Archief‎ > ‎

Winschoter Erfgoed archief

12-2015

Gildekan uit 1777 is terug in Winschoten

De Stichting Oud-Winschoten heeft een gildekan uit 1777 verworven.Winschoten had in die tijd vier gilden. Een soort buurtvereniging die vooral bij ziekte en dood in actie kwamen. De verworven kan was van het gilde dat bij de huidige Langestraat hoorde. Toen het gilde in 1861 werd opgeheven, kwam de kan via een ijzerhandelaar bij een andere familie terecht en via een nazaat hebben we het aangeboden gekregen. We hebben het dankzij een lening kunnen verwerven.

De Stichting Oud-Winschoten houdt zich bezig met het verleden en verzamelt voorwerpen die iets vertellen over dat verleden. Haar collectie staat in de voormalige bibliotheek. Daar krijgt ook deze gildekan een plekje.


 
2007
 

 2005
 
 

1999
 

 
Zoals bekend zijn er in het verleden via het Winschoter Erfgoed Fonds meerdere voorwerpen aangekocht.

 

Bloedkoraal    

Een groot deel hiervan bestaat uit zilveren voorwerpen, vervaardigd door Winschoter edelsmeden. Deze staan permanent tentoongesteld in vitrine’s in de hal van het Winschoter Stadskantoor of worden op speciale dagen elders getoond aan het aanwezige publiek.  





Oorijzerstift

Genoemde goederen en voorwerpen worden binnen de stichting gekwalificeerd als “Winschoter Erfgoed”. Voor de aanschaf hiervan is een speciaal Winschoter Erfgoed Fonds in het leven geroepen.  





Voorhoofdsplaat


Dit Fonds heeft er recent voor gezorgd dat de oudste afbeelding Winschoten, een aquarel gemaakt in 1795 door een Franse vluchteling, na afwezigheid van 207 jaar, weer in Winschoten terug is. 

Een reproductie hiervan is bijgevoegd in de in november 2002 verschenen 9e uitgave van het Historisch Tijdschrift Oud Winschoten, verkrijgbaar bij het secretariaat en in de plaatselijke boekhandel. Voor de liefhebber van historische beelden zeker een aanrader.  



De aquarel is in februari 1795 in Winschoten geschilderd door een Franse vluchteling.
Deze man bracht de nacht door in een logement, gelegen aan de Venne.

Zou de Fransman anno 2003 op dezelfde plek logeren, dan zou hij ergens in 't Rond verblijven, ongeveer ter hoogte van de achterkant van restaurant 't Stadshuys. 


Bijgaande foto toont hoe zijn uitzicht er nu uitziet.



Slechts de Winschoter toren is nog te herkennen, zij het in een andere gedaante. De toren op het schilderij oogt met zijn piramidedak hoger dan je zou verwachten. Dat is gezichtsbedrog, veroorzaakt door het feit dat de bebouwing rondom geen verdieping had, maar slechts uit één woonlaag bestond. Waarschijnlijk staat het pand langs de kade op de plek waar tegenwoordig juwelier Kempkes aan de Torenstraat gevestigd is. De plaats waar we vandaag de dag de Wibra en Automatiek Speciaal vinden was ogenschijnlijk nog niet bebouwd.

Dhr. J.J.T. Houtsma, docent Frans aan het Ubbo Emmius te Winschoten, heeft op verzoek het onderschrift bij de aquarel nog eens nader bekeken. 
Het originele onderschrift in 18e-eeuws Frans luidt:

"Vuë d'une partie du gros bourg de Winschotte prise de Mon logement le 9 fevrier 1795. J'étais logé chez un Nommé venter smitt, où j'étais assez bien. Mais un de ses amis, faute de logement, est venú passer la nuit et fumer, auprès de mon feu, s'amusant a faire danser un petit chien qui aurait mieux aimé dormir ainsi que moy. Ma belle fille a logé chez mr hoed, bailly, dont sa maison est très jolie. Vinshott est le dernier village hollandais. Tout etait rempli de troupes, qui se retiraient. Nous en sommes parti le 9 pour Bunde".

Winschoten wordt dus een "gros bourg" genoemd. "Bourg" komt volgens Houtsma van het Latijnse woord "burgus", wat "versterkt kasteel" betekent. "Voor de uitdrukking "gros bourg" wordt verwezen naar "ville" (stad). Denk in dit verband ook aan "bourgeois": burger, inwoner van een stad." Houtsma schrijft verder: "Kennelijk ziet deze Fransman Winschoten meer als een stadje dan als een dorp, maar in elk geval als een plaats met veel bedrijvigheid, industrie en dienstverlenende instellingen, ook overheid. "feu" kan ook gewoon "woning" betekenen (denk aan ons "huis en haard"). "auprès de mon feu" kun je dan ook vertalen met "bij mij". "Ma belle fille" betekent "mijn schoondochter" en een "bailly" (nu: "bailli") is iemand die het recht handhaaft namens de koning of een adellijk heer." (Vergelijk onze "baljuw" = "drost", rechtsprekende vertegenwoordiger van een landeigenaar in diens gebied.) "Het lijkt meer een politiechef dan een burgemeester. Zoiets als de sheriff in het feodale Engeland." Met deze kennis luidt de vertaling van het onderschrift aldus:

"Gezicht op een deel van het stadje Winschoten, gezien vanuit mijn logement op 9 februari 1795. Ik logeerde bij een zekere venter smitt, waar ik het redelijk goed had. Maar één van zijn vrienden, die geen onderdak had, is bij mij gekomen om op te zitten (op te blijven) en te roken, terwijl hij zich amuseerde met het laten dansen van een hondje, dat ook liever had willen slapen, net als ik. Mijn schoondochter heeft gelogeerd bij meneer hoed, drost, wiens huis erg mooi is. Winschoten is het laatste       Nederlandse dorp. Alles zat vol met troepen die zich terugtrokken. Wij zijn van daaruit de 9e vertrokken naar Bunde."

Meer informatie over de aquarel staat beschreven in de 9e uitgave van het Historisch Tijdschrift. Een reproductie van deze oudste Winschoter afbeelding wordt hierbij gratis bijgeleverd.

 

 

Er is al het één en ander over de historie van Winschoten op schrift gesteld en in boekvorm verschenen,  maar toch is dit verre van compleet. Er ligt nog altijd een schone taak om nader onderzoek te doen in de archieven dan wel in de bodem.