Bezoek aan Brussel


RASPA IN BRUSSEL (5 mei 2011)

Op donderdag 5 mei staat een grote groep Raspa’s klaar op het Lambertusplein voor een dagtrip naar Brussel. Doel; de Koninklijke Serres en Brussel-centrum. We begroeten de vele bekenden en verwelkomen met z’n allen enkele nieuwe leden.
Leuk, de club wordt steeds groter!
Zoals altijd is de bus mooi op tijd. De chauffeur kennen we reeds; het is RotondeJohn! U herinnert zich vast nog wel de reis die we maakten naar Deventer en Bronckhorst. Deze laatste plaats bleek slechts bereikbaar door met een noodgang vier keer dezelfde rotonde te nemen….
Met een vrijwel volle bus gaan we op weg. Ondanks het vroege tijdstip is iedereen klaarwakker en er wordt veel gekwetterd. Ervaringen uitwisselen, bijpraten, beetje roddelen….
Zo schiet de reis goed op.
Op de afgesproken tijd, tien uur, bereiken we de Serres royales de Laeken, zoals de volledige Franse naam luidt. Dit complex is gebouwd nabij het kasteel van Laken.
Opdrachtgever was Koning Leopold ll, die ruimte nodig had voor zijn steeds groter wordende verzameling tropische planten uit Kongo. Architect Alphonse Balat, leermeester van Victor Horta, ontwierp de gebouwen in Art Nouveau, een in die jaren populaire bouwstijl.
De serres zijn ingepast in een natuurlijk glooiend landschap met een oppervlakte van 14.000m².
De constructie weerspiegelt de tijdsgeest van vernieuwing, want geheel vervaardigd van glas en staal. Met een diameter van 60mtr. en een hoogte van 30mtr. is de koepelvormige Wintertuin de grootste serre. Deze was jarenlang het pronkstuk van Koning Lodewijk ll en diende als imponerende ontvangstruimte voor gasten, die zeer onder de indruk raakten van de verzameling exotische planten. Hoewel heden zich niemand meer verbaast over bananen- en palmbomen, heeft de Wintertuin de functie van ontvangstruimte gehouden.

Samen met vele andere nationaliteiten schuifelden we door de zonbeschenen glazen gangen met fuchsiaplafonds, van de ene serre naar de andere. We ondergingen een waar kleuren- en geurenbad.
Behalve honderden fuchsia’s zagen we geraniums, hortensia’s, aronskelken, enz. En uiteraard ook perken en serres vol tropische planten, zoals metershoge varens, bananenbomen, rubberbomen, reusachtige hertshorens, en nog veel meer. Zo’n twee uur lang konden we genieten van al dit moois.
Weer buiten merkten we pas goed hoe warm het inmiddels was. Voor menigeen reden om een bescheiden striptease uit te voeren om de bleke benen te laten bruinen.
Bij het verlaten van de parkeerplaats deed RotondeJohn zijn naam eer aan. Hij kón het niet laten, nam de bocht te ruim en ramde vlug even een betonnen paaltje.
Geen probleem; even Apeldoorn bellen….

