Chemie-farmaceutische kartels, WWII en hun financiers! 

Duitse metaalmagnaten als Thyssen hielpen Hitler financieren

In onze eigen Belgische Kempen verhuizen op het einde van de negentiende eeuw sommige Duitse ondernemers binnen de metaalindustrie naar de Kempen. Ze ontvluchten de klachtenregen die ontstaat door de te hoge concentratie aan hinderlijke bedrijven in het Ruhrgebied. In de Lage Kempen in Limburg, een streek die door haar arme zandgronden in armoede leeft, worden de Duitse ondernemers met open armen ontvangen. In gemeenten als Balen, Lommel, Overpelt en Bocholt schoten metaalfabrieken als paddenstoelen uit de grond. Deze fabrieken smolten ertsen om er metalen zoals zilver, zink, lood, koper en arseen uit te winnen. Na de Eerste Wereldoorlog komen de meeste van deze Duitse bedrijven onder controle te staan van de Société Générale de Belgique en de Union Minière du Haut-Katanga. Door de Congolese rijkdommen groeit België snel uit tot een wereldmacht in de non-ferro-industrie. Na de onafhankelijkheid van Congo takelt de industrie af, maar niet zonder een erfenis in de Vlaamse bodem achter te laten. De in 1897 opgerichte arseenfabriek in de Reppel nabij Bocholt illustreert dit. In 1971 sluit de fabriek de deuren en verkoopt de Union Minière de terreinen aan de broers Eikenaar. Later blijkt dat er onder de bodem van de fabriek in Bocholt 530 ton arseen ligt. Dat deze eruit moet is voor iedereen duidelijk, maar hoe zit het heden met de industriële afval (arseen, chroom, enz…) van o.a. multinationals als  Billiton, Shell... die het NATIONAAL-SOCIALISME SPRINGLEVEND HOUDEN, OOK IN BELGIE?!!

Iemand die denkt (en dat zijn er velen) dat Duitsland na de eerste wereldoorlog in staat zou zijn geweest om zonder hulp en zonder geld eventjes binnen een paar jaren tijd een geheel Nationaal Socialistisch Reich uit de grond te kunnen stampen en een enorme economie op te zetten (terwijl men volledig aan de grond zat), heeft het volledig mis. Dit is iets wat de officiële geschiedenis ons wel degelijk probeert te leren. In de jaren na het verdrag van Versailles waarbij Duitsland volledig aan de grond kwam te zitten, de Kaiser aftrad en men het land ‘democratie’ wilde opleggen, was het een grote instabiele chaos. Duitsland kon gaan betalen met grond, en de economie lag bijna volledig plat. Er waren vele Nationalistische groepen die in de clinch lagen met Communistische groeperingen. Vele privé legertjes werden ingezet, en de ‘democratie’ die men koste wat het kost wilde invoeren, en daarbij dus werd opgelegd, werd grootschalig geweigerd. Het land zat eigenlijk volledig aan de grond (op de elite na). Toch presteerde Duitsland het om binnen een paar jaar tijd zogenaamd ‘ongezien’ een geheel Nationaal Socialistisch voor-rijk uit de grond te stampen, inclusief de zware bewapening van extreem veel manschappen. Zomaar uit het ‘niets’ inclusief volledige oorlogsindustrie en een extreem gefinancierde propaganda-machine. En dan komen we opnieuw uit bij de rijkste families van geldzwendelaren die de aarde kent. Zeer bekende namen zoals de familie Bush en de familie Roosevelt, Rockefeller, Warburg en Rothschild duiken hier dan ook meteen weer op. Dit is natuurlijk met klem uit de geschiedenisboekjes gehouden, evenals de Zionistische connectie die er absoluut aan vast kleefde. Om de echte geschiedenis achter de opbouw van NS-Duitsland te beschrijven en dus de opkomst van Hitlers Derde rijk, beginnen we bij het chemische bedrijf I.G. Farben. Dit chemische bedrijf verkreeg een behoorlijke reputatie omdat het de NSDAP en de verdere opbouw van NS Duitsland financiërde. IG-Farben was het ware geesteskind van de Rothschild's (door de Warburg connectie), en vormde een zeer machtig kartel. Het werd ook wel 'de staat in een staat' genoemd. Het kende zelfs haar eigen spionagedienst (NW-7) waar de latere beruchte Gestapo direct mee te maken had. De chemiereus IG Farben nam ook de Holland-route naar de VS en maakte daar gebruik van de diensten van BBH, UBC gelinieerde BHS Bank in Rotterdam en Dillon Read. Net als Thyssen richtte ook zij daarvoor een eigen bankbedrijf in Nederland op: de Hollandsche Koopmansbank in Amsterdam (1923). Zij het, dat ook de Zweedse Enskildabank een flink aandeel bezat in de nieuwe onderneming. De HKB stond van meet af aan onder leiding van Gerhard Fritze. Hij was getrouwd met een telg uit de familie Ilgner en mogelijk mede daardoor raakte hij steeds dieper verzeild in IG Farben's activiteiten achter de schermen van de internationale politiek. Een ander lid van die familie (Max Ilgner) leidde namelijk de inlichtingenafdeling  NW 7 van het driftig naar Lebensraum op zoek zijnde chemieconcern ook Prins Bernhard zur Lippe Biesterfeld werkte hier als spion. Tot Max Ilgner vriendenkring behoorde prinses Armgard zur Lippe Biesterfeld, de moeder van prins Bernhard. Een connectie die niet alleen zoet vruchten zou afwerpen.

IG-Farben werd in 1925 neergezet als 'Interessen Gemeinschaft Farbenindustrie Aktien gesellschaft', welke werd georganiseerd in 1904 toen de zes grootste chemische bedrijven (Badische Anilin, Agfa, Bayer, Hoechst, Weiler-ter-Meer en Greisheim Electron) in Duitsland dit kartel begonnen te vormen. In 1929 verkreeg Fritze de Nederlandse nationaliteit. Voor die tijd was hij voor het gemak al eens tot Zweed getransformeerd om het toenaderingsproces tussen IG Farben en Enskilda wat soepeler te kunnen begeleiden. In Nederland hield hij vooral toezicht op de geldstroom tussen het Duitse moederbedrijf en het Amerikaanse filiaal Chemnyco. Dat filiaal stond onder leiding van Robert Ilgner, een tot Amerikaan genaturaliseerde broer van Max Ilgner, die bancair werd bijgestaan door de zo vertrouwde BBH en UBC gelinieerde BHS Bank in Rotterdam van Prescott Bush en Averill Harriman. 

