Kees Kegel

De familie Kegel is bekend van het snoepwinkeltje in de Kerkstraat, maar ook van de friteswagen van vader Kees.

Het snoepwinkeltje van de familie Kegel, die het in 1949 hadden overgenomen van BetteKee Linthout en haar zuster Trijn, tegenover bakker Rodenburg. Het jongetje rechts is Peter Dijkshoorn.
Kees Kegel bracht de warmte in huis. Hij was leverancier van butagasflessen. Daarnaast verzorgde mevrouw Kegel de in- en verkoop van een snoepwinkel. Zij was een waardig opvolgster van Bettekee Linthout. Deze winkel lag op loopafstand van meerdere scholen. Er werden heel wat centen, stuivers en dubbeltjes in de winkel uitgegeven die eigenlijk bestemd waren voor het zendingsbusje van de school.
Ze verkochten ook huishoudelijke artikelen, wasmiddelen, bezems en borstels, vishengels, en met de Kerst kerstballen en slingers en natuurlijk kaarsen. En met de jaarwisseling vuurwerk, stond gewoon in dozen onder de toonbank, zou nu niet meer kunnen.
Kees Kegel ging met een bakfiets met deze spullen langs de deur, later kocht hij een T-Ford, en toen de gasflessen kwamen werd de Ford ingeruild voor een DKW bestel busje en later de Citroën-bus.

De marktkraam op de foto is op het Johan van Oldenbarneveltplein, op de achtergrond is het monument te zien dat later is verplaatst naar de Algemene Begraafplaats.
Kees Kegel, geholpen door zijn dochter Marian, verkocht hier koffie en warme worst en later patat.

De patat werd een lekkernij in Berkel en Rodenrijs en daarom kocht Kees Kegel een Citroënbus waaruit hij zijn patat ging verkopen.

Daarmee was hij niet de eerste, dat was Henk Kennepohl want die begon in 1956 met een oude legertruck (omgebouwd door garage van Herk) voordat hij eind 1957 in de Wilhelminastraat een vaste zaak (De Gastronoom) opende. Op de foto links is die legertruck nog te zien in 1957 tijdens de (eerste) wielerronde van Berkel, geparkeerd naast de groentewinkel van zijn broer Martien Kennepohl. Maar omdat hij het te druk kreeg met de Gastronoom heeft hij er een ander ingezet, namelijk Ruud Buitendijk, een zoon van Henk Buitendijk van de Noordersingel.

Daarna is Thijs  "KNIK" Heezen er in gekomen.
De toko was nog steeds van Kennepohl (aldus de zoon van Thijs Heezen).
 In het dagelijkse leven was Thijs Heezen vuilnisman . Een zwaar beroep, de ijzeren tonnen tillen en in de vrachtwagen kiepen. Hij woonde aan de (1e) Zuidersingel , hoek Laan van Koot.
Thijs Heezen had de gewoonte om na elke zin met zijn hoofd te knikken. Op dat moment viel er meestal ook een neusdruppel in het vet wat daarna extra knetterde. Maar ja, daar lette je natuurlijk niet op . Je was blij als je zo'n grote puntzak patat kon/mocht kopen . Hij was trouwens de man die samen met zijn dochter Til een oude bus (dus niet de legertruck) naast het spoor neerzette om snacks te verkopen, bij de veilingbrug  De voorloper van Het Tunneltje.

In de herinnering van velen was Kees Kegel bekend als Kees Kachelpijp, een flamboyante bijnaam. Kees was namelijk ook leverancier van butagasflessen en ventte deze langs de huizen. Hij was zo de brenger van warmte en werd dan ook al snel Kees Kachel genoemd. Later is dit enigszins verbasterd tot Kees Kachelpijp.

 
Links staat Kees Kegel bij zijn wagen in de Kerkstraat.

Kees Kegel had al "een leven" achter de rug met het "venten" met zijn bakfiets, voordat hij overstapte op de fritesverkoop. 

Hij is begonnen met venten van koffie en frisdrank in de bouw, er werd veel nieuwbouw gepleegd en Kees Kegel zag daar wel brood in.
 
Ook stonden ze op de markt met een kraam met koffie en warme worst en al gauw kwam er een gasstel met een vetpan om patat te bakken. 
Een zakje patat in de beginjaren '60 kostte een kwartje, zoals is aangegeven op het bord op de foto boven.

De vrouw en de beide dochters van Kees hebben heel wat aardappelen geschild en door de patatsnijder gehaald.

Toen kocht Kees Kegel een Citroënbus en reed hij door heel het dorp, met een standplaats bij de veiling.
Op zaterdagmiddag bij het Hoge Land, ook naar de Noordersingel, en zelfs op de markt in Pijnacker en Stompwijk
En vergeet ook de jaarlijkse wielerronde niet.


Later verving hij de Citroënbus door een nieuwer exemplaar.

Helaas werd Kees Kegel ziek, en toen heeft Wim Dronkers in mei 1975 de friteswagen Citroën HY overgenomen alsmede twee diepvrieskisten, een koelkast, twee frituurovens en div. klein materiaal.

(zie voor meer informatie over Wim Dronkers het hoofdstuk Bedrijf, winkel/Wim Dronkers)

(bron: foto's en deel tekst Marian Koopman-Kegel)






Informatie via google/internet :
De Citroënbus van Kees Kegel met kenteken PV-43-28 (zie foto linksboven) is van bouwjaar 1956.
Kees Kegel heeft na de Citroënbus op de foto linksboven nog een nieuwe(re) Citroënbus aangeschaft (foto hierboven).
In 1975 heeft Kees Kegel zijn Citroënbus met kenteken AS-52-45 van bouwjaar 1970 verkocht aan Wim Dronkers.
N.B. Vanaf 1951 werd de kentekenregistratie ingevoerd. De uitgifte begon toen met de letter N tot Z, daarna A tot M.