijden K.B.K.V. 01/01/2012 


I SOORTEN WEDSTRIJDEN 

Art 1 Soorten wedstrijden 

1.1 Propaganda wedstrijden 
Elke demonstratie van watersportfeesten of wedstrijden met een officieel karakter, 
ingericht door een of meerdere clubs of provinciale comités, met het inzicht de kajaksport 
te propageren. Zulke wedstrijden moeten wel aangevraagd worden. De deelnemers 
dienen te beschikken over een lidmaatschap van een kano- en kajakfederatie. Een 
wedstrijdvergunning is niet verplicht voor deze vorm van wedstrijden. 

1.2 Nationale wedstrijden 
Kunnen door een of meerdere clubs ingericht worden, onder de reglementen van het 
K.B.K.V. waarvan de hoofdkenmerken zijn : 
- alle aangesloten clubs van het K.B.K.V., die normaal aan wedstrijden deelnemen, 
moeten er tijdig op uitgenodigd worden. 
- het programma moet alle categorieën zowel dames als heren omvatten. 

1.3 Nationale wedstrijden met internationale deelname 
Idem als 1.2 maar er zijn alleen deelnemers van de buitenlandse deelnemende clubs 
toegelaten, als zij hun leeftijd en categorie kunnen legitimeren. 

1.4 Provinciale kampioenschappen 
Kunnen door een of meerdere provinciale comités ingericht worden. De uitnodiging 
hiervoor wordt naar de betrokken clubs uit de provincie(s) gezonden. Dezelfde 
reglementen gelden als voor de nationale wedstrijden, behoudens dat voor 
kampioenschappen inschrijvingen met een enkele deelnemer aanvaard moet worden. 

1.5 Nationale kampioenschappen 
Worden door het technisch comité aan een aangesloten club toegewezen. Zij moeten 
gevaren worden onder de reglementen van het K.B.K.V. en met de bepalingen vermeld 
onder 1.2. De row-overs moeten aanvaard worden. Voor meer uitvoerige beschrijving 
verwijzen wij naar art 34 tot en met art 38. 

1.6 Internationale wedstrijden 
Deze wedstrijden omvatten uitsluitend boottypen en afstanden geformuleerd in het 
reglement van het I.C.F., de K- en C- klasse. 
Ze zijn onderverdeeld in vier soorten : 
- de gewone internationale wedstrijden: open voor al de deelnemers van de 
aangesloten federaties bij het I.C.F. 
- de Europese of wereldkampioenschappen: deze worden op aanvraag van een 
federatie, door het E.C.A./I.C.F. toegewezen. 
- de wereldbekers: deze worden op aanvraag van een federatie, door het I.C.F. 
toegewezen. 
- Olympische spelen: deze worden door B.O.I.C. aangevraagd en ingericht (bij 
toekenning opgedragen aan het K.B.K.V.). 


II ALGEMENE ONDERRICHTINGEN VOOR HET INRICHTEN VAN 
WEDSTRIJDEN 

Art 2 Wedstrijdaanvragen en -kalender 

Voor het bekomen van een wedstrijdinrichting moet de aanvraag aan de sportsecretaris 
gericht worden op een speciaal formulier, dat op het jaareinde aan de clubs wordt 
toegezonden. De aanvraag is dan alleen geldig als ze bevestigd wordt door het storten 
van het inschrijvingsrecht van € 25,00 per wedstrijddag. 
Het inschrijvingsrecht wordt na verloop van de wedstrijden integraal ingehouden als 
scheidsrechtersonkosten. 
Er kan geen beslag gelegd worden op een vaste datum voor de toekomst. 

Volgens de ingekomen aanvragen wordt rekeninghoudend met de internationale 
kalender, de nationale kalender opgesteld door het technisch comité. 

Art 3 Uitnodigingen 

De uitnodiging wordt tenminste 6 weken voor de toegewezen wedstrijddatum via de 
website van de federatie verspreid. 
De volgende vermeldingen dienen opgenomen te worden: 
1 Aard van de wedstrijd. 
2 Bovenaan vermelden "Onder de reglementen van het K.B.K.V.". 
3 Naam van de inrichtende club. 
4 Plaats, datum en aanvangsuur. 
5 De toegelaten categorieën, boottypen en afstanden. 
6 Uiterste sluitingsdatum (woensdag 17 dagen) en uur van inschrijving, met adres, 
email en eventueel telefoon waar de inschrijvingen moeten toekomen. 
7 Het bedrag der inschrijvingsgelden. 
8 Adres en uur waar de trekking plaats grijpt. 
9 Uiterste datum (maandag voor de wedstrijd) voor het geven van geldige 
herinschrijvingen. 
10 Plaats en uur van de voorvergadering. 
11 Aard van de wedstrijdbaan met bruikbare breedte en minimum diepte. 
12 Ligging van het botenpark. 
13 Prijzen die uitgereikt zullen worden: wisselbekers, gewone bekers en bijzondere 
prijzen vallende onder het puntencriteria opgesteld door het K.B.K.V.. 
14 Installaties die ter beschikking staan van de deelnemers 
(kleedkamers, stortbaden, en dergelijke, ...). 
15 De inrichtende vereniging kan in geen enkele omstandigheid aansprakelijk gesteld 
worden voor gebeurlijke schade of ongevallen voor, tijdens of na de wedstrijden. 

Art 4 Inschrijvingen 

4.1 De inschrijvingen van elke club gebeuren op de daarvoor door de organiserende club 
voorziene formulieren met vermelding van: 
1 Naam en voornaam (in drukletters), vergunningsnummer, de gewenste afstanden 
en boottype. 
2 De officiële clubkleuren (shirt/lijfje). 
3 Naam en adres (eventueel email/telefoonnummer) van de clubafgevaardigde die 
de club zal vertegenwoordigen op de wedstrijden. 
4 Handtekening van secretaris of sportafgevaardigde en eventueel clubstempel. 


4.2 Inschrijvingen per telefoon zijn enkel geldig als ze voor het sluitingsuur ontvangen worden 
en bovendien door een schriftelijke inschrijving (via email) bevestigd worden, die 
verzonden wordt op de dag van de trekking voor het sluitingsuur. Wijzigingen aan de 
inschrijvingen kunnen enkel door de daarvoor in de club verantwoordelijk persoon. 
In ploegen zijn vervangingen, voor de helft toegelaten als deze dit ten laatste kenbaar 
gemaakt is op de voorvergadering. 

4.3 Ploegen samengesteld uit verschillende clubs mogen slechts aanvaard worden als de 
betrokken clubs zelf hun vaarder(s) of vaarster(s) inschreven. 
Samengestelde ploegen kunnen geen aanspraak maken op een Belgische titel of eretitel. 