Naar verluidt speelde Fritze en Max geen onbelangrijke rol bij het aaneensmeden van de Nederlandse kroonprinses Juliana en de inmiddels voor NW 7 in touw zijnde prins Bernhard zur Lippe Biesterfeld die vervolgens in het huwelijk trad met prinses Juliana en zodanig het Nederlands koningshuis als de Nederlandse staat kaapte voor de geruisloze voortzetting van het nazi regime vanuit Nederlands grondgebied uitgebreid met de Benelux en Europa. 
Bernhard nodigde vooraanstaande Nazi's uit op zijn bruiloft waar de Hitlergroet werd gedaan.

Nazi (multinationals) gijzelen het Nederlands Koningshuis sinds WW II voor de geruisloze voortzetting van het Nazi regime, uitgebreid via Benelux, vervolgens Europa, Amerika en de rest van de wereld met sluip-moordende genocide gevolgen, d.m.v. kanker en andere vergiftigings ziekten nu en "exlposief" in de nabije toekomst. Wij richten dan ook aan de Belgische federale overheid het verzoek te beslissen dat in overeenstemming met de Belgische Grondwet alsnog uitvoering zal moeten worden gegeven aan het op 25 januari 1944 door koning Leopold III voltooide "politiek testament" en wel op grond van de volgende feiten...

De leidende kracht evenals de financiële kracht kwam van de Rothschilds welke 'aanbevolen' werden door hun Duitse (Joodse) bankier Max Warburg van de MM Warburg Company. Hij was later hoofd van de Duitse geheime dienst gedurende de 1e wereldoorlog, en was daarnaast zelfs de persoonlijke financieel adviseur van de Kaiser. Toen aan het einde van de 1e wereldoorlog de Kaiser werd afgezet, werd Max Warburg de financieel adviseur van de nieuw gevormde overheid. Het was tevens Warburg die meedeelde in het verdrag van Versailles, welke Duitsland extreme schuldenlasten oplegde na de eerste wereldoorlog (en daar tegelijkertijd van profiteerde). IG-Farben had een organisatie met een waarde van ruim 6 miljard Mark en zo'n 500 firma's onder diens controle. Gedurende de periode van de Weimar Republiek begonnen een aantal hoge IG-Farben beambten aan een zeer nauwe samenwerking met Adolf Hitler door diens politieke invloed te subsidiëren. Ook andere industriëlen begonnen zichzelf te interesseren voor het succes van IG-Farben. Zo had Henry Ford in die tijd een Duitse markt geopend van Ford Motor Company waarbij 40% van de aandelen naar IG-Farben zelf gingen. IG-Farben richtte ook een onderneming op in de VS welke direct samenwerkte met Standard-Oil. Standard Oil van Rockefeller werd tevens groot aandeelhouder in IG-Farben. Ook Arthur Dean de directeur van American Banknote heeft een belangrijke rol gespeeld binnen het netwerk, daar hij directeur is geweest van American Ag & Chem Company van de Rockefellers, maar ook directeur van o.a. bedrijven als American Solvay en American Metal. Ook heeft hij een flinke vinger in de pap bij de Council on Foreign Relations, The Asia Foundation, Carnegie Foundation, International House en de Sloan Kettering Cancer Center. Op 4 Januari 1933 werd Hitler uitgenodigd bij de Schroeder bank door een groep industriëlen. Zij gaven hem het geld wat hij nodig had om zijn financiële problemen te kunnen overbruggen, in ruil voor de belofte om de vakbonden te breken. Bij deze ontmoeting waren John Foster Dulles (CFR) aanwezig, en Allan Dulles (Hij werd later hoofd van de CIA. Dit waren neven van Rockefeller. In 1936 ging de Schroeder bank in New York samen met de Rockefellers, welke tesamen ‘Schroeder, Rockefeller & Company inc’ van de grond trokken). Nadat Hitler aan de macht kwam, wees John D. Rockefeller zijn persoonlijke persagent aan Hitler toe om hem als een full-time adviseur bij te staan bij de herbewapening van Duitsland (dit was Ivy Lee, die tevens in de latere jaren ’20 het Sovjet Regime promootte voor het Amerikaanse publiek - Bron: ‘Murder by Injection’, Eustace Mullins, hoofdstuk 10; The Rockefeller Syndicate). Standard-Oil bouwde vervolgens grote raffinaderijen in Duitsland, en heeft Duitsland de gehele oorlog voorzien van olie.


IG-Farben en de Vereinigte Stahlwerke zorgden samen met Wallstreet voor 95% van de explosieven voor NS Duitsland. Ook leverde Standard Oil en DuPont Tetra-Ethyl lood aan Duitsland. Dit is het bestanddeel wat toegevoegd moest worden aan vliegtuigbrandstof. Zonder dit bestandsdeel had de Luftwaffe nooit van de grond kunnen komen. Hiervoor werd een overeenkomst gesloten tussen Ethyl Gasoline Corporation, I.G. Farben en Montecatini (voor de productie van Tetrra-Ethyl lood - Italië) en tevens voor de vestiging van Ethyl G.m.b.H. in Duitsland. De directeuren van Ethyl Gasoline Corporation waren destijds; E.W. Webb, president en directeur; C.F. Kettering; R.P. Russell; W.C. Teagle, Standard Oil in New Jersey en beheerder van FDR's Georgia Warm Springs Foundation; F. A. Howard; E. M. Clark, Standard Oil in New Jersey; A. P. Sloan, Jr.; D. Brown; J. T. Smith; en W.S. Parish of Standard Oil in New Jersey.
 
DuPont fabriceerde zeer veel soorten munitie van lichte tot zware explosieven. Net als Henry Ford, leverde General Motors vrachtwagens aan Duitsland, en General Motors was daarbij de grootste leverancier. Onderhoudsafdelingen werden opgericht in ondermeer Zwitserland en Noord Afrika (voor de panzerdivisies van Rommel). Hier werden de legervoertuigen van NS-Duitsland opgeknapt en weer rijklaar gemaakt. Daarbij kwamen nog de twee bedrijven die tesamen het grootste gedeelte van de tanks bouwde en aanleverde voor Duitsland. Dit waren de bedrijven Opel (General Motors - onder de controle van J.P. Morgan en DuPont) en Ford A.G. (Ford Motor Company in Detroit). General Motors investeerde de opbrengsten opnieuw in de Duitse Industrie. Acoa en Dow Chemical werkten samen met de Duitse industrie qua overdracht van Amerikaanse technologie. De Duitse Opelfabriek die werd gebouwd door General Motors, leverde naast verschillende soorten Trucks, ook pantservoertuigen en vliegtuigmotoren voor de bommenwerper Junker 88A. Bendix Aviation voorzag Siemens & Halske A.G. van de nodige gegevens inzake vliegtuig instrumenten zoals automatische piloten. Na 1940 verstrekte Bendix Aviation volledige technische gegevens voor vliegtuig en diesel startmotoren, waarbij ze er flinke geldverstrekkingen in ruil voor terug kregen. Tevens voorzagen General Electric en IT&T NS-Duitsland van de nieuwste communicatie apparatuur. Ook Radar apparatuur werd verstrekt. Tevens waren IT&T en General Electric betrokken bij de bouw van de Focke-Wolfe (bommenwerper welke vele geallieerde schepen direct de grond in boorde). Tevens leverden ze onderdelen voor de V-1 raket en leverden per maand zo’n 50.000 ontstekingen voor granaten.
 
