Informatie‎ > ‎

Historie



Vulkanische oorsprong
De Canarische eilanden zijn ontstaan door onderzeese vulkanische activiteiten, veroorzaakt door de uit elkaar bewegende Afrikaans-Eurazische plaat (oostwaarts) en de Amerikaanse platen (in westelijke richting).
In feite zijn de eilanden toppen van grote onderzeese bergketens.
Tussen de eilanden liggen tot 3500 meter diepe troggen.
De eilanden ontstonden in verschillende perioden van vulkanische activiteit.
Het oudste gevonden materiaal, omhooggestuwd vanaf de zeebodem, dateert van circa honderd miljoen jaar geleden terwijl ander gesteente tussen de dertig en tachtig miljoen jaar oud is.
Lanzarote en Fuerteventura zijn vermoedelijk het oudst. 

Canarische Eilanden
Rond de tweede eeuw v.C. werden de eilanden bewoond door een groep immigranten uit Noord-Afrika.
Deze groep, de Guanchen, zijn bekend als de oorspronkelijke inwoners van de eilanden. Maar een eeuw vroeger woonden er al mensen.
Na de val van het Romeinse Rijk werden de eilanden door de Europeanen vergeten, tot ze in 1312 opnieuw werden ontdekt door de uit Genua afkomstige Lancelotto Malocello. Zijn voornaam wordt ook wel gespeld als Lanzarotto. Het eiland Lanzarote is naar hem vernoemd.

Langzaam werden de voordelen van de eilanden ontdekt en in 1402 begon de verovering op de Guanchen op Lanzarote. Twee jaar later veroverden de 'conquistadores' met weinig tegenstand de dunbevolkte eilanden El Hierro en Fuerteventura.
De Portugezen volgden in de voetsporen van de Spanjaarden, echter de rivaliteit duurde tot 1479 met een verdrag dat de Canarische eilanden aan Spanje deed behoren.
De daarop volgende jaren volgde een bloedige verovering van de rest van de eilanden. In 1483 Gran Canaria, vijf jaar later gevolgd door La Gomera, in 1495 Tenerife (dat het meeste tegenstand bood) en tot slot in 1496 La Palma. 

Naam
De naam Canarische Eilanden kan gelinkt worden aan het Latijnse Canariae Insulae wat eiland van de honden betekent. Oorspronkelijk werd deze naam alleen aan het eiland Gran Canaria gegeven.
 Over de reden van deze naamgeving verschillen de meningen.
Volgens het ene verhaal komt de naam voort uit het feit dat er op het eiland veel grote honden leefden. Anderen speculeren dat met de honden eigenlijk de zeehonden bedoeld worden die ooit in de oceaan rondom de Canarische Eilanden leefden maar daar tegenwoordig niet meer voorkomen.
Een derde verklaring voor de naam is dat de oorspronkelijke bewoners, de Guanches, honden als heilige dieren beschouwden.
De connectie met honden is terug te vinden in het wapen van de Canarische Eilanden waar twee honden op afgebeeld zijn.
Vast staat dat de Canarische Eilanden in ieder geval niet vernoemd zijn naar de gelijknamige vogel, de kanarie.
Het is andersom: deze vogelsoort is vernoemd naar de eilandengroep, waar ze nog altijd in het wild voorkomt.


                         De Canarische Eilanden bestaan uit 7 bewoonde eilanden en 7 onbewoonde eilanden.

Gran Canaria :
De noordwest kust van Afrika ligt op ongeveer 150 km afstand en het vasteland van Europa is zo'n 1350 km verwijderd van Gran Canaria. De oppervlakte bedraagt 1560 km² en is daarmee evengroot als de provincie Utrecht.
Het hoogste punt ligt op 1949 meter, de top van de Pico de las Nieves.
Het eiland heeft een ronde vorm, met een diameter van ongeveer 50 km.

Het eiland werd vanaf 3000 v.Chr. bevolkt door de Guanchen. Zij noemden het Tamarán.
De hoofdstad Las Palmas werd in 1478 gesticht door kapitein Juan Rejón, in naam van de regering van koningin Isabella en koning Ferdinand, bijgenaamd de Katholieke Koningen. 

 De kapitein zette voet aan wal hier en richtte zijn kamp in bij een uitgestrekt palmenbos; vandaar dat hij zijn legerkamp La Palma noemde.

