Ziekte en verwonding

Een goede huisvesting en verzorging beperken ziekte. Toch is die niet altijd te voorkomen. Zet zieke dieren altijd apart.

Er is een duidelijk verband tussen huisvesting en verzorging enerzijds en ziekte anderzijds. Een ruim en schoon terrarium en afwisselende voeding met voldoende vitamine, kalk en mineralen zorgen tot een hoge weerstand van de baardagaam.
Daarnaast is goede hygiëne belangrijk, dat doe je door de waterbak en de bodem schoon te houden.

Deskundige dierenarts.

Ondanks alle maatregelen die je neemt kan een baardagaam toch ziek worden. Ga daarom in zo'n vroeg mogelijk stadium naar een reptielen arts. Sommige ziektebeelden zijn slechts met zekerheid vast te stellen na een onderzoek van bloed of ontlasting.
Het komt jammer genoeg veel te vaak voor dat mensen te laat reageren met naar een reptielenarts te gaan.  De ernst van de aandoening kan zo ernstig zijn dat het leven van het diertje op het spel staat  en dat je het diertje in moet laten slapen.

Quarantaine.

Zet de zieke baardagaam apart van de ander of andere om het diertje zo tot rust te laten komen. Het beste is dan keukenpapier zodat de ontlasting waargenomen kan worden. Zorg er ook voor dat er altijd vers water, groenvoer en fruit bij staat. 
Wat ook er verstandig is er aangeraden word is 1 keer per jaar een mestonderzoek, hiermee  kan de aanwezigheid op schadelijke parasieten tijdig worden opgespoord.

Ziekte
Goed observeren van je dier loont de moeite. Let met observeren op gedrag en kleur.

Ziekte die voorkomen bij baardagamen zijn:
virale infecties en parasieten.
In het algemeen kan je aan een parasiet denken als de dieren de volgende verschijnselen vertonen:
- Anorexia (het dier weigert te eten)
- Gewichtsverlies
- Lethargie (het dier is niet levendig en beweegt weinig)
- Het dier groeit niet
- Er vind geen voortplanting plaats (bij een koppeltje)

Naast de ze algemene verschijnselen kunnen ook deze specifieke verschijnselen voor komen:
- Braken (het voedsel komt weer om hoog)
- Diarree (met slijm, bloederig, of een afwijkende kleur en geur)
- Uitdroging en sterke vermagering.
- Depressie of geagiteerdheid (geïrriteerd)
- Neurologische afwijkingen
- Sterfte

Baardagamen die zich niet lekker voelen worden grijsachtig van kleur.

Deze aandoeningen komen geregeld voor:

- Salmonella: Verschijnsel stinkende groene ontlasting. Hiervoor schrijft de dierenarts een antibiotica voor uit. Maak de kuur helemaal af ondanks dat de verschijnselen weg zijn.

- Wormen:  Dit zijn parasieten die goed te bestrijden zijn met een ontwormings kuur, mits de diagnose tijdig is gesteld.

- Flagelatten: Dit zijn inwendige parasieten die de darmwand aantast en verhinderd het verteren van voedsel met de dood als gevolg. Symptomen zijn, braken, verlies van eetlust, donkere ontlasting. Zet het dier onmiddellijk apart en raadpleeg een dierenarts. Behandeling met Flagyl is vaak nog mogelijk.

- Gastro-enteristis: Dit is een zeer besmettelijke ziekte die veroorzaakt wordt door de Entamoebe invades in het spijsverteringskanaal. Verschijnselen zijn, braken, verzwakking en een grijs / witte slijmerige ontlasting. Ook hier is het zaak om het dier zo spoedig mogelijk van de anderen dieren te scheiden en door een arts zo snel mogelijk te laten onderzoeken. Een kuur met medicijnen is onvermijdelijk om het diertje te redden.

- Verkoudheid en longontsteking: Kunnen de dieren krijgen door tocht of te veel vocht. De ademhaling word moeizaam en het diertje kan slijm bij de mond of neus hebben. Hou de temperatuur in het terrarium dag en nacht hoog (35 graden), en raadpleeg na een week tot 10 dagen een dierenarts als je diertje niet opknapt.

- Mijt: Is een kleine parasiet meestal rood of bruinachtig, die op de huid en tussen de schubben van de baardagaam kruipen. Mijten zijn bloedzuigers. De oplossing: leg 's nachts  (omdat het diertje dan slaapt) een Vapona-stick neer en verwijder alle voedsel en de waterbak zodat de baardagaam geen gif naar binnen krijgt. Haal de stik 's ochtend weer weg. Meestal is 1 nacht voldoende anders nogmaals herhalen tot de mijt verdwenen is.

- Rachitis: Door gebrek aan kalk of vitamine D3 krijgen reptielen vervormingen aan poten, staart onderkaak en soms bolle ogen. Hun botten zijn broos. Geef extra kalk en vitamine D en zet het dier indien mogelijk is in zonlicht of UV-licht. Bij volwassen dieren is het vaak te laat.

-Jicht: blijkt vaak voor te komen. Bij jicht zet gekristalliseerd uraat (uraat= het zoutgehalte in de urinezuur) zich vast in een gewricht, de nieren of ingewanden. Bij baardagamen is jicht vooral het gevolg van te weinig drinken. Baardagamen kunnen het nog wel eens vertikken om uit een waterbak te drinken, ze likken liever de druppels van af de waterspuit.