De directeuren van American IG (de Amerikaanse vestiging van IG-Farben) waren echte keiharde Amerikaanse zakenmensen, en hieronder bevonden zich figuren als Walter Teagle (President van Standard Oil in New York, en een naaste medewerker van Roosevelt) en tevens de bankier Paul Warburg (1 van de stichters van de Federal Reserve in de VS - zijn broer Max Warburg zat bij IG-Farben in Duitsland), Charles E. Mitchell (hoofd van de National City Bank in New York), Herman Metz (directeur van de warburg bank in Manhattan) en Edsel Ford (president van de Ford Motor Company). IG-Farben stortte 400.000 RM naar Hjalmar Schacht (de door Warburg en Hitler verkozen president van de Reichsbank) en Hess om de verkiezingen in 1933 te bekostigen. IG-Farben was dan ook op de voorgrond getreden voor militaire opbouw en ontwikkeling in NS-Duitsland.

Een donatie van 60.000 RM werd aan Hitler overgemaakt door de Duitse General Electric (A.E.G.). Tevens gaf de Joodse bankier Eberhard von Oppenheim een geldinjectie van 200.000 mark aan Hitler. Tijdens de zogeheten Kaiserhof vergadering in Mei 1932, kwamen Schmitz (I.G. Farben), Max Ilgner (American I.G.), Kiep (Hamburg-American Line) en Diem (Duitse Potash Trust) bij elkaar wat tijdens deze vergadering 500.000 mark opleverde, en welke vervolgens naar de Deutsche Bank gestort werd voor de verdere verdiensten van Rudolf Hess. Daarbij werd er ook 3 miljoen Reichsmark overgemaakt aan Hess om de NSDAP en Hitler te financieren middels een witwas account van de Delbruck Schickler Bank. Grote sommen geld werden verstrekt voor de verkiezingen van Adolf Hitler middels fondsen die hier speciaal voor werden verworven. Om deze gelden bij elkaar te krijgen werd er een vergadering gehouden op 20 februari 1933 in het huis van Hermann Goering, tesamen met Hjalmar H. G. Schacht (president van de Reichsbank). Deze laatste had deze historische ontmoeting dan ook geregeld, en was tevens lid van de Roundtable group van Cecil Rhodes/Alfred Milner (Bron: http://watch.pair.com/schacht.html). Hjalmar Schacht was daarnaast diep betrokken bij handelingen op Wallstreet in de Verenigde Staten, en het was tevens Max Warburg die Hitlers beslissing goedkeurde dat Hjalmar Schacht president van de Reichsbank werd (het document ‘Schacht’ voor deze functie, werd ondertekend door Hitler, von Hindenburg, evenals de acht leden van de hoogste raad van de Reichsbank, inclusief de Joden Mendelssohn, Warburg en Wasserman). Bij deze vergadering waren tevens aanwezig; Krupp von Bohlen (Duitse munitie/wapen fabrikant/Staalbaron, en werkzaam binnen het Ruhrgebied - in het begin van 1933 was hij het hoofd van de Reichsverband der Deutschen industrie), Dr. Albert Voegler (leidende kracht van de Vereinigte Stahlwerke, directeur van de aan Prescott Bush [UBC bank in New York] gelinieerde BHS Bank in Rotterdam, en een directeur van de Hamburg-American Line), von Loewenfeld, en Dr. Stein (hoofd van de Gewerkschaft Auguste Victoria - een mijn die toebehoorde aan I.G. Farben).
 
Overgrootvader en grootvader Bush hebben het goed uitgekiend. Via Brown Brothers & Harriman investeren ze in nazi-Duitsland, via de UBC gelinieerde BHS Bank in Rotterdam krijgen ze de bewapeningswinsten terug in de Verenigde Staten. De winsten lopen in 1934 op tot honderden miljoenen die ook naar Rotterdam en New York vloeien. In New York is Prescott Bush ondertussen managing director van UBC Bank die samen met de Bank voor Handel en Scheepvaart, in Rotterdam van Thyssen is. "De familie Bush wist zeer goed dat Brown Brothers het Amerikaanse geldkanaal naar nazi-Duitsland was en dat de Union Bank de geheime pijplijn was om het nazi-geld via Nederland opnieuw naar Amerika te brengen", schrijft John Loftus, voormalig procureur van het US Departement Nazi War Crimes.
 
Zo richtte Hitler een speech van twee en een half uur aan de zakenmensen, en nadat Hitler had gesproken betuigde Krupp von Bohlen de steun van de Industriëlen en de bankiers in de vorm van een politiek fonds van 3 miljoen Mark - wat meer dan genoeg bleek om aan de (zichtbare) macht te komen, daar er na de verkiezingen nog dik 600.000 Mark in het verkiezingsfonds bleef staan. I.G. Farben was de grootste contributeur van het fonds, en tevens deed A. Steinke (directeur van BUBIAG - Braunkohlen-u Brikett Industrie A.G. - verwant aan IG-Farben) nog eens een persoonlijke contributie van 200.000 Mark. De meest dominante figuren op Wallstreet welke keihard meedeelden in de opbouw van NS-Duitsland, waren ondermeer Gerard Swope (voortbrenger van de National Recovery Administration van Franklin Delano Roosevelt), Owen Young van de Federal Reserve Bank in New York, Paul Warburg (stichter Federal Reserve) en Clark Minor van International General Electric. De relatie tussen Gerard Swope, General Electric en de familie Roosevelt was dan ook opmerkelijk goed. Zo dus ook tussen hen en de financiëringen richting NS-Duitsland en tevens richting Rusland. En dat is dan ook niet verwonderlijk te noemen, omdat de familie Roosevelt één van de grootste aandeelhouders was binnen General Electric. Het was tevens Roosevelt (33e graads vrijmetselaar, lid van de Loge ‘Ancient Arabic Order of Nobles and Mystics’ onder de titel ‘Ridder van Pythias’) die in precies hetzelfde jaar toen Adolf Hitler aan de ‘macht’ kwam in de V.S. eenzelfde economisch plan invoerde zoals Hitler die invoerde (‘The New Deal’ - een eigenlijke replica van het economisch bestel zoals Hitler die invoerde - let wel; ECONOMISCH BESTEL). De financiëringen werden volledig afgerond door de Joodse bankiers Warburg, Rothschild, Schiff, Khun & Loeb, J.H. Schröder Bank voor Europa, en op Walstreet (incl. dezelfde namen) W.A. Harriman & Co, National City Bank, Chase Manhattan (Rockefeller), Guaranty Trust (onder de controle van J.P. Morgan = Rothschild / Rockefeller kartel) en de Union Banking Corporation samen met de Bank voor Handel en Scheepvaart, in Rotterdam van Thyssen. Verder werd Hitler gefinancierd door de directe elite in Duitsland zelf, middels Gustav Krupp (in 1919 al), Carl Duisberg (IG farben), Ernst Tengelmann (directeur van de Ruhr kolenmijnen), Dr. Hjalmar Schacht (president van de Reichsbank - aangesteld door Warburg), Albert Voegler, Adolf Kirdorf, Kurt von Schröder en Hugo Stinnes (deze laatste riep fondsen in het leven om van de Volkischer Beobachter - de partijkrant van de NSDAP - een dagblad te maken). I.G. Farben, DAPAG en A.E.G. werden verder allen opgebouwd middels Amerikaanse leningen in de 20er jaren, en hadden zoals gezegd Amerikaanse directeuren en verkregen in de 30er jaren enorme Amerikaanse financiele ondersteuning. In 1924 verkeerde de Krupp industrie in flinke moeilijkheden, en dit bedrijf werd gered door een bedrag van $10 miljoen contante geldlening welke werd verstrekt door Hallgarten & Company en Goldman Sachs. De geplande herbewapening van Duitsland kon enkel van start gaan nadat Dillon Read & Co $100 miljoen aan Duitse obligaties op Wallstreet liet zweven.
 