In snel tempo bouwde men een eerste nederzetting met stenen huizen met ook een stenen verdedigingsmuur eromheen. Dit i.v.m. de strijd met de Guanchen, en ook omdat men wist dat de Portugezen het eiland wilden veroveren.
Het gebied tussen de muren noemde men San Antonio Abad; deze stadswijk staat tegenwoordig bekend als Vegueta.
De strijd met de Guanchen duurde 5 jaar, voordat in 1483 het eiland definitief was veroverd.

In Vegueta is de Casa de Colón of wel het Huis van Columbus.
Het huis diende als woning voor de gouverneur van het eiland. 
Hier was Columbus in 1492 de gast van de gouverneur, terwijl zijn schepen in gereedheid werden gebracht voor zijn reis naar de 'Nieuwe Wereld'.
Ook op terugreis van Amerika kwam hij op Gran Canaria.
In 1952 werd dit huis, gebouwd in koloniale stijl, een museum.


Santa Ana cathedraal: De eerste steen werd reeds in 1497 gelegd; door geldgebrek werd het gebouw echter pas in 1570 (16e eeuw) voor de eredienst geopend en werd er tot laat in de 19e eeuw aan het gebouw gewerkt. 
Tot op de dag van vandaag is de bouw niet voltooid: nog steeds ontbreekt een stuk van de noordelijke zijmuur.



In 1599 trachtte de Hollandse admiraal Pieter van der Does de stad te veroveren.
Een vloot van 74 zwaar bewapende zeilschepen met 11.000 soldaten aan boord verscheen voor de kust. 

Veertien dagen lang hielden de troepen van de Hollandse admiraal een deel van de stad bezet. 
De verdedigers slaagden er echter in om de aanvallers met kanongeschut te verjagen.
Van der Does trok zich terug met 1.400 doden en 60 gewonden.

Ze steken de stad Las Palmas in brand, en nemen het Stadsarchief mee evenals de bronzen luidklokken uit de torens van Santa Ana.

De stad Las Palmas groeide uit tot een belangrijke haven voor schepen die onderweg waren van Europa of Afrika naar Amerika.
Het eiland kende in de 17e en 18e eeuw een bloeitijd door handel in suiker en wijn en later werd vooral de bananenteelt belangrijk voor het eiland. Vanaf het begin van de 19de eeuw ging het een stuk slechter met de economie en vertrokken veel eilandbewoners richting Zuid-Amerika. Met de opkomst van het toerisme in de jaren 60 van de 20e eeuw leefde de economie van Gran Canaria weer op.


Costa Canaria :
De toeristische agglomeratie in het zuiden die zich profileert als 'Costa Canaria' bestaat uit : 
- Maspalomas
- San Fernando
- Playa del Inglés
- San Agustín
Het totaal behoort tot de gemeente San Bartolomé de Tirajana.

Maspalomas bestaat uit de volgende delen :
- El Oasis: zuidelijkste en oudste gedeelte met de vuurtoren, (jaren '60)
- Meloneras: zuidwestelijk deel met grote hotels, winkelcentrum en congresgebouw (1997)
- Campo International: midden en oostelijk gedeelte, Campo de Golf, (1980 - 1995)
- Sonnenland: noordwestelijk deel, met kleine hotels en privéwoningen (jaren '80) en grote hotels (1997)
- El Hornillo: in het westen, woonplaats voor rijke inwoners zoals hoteleigenaars.
- El Tablero: noordelijk gedeelte aan de overzijde van de snelweg, woonplaats van
horecamedewerkers.

Sirocco (Calima) :
Sirocco is het Arabische woord voor oostelijk, maar toch staat de naam voor een zuidelijke wind en houdt verband met lagedrukgebieden. Aan de voorzijde van zo'n depressie
steekt een zuidenwind op die de hete woestijnlucht meevoert. De sirocco komt het vaakst voor in het voorjaar, maar kan het hele jaar door optreden.

Veel landen hebben een eigen naam aan deze wind gegeven: Chergui (Algerije), Chili (Tunesië), Ghibli (Libië), Khamsin (Egypte), Sharkiye (Jordanië), Shamal (Irak) en Sharav (Israël).

De Spanjaarden spreken over de leveche, op de Canarische Eilanden waait de calima, maar Italiaanse, Griekse en Franse (Corsica) weerberichten hebben het over de sirocco.
In het algemeen komt de temperatuur dankzij deze woestijnwind zo'n 10 graden boven het normale gemiddelde te liggen en daalt de relatieve luchtvochtigheid tot minder dan 30%. Boven zee pikt de lucht vocht op zodat de sirocco benauwd aanvoelt.