We gingen op weg naar het levendige centrum van Brussel, waar we op terrasjes van de Grand Place royaal de tijd hadden voor een pint Blonde of Brune en een onvolprezen Belgische Pommes-frites. Om twee uur stond iedereen klaar voor een stadswandeling met gids Marc. Hij vertelde boeiend en in onversneden Vlaams met een Waalse tongval over de vele gebouwen die de Grote Markt omzomen. Al in de elfde eeuw vormde dit plein het centrum van de stad. Toen in de 15de eeuw het Brabantse Hof naar Brussel kwam werd het statige stadhuis gebouwd. 
Rondom de markt werden de Gildehuizen gebouwd waarvan we er enkele noemen.
Den Cruywagen – de tuiniers, Den Sack – timmerlieden, Den Horen – de schippers, Den Vos – handelaren, Den Wolf – gilde van boogschutters.
Omdat vroeger het merendeel van de mensen analfabeet was werden uithangborden vervaardigd waarop een passende afbeelding. Bij de slager hing een bord met de afbeelding van een varken of een zwaan, bij de bakker met korenaren, enz. De overkoepelende Gilden pakten het grootser aan en versierden de gevels met fantasievolle beelden en afbeeldingen.
De Grote Markt als totaal staat sinds 1998 op de Unesco Werelderfgoedlijst. 
Gids Marc loodste ons langs de imponerende gebouwen naar de vlakbij gelegen Galerij St.Hubert. Begin 19de eeuw ontstond in Parijs de idee om winkels met daarboven woonruimten te bouwen, het geheel overdekt door een glas- en metaalconstructie. Daarmee was de eerste winkel- en woongalerij een feit.
Zoiets leek Koning Leopold l ook wel iets voor Brussel en reeds in 1847 vond de officiële opening plaats. Een deel werd de ‘Koningsgalerij’ genoemd, de ander kreeg de naam ‘Koninginsgalerij”. 
(geen schrijffoutje, maar Belgisch taalgebruik!)
Al vanaf de eerste dag werden er uitsluitend zeer luxe artikelen te koop aangeboden en daarin is niets veranderd.
Eén speciaalzaak kreeg extra aandacht van de raspa’s. Chocolaterie Neuhaus! Achter een smaakvolle etalage – letterlijk en figuurlijk – zagen we het oorspronkelijke interieur. Zo’n 150 jaren oud en nog steeds van deze tijd. De prijzen waren ook van deze tijd. Honderd gram bonbons kosten er acht euro… Menigeen kwam in de verleiding om een pondje chocolaatjes te kopen en onderdrukte dat verlangen met moeite.
Aan de overkant van Chocolaterie Neuhaus huisde een van de oudste manufacturen in Brussels kant. Het fijne, filigraine kantwerk was een lust voor het oog maar deed pijn in de portemonnee. Een minizakdoekje, bijvoorbeeld, moest achtenveertig euro opbrengen. We besloten uiteindelijk toch maar om Tempo te blijven gebruiken tot het AOW-vakantiegeld op de rekening staat. Misschien is die bijdrage voldoende om een retourtje Brussel en een dozijn BrusselsKantZakdoekjes te bekostigen.
Via het Stripverhaalmuseum – gevestigd in een bouwwerk van Victor Horta – en een steile trap kwamen we bij de bus. Gids Marc stapte mee in en er volgde een schitterende tocht dwars door Brussel. We kregen tekst en uitleg bij de vele paleizen met ieder hun eigen hedendaagse functie; Schone Kunsten, Muziekacademie, Justitie, en uiteraard het Koninklijk Paleis.
Ook zagen we de gotische kathedraal St.Michiel en St.Goedele, en Onze Lieve Vrouw ter Kapelle. Vanaf de bovenstad Zavel, reeds jarenlang een stadsdeel van Brussel, hadden we een prachtig uitzicht over de stad, waar in de verte het Atomium te zien was.
Niet lang daarna reden we onder het Atomium door, hét symbool van vooruitstrevend Brussel en, geheel tegen de oorspronkelijke plannen in, blijven staan na de Expo van 1958.
De negen bollen en hun verbindingen vormen een bouwwerk van 102 meter hoogte. Het geheel is een enorme vergroting van het atoom ‘ijzer’.  Om exact te zijn; 165-miljard maal vergroot.
Natuurlijk mocht het Jubelpark niet ontbreken op onze rondrit, evenals de ‘Europese Wijk’.
Hier wordt politiek gemaakt in de gebouwen van onder meer de Europese Commissie, Raad van de Europese Unie, Europese Raad en het Europese Parlement.
De rondrit liep langzaam ten einde en terwijl John behendig naar de rand van de stad chauffeerde zagen we het voormalige Heizelstadion. Na de dramatische gebeurtenissen van 1985 werd het stadion duchtig verbouwd en daarna omgedoopt tot Koning Boudewijn Stadion.

Nadat hij ons een verstoppingsvrije en veilige thuisreis had gewenst verliet gids Marc onder applaus de bus. Omdat Leo weet waar een Raspa behoefte aan heeft, werd koers gezet naar Horn, partycentrum de Geer, voor een warm/koud buffet! Altijd weer een feestje op zich. Ondanks dat de terugreis bepaald niet verstoppingsvrij verliep kwamen we op tijd in Horn aan. 
De mooi opgemaakte schotels met vis, schaaldiertjes, vleeswaren, stokbrood, sausjes, salades…..Schalen met warme vleesgerechten, met aardappelgratin, pureekroketjes, frietjes…
Kort gezegd; Het smaakte heerlijk en na ons bezoek bleven slechts lege schotels en stapels vuile borden achter.
Degenen die tussen Horn en Blerick een dutje hadden willen doen werden zoals gewoonlijk wakker gehouden door de altijd luidruchtige groep achter in de bus. Die had deze keer een gewillig doelwit om over te lachen. Man is een weekje alleen thuis want vrouw is op vakantie. Hij stelt vast dat er een klein mankementje aan de keramische kookplaat is en belt de vakman. Resultaat; twee halve kookplaten. De welgemeende raadgevingen en opmerkingen zijn niet geschikt voor publicatie…

Zoals aangekondigd arriveerden we om 21.00 uur op het Lambertusplein in Blerick.
Afspraken worden gemaakt, handynummers nog snel even uitgewisseld, Leo wordt bedolven onder bedankjes en dan gaat iedereen toeterend en zwaaiend huiswaarts.
Een schitterende en zonnige Raspadag is ten einde en kan bijgeschreven worden als zeer geslaagd.