Daarnaast zou Sir Henri Deterding (Royal Dutch Shell) tevens gelden hebben verstrekt aan Adolf Hitler. Ook zou hij al in 1921 contacten hebben gehad met Alfred Rosenberg (ondermeer Hoofd redacteur van de Volkischer Beobachter). Dit werd beweerd door de Biograaf Glyn Roberts in zijn boek ‘The most powerful man in the world’. Hij stelde dat de Nederlands-Britse oliemagnaat Henri Deterding zeer gefascineerd was door Hitler, en hem niet minder dan 4 miljoen gulden doneerde. Hier is echter weinig hard bewijs voor gevonden, maar verbaast zou men niet moeten zijn wanneer dit het geval was. Toch was het Henri Deterning die later in Duitsland ging wonen toen Hitler aan het bewind kwam, en daar tevens zijn aandeel deed vergroten in de Duitse Petroleum markt. Ook de Franse firma van Schneider-Creuzot zou Hitler hebben gefinancierd. Als topman van Shell (die voor de Russische revolutie ook volop in Rusland actief was) had hij het netwerk en de middelen om Hitler en zijn NSDAP aan de macht te helpen. De Schneider groep is een firma van Franse bewapeningsfabrikanten welke zijn invloed heeft gehad in het bevorderen van het Fascisme in Hongarije. Het was overigens Paul Fauré, een Socialist en lid van de Chambre des Députés die deze bewering over de Franse Schneider groep deed. Er werden volgens een citaat uit de Franse krant ‘LeJournal’ 300.000 Zwitserse Gouden Franken door Hitler ontvangen, welke zouden zijn vervaardigd van intekengelden in Holland, onder de naam van een professor op een universiteit genaamd Von Bissing. Volgens Paul Fauré stond de Skoda fabriek in Pilsen onder de controle van de familie Schneider, en het waren volgens hem de directeuren van Skoda die deze subscripties aan Hitler overmaakten. Niettemin is de bevestiging voor deze bewering van Fauré niet echt terug te vinden in enige documentatie, maar nochtans zou men verbaasd moeten zijn wanneer dit geval ooit bevestigd wordt (zoals de Franse familie DuPont absoluut een expert is voor de wapenmunitie, en heeft meegedeeld in munitie-verstrekkingen voor NS Duitsland). Mussolini werd natuurlijk ook gefinanciërd, en wel door de Banca Commerciale Italiana met aan het hoofd Lodovio Toplitz (ook een meneer van Joodse afkomst - en dat mag gezegd worden!!). Een andere was Basil Zaharoff. Voor de leningen van Walstreet richting Benito Mussolini rekenen we hier Thomas W. Lamont (Guaranty Trust), welke het hoofd was van het bankiersnetwerk J.P. Morgan (Rothschild/Rockefeller Kartel). Lamont verstrekte Mussolini een lening van $100 miljoen dollar in 1926 (Bron: Mussolini and Fascism: The view from America - auteur: John P. Diggins. Thomas W. Lamont wordt bij uitstek gezien als de zakenman die het Italiaanse Fascisme sterk deed bevorderen). We zien ook hier weer de dubbele agenda met haar dubbele financiëringen direct terug, daar Guaranty Trust van Lamont/Morgan tevens centraal stond voor de financiëringen richting het Communisme. De directeur van Guaranty Trust was de vader van Corliss Lamont, welke een absolute Communist was. Maar zo kennen we natuurlijk ook Otto Kahn, de directeur van de American International Corporation, en van Kuhn, Loeb & Company, die zei; "Het Amerikaanse kapitaal dat in Italië wordt geïnvesteerd zal veiligheid, bevordering, kans en beloning ondervinden." Maar het was diezelfde Otto Kahn die tijdens een lezing in 1924 voor de Socialistische bond voor Industriële Democratie voorlegde, dat ‘hun doelstellingen tevens ZIJN doelstellingen waren." Maar ook Basil Miles (Russische bureau van het Staats Departement) was actief voor de zakenmensen die het Bolsjewisme ondersteunden. Toch was het diezelfde Basil Miles die in februari 1923 in de Nation’s Business een pro-fascistisch artikel schreef met de naam; "Italy’s Blackshirts and Business." Basil Miles schreef; "Het succes van de Fascisten is een expressie van de Italiaanse jeugd." Miles hemelde het fascisme enorm op, en prees haar hoge achting voor haar zaken met Amerika. Naast de leningen die Guaranty Trust (Morgan) deed aan de fascisten van Mussolini, en de ondersteuning van Rockefeller richting Nationaal Socialistisch Duitsland, werd het Communisme in Rusland flink uitgebouwd door hetzelfde kartel. Zo steld ook Antony C. Sutton in zijn boek ‘Western Technology and Soviet Economic Development’, dat het Morgan/Rockefeller kartel gewoon doorging met de opbouw van de Sovjet Unie, zowel militair als economisch. Dit is in feite iets wat Stalin na de oorlog dan ook toegaf; Dat tweederde voor de opbouw van het Communistische Rusland door Amerikaanse inzet werd gerealiseerd.
 