4.4 De inschrijvingen gebeuren onder de volledige verantwoordelijkheid van de club in 
kwestie. 

4.5 Clubs of leden van clubs die aan wedstrijden in het buitenland willen deelnemen, moeten 
de sportsecretaris hiervan minstens 1 maand op voorhand schriftelijk verwittigen, zelfs als 
er geen erkende wedstrijd in België op de kalender staat. De sportsecretaris zal hun 
binnen de 7 dagen antwoorden. Toelating zal enkel verleend worden als er geen 
lijnwedstrijden in België op het programma staan. 

Art 5 Sluiting der inschrijvingen 

5.1 De uiterste dag van inschrijving zal steeds woensdag, 17 dagen voor de wedstrijddatum 
zijn. 

5.2 Na het sluiten van de inschrijvingen mogen enkel bijschrijvingen worden aanvaard, indien 
er in de betrokken reeksen of finales nog plaatsen vrij zijn. Wanneer er meer aanvragen 
zijn dan vrije plaatsen dan wordt de datum en het uur van inschrijving als criterium 
gehanteerd. Diegene die eerst bijschrijft, krijgt de vrije plaats toegewezen. 

5.3 Na het verloop van de trekking kan evenmin een wedstrijd verdaagd worden, tenzij in 
geval van overmacht. Het afgelasten van een wedstrijd zonder geldige reden heeft 
verbeurdverklaring van het inschrijvingsrecht tot gevolg. 

Art 6 Trekking der plaatsen 

6.1 Indien het aantal inschrijvingen het varen van ziftingen noodzaakt, rekening houdend dat 
er hoogstens 9 boten tegelijk mogen starten in snelheidswedstrijden en er voor elke boot 
minimum 5 meter vaarwater moet beschikbaar zijn over de volle afstand, mag men deze 
reeksen volgens de vermoedelijke sterkte indelen en zal men clubgenoten zoveel mogelijk 
verdelen over de verschillende reeksen. 
Indien er zich meer dan 18 deelnemers voor een en dezelfde categorie en boottype 
melden, zijn voor die categorie en boottype volgende regels van toepassing : 
- 6 finaleplaatsen en minder: van 19 tot en met 24 deelnemers dienen er halve 
finales en vanaf 25 en meer tevens kwartfinales ingelast. 
- 7 tot en met 9 finaleplaatsen: van 22 tot en met 29 deelnemers dienen er halve 
finales en vanaf 30 en meer tevens kwartfinales ingelast. 

6.2 De startplaatsen worden aangeduid bij loting: het laagste nummer zal altijd (vanaf de start 
gerekend) uiterst links in de vaarrichting liggen. Dit geldt voor alle afstanden. 

6.3. Indien bij de inschrijvingen slechts 3 deelnemers per categorie zijn vastgesteld, kunnen 
verschillende categorieën samen starten en zullen de deelnemers van een en dezelfde 
categorie naast elkaar liggen. Tevens zullen de verschillende categorieën naast elkaar 
liggen van hoogste categorie naar laagste. 

6.4 Aan de hand van de trekkingen wordt een officieel programma opgesteld. Het officieel 
programma wordt ten laatste 1 week voor de wedstrijd aan de deelnemende clubs en het 
bondsbureau ter beschikking gesteld. 
Het officieel programma moet duidelijk vermelden : 
1 Officieel programma. 
2. Aard der wedstrijden. 
3 Onder de reglementen van het K.B.K.V. (eventueel I.C.F.). 
4 Naam van de inrichtende club. 
5 Aanvangsuur en plaats der wedstrijdbaan. 
6 Eventueel beschermcomité. 
7. Volgorde en uurrooster van de ziftingen en finales, afstand, boottype, categorie, 
bootnummer, naam van de club, deelnemers met namen voornaam, 
vergunningsnummer alsook het aantal finalisten per reeks. 
8 Namen der officiële. 
9. Lijst van de deelnemende clubs(gemeente), naam van de clubafgevaardigde, en 
clubkleuren.. 
10 Uur en plaats van de prijsuitdeling. 
11 Medische dienst en reddingsdiensten. 
12 Burgerlijke verantwoordelijkheid tegenover officiële, deelnemers en toeschouwers. 

Art 7 Inschrijvingsgelden 

7.1 Elke organiserende club is verplicht om een bedrag van € 0,50 per deelnemer en per 
wedstrijddag te vragen. Dit bedrag is integraal bestemd voor de federatie en dient door de 
organiserende club binnen de 7 kalenderdagen na het einde van wedstrijden aan de 
federatie gestort te worden. 

7.2 Inschrijvingsgelden die bestemd zijn voor de organiserende club: 

Categories K1/MK1/C1 K2/C2 K4/C4 
Pupil € 0,50 € 0,75 € 1,00 
Miniem € 0,50 € 0,75 € 1,00 
Kadet € 0,50 € 0,75 € 1,00 
Aspirant € 0,50 € 0,75 € 1,00 
Junior € 1,00 € 1,50 € 2,00 
Senior € 1,00 € 1,50 € 2,00 
Veteraan € 1,00 € 1,50 € 2,00 

Deze gelden zijn niet terugkeerbaar. 
De inschrijvingsgelden worden geheven op al de inschrijvingen van het officieel 
programma. Zij worden vereffend wanneer de organiserende club daarom verzoekt. 

Art 8 Forfait en herinschrijving 

8.1 Er kan geldig heringeschreven worden en dit uiterlijk tot de maandag voor de 
wedstrijddag. Elke inschrijving na deze datum is onderworpen aan het dubbele 
inschrijvingsgeld en is bestemd voor de organiserende club. 
Elke onthouding welke nadien is gebeurd, is een forfait. Het inschrijvingsgeld dient aan 
de organiserende club te worden betaald. 

8.2 Een deelnemer, die zich geplaatst heeft voor de kwartfinale, halve finale of finale 
(rechtstreeks finale inbegrepen) en deze niet betwist, mag nadien geen enkele andere 
wedstrijd meer betwisten op die dag. De inschrijvingsgelden zijn niet terugkeerbaar. 

Art 9 Wedstrijdregeling 

9.1 De organiserende club moet er voor zorgen, dat de wedstrijdbaan voor de aanvang der 
wedstrijden aan de gestelde eisen voldoet. 
Ondermeer 1000 m rechte baan en het afbakenen der banen met boeien is gewenst. 

9.2 De start- en aankomstlijnen moeten goed zichtbaar zijn en evenwijdig liggen met elkaar. 

9.3 De starter(s) een megafoon ter beschikking stellen en een televerbinding met de 
aankomstrechters voorzien. Chrono’s, uitzendposten en ontvangstposten in orde brengen. 