Wim en Marianne wensen iedereen een hele fijne vakantie, en hopelijk gezond en wel tot ziens bij het volgende Raspa-uitstapje; De Bundesgartenschau in Koblenz.

Tot dan!

Die tweë ôet Remunj.


Bliérick-Brussel-Bliérick

’t Waas ein van die daag, dat weej alles meihadde, allein de files neet! 
Die zuls se noëits onder controle hebbe. 
Maar laote weej ierlik zien, ’t waas unne daag vol verrassinge ”en det mein ik” zoel Paul zegge . 
Gelökkig det hae allein veur ós waas meigegaon, dae Tegelse Wazelaer!. 
De Keuniklikke Serres van Laken, daor had ik mich allang op gespits en Elfje met zien greune vingers auk! 
Allein al die glaze koepels, die glaaspaviljoens en die prachtige gebouwe daor umhaer, ware allein al de meuijte waert! 
Plante , ware der tevuuel um op te neume: hortensia’s begonia’s , banane, fuchsia’s, regina strelitzia’s, arondskelke, varens en nog vuuel miér! 
De roete, det hadde die Belge slum gedaon, de piélkes volge en bijna twieë oor later, stonde weej weer boete! Allein op mien foto’s stonde huuel vuuel kopdukskes, had geej det auk? 
Toen weej ós naor boete geschoeffeld hadde, dach idderein aan un tas koffie of un ander drenkske, vergaet ’t maar daor had de keuniklikke femilie neet in veurzeen. 
Met det geld van de ketering hadde ze Laurent zien dotatie kinne betale. 
De bus in en toen file(eerde) weej ós richting Brussel. 
Op de parkeerplaats noom de sjauffeur nog empassant un betonne päölke mei als souvenir! 
Beej de VVV op de mert, stond unne Gentse gids al klaor. Dae haet ós alle bouwstiele op de mert oétgelag, van Gotiek, Neo Gotiek, Barok en zoeë vaerder en auk de jaortalle die der euveral opstonde. Indrökwekkend waas det allemaol, als se doeën beej stonds, waas det un bietje te volge, anders had se pech.. 
Och jao, weej hadde van te veure un “Maaltijdsalade”gegaete, zoe wie det heit. 
Waat slaai met croutons en waat gegrilde kiep huuel gezond.Toet beer derbeej. 
Maar as ik alles van te veure geweite had, had ik waat vettigers gegaete! 
Toen naor un winkelpassage, die waas gebouwd, jaowel: “door unne ollandse architek”, det deej de gids wael pién umdet te zegge! 
Dreej femilies ware de eigenaer van die galerie. De sjoklaat die ze daor verkochte, koste maar 8 euro ’t ons! Dach nog aan unne kilo veur mooderdaag! 
Auk nog un winkelke, met handtasse van un bekind merk, waor ik nog noëits van gehuurd had, veur nog gen doezend euro per stok! Jao der waas veur elk waat wils, asse maar un diéke portemonnee hads! Daor stond auk nog un Elfje in de etalage! 
Ozze gids loeëdste ós door allerlei pittoreske sträötjes naor de bus.Dae stond now neet achter de gaele, wet geej nog? 
Toen hadde weej nog unne fijne toer door Brussel. Al die prachtige gebouwe flitste aan ós veurbeej. De gids wis ter vuuel euver te vertelle! 
Nao un stief eurke hebbe weej aafscheid van um genaome, naodat weej iers veur um geklap hadde! Anders had hae misschiens nog in de bus gezaete! 
Toen op waeg richting Horn, naor “Party Hoeve de Geer “. 
Daor stond ’t aete al veur ós klaor. Det waas tevuuel um op te neume, maar weej hebbe ós ech begaaid! Ik noom iers ’t werm grei, toen ’t kald en un fruittoetje nao en nao twieë toete beer veulde ik mich tip-top!
 
Met un bietje meuijte klom ik de bus in . Elfje zag nog :” waat waas det unne fijne daag .” 
Op de teruukwaeg waas ’t erg gezellig achter in de bus, weej hadde de grotste lol. 
Nao al die verhaole die Paul verteld had, haop ik det ter nog un buuske bloome vanaaf kin met mooderdaag! 
De minse die neet zoeë good ter bein ware hadde vandaag un top-prestatie geleverd vandaag. 
Eine zag ter nog volgend jaor met gooie Vriedaag meug Paul ’t Kruuts drage en det is neet niks! 
Vaerder mot ik nog bedanke de organisatie, die deze moeie daag veur ós meugelik haet gemak. Leo en Agnes beej deze : “Chapeau “. 
En al die gezellige minse die mei ginge en de schaele wazel achter in de bus! 

Baer de Wandelaer, 06052011 

 

Naar de foto's