Tevens waren het leden van de Rhodes/Milner Roundtable group (of ‘Cliveden Set’ zoals Cloud Cockburn - een Communist - hen noemde) die Adolf Hitler ontmoetten voor dergelijke onderhandelingen. Het was de Roundtable group die ervoor zorgde dat Hitler niet gestopt werd in Oostenrijk, het Rijnland en Sudetenland. De financiering hiervoor werd rondgemaakt middels de door Warburg gecontroleerde Mendelsohn bank in Amsterdam, en de J. Henry Schroeder bank welke afdelingen had in Frankfort, New York en Londen. Een zeer belangrijke firma van de Schroederbank was de firma Sullivan & Cromwell wiens hogere ‘partners’ bestonden uit ondermeer John Foster Dulles (CFR, en een top directeur voor de Internationale Nikkel Co. welke overeenkomsten had met IG Farben zelf), en zijn broer Allen Dulles welke de directeur was binnen het bestuur van de J. Henry Schroeder bank (later werd hij hoofd van de CIA). Verder waren dit neven van de Rockefellers, en - volgens de onderzoeker en auteur Eustace Mullins - vertegenwoordigers van Khun, Loeb & Company.
 
De Vereinigte Stahlwerke
 
De Vereinigte Stahlwerke is zeer berucht geworden om diens productiviteit voor NS-Duitsland. August Thyssen had in Rotterdam de Bank voor Handel en Scheepvaart opgezet, om zijn staal imperium na de eerste W.O. te beschermen en zo het verdiende geld van de eerste W.O. van de August Thyssen Bank over te zetten naar de Rotterdamse Bank, nog voor het zogenaamde verdrag van Versailles. Zo heeft August Thyssen zijn staalimperium overgedragen aan zijn zoon Fritz Thyssen, welke ook de NSDAP financiërde. Fritz Thyssen ontmoette Adolf Hitler persoonlijk, en generaal Erich von Ludendorff, waarna hij 100.000 goud marken doneerde aan de NSDAP. Fritz Thyssen had in die tijd ook een Amerikaanse onderneming opgericht. Hij ontmoette in 1922 Averell Harriman (Investeringsbedrijf W.A. Harriman & Co, en tevens Skull&Bones lid) in Berlijn, waarbij Fritz Thyssen met hem overeen kwam om een Thyssen Bank op te richten in New York. Zo dienden de zaken-partners van Harriman als directeur, tesamen met de agent van Thyssen, H.J. Kouwenhoven. Thyssen had nu dus drie banken; In Nederland, Duitsland en de VS. H.J. Kouwenhoven reist in 1924 naar de VS om daar met Averell Harriman en George Walker de UBC (Union Banking Corporation) op te zetten (de UBC was direct gelinieerd aan de Bank voor Handel en Scheepvaart in Rotterdam van Thyssen), op exact het zelfde adres als Harriman & Co (van dit adres gingen de gelden tevens naar het Communisme). In 1925 krijgt het August Thyssen imperium een lening van 12 Miljoen Dollar, en zo anderhalf jaar later nog eens 5 Miljoen. Deze lening werd verstrekt door de Amerikaanse bank Dillon - Read & Co. Zijn bank werd ondermeer door Rockefellers Standard-Oil, Ford, General Electric, DuPont en ITT gebruikt om Hitler te financiëren. Het Vice-presidentschap van Harriman & Co werd door George Walker overgedragen aan zijn schoonzoon Prescott Bush (Grootvader van George W Bush jr. - tevens Skull&Bones lid), waarna Harriman & Co in zee ging met een Brits/Amerikaanse investeringsmaatschappij genaamd Brownbrothers (1 Januari 1931). W.A. Harriman & Co werd Brownbrothers & Harriman, en verkreeg vervolgens een enorm aandeel in de Consolidated Silesian Steel Corporation (Poolse mijnindustrie). Partners van de Brownbrothers & Harriman firma waren dus Prescott Bush en Thatcher M. Brown. Maar ook Robert A. Lovett stapte over van Brownbrothers. Zijn vader was weer de advocaat van E.H. Harriman, spoorwegbaas, en had samen met Prescott’s vader in de raad voor oorlogsindustrie gezeten. Brownbrothers zelf, had al een aardige naam opgebouwd in de Amerikaanse burgeroorlog. Brownbrothers, met vestigingen in Engeland en de V.S. vervoerde in die tijd op hun schepen 75% van de katoen, welke door slavenarbeid werd vervaardigd (van het Zuiden naar Engeland). Ook Gouverneur Montagu Collet Norman (Gouverneur van de Bank van Engeland - en wie controleerd de Bank van Engeland?) was een voormalig partner van Brownbrothers, en zijn vader was zelfs de baas van Brownbrothers tijdens de Amerikaanse burgeroorlog. Binnen de Britse klasse stond Montagu Collet Norman dan ook bekend als één van de grootste Hitler supporters. Maar ook Thatcher Brown was een intieme vriend van Sir Montagu C. Norman, de directe partner van Prescott Bush (Bush leidde de Amerikaanse vestiging van Brownbrothers in New York, terwijl Thatcher Brown dezelfde firma in Londen leidde). Montagu C. Norman was zelfs een goede vriend van Warburg. Een deel van de winsten van het nieuwe Brownbrothers & Harriman bedrijf werden geïnvesteerd in de SS. Niettemin werd er in 1933 in Berlijn een overeenkomst bereikt om alle handel tussen Duitsland en Amerika volledig te kunnen coördineren, middels onderhandelingen waar Hitler zelf, zijn minister van Economische zaken, Hjalmar Schacht en John Foster Dulles in meedeelden. Dit alles in overleg met Max Warburg en Kurt von Schröder. Hier kwam het resultaat uit rollen, dat Oliver Harriman (hoofd van ‘Harriman International Co.’ en neef van Averell Harriman) een syndicaat vormde van 150 bedrijven om de zaken tussen Duitsland en Amerika goed af te kunnen handelen. In 1934 ging Samuel Pryor (hij had ook met de UBC gelinieerde BHS Bank in Rotterdam en American Ship & Commerce Corporation te maken), de voorzitter van Remmington Arms (de wapenfabrikant) een overeenkomst aan met I.G. Farben. Het merendeel van de wapens waarmee de Duitsers werden uitgerust waren van Amerikaanse makelij, en het is tevens bekend dat de Jugend Sturm (voorloper van de Hitler Jugend) al in de jaren twintig met Amerikaanse pistolen werd uitgerust.