9.4 De aankomstrechters zo te plaatsen, dat ze door het publiek of onbevoegden niet kunnen 
gehinderd worden. 

9.5 De scheidsrechter(s) moet(en) in de gelegenheid gesteld worden de wedstrijden te 
volgen. 

9.6 De inschrijvingsformulieren en desbetreffende briefwisseling zal op de voorvergadering te 
zijner inzage liggen. 

9.7 De voorvergadering die de finales voorafgaat zal minstens een uur voor de eerste 
wedstrijd aanvangen. 

Art 10 Puntencriteria en prijzen 

Voor het toekennen van punten voor bekers en klassement geldt volgend stelsel : 
- twee boten: 2 - 1 
- drie boten: 3 - 2 – 1 
- meer dan drie boten: 5 - 3 - 2 – 1 
- dit geldt zowel voor snelheid als voor lange baan. 

Art 11 Weeg- en meettoestellen 

De organiserende club mag, en kan zelf door het technisch comité gevraagd worden, de 
maten en het gewicht van de boten te controleren. 
Boten die niet aan de gestelde eisen voldoen moeten geweigerd worden. 
Misbruik heeft uitsluiting tot gevolg. 

Art 12 Reddingsdienst en medische dienst 

12.1 De organiserende club moet er voor zorgen, dat er een goed georganiseerde 
reddingsdienst aanwezig is. 
Een volgboot met een reddingsgordel dient aanwezig te zijn op de wedstrijdbaan. 

12.2. De aanwezigheid van een geneesheer of medische hulpdienst moet worden voorzien. 

Art 13 Uitslagen 

13.1 Na het beëindigen van de wedstrijden is de organiserende club gehouden de volledige 
uitslagen (met ziftingen) binnen de 48 uur via mail te zenden aan de sportsecretaris en 
aan de dienstdoende scheidsrechters. 

13.2. Indien er bekers of andere kunststukken in betwisting waren, zal ook dit 
puntenklassement op de uitslag vermeld worden. 

III WEDSTRIJDREGLEMENT 

Art 14 Voorwaarden tot deelname 

14.1 Om aan een officiële wedstrijd te kunnen deelnemen moet men houder zijn van een 
wedstrijdvergunning en verzekering van het lopende jaar. Voor een propagandawedstrijd 
is enkel een verzekering noodzakelijk. 

14.2. De wedstrijdkledij moet de voorgeschreven clubkleuren weergeven en onberispelijk zijn. 
Het varen met ontbloot bovenlichaam is niet toegelaten. 
Het volgen van een wedstrijd per boot is verboden. 

14.3 Elke boot moet voorzien zijn van een bootnummer, dat in overeenstemming is met het 
officieel programma. 

14.4 Reeksen, kwart en halve finales, die voor een bepaalde wedstrijd noodzakelijk zijn, dienen 
een tussenpauze van 30 minuten te hebben. 

14.5 Als men niet deelgenomen heeft aan de ziftingen kan men hoegenaamd niet tot de finale 
toegelaten worden. Deelname buiten wedstrijd is uitgesloten. 

14.6 De deelnemers zijn verplicht de instructies van de officiële wedstrijdleiding stipt na te 
leven. 

14.7 Pupillen en Miniemen zijn verplicht een zwem- of reddingsvest te dragen. 

Art 15 Hoger inschrijven 

In ploegen is hoger inschrijven onder volgende voorwaarden toegelaten : 
- voor pupillen/miniemen/kadetten: 2 categorieën 
(uitgezonderd Belgisch kampioenschap K4 lange baan, zie art 35.5) 
- vanaf aspiranten: 3 categorieën 
Minstens een deelnemer van de ploeg dient titularis te zijn van die categorie. 
Zulke ploeg neemt de waarde aan van de hoogst geklasseerde vaarder en mag hiervoor 
de bepaalde afstanden betwisten. 

Art 16 Start 

16.1 De deelnemers moeten zich minstens 5 minuten voor het officieel startuur bij de starter 
melden, voorzien van het vermelde bootnummer uit het officieel programma. De 
aangeduide startplaats wordt door de starter medegedeeld. 

16.2 De start wordt gegeven als volgt: 
READY… SET … GO 
het woord ‘GO’ kan vervangen worden door een revolverschot. 

16.3 Een deelnemer of ploeg welke start voor het teken "Go" is oorzaak van een valse start. 
Bij herhaling van dezelfde deelnemer of ploeg zal deze uitgesloten worden. De starter zal 
diegene die de valse start veroorzaakte verwittigen. 

16.4 Een start kan onderbroken worden als de starter het vertrek onregelmatig vond en dit 
binnen de 20 seconden na de start. Een nieuwe start volgt onmiddellijk daarop. 

16.5 Voor paddelbreuk moet de start hernomen worden als dit gebeurt binnen de 25 m na het 
vertrek. De getroffene kan terug mee starten als er onmiddellijk een reservepaddel ter 
beschikking is. 

16.6 Voor omslaan bij de start kan geen nieuwe start gegeven worden. 

16.7 Het heffen van de paddel of het neerleggen ervan na ‘GO’ ten teken van protest, is geen 
reden voor een nieuwe start of wedstrijd. 

16.8. De ligging aan de start is bepaald door lottrekking, het laagste nummer volgens het 
officieel programma, links in de vaarrichting en de voorsteven op de startlijn. 

16.9 Indien door onvoorziene omstandigheden een achterstand op de uurrooster optreedt, mag 
deze achterstand stelselmatig worden ingehaald indien alle deelnemers ter plaatse zijn. 

Art 17 Wedstrijdverloop 

17.1. Bij snelheidswedstrijden waarbij de wedstrijdbaan al dan niet is afgeboeid zijn alle boten 
verplicht het voorziene traject van start tot aankomst in het midden van hun aangeduide 
baan af te leggen. 

17.2 In lange baanwedstrijden is het boeggolf of hekgolf varen toegelaten vanaf het vertrek tot 
en met de aankomst, met dien verstande dat men geen andere mededingers belet 
regelmatig te paddelen, aan te varen of plotseling van bak- naar stuurboord of 
omgedraaid, uit te wijken als er geen reden toe is. 
Tevens is boeggolf varen bij een andere categorie of boottype niet toegelaten 
(uitgezonderd bij de B.K. lange baan: zie 34.7).De onderrichtingen van de scheidsrechter 
moeten stipt nageleefd worden, niet-naleving heeft uitsluiting voor gevolg, waardoor alle 
recht op klassering, punten en prijzen vervallen. 

