Barney

Wij zijn Zef en Barney, twee echte broers. Wij verschillen in een opzicht van de rest van het kattenbakvolk, want wij zijn hier geboren op 12 juli 1996. Onze moeder kwam uit het asiel en men wist niet dat ze in verwachting was. Na zeven weken kwamen wij tevoorschijn. 

Vrouwtje heeft mamma wel bij de bevalling moeten helpen want ik, Zefke dus, had een erg groot hoofd en het duurde een hele poos eer ik geboren was. Mijn broertje, Barney, heeft lang moeten wachten eer hij aan de beurt was.

Ik, Barney, heb inderdaad erg lang moeten wachten en ik was een kleine dwarsligger want ik vond dat mijn pootjes eerst maar eens moesten voelen hoe de wereld was. Dat betekende wel dat ik geen adem kreeg toen mijn hoofdje ook tevoorschijn kwam. Maar geen nood vrouwtje heeft me beademd en toen al die viezigheid uit mijn mondje en longetjes was kon ik gelukkig zelf adem halen.

We hebben een heerlijke jeugd gehad, want wij woonden samen met mamma in een huis. Er waren nog meer katten, maar daar hadden we niet zoveel contact mee. Die waren al een stuk ouder. Alleen tante Katrientje die was steeds in onze buurt en zij heeft ons heel veel geleerd. Wij werden met ons vieren de Adamsfamily genoemd omdat we onafscheidelijk waren. Ook toen mamma weggelopen is heeft tante Katrientje ons beschermd en was het net of zij onze mamma was. Ze heeft ons geleerd hoe je het behang moet afkrabben, dat bladeren van planten gemaakt zijn om op te eten en dat een kattenbak dient om er je plasje en poepje in te doen. Vrouwtje vonden we meteen aardig, ze was altijd in de kraamkamer of babykamer als we iets nodig hadden. Later toen we iets groter waren mochten we, net als de andere katten, in het hele huis rondlopen en vooral spelen. Wat was de wereld groot. Inmiddels zijn we gegroeid tot volwassen mannen en we zijn nu 9 jaar. Dus we leven iets rustiger en genieten vooral van het leven.

Zoals je kunt zien lig ik, Barney, het liefste in de zon lekker te slapen. Mijn broer is heel anders die wil alleen maar binnen op een stoel liggen. Dat vind ik saai. Hij is altijd met zijn uiterlijk bezig, steeds maar wassen zodat zijn pels mooi glimt. Dat kun je op de foto hieronder heel goed zien.

Nou, als je bij de vrouwtjes in de smaak wilt vallen van moet je beginnen met je uiterlijk. Ik, Zefke,  heb tenminste altijd geluk bij de dames. En zeg nou wie wil een kater met stof en viezigheid in zijn pels, dat is bij  dat kleine broertje van mij altijd het geval. Krijg je als je steeds buiten bent.

Hoe dan ook wij hebben veel nieuwelingen mogen begroeten. Na ons zijn er nog meer gekomen en nu leven we in een grote groep. Vrouwtje maakt geen verschil tussen ons en de rest. Dat vinden we soms niet eerlijk want wij zijn hier geboren, de anderen niet. Maar het allerbelangrijkste is wel dat we ons natje en droogje krijgen, er staat altijd eten en als we dorst hebben, maar geen zin om uit een bakje te drinken, draait vrouwtje de kraan open zodat we lekker fris water kunnen drinken. Dus we zijn eigelijk wel tevreden met ons leven in dit huis.

Voor mij -Zefke- is de onvoormijdelijke dag gekomen. Ik heb dit jaar -februari 2007- afscheid moeten nemen van mijn broertje en van vrouwtje. Mijn buikje wilde niet meer meewerken en medicijn hielp niet meer.

Ik -Barney- ben vandaag, 16 mei 2011, naar mijn grote broer gegaan en heb dus afscheid moeten nemen van vrouwtje. Het deed wel pijn, maar mijn tijd hier op aarde zat erop. Ik was moe, had geen zin meer in eten en alle andere bewoners maakten me bang. Ze wilden me niet echt iets doen, maar ik voelde me niet meer op mijn gemak als iemand van hen in mijn buurt kwam. Vrouwtje heeft ook altijd gewaakt dat niemand me iets deed en vooral dat ik rustig in mijn stoel kon liggen en slapen. Maar jah, dat is natuurlijk geen echt leven zo en vrouwtje dacht dat het beter voor me zou zijn om nu afscheid te nemen dan wanneer ik nog verder achteruit zou gaan. De dokter kon totaal niets vinden wat er mis met me zou zijn en dus wisten we dat het alleen erger zou worden en dat wilde vrouwtje me niet aandoen.