In de jaren twintig waren het Bert Walker en Averell Harriman die de controle verkregen over de Hamburg-American line (een scheepvaartbedrijf) in onderhandeling met Wilhelm Cuno. Wilhelm Cuno was hier de directeur van, en tevens een Duitse politicus welke Kanselier werd gedurende de Weimar Republiek in 1923 (ook Wilhelm Cuno doneerde zoals eerder werd gezegd, flinke sommen geld aan de NSDAP). De Hamburg-American line zat verder vast aan de MM Warburg bankiers, en het was dit scheepvaartbedrijf wat een enorme rol is gaan spelen in de verschepingen van wapens en munitie naar Duitsland. Ook de bedrijven Holland-American Trading Corporation en de Seamless Steal Corporation vielen onder het roer van de UBC gelinieerde BHS Bank in Rotterdam. Daarbij werd er door American Ship and Commerce Corporation (van Prescott Bush/Harriman) mede gedeeld dat Max Warburg de aangewezen vertegenwoordiger moest zijn binnen de raad van Hamburg-America (line). Bush en Harriman vreesden een antipathie in Amerika jegens hun zaken met NS-Duitsland, want de anti-propaganda tegen Hitler was in het buitenland flink toegenomen. Max Warburg stuurde Harriman op deze eis een brief, waarin Max Warburg stelde dat de Hitler beweging goed was voor Duitsland. Hij zei in 1933; "Voor de laatste jaren gingen de zaken aanzienlijk beter dan wij hadden voorzien, maar een tegenaanval (anti-Hitler propaganda en demonstraties) maakte zich zeer gevoelig in de laatste maanden. Wij lijden eigenlijk ook onder de zeer actieve propaganda die tegen Duitsland gevoerd word, welke door een aantal onplezierige omstandigheden worden veroorzaakt. Deze gebeurtenissen zijn een natuurlijk gevolg door de zeer opgewonden verkiezingscampagne (van Hitler), maar werden buitengewoon overdreven in de buitenlandse pers. De overheid (van Duitsland) heeft vastberaden besloten om openbare orde en vrede te handhaven. Ik ben er in dit opzicht dan ook volledig van overtuigd dat er geen reden is voor enig alarm, of voor wat dan ook."

-- Max Warburg, at M.M. Warburg and Co., Hamburg, to Averill Harriman, c/o Messrs. Brown Brothers Harriman & Co., 59 Wall Street, New York, N.Y., March 27, 1933 (geciteerd uit het boek George Bush: The Unauthorized Biography --- by Webster G. Tarpley & Anton Chaitkin)

Twee dagen later (na de brief van Max Warburg aan Harriman) zond Erich Warburg (de zoon van Max Warburg) een telegram naar zijn neef Frederick M. Warburg (de directeur destijds van Harriman Railroad) waarin hij dringend vroeg "al zijn invloed te gebruiken, om alle anti-NS activiteiten tegen Duitsland in Amerika een halt toe te roepen, inclusief de onvriendelijke propaganda in de buitenlandse pers." Frederick M. Warburg zond een bericht terug waarin hij duidelijk stelde dat er ‘geen verantwoordelijke groepen waren die een boycot overwogen inzake Duitse goederen, maar dat dit eerder om een aantal zeer opgewonden individuen zou gaan (die een anti-campagne tegen Hitler en Duitsland hadden opgezet).’ Twee dagen daarna voerde de "American Jewish Committee" welke onder de controle stond van Warburg en de B’nai B’rith, een formele en officiele gezamenlijke verklaring uit van beide organisaties, dat een "Amerikaanse boycot tegen Duitsland niet werd aangemoedigd" en adviseerde tevens dat "gezamenlijke massa-bijeenkomsten (zoals demonstraties) en gelijkgeaarde agitaties niet tegen Nationaal Socialistisch Duitsland zouden moeten worden aangewend." Met deze ‘campagne’ welke de antipathie jegens NS-Duitsland af probeerde te zwakken gingen de American Jewish Committee en de B’nai B’rith gedurende de dertiger jaren gewoon door (bron; EIR, Lyndon LaRouche). Emil Helfferich, de chef die over de subsidies ging, verstrekt door Standard Oil en tevens over die van de Hamburg-American Line van Bush, Harriman en Hitler, bekende na de oorlog dat de SS bewakers die in Auschwitz hadden gediend, werden betaald via een bank-account van Standard-Oil. Emil Helfferich en Karl Lindemann (directeur die samenwerkte met Bush/Harriman) waren gemachtigd om ‘Standard-Oil cheques’ uit te schrijven voor SS-hoofd Heinrich Himmler. Daarbij ging er in 1936 een bericht uit van de Warburg Bank naar het Bush-Harriman kartel, welke geschreven was door Emil Helfferich. Hierin stond te lezen dat het de bedoeling was dat de samenwerking tussen de Hamburg American Line en Bush-Harriman gewoon zou voortduren zoals daarvoor aan de orde was (zoals dit was voordat Hitler aan de ‘macht’ kwam). Helfferich zond een employee richting New York om Averell Harriman te ontmoeten, waarna het Harriman/Bush kartel antwoordde; "Ik ben blij te vernemen dat Mr. Helfferich heeft verkozen om de relaties tussen de Hamburg-American Line en onszelf op dezelfde basis voort te laten duren, zoals hiervoor." Dit antwoord werd naar Rudolf Brinkmann gestuurd, de employee van Max Warburg destijds op de Warburg Bank. In 1937 vertrok Max Warburg zelf bij I.G. Farben, zogezegd omdat Max Warburg ‘Joods’ was (terwijl Max Warburg zoals men beweerd, zelfs door NS-Duitsland werd vereerd als de meest ‘rechtschapen Ariër’ - vanwege de grote gelden). Hij vertrok naar Amerika waar hij in 1946 overleed. Rudolf Brinkmann begon de Warburg Bank onder zijn eigen naam - maar onder de controle van hetzelfde netwerk - voor NS-Duitsland te leiden. Alleen de naam werd anders, maar niet de werkwijze en ook niet het beheer. Duitsland verkreeg in 1939 namelijk nog altijd de steun van Paul Warburg middels American I.G., waar hij samen met Charles Mitchell (National City Bank - later werd deze bank ontmaskerd als een Rothschild bank), Carl Bosch, de Rockefeller bank, Herman Schmitz en Max Ilgner (de neef van Schmitz) het roer stevig in handen hield. Het was tevens Schmitz die in het geheim de meest vertrouwde adviseur van Hitler werd, en dit was zo geheim, dat de pers opdracht kreeg om hen nooit tegelijk op de foto te nemen. Schmitz werd een erelid van de Reichstag, en zijn medewerker Carl Krauch werd de belangrijkste adviseur van Hermann Goering. Het was tevens Paul Warburg die na de eerste oorlog bij het verdrag van Versailles aanwezig was als de financieel adviseur van president Woodrow Wilson (die het plan op tafel legde voor een Volkerenbond, de eerdere versie van een Verenigde Naties).