Art 18 Aankomst 

18.1 Een wedstrijd wordt als beëindigd beschouwd als een volledig bemande boot, de 
aankomstlijn tussen de uiterste boeien overschrijdt. De aankomstrechters nemen de 
volgorde op van de boten, welke de wedstrijd beëindigen. Hun beslissing is 
ontegensprekelijk als er geen onregelmatigheden gebeurden tijdens de wedstrijd. 
Hierover beslist de scheidsrechter. De scheidsrechter kan hierbij gebruik maken van een 
rode vlag. 

18.2 Indien twee of meer boten tezelfdertijd aankomen kan door de scheidsrechter een 
beslissende wedstrijd bevolen worden, minstens 20 minuten later. Voor 
kampioenschappen zal dit de titularis moeten aanduiden. Enkel de gelijk geplaatsten 
betwisten dan deze herkansing. 
De weigerende deelnemer of ploeg verliest alle recht op de titel en wordt tweede. 

18.3 Het eindsignaal moet goed hoorbaar (fluit, toeter of schot) zijn. 

Art 19 Wedstrijden met wendingen 

19.1. In lange afstandwedstrijden met zwenkingen worden de keerpunten aan bakboord 
genomen, hetzij in uitzonderlijke gevallen andere onderrichtingen worden verstrekt 
(normaal worden dus de zwenkingen genomen in tegengestelde richting van de wijzers 
van een uurwerk). 

19.2 Op een keerpunt moet de vaarder/ploeg, die het verst van de boei ligt, doorgang verlenen 
aan deze die er het dichtst bij is, op voorwaarde dat deze vaarder/ploeg met de 
voorsteven ten minste op de hoogte is van de voorste kuip. 

Voor de C–klasse geldt de voorsteven op de hoogte van het lichaam van de voorste 
vaarder. 

19.3 De wendingen moeten genomen worden zonder de boeien met de handen te raken Het 
overvaren van de boei, zelfs als ze onder het vaartuig verdwijnt is geen overtreding, maar 
de voorsteven moet alleszins rechts naast de uiterste boei gegaan zijn. 

19.4 De boeiencommissarissen (twee per keerpunt) vervullen een officiële functie, hun 
onderrichtingen dienen onverwijld nageleefd te worden. Zij moeten ook in de gelegenheid 
gesteld worden de boeien terug op hun plaats te leggen bij eventuele verplaatsing ervan. 
Onregelmatigheden moeten zij aan de scheidsrechters melden. 

Art 20 Aanvaring/hinderen/obstructie 

20.1 Er is aanvaring als de paddels, boten of deelnemers elkaar raken. Alleen de 
scheidsrechter met uitzondering van de keerpunten, beslist of een aanvaring plaats had 
en wie er de oorzaak van was. Als de scheidsrechter niet kan oordelen wie de aanvaring 
veroorzaakte kan hij een nieuw vertrek bevelen. In snelheidswedstrijden minstens 20 
minuten na het voorval. In lange afstandwedstrijden kan hij de wedstrijd eventueel 
stilleggen en ter plaatse opnieuw laten starten. 

20.2 In snelheidswedstrijden is hinderen alleen mogelijk als men zijn baan verlaat. 
In lange afstandwedstrijden verstaat men onder hinderen of obstructie : een tegenstrever 
zo dicht benaderen dat men hem belet te paddelen of zonder reden plots van richting te 
veranderen en alzo zijn tegenstrever te hinderen, hem tegen de oever te dringen of in te 
sluiten, aanvaren in rechte lijn of aan de keerpunten. De afstand tussen de leidende boot 
van een groep en de oever of gelijk welke vaste of toevallige hindernis, dient minstens 5 
meter te bedragen. 
Elke voornoemde handeling heeft uitsluiting tot gevolg. 
De scheidsrechter beslist over de ernst en de invloed van de overtreding op het 
wedstrijdverloop. 
Tijdens het opvaren naar de startlijn dienen de opvarende boten, de voorziene 
opvaarbaan te gebruiken. 
Opvaren in de wedstrijdbanen kan uitsluiting tot gevolg hebben (indien deze handeling 
invloed heeft op het startuur). 

Art 21 Onderbreking van een wedstrijd 

De scheidsrechter kan om het even welke reden en op gelijk welk ogenblik, indien hij dit 
nodig acht, de wedstrijd onderbreken. De deelnemers moeten hieraan onmiddellijk gevolg 
geven en op zijn onderrichtingen wachten. 

Art 22 Verzaken of opgeven 

Een deelnemer die aan een wedstrijd verzaakt of tijdens de koers ophoudt met paddelen, 
doet dit op eigen risico en kan geen deel meer nemen bij mogelijke hervatting ervan. 

Art 23 Tijdopname 

De organiserende club zal er voor zorgen dat van elke wedstrijd nauwkeurig de tijd 
opgenomen wordt, en dat deze vermeld wordt op de officiële uitslag. 

Art 24 Markeertekens 

De aankomstlijn moet duidelijk zichtbaar te zijn door middel van minstens twee boeien. 
In snelheidswedstrijden dienen de verschillende afstanden (200m, 500m en 1000m) 
duidelijk te worden aangeduid. 

IV CATEGORIEËN/AFSTANDEN/VERGUNNINGEN 

Art 25 Categorieën 

25.1 Wordt aanzien als vaarder/vaarster, iedereen die uit lust of verzet het paddelen beoefent, 
zonder enig geldelijk belang, hetzij rechtstreeks of onrechtstreeks er uit te halen en als 
dusdanig door de federatie van zijn land erkend is (art. 2 van het dekreet van de niet-betaalde sportbeoefenaar). 
Een ingeschreven vaarder/vaarster kan geen scheidsrechter zijn. Hij/zij kan wel als 
clubafgevaardigde optreden op de voorvergadering, deel uitmaken van de wedstrijdjury 
en lid zijn van het wedstrijdcomité. Hij/zij kan wel niet zetelen in de wedstrijdjury in geval 
de betwisting over hem/haar gaat. 
Deelnemers zonder afgevaardigde kunnen eventuele wijzigingen aan de officiële 
scheidsrechter mededelen en dit voor de voorvergadering. 

