Poëzie‎ > ‎

Dag

                                                                                                                 Dag


hoe vaak hebben wij

begeerte lek geslagen

elkaar ermee gewassen

alsof het ochtend was

een maan getekend 

op ons vergeelde behang

en gezworen dat het nacht was

 

terwijl er geen dag voorbij ging


hoe vaak sponnen 

we hetzelfde spinrag 

in de klokken 

aten we oud stof met volle monden

kleedden we elkaar met seizoenen

tot kasten uit puilden 

van regen en zon


terwijl er geen dag voorbij ging


hoe vaak waanden 

we ons zijderupsen 

verzonnen coconnen om te blijven

met tere lijfjes vulden we bedden

witte lakens zijden vergiffenis

bij het zoveelste gemis


wijn aangelengd met water

honger at vlees noch vis

ruggengraten verlaten

de liefde als oud vernis


terwijl er een dag voorbij ging

Comments