De Bushes (Skull&Bones) en trawanten financiërden dus NS Duitsland via Brownbrothers & Harriman, en via onderandere de UBC-bank van Bush gelinieerd aan de Nederlands BHS van Thyssen kregen ze de winsten terug in de VS, waardoor zij NS Duitsland met een gesloten beurs en enorme winsten zeer groot maakten. Na de oorlog werd Prescott Bush senator in Connecticut (Vestiging van de Yale University / Skull&Bones), en de favoriete golfpartner van President Eisenhower. Het is daarbij zeer interessant te noemen dat de zogeheten opzet van het Derde Rijk binnen de officiële geschiedenisboeken een zeer objectief punt had; En dat was de totale vernietiging van het internationale Joods/Marxistische bankkartel geleid door Rothschild, terwijl de krachtigste hand van hetzelfde Rothschild kartel (MM Warburg en Zionisten) achter de opbouw zat van datzelfde Derde Rijk. En dat is iets wat men niet terug vind in de officiële verhaal. Op die manier konden dezelfde Joodse/Anglo-amerikaanse bankiers ongezien hun gang gaan, en zouden zij nooit verdacht worden in de ogen van de publieke opinie. Daarbij had de anti-Joodse propaganda ook te maken met een samenwerking van NS Duitsland en het Zionisme (Het Zionisme verkreeg aardig grote privileges in NS Duitsland in die tijd, en dan wel voor het doel alle Joden aldaar zo snel mogelijk richting Palestina te krijgen - iets waar Duitsland in die tijd maar wat graag aan mee werkte - hier komen we dadelijk op terug). Deze connecties zijn natuurlijk uit de geschiedenisboeken gehouden.

De opbouw voor een oorlog had namelijk een geheel andere inzet dan velen denken, en die was - zoals vele serieuze onderzoekers hiervan overtuigd zijn - om achter de schermen tot de slotsom voor de ‘Verenigde Naties’ te kunnen komen (de absolute eerste peiler voor het stichten van een toekomstige New World Order). Een hele grote gecontroleerde zwendel dus, met vele dubbele agenda’s en met maar één enkele winnaar; de absolute machts elite. En dubbele agenda’s hadden de heren zeer zeker tegenover hen die onder hun macht vertoefden. Het was zelfs Rockefeller die middels een brief aan de New York Times in 1941 stelde; "Wij moeten het Britse Rijk koste wat het kost tot het einde aantoe bijstaan." terwijl Hitler zelfs de banden met Engeland wilde behouden, en zelfs wilde verstevigen wat uiteindelijk ook gebeurde via een in Londen valselijk opgemaakt Nederlands-Belgische-Luxemburgse Douane-overeenkomst. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Rockefeller’s Standard Oil (Royal Dutch Shell) een grootmagnaat was in de opbouw van NS Duitsland, en hen de gehele oorlog middels grondstoffen bleef ondersteunen. 
 
Hitlerkabinet en Nazi regime na WW II geruisloos voortgezet vanuit Nederlands grondgebied, Benelux en vervolgens Europa...
 
Op 10 augustus 1944 vond in het Maison Rouge Hotel in het Franse Straatsburg een geheime ontmoeting plaats.

Nazi-functionarissen gaven een elitegroep Duitse industriëlen opdracht om zich voor te bereiden op een ‘krachtig Duits rijk’. 

Met andere woorden: het Vierde Rijk.

Na de bijeenkomst werd een rapport aan Britse functionarissen en de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken gestuurd. In het rapport was te lezen hoe de industriëlen de Duitse economie opnieuw zouden moeten opbouwen door de nazipartij te helpen geld door Zwitserland te sluizen.

Koningin Wilhelmina van Nederland

Het rapport na de geheime ontmoeting was opgesteld door een Franse spion. De bijeenkomst werd geleid door SS-Obergruppenführer Dr. Scheid. Hij bekleedde een hoge positie binnen de SS. Overigens was Jozias van Waldeck-Pyrmont, volle neef van de Nederlandse koningin Wilhelmina, eveneens Obergruppenführer binnen de SS. (Hitler kabinet en Nazi regime zijn dan ook geruisloos voortgezet vanuit Nederlands grondgebied! NCF)

Scheid gaf de industriëlen opdracht contact te leggen met buitenlandse firma’s. Ze moesten na de oorlog grote sommen geld gaan lenen van andere landen. Slechts enkele industriëlen werden uitgenodigd voor een tweede besloten vergadering, die werd voorgezeten door Dr. Bosse van het ministerie van Bewapening. Daar werden geheimen gedeeld met de elite van de elite.

Bosse had een stappenplan ontwikkeld voor de implementatie van het Vierde Rijk. Eerst zouden de corporaties de nazipartij, die op de achtergrond verder zou gaan, moeten financieren. Daarna zou de overheid grote sommen geld moeten geven aan Duitse industriëlen. Vervolgens zouden Duitse bedrijven een geheim netwerk vormen van buitenlandse dochterondernemingen die zogenaamd militair onderzoek zouden doen.

Het geld zou via twee banken in Zürich worden doorgesluisd naar de buitenlandse netwerken. De nazi’s stuurden al jaren geld naar de neutrale landen. De oorlog bleek voor Duitsland uiteindelijk zeer winstgevend te zijn geweest.

In 1951 werd de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS), de voorloper van de Europese Unie, opgericht. De EGSK was de eerste supranationale organisatie en daarmee begon de erosie van nationale soevereiniteit, een proces dat tot op de dag van vandaag doorgaat.

In 1957 ondertekenden de zes leden van het EGSK het Verdrag van Rome, het verdrag ter oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (EEG). Het verdrag maakte de weg vrij voor andere machtige supranationale instituties waaronder het Europees Parlement en de Europese Commissie. 

Het geheime rapport is in 2011 vrijgegeven door de Britse Nationale Archieven. Bron: Dailymail.co.uk

Verdrag van Rome opgesteld door Robert Rothschild.

De Belgische Nazi collaberateur, socialist Paul-Henri Spaak die tijdens de oorlog samen met Robert Rothschild die na het slagen van zijn examen in april 1937 toegetreden is tot zijn kabinet, verbleven samen met de Belgische en Nederlandse regering als ook Nazi Bernhard van Lippe-Biesterfeld en het Nederlands Koningshuis in Engeland in ballingschap. Nazi Prins Bernhard (Bilderbergoprichter video) wou stadswachter van Hitler worden, wat uiteindelijk ook gebeurde. Wilhelmina heeft met haar vlucht naar Londen op 13 mei 1940 haar eed op alle fronten geschonden. Zo overtrad zij artikel 21 uit de grondwet, dat verbood dat de zetel van de regering buiten het rijk zou worden geplaatst. Door de grondwet te overtreden had de Nederlandse regering zichzelf in feite in 1940 opgeheven en officieel geruisloos overgedragen aan Hitlers kabinet met als rijkscommissaris voor de nieuwe Nazi staat Arthur Seyss-Inquart.
 