25.2 Er zijn 8 wedstrijdcategorieën: 
1 Pupil: 08 t.e.m. 10 jaar in de loop van het jaar. 
2 Miniem: 10 t.e.m. 12 jaar in de loop van het jaar. 
3 Kadet: 13 en 14 jaar in de loop van het jaar. 
4 Aspirant: 15 en 16 jaar in de loop van het jaar. 
5 Junior: 17 en 18 jaar in de loop van het jaar. 
6 Senior: vanaf 19 jaar in de loop van het jaar. 
7 Veteraan 1: 35 jaar in de loop van het jaar (hogere categorie is senior). 
8 Veteraan 2: 45 jaar in de loop van het jaar (hogere categorie is senior). 
De 10-jarigen hebben de keuze om als pupil (MK1) of als miniem (K1) te starten. 
Zodra een aspirant in de nationale juniorploeg opgenomen is, dient hij tevens op nationaal 
vlak, indien het technisch comité zulks wenst, als junior te varen 
Voor een eerste aanvraag boven de 19 jaar zal op verzoek een vergunning van 
junior afgeleverd worden, geldig voor één jaar. 
Voor C–boten wordt er geen onderscheid gemaakt tussen veteraan 1 en 2. 

Art 26 Afstanden 

26.1 Voor Belgisch kampioenschap korte baan voor K–boten 

CATEGORIE 1000 M 500 M 200 M 
K1 K2 K4 K1 K2 K4 K1 K2 K4 
D H D H D H D H D H D H D H D H D H 
PUPIL ( MK1 ) X X 
MINIEM X X X X X X 
KADET X X X X X X 
ASPIRANT X X X X X X X X X X X X X X 
JUNIOR X X X X X X X X X X X X X X 
SENIOR X X X X X X X X X X X X X X 
VETERAAN 1 X X X X X X X X X X 
VETERAAN 2 X X X X 

26.2 Voor Belgisch kampioenschap korte baan voor C–boten 

CATEGORIE 1000 M 500 M 200 M 
C1 C2 C4 C1 C2 C4 C1 C2 C4 
D H D H D H D H D H D H D H D H D H 
PUPIL 
MINIEM 
KADET 
ASPIRANT 
JUNIOR 
SENIOR X X X X X X X 
VETERAAN X X X X X 
C4 senioren en veteranen is 1 wedstrijd. Ofwel Belgisch kampioen bij de senioren ofwel 
een eretitel bij de veteranen. 

26.3 Voor Belgisch kampioenschap lange baan voor K–boten 

CATEGORIE 1000 M 2000 M 5000 M 
MK1 K1 K2 K4 K1 K2 K4 
D H D H D H D H D H D H D H 
PUPIL ( MK1 ) X X 
MINIEM X X X X 
KADET X X X X 
ASPIRANT X X X X X X 
JUNIOR X X X X X X 
SENIOR X X X X X X 
VETERAAN 1 X X X X X X 
VETERAAN 2 X X 

26.4 Voor Belgisch kampioenschap lange baan voor C–boten 

CATEGORIE 1000 M 2000 M 5000 M 
C1 C1 C2 C4 C1 C2 C4 
D H D H D H D H D H D H D H 
PUPIL 
MINIEM 
KADET 
ASPIRANT 
JUNIOR 
SENIOR X X X 
VETERAAN X X X 

26.5 Voor het organiseren van wedstrijden andere dan de Belgische kampioenschappen is 
men vrij in de keuze van de afstanden. 

Art 27 Vergunningen/verzekeringen/bootnummers 

27.1 Om deel te kunnen nemen aan wedstrijden geformuleerd in art. 1 moet men in het bezit 
zijn van een vergunning + verzekering, afgeleverd voor het overeenstemmend jaar. De 
vergunning moet men op elke wedstrijd bij navraag van de officiële scheidsrechter of 
sportsecretaris kunnen vertonen. 

27.2. Voor het bekomen ervan moet de aanvraag in drievoud aan de sportsecretaris gedaan 
worden op speciaal daarvoor bestemde formulieren, volledig en duidelijk ingevuld, 
gedateerd en ondertekend door de voorzitter of secretaris van een bij het K.B.K.V. 
aangesloten vereniging. 

27.3 De aanvragers moeten medisch onderzocht worden en geschikt bevonden om de 
wedstrijdsport te beoefenen. 
Voor elke aanvrager zal een attest, ondertekend door de dokter, bij de aanvraag gevoegd 
zijn. 

27.4 Het totale bedrag (per vergunning, vermeld op het aanvraagformulier) is tegelijk met de 
aanvraag te storten op het adres en zichtnummer vermeld op het aanvraagformulier. 

27.5 Een vergunning vanaf 8 jaar kan aangevraagd worden en is geldig voor 1 jaar. De 
vergunning draagt een volgnummer. 

27.6 Elke vaarder bevestigd op zijn boot een nummer dat met zijn baannummer overeenstemt. 

V BOOTTYPES 

Art 28 Type, afmetingen, gewicht, roerdikte 

Type Lengte in cm Breedte in cm Gewicht in kg Roer in mm 
K1 520 vrij 12 10 
K2 650 vrij 18 10 
K4 1100 vrij 30 12 
C1 520 vrij 16 - 
C2 650 vrij 20 - 
C4 900 vrij 30 - 
MK1 420 >48 10 - 

K= kajak, C= Canadese kano, MK= minikajak 


VI JURY EN SCHEIDSRECHTER 

Art 29 Samenstelling 

29.1 De jury is samengesteld uit 5 stemgerechtigde personen. Het voorzitterschap wordt 
waargenomen door een lid van het technisch comité. Deze voorzitter wordt op voorhand 
aangeduid door het technisch comité. De vier andere leden worden bij loting verkozen 
onder de afgevaardigden van de deelnemende verenigingen op de voorvergaderingen 
met uitzondering van de afgevaardigde van de organiserende club. 
Ze vergadert op verzoek van de voorzitter van de jury en neemt een beslissing bij een 
eventuele betwisting door een deelnemer ten laatste 2 uur na de desbetreffende 
wedstrijd. 
Hiervoor aanhoort de jury de desbetreffende deelnemer die zijn/haar betwisting kan 
uitleggen. 
Daarna roept de jury de scheidsrechter om tevens zijn beslissing te aanhoren. 
De beslissing van de jury wordt genomen in gesloten kring waarna schriftelijk de 
deelnemer en de scheidsrechter op de hoogte worden gebracht. 
De beslissing van de jury kan enkel in beroep door het technische comité herroepen 
worden op de eerstvolgende vergadering van dit comité. 

29.2 Het secretariaat wordt waargenomen door een bestuurslid van de inrichtende vereniging, 
die echter niet stemgerechtigd is in de jury. 

29.3 De voorvergadering van de wedstrijden gebeurt minstens een uur voor de aanvang ervan. 
Iedere club heeft recht op een afgevaardigde. Hij mag echter bijgestaan worden door een 
tweede, doch deze laatste heeft geen stem- en inmengingrecht. 