De Nederlandse Vereniging op Gran Canaria (NVC)

De “Nederlandse Vereniging Canarias” is opgericht op 23 juni 1973 in Las Palmas.
Voordat de NVC bestond organiseerde een damescomité ieder jaar activiteiten, zoals de viering van Koninginnedag. De Nederlanders die in die tijd hier woonden kwamen elkaar dan tegen en zo ontstond het idee van de vriendenkring een echte vereniging te maken.
Het besluit tot oprichting werd in 1973 genomen in de club Metropole in Las Palmas, waar de vijf oprichters op een gegeven moment bijeen waren.
De vijf oprichters waren Wieger Bos, Lies de Graaf, Henk de Lange, Joep Hezemans en (consul) M.H. Damme.

De activiteiten
In de beginjaren na de oprichting waren de activiteiten nog vrij beperkt. Er was een Sinterklaasfeest, en ook een Nieuwjaarsborrel, hetgeen inhield dat men net zo lang
doordronk zolang er geld in de kas was.
Zeer in trek was ook de jaarlijkse rijsttafel in Ojos de Garza.
Vanaf het begin waren er ook al de koffieochtenden, de autopuzzeltocht, de wijn en kaas party’s en de excursies naar verschillende fabrieken, zoals een bierbrouwerij, een likeurfabriek en een sigarettenfabriek. Daar was altijd veel belangstelling voor.

Eind jaren ’80 is de bridge-afdeling ontstaan met direct al een moeilijke situatie want enkele spelers woonden in Las Palmas en er waren wat bridgers elders op het eiland. Daarna is men in 1988 ook in Playa del Inglés begonnen met een bridge-afdeling, die in 1990 officieel de naam Brican kreeg.
Het petanca begon in 1991 met een paar schuchtere worpen in Puerto Rico maar al snel trok de club naar San Fernando waar het in 1993 verder ging onder de naam Cannebel op de vrijdag. ’s Dinsdags werden en worden in Arguineguin echter ook wedstrijden gespeeld.

In de tweede helft van de jaren ’90 werden bezoeken aan andere Canarische eilanden georganiseerd en werd de jaarlijkse reünie op 31 augustus in Nederland ingesteld met tegelijkertijd een reünie op Gran Canaria.
Er werd een vrouwendag geïntroduceerd, de jaarlijkse bruine-bonen-dag en wandelingen in het schitterende berggebied hetgeen leidde tot de oprichting van de “Montañeros van de Lage Landen”, waarvan de eerste wandeling plaats vond in februari 1998.

Het tennissen kwam in de jaren ‘90 aarzelend op gang en kreeg de naam Benevelt mee, er was vanaf 1996 een NVC-cursus Spaans, terwijl er daarna nog andere activiteiten bijkwamen, zoals de oprichting van de bowlingclub in 1998. In hetzelfde jaar is de NVC-bibliotheek opgezet.

Doordat de eerste bergwandelaars steeds ouder werden en de spieren steeds strammer is in de huidige eeuw naast het bergwandelen ook het vlakwandelen ontstaan. 

En voor diegenen die de spieroefeningen wilden beperken, naast het heffen van het glas, tot het weggooien en oprapen van de kaarten zijn er al heel wat jaren mogelijkheden bij het (Amsterdams) klaverjassen.
Wie kaarten wil kopen kan natuurlijk terecht bij de “Vrolijke noot”, waar deze kaarten toegang geven tot vele prachtige concerten in Las Palmas.
Er werd steeds meer gedaan voor de leden, en speciale commissies of functies werden opgericht o.a. voor evenementen, voorlichting en voor sociale zorg.

De leden
Het ledenaantal groeide aan van 23 in de beginjaren tot zo’n 100 in 1978 en door tot 150 maar na de noord-zuid-vete zegden 50 leden hun lidmaatschap op en zakte men terug naar 100. Daarna groeide de vereniging weer naar 200 leden in 1988, 300 leden in 1995 en tot 400 in 1998. 
En nu in 2016, 43 jaar na de oprichting, is het aantal leden 432. 
Naast enkele personen met een Engelse, Duitse of andere nationaliteit heeft het merendeel van de leden de Nederlandse nationaliteit, maar ook de Vlaamse zuiderburen zijn redelijk vertegenwoordigd.