De Belgische Koning Leopold III wilde hieraan niet deelnemen. Dit was de rede waarom in mei 1940, bij de inval van België door nazi-Duitsland, Leopold III erop stond om persoonlijk het opperbevel over het Belgische leger te voeren. Zijn functie als staatshoofd vond hij hieraan ondergeschikt. Omdat hij weigerde naar het buitenland te vluchten, kwam het tot een breuk met de regering van Hubert Pierlot. Dit gegeven vormde de kiem van de latere Koningskwestie. Het laatste en dramatische gesprek tussen de koning en zijn ministers vond plaats in Wijnendale op 25 mei. Na de capitulatie op 28 mei 1940 werd hij krijgsgevangengenomen door de Duitsers.

Op 5 september 1944 werd in Londen een door mr. B.Ph. Baron van Harinxma thoe Slooten gebaseerd, valselijk Nederlands-Belgische-Luxemburgse Douane-overeenkomst gesloten, wat Harinxma thoe Slooten valselijk ondertekende namens de Regering van Hare Majesteit de Koningin der Nederlanden en dhr. Paul-Henri Spaak namens de Regering van Zijne Majesteit de Koning der Belgen en namens de Regering van Hare Koninklijke Hoogheid de Groothertogin van Luxemburg, waaruit geen enkele rechtskracht kan worden ontleend. Als het moederverdrag vals is dan zijn alle dochterverdragen als vervolg daarop ook vals. Als gevolg daarvan hebben de Nazi’s zich na de Tweede Wereldoorlog vanuit de Benelux kunnen voortzetten. Om dat te voorkomen is Koning Leopold III gedurende de Tweede Wereldoorlog juist in België gebleven.

Hij voelde dit aankomen en heeft daarom in januari 1944 een  "politiek testament"  geschreven, dat gepubliceerd moest worden in het geval hij niet in België zou zijn als de geallieerde troepen het land zouden bevrijden (zelf schreef hij "bezetten").

In het testament eiste hij excuses van de regering in ballingschap voor de gebeurtenissen van 1940 en verwierp hij de verdragen die zij in Londen gesloten had. Dit betekent dat Koning Leopold III daarmee postuum het nieuw Benelux-Verdrag heeft verworpen.

13 maart 1945

Koningin Wilhelmina, die geen Staatshoofd meer was, zette in Eede (Zeeuws Vlaanderen) weer voet op Nederlandse bodem (Bron: Wikipedia).

 

4 april 1945 tot 24 juni 1945

Dr. E. (Jan) de Quay (KVP/RKSP) wordt door Koningin Wilhelmina benoemd tot Nederlands minister van oorlog, wat wettelijk niet kan, want vanaf 18 mei 1940 had Adolf Hitler de regeringsbevoegdheden van Nederland overgenomen (Bron: Parlement & Politiek)

 

26 april 1945:

Eisenhower nam het initiatief voor een ontmoeting tussen 'zijn vertegenwoordigers' enerzijds en aan Duitse kant Seyss-Inquart en Blaskowitz. De Duitsers vermoedden dat het doel van de ontmoeting zou zijn te praten over een Duitse capitulatie en besloten werd dat Blaskowitz niet zou gaan. Een eerste bespreking had plaats op 28 april 1945 in een school in Achterveld bij Hoevelaken. Seyss-Inquart stuurde zijn plaatsvervanger Schwebel; aan Geallieerde kant waren Montgomery's chef-staf, de Guignand, en de organisator van de voedselhulp generaal Galloway aanwezig. (Bron: De Tweede Wereldoorlog)

 

27 april 1945:

Hitler is op 27 april 1945 samen met Eva Braun gevlucht uit zijn bunker in Berlijn, zijn plek zou zijn waargenomen door acteurs en look a likes van Hitler. Vervolgens zou hij zijn gevlucht naar Tonder in Denemarken vandaaruit naar Travemunde in Duitsland en toen is hij doorgevlogen naar Spanje. Vanuit daar konden ze met hulp van generaal Franco vanuit de Canarische eilanden met een duikboot vluchten naar Argentinië. Samen met ongeveer 50 vertrouwelingen van Hitler zou hij in zuid Argentinië aangekomen zijn. Er zijn verklaringen van een Duitse piloot dat hij op 28 april 1945 Hitler en zijn vrouw Eva Braun uit Berlijn heeft weggevlogen (Bronnen: Plazilla, Paradigma, Belang van Limburg).

Het moge u duidelijk zijn dat toen Hitler op 26 april 1945 vernam dat Eisenhower op 28 april 1945 een eerste bespreking in een school in Achterveld bij Hoevelaken zou hebben om te praten over de Duitse capitulatie Hitler daags erop op 27 april 1945 is gevlucht. Dit was bij de Duits generaal Blaskowitz en Rijkscommissaris Seyss-Inquart bekend. Daarom waren Blaskowitz en Seyss-Inquart op 28 april 1945 ook niet op die eerste bespreking aanwezig.

 

28 april 1945

Seyss-Inquart was bij het overleg om te praten over de Duitse capitulatie niet aanwezig omdat die in het geheim een afspraak had met prins Bernhard. In de dagboek aantekeningen van prof. dr. J. E. de Quay staat daarover letterlijk het volgende geschreven: “Om 11 uur was hij er. Reed meteen weg voor onderhoud met Seijs-Inquart...zoals hij met een woord tegen mij zei. Om vier uur prins terug. Deed verslag van historische bezoek aan hoofdkwartier bij het Canadeesche leger, waar Schwebel aanwezig was. Deze was geblinddoekt door de lijn gebracht. Er was uitsluitend gesproken over voedsel. Morgen zal men beginnen met het droppen uit vliegtuigen.” (Bron: dagboekaantekeningen van prof. dr J. E. de Quay). Het behoeft geen toelichting dat Prins Bernhard met Seijs-Inquart hebben gesproken over de vlucht van Hitler en zijn vrouw Eva Braun en hun plannen m.b.t. tot de zelfmoord op 30 april 1945 van een dubbelganger van Hitler met in zijn testament dat hij Admiraal Dönitz heeft aangewezen als zijn opvolger.

 

30 april 1945

Er was eerst een voorbereidende bijeenkomst op zaterdag 28 april, waaraan alleen de Duitse generaal Schwebel deelnam plus een Duitse ambtenaar. Seyss-Inquart kwam op maandag 30 april met de generaals Schwebel en Reichelt (chef-staf van de Duitse militaire bevelhebber over bezet Nederland generaal Blaskowitz),generalkommissar Friedrich Wimmer en ambtenaar Liese (van de Liese-Aktion) en zeven hoge Nederlandse ambtenaren, onder wie secretaris-generaal Hans Hirschfeld en de hoge ambtenaar Louwes, die over voedseldistributie gingen. Prins Bernhard nam ook deel en er waren twee Russische waarnemers.

 

Onder leiding van luitenant-generaal Walter Bedell