29.4 Als door bijzondere omstandigheden de scheidsrechter op verzoek van een deelnemende 
club een gunst in overweging neemt, moet hij hiervan categoriek afzien als minstens een 
club zich er tegen verzet. 

29.5 Na het betwisten van de ziftingen zal onmiddellijk overgaan tot de trekking voor 
plaatsaanduiding voor finales. 

Art 30 Aanduiding van de scheidsrechter 

De officiële scheidsrechter(s) worden aangeduid door het technisch comité. 

VII WEDSTRIJDKOMMISSIE 

Art 31 Samenstelling 

De wedstrijdcommissie zal bestaan uit : de voorzitter, de starter, de scheidsrechter, 
De plaatsvervangende starter, de tijdopnemers, de aankomstrechters, de 
inschepingcommissarissen, een secretaris, een afgevaardigde voor de pers, een 
commissaris voor de reddingsdienst en de boeicommissarissen. 

Art 32 Taak van de scheidsrechter 

32.1 De scheidsrechter is de hoogste instantie op de wedstrijd,wat het sportgedeelte betreft. 
Indien er meer dan een scheidsrechter optreedt, worden de laatste schikkingen getroffen 
door de hoofdscheidsrechter. Gedurende het ganse verloop van de wedstrijd zal alleen de 
scheidsrechter bevoegd zijn om de wedstrijd te leiden en elke beslissing te nemen. Hij 
heeft het recht ieder mededinger te schorsen, die zich niet gedraagt naar zijn 
onderrichtingen, die de regels der wellevendheid tegenover zijn mededingers niet 
eerbiedigt of deze zoekt te benadelen op een of andere onsportieve manier. De 
scheidsrechter kan deze beslissing nemen tijdens of na de wedstrijd. 
Er kan tegen de beslissing van de scheidsrechter beroep aangetekend worden. 
Dit beroep dient schriftelijk te worden overhandigd aan de wedstrijdleiding die op zijn beurt 
de scheidsrechter benaderd. 
Het schriftelijk beroep dient te worden ondersteund door een waarborg van € 12,50 die 
enkel bij wederleggen van de beslissing van de scheidsrechter teruggestort wordt door 
het technische comité ten laatste 1 maand na de wedstrijd. 

32.2 Bij zijn aankomst stelt de scheidsrechter zich in verbinding met de plaatselijke 
wedstrijdsecretaris, welke hem de inschrijvingsformulieren ter inzage voorlegt alsook de 
desbetreffende briefwisseling. Hij vergelijkt de opgezonden deelnemingslijst met het 
officieel programma om eventueel bijgevoegde inschrijvingen vast te stellen en te zien of 
deze beantwoorden aan de gestelde voorschriften van het sportreglement. 

32.3 De organiserende club moet een plaats voor de scheidsrechter voorzien, die hem toelaat 
de wedstrijd op een gemakkelijke manier te volgen en na te gaan. Hij mag niet gehinderd 
worden tijdens de wedstrijd. De scheidsrechter alleen heeft het recht de wedstrijd stil te 
leggen, uit te stellen zo de weersomstandigheden te ongunstig zijn, of zo een onvoorzien 
of ongekend voorval de wedstrijd onmogelijk maakt. 

32.4 De scheidsrechter kan een begonnen wedstrijd stilleggen en een nieuw vertrek bevelen. 

32.5 Het is ook de scheidsrechter die controleert of de wedstrijden volgens het programma 
verlopen. 

32.6 De scheidsrechter vult na de wedstrijden het scheidsrechtersformulier in en maakt de 
nodige op- en aanmerkingen op de inrichting en het verloop van de wedstrijden. 

32.7 Dadelijk na de wedstrijden verzendt hij het scheidsrechtersverslag en de samenvatting 
van de opgelopen boeten (uitgewerkt per club) naar de sportsecretaris. 

Art 33 Overige mogelijke taken 

33.1 Tijdopnemers 
Het werk van de tijdopnemers bestaat erin de juiste tijd van de wedstrijden op te nemen. 

33.2 Starter 
De starter moet zorgen dat de deelnemers de plaats bezetten die op het officieel 
programma voorkomt. De starter moet tijdig voor de wedstrijden de formule van het bevel 
van vertrek uitleggen. Dit bevel kan mondeling, met een vlag of door een vuurschot 
gegeven worden. Het startcommando is: READY…SET…GO. 
Indien de scheidsrechter niet ter plaatse is, is hij tevens bevoegd een vaarder (vaarster) of 
ploeg uit te sluiten, zo deze laatste aan zijn onderrichtingen geen gevolg geven. 

33.3 Aankomstrechters 
Zij stellen de orde van de aankomsten van de deelnemers vast op de aankomstlijn. Hun 
beslissingen zijn ontegensprekelijk. Zij moeten voldoende in aantal zijn en bij voorkeur 
van verschillende verenigingen. 

33.4 Secretariaat 
Is ter beschikking van de aankomstrechters en tijdopnemers. Het zorgt voor het opmaken 
en verdelen van de uitslagen van de wedstrijden en de eventuele verslagen, dit zowel 
voor de clubs als pers. 

33.5 Inschepingcommissaris 
Deze commissaris regelt het te water laten van de boten en steekt een helpende hand 
toe als er boten moeten gewogen of gemeten worden. 

33.6 Boeicommissarissen 
Zij waken er over dat de wendingen regelmatig verlopen en ze door alle vaarders 
genomen worden. 

33.7 Commissaris van de reddingsdienst 
Deze zal waken op de praktische inrichting van de reddingsdienst. 
Hij zorgt dat in de reddingsboot een zwemgordel voorhanden is. 

VIII BIJZONDERE REGELS VOOR NATIONALE KAMPIOENSCHAPPEN EN EREWEDSTRIJDEN 

Art 34 Wedstrijden 

34.1 Door het verbond kunnen 3 wedstrijden per jaar ingericht worden: sprint (200m), snelheid 
(500m en 1000m) en lange baan (1000m, 2000m en 5000m). 

34.2 Enkel bij de senioren kan men kampioen van België worden. Bij de andere categorieën 
worden eretitels uitgereikt. 

34.3 De snelheidswedstrijden moeten in rechte lijn gevaren worden. Enkel de K- en C- klassen 
zijn toegelaten. 

34.4 In geval ziftingen noodzakelijk zijn, mogen zij gevaren worden volgens art 6.1 

34.5 Men mag bij het samenstellen van de ziftingen, rekening houden met de vermoedelijke 
sterkte en clubgenoten evenredig verdelen in diverse ziftingen. 