-Abcessen: Abcessen zijn bulten gevuld met etter en komen bij baardagamen verhoudingsgewijs veel voor. Een gespecialiseerde dierenarts kan het abces opensnijden. Daarna is er nog enige tijd behandeling nodig met antibioticumzalf nodig.

-Huidschimmel: Is vaak het vervolg van een te vochtige omgeving. Vooral in schuilplaatsen kan het te vochtig zijn voor de gezondheid van het diertje. Ook in dit geval moet je een dierenarts raadplegen. Hij zal vervolgens een huidzalf voorschrijven. Schimmels kunnen ook de oorzaak zijn van het afsterven van tenen en het puntje van de staart.  

- Stomatisch of mondrot: Deze ziekte is een veel voorkomende ziekte bij reptielen en word veroorzaakt door gebrek aan vitamine. De verschijnselen zijn; zwellingen, problemen met eten en moeilijk sluiten van de bek. De ziekte wordt vaak met antibiotica bestreden, dus een bezoekje aan de dierenarts is gewenst. Wat ook verstandig is, is om vitamine E toe te dienen.

- Leververvetting: Dit kan worden veroorzaakt door een slecht dieet. Voornamelijk door een lange tijd hetzelfde voer (bijvoorbeeld alleen insecten). In het wild moet de baardagaam ook soms gebruik maken van zijn vetreserves. Hou hierdoor zijn voeding afwisselend, met veel groenten en fruit.

- Nierproblemen: Dit kan door leververvetting komen, maar ook door medicijngebruik of uitdroging. Grote hoeveelheden eiwitten uit honden of kattenvoer kunnen ook een oorzaak zijn.

- Legnood: Komt voor als vrouwtjes gebrek aan kalk en of vitamineD3 hebben, maar ook als de omgeving niet naar wens is, te klein, te weinig zand. Het dier vermagert of weigert te eten. Raadpleeg je dierenarts. Soms wordt er operatief ingegrepen, soms wordt ''legbevorderende''  medicijn ingespoten. Niet ingrijpen kan de dood van het vrouwtje betekenen.

Vastzittende eieren: Het kan soms zijn dat je niet door hebt dat je vrouwtje eierdragend is. Observeer je vrouwtje goed. Eitjes die vast zitten kunnen er soms voorzicht uitgemasseerd worden. Wel is het verstandig om naar de dierenarts te gaan die er ervaring mee heeft aangezien de procedure niet zonder risico is.

Uitdroging: Komt voor bij jonge dieren voor. Jonge dieren kunnen geen vocht in hun staart opslaan, volwassen dieren wel. Jonge dieren overlijden snel als gevolg van uitdroging. Stress kan ook voor uitdroging verzorgen. Besproei de dieren daarom met een waterspuit (plantenspuit). Groente en fruit met veel vocht is ook goed om er bij te geven.

Vitaminetekort: Geef jonge dieren voldoende vitamine E. Zij groeien in 1 jaar tot de volwassen lengte  en dat vraagt heel veel van het zenuwstelsel. Als de jonge baardagaampjes te snel groeien gaan eerst hun pootjes trillen vervolgens stuiptrekkingen en vallen daarna dood neer. Dat kan zich in een periode van 2 weken voltrekken.

-Hangende oogleden: Komen zo nu en dan voor. Het onderste ooglid aan een kant of beide kanten lijkt dan naar beneden getrokken te worden. Een antibiotische oogzalf of vitamine A kunnen het vaak verhelpen. 

-Amoebe:Zijn darmparasieten die vooral toeslaan bij verzwakte en gestreste dieren. Besmette dieren eten niet en hebben een bloederige ontlasting. Het besmettingsgevaar is groot, raadpleeg een reptielenarts.

-Coccidiën: Zijn ook parasieten, die min of meer de zelfde symptomen veroorzaken als amoebe. Ook hierbij zo spoedig mogelijk een reptielenarts raadplegen.

-Rondwormen: Komen regelmatig voor. Een baardagaam met rondwormen eet niet en vermagert. In de ontlasting zit bloed. Ga naar een reptielenarts voor nader onderzoek en medicatie.

-Spoelwormen: Kunnen een verstopping of infectie in de darmen veroorzaken. Onder een microscoop zijn de eieren vrij makkelijk te herkennen aan de ovale vorm met een donkere kern. Neem verse feces (ontlasting) mee naar de reptielenarts een onderzoek kan doen en de juiste diagnose kan stellen en de juiste medicijnen kan geven.

Verwondingen.
De meeste verwondingen treden op door vecht- en valpartijen.

De meeste voorkomende verwondingen zijn afgebeten staarten en tenen, meestal als gevolg van een vechtpartij tussen 2 mannetjes. De staart groeit niet meer aan zoals bij een luipaardgekko. Andere verwondingen komen door valpartijen. Het is daarom  belangrijk dat de dieren niet hoog kunnen klimmen, omdat ze wel om hoog kunnen klimmen maar niet kunnen dalen en laten zich daarom vallen.
Het is belangrijk dat je de gewonde dieren apart van de andere zet en de wond voorzichtig schoonmaakt. Behandel de wond met Betadine-jodium. Laat de baardagaam na de behandeling tot rust komen, door de verwonding en de behandeling is het diertje gestrest. Geef het diertje voldoende vers water en eten, controleer ook of het diertje wel eet.

-Botbreuken: Zijn nooit voor 100% te vermijden, botbreuken genezen gelukkig bij reptielen over het algemeen goed. Een reptielenarts kan een breuk spalken, zodat die weer op de goede manier dichtgroeit

Comments