34.6 In de wedstrijden waar meerdere categorieën samen varen, behaalt de eerste boot de 
kampioenstitel van de hoogst vermelde categorie. De daarop volgende eretitels worden 
toegekend aan iedere categorie-eerste. 

34.7 Bij langebaanwedstrijden, waar meerdere categorieën samen varen, is boeggolfvaren 
onderling toegelaten. 

Art 35 Toetredingen en inschrijvingen 

35.1 Om toegelaten te worden tot de jaarlijkse Belgische kampioenschappen moet men de 
Belgische nationaliteit bezitten en tevens lid zijn van de club die men vertegenwoordigd. 
Zal ook toegelaten worden iedere vreemdeling, die zijn werkelijke woonst in België heeft 
sinds 1 januari en tevens de schriftelijke toelating ( in te dienen bij het ICF voor 30 
november van het voorafgaande jaar ) krijgt van de nationale bond van zijn land en sinds 
die datum onder geen ander vlag gepaddeld heeft (zie art. 3 van het I.C.F.). 

35.2. De inschrijvingen voor de kampioenschappen gebeuren zoals voor de andere wedstrijden 
aan het adres vermeld op het programma. De organiserende club dient een dubbel van 
haar eigen inschrijvingen voor de sluitingsdatum aan de sportsecretaris over te maken. 

35.3 In ploegen kan de helft van een ploeg voor de ziftingen vervangen worden. 

35.4 Het vormen van ploegen met vaarders (vaarsters) van verschillende clubs is niet 
toegelaten op het Belgisch kampioenschap en de erewedstrijden. 

35.5 De K4 lange baan mag zowel bij de dames als de heren, samengesteld worden uit 
aspiranten/junioren/senioren en veteranen. Zulke ploeg neemt de waarde aan van de 
hoogst geklasseerde deelnemer. 
Een K4 aspiranten mag enkel worden aangevuld met kadetten. 

Art 36 Erkenningstekens en diploma's 

Voor de winnaars van de seniorenwedstrijden zullen eremetalen en diploma's uitgereikt 
worden. De diploma's zullen vermelden: ‘Kampioen van België’ in het boottype, afstand 
en tijd alsook het jaartal. 
Voor de winnaars van de erewedstrijden zal dit diploma de titel van de categorie 
vermelden: ‘Kampioen van de junioren, aspiranten, kadetten, miniemen, pupillen of 
veteranen 1 en 2’ in het boottype, afstand en tijd alsook het jaartal. 
Uitreiking van de eremetalen kan doorgaan dadelijk na iedere wedstrijd. 
De eremetalen dienen persoonlijk door de titularis in ontvangst genomen. 
Uitzondering: in speciale gevallen en mits verwittiging van de verantwoordelijke persoon 
van de organisatie 

Art 37 Inrichten van de kampioenschappen 

37.1 Het K.B.K.V. kan mits speciale overeenkomsten de organisatie van de 
kampioenschappen toevertrouwen aan een club of een groep van aangesloten clubs, die 
erom verzoeken als zij over een regelmatige wedstrijdbaan beschikken, toelatende de 
nodige banen met boeien af te bakenen. Het is aan te raden om 9 banen van 9m ter 
beschikking te hebben. Bovendien is het gebruik van een startsysteem bij sprint- en 
snelheidwedstrijden sterk aan te raden. 

37.2 Voor de overige blijven de reglementen vermeld voor de gewone wedstrijden van 
toepassing, behalve dat de row-overs aanvaard moeten worden. Hetzelfde geldt voor de 
erewedstrijden. 

37.3 De inschrijvingsgelden van de erewedstrijden komen ten goede van de organiserende 
club. Deze van de senioren aan het K.B.K.V., indien deze laatste voor de eremetalen 
zorgt. 

37.4 De organiserende club vult de diploma's in, welke door het K.B.K.V. ter beschikking 
gesteld worden. 

37.5 De eremetalen voor de senioren zijn ten laste van het K.B.K.V., indien ze niet voorzien zijn 
door de organiserende club. 

37.6 Voor provinciale kampioenschappen neemt het provinciaal comité de hierboven 
genoemde taken over van het K.B.K.V. Het overige blijft voor de organiserende club. 

Art 38 Volgorde der wedstrijden 

38.1 De volgorde van de wedstrijden moet op het voorprogramma vermeld worden en moet op 
de wedstrijddag gehandhaafd blijven. 

38.2 Deelnemers die zich in verschillende categorieën inschrijven, doen dit op eigen risico, 
voor wat hun tussentijd betreft. Hoger inschrijven moet als een gunst beschouwd worden 
en niet als een noodzaak. 

38.3 Bij het betwisten van ziftingen moet een minimum tussentijd van 30 minuten voorzien 
worden voor eenzelfde categorie. Er is ook een verplichte tussentijd van 35 minuten per 
categorie in de finales. 

38.4 Bij lange baan wedstrijden moeten de snelste boten het eerst van start gaan. 

38.5 Indien in het officiële uurrooster van de Belgische kampioenschappen wedstrijden vermeld 
zijn waarvoor niet ingeschreven wordt, verkort dit het uurrooster maar zodanig dat de 
minimum tussentijd voor alle categorieën blijft. 
Als er voor de finales, waar twee categorieën tezamen vermeld zijn, meer deelnemers dan 
finaleplaatsen zijn, dienen deze categorieën gescheiden en dadelijk na elkaar betwist. 

38.6 Indien er in de lange baan (niet op het Belgisch kampioenschap) voor een bepaalde 
wedstrijd veel inschrijvingen zijn mag deze worden opgesplitst in twee of meer deelfinales. 
Het opsplitsingcriterium moet in het programma vermeld worden. 

IX SANCTIES EN BOETEN 

Art 39 Sancties 

39.1 Verbod tot het organiseren van een wedstrijd: 
1 Aan een club die niet in regel is tegenover het K.B.K.V., het provinciaal comité of 
het technische comité. 
2 Niet of te laat storten van het inschrijvingsrecht (€ 25,00 per wedstrijddag). 
3 Indien het voorprogramma niet voldoet aan de gestelde eisen van het 
sportreglement. 
4 Indien opgelopen boeten niet vereffend zijn. 

39.2 Verbod tot deelname aan wedstrijden: 
1 Zonder vergunning of verzekeringbewijs. 
2 Onregelmatig inschrijven. 
3 In onbehoorlijke kledij of ontbloot bovenlichaam. 
4 Indien het inschrijvingsrecht niet gestort is. 
5 Onbetamelijke houding tegenover organisator of officiële. 
6 Aan de start verschijnen van een finalewedstrijd in niet-officiële clubkledij en 
kleuren en dit zowel voor individuele deelnemers als clubploegen. 
Met uitzondering van gemengde teams die dan hun officiële clubkledij dragen. 
De officiële clubkledij dient bij aanvang van het seizoen via foto voorgesteld te 
worden aan de sportsecretaris. 
De sportsecretaris brengt elke club op de hoogte van zijn goedkeuring. 
Er kan zowel een winter- als zomeruitvoering aangevraagd worden. 

39.3 De volgende straffen kunnen uitgesproken worden door het technisch comité: 
1 De vermaning. 
2 De intrekking van vergunning. 
3 De wering uit Olympische- of sportelite. 
4 Vergoeding van veroorzaakte schade aan boten of ander materiaal. 
5 Gehele of gedeeltelijke schorsing. 
Een straf of schorsing gaat in vanaf het ogenblik dat ze bepaald is. Aantekenen van 
beroep onderbreekt de straf niet. 

Art 40 Boeten 

40.1 Slechte wedstrijdinrichting en tekortkomingen volgens het sportreglement: € 5,00. 

40.2 Deelnemen aan wedstrijden ingericht door niet aangesloten clubs: € 5,00. 

40.3 Aanvaarden van niet aangesloten clubs of deelnemers: € 5,00. 

40.4 Onjuistheden, foutieve inschrijvingen of tekortkomingen op het officieel programma: € 2,50.

40.5 Laattijdig overmaken van uitslagen van de trekking of van het voorprogramma: € 2,50. 

40.6 Niet vermelden van vergunning- of startnummers op de uitslag van de trekking: € 1,00. 

40.7 Niet gebruiken van officiële inschrijvingsformulieren of deze onvolledig ingevuld hebben: 
€ 2,50. 

40.8 Dragen van niet verworven kampioen- of andere sportonderscheidingen: € 1,00. 

40.9 Niet dragen van officiële clubkledij of -kleuren: € 1,00. 

40.10 Varen zonder nummer: € 1,00. Bij herhaling: € 2,00. 

40.11 Geen wedstrijdvergunning hebben en deelnemen aan een wedstrijd: € 5,00. 
Bovendien volgt automatisch ook declassering. 

40.12 Afwezigheid van afgevaardigde op de voorvergadering: € 2,50. 

40.13 Onbetamelijke houding tegenover scheidsrechter en officiële door clubbestuursleden en 
clubafgevaardigden: € 25,00. 

40.14 Bij ontbreken van een degelijke redding- en/of medische dienst: € 100,00 per wedstrijddag. 

Art 41 Klachten/beroep 

Een klacht moet schriftelijk aan de voorzitter van de wedstrijdjury gedaan worden ten 
laatste 1 uur na de betrokken wedstrijd, mits toevoeging van € 12,50. 
Beroep kan aangetekend worden bij een hogere instantie (technisch comité) mits 
toevoeging van € 25,00 en dit binnen de acht dagen na de uitspraak door de jury. 
Bij verwerping van een klacht of beroep zijn de gestorte bedragen niet terugvorderbaar. 

Art 42 Onvoorziene gevallen en overtredingen 

Voorvallen en overtredingen die niet in dit reglement voorzien zijn worden door het in 
functie zijnde technisch comité behandeld. 

X PUBLICITEIT 

Art 43 Publiciteit 

Publiciteit op boten,paddels en kledij is toegelaten (Uitgezonderd voor rookartikelen en 
sterke alcoholische dranken). 
Op verbondsboten mag in geen geval (buiten de sponsoring van het verbond) publiciteit 
worden aangebracht. 

XI DOPING 

Art. 1: Het gebruik van dopingsubstanties en -methoden door de sportbeoefenaars 
aangesloten bij de bond (liga) of die deelnemen aan competities die door de bond zijn 
ingericht, of onder zijn toezicht plaats hebben, is verboden. 
Art. 2: Worden beschouwd als dopingsubstanties en -methoden deze bedoeld bij artikel 1 
van de wet van 2 april 1965 "waarbij de dopingpraktijk verboden wordt bij 
sportcompetities" en de besluiten die zowel op nationaal als op gemeenschapsvlak de 
uitvoering ervan verzekeren, zomede de substanties en methoden die als verboden zijn 
verklaard door de richtlijnen en reglementen van het B.O.I.C., de internationale federaties 
en het I.O.C. 
Art. 3: De sportbeoefenaars bedoeld bij artikel 1, hun bestuursleden of verzorgers mogen 
zich niet verzetten tegen de controles verricht in uitvoering van de hiervoor bedoelde 
wettelijke of reglementaire bepalingen. 
Art. 4: De sportbeoefenaar te wiens laste doping wordt vastgelegd verliest alle voordelen 
van zijn deelneming aan de competitie ter gelegenheid waarvan de inbreuk werd 
vastgelegd, en van de behaalde resultaten. 
Hij zal gehouden zijn de kosten terug te betalen die door anderen zijn besteed aan zijn 
voorbereiding en deelneming. 
Art. 5: Ongeacht het gevolg dat door de openbare overheid gegeven 
wordt bij vaststelling van inbreuken, zal de sportbeoefenaar te 
wiens laste doping wordt vastgesteld op eender welk ogenblik voor 
zijn voorbereiding of deelneming aan een competitie, volgende 
sancties oplopen : 
- Anabole steroïden, afgeleiden van amfetamine en andere stimulantia, coffeïne, diuretica, 
bètablokkers,verdovende analgetica : 
- 2 jaar schorsing voor een eerste overtreding 
- levenslange schorsing voor een tweede overtreding 
- Efedrine, fenylpropanolamine, codeïne, e.a. (wanneer toegediend langs de mond als 
hoest- of pijnstiller in 
associatie met ontzwellende middelen en/of anthihistaminica): 
- ten hoogste 3 maand schorsing voor een eerste overtreding 
- twee jaar schorsing voor een tweede overtreding 
- levenslange schorsing voor een derde overtreding 

Art. 6: Ongeacht het gevolg dat door de openbare overheid gegeven wordt, zal aan 
eenieder die op om het even welke wijze de dopingpraktijk heeft aangemoedigd of 
vergemakkelijkt, of zich tegen de controle heeft verzet, voor een termijn van tenminste 
een jaar verbod worden opgelegd de installaties te betreden die door de bond (liga), de 
aangesloten clubs of het B.O.I.C. worden gebruikt. Hij of zij zal geschorst worden voor de 
uitoefening van elke functie als bestuurslid of verzorger voor eenzelfde termijn. In geval 
van herhaling is de schorsing levenslang. 
Art. 7: De miskenning van de bij artikels 5 en 6 voorziene schorsing wordt gelijkgesteld 
met de bij deze artikels bedoelde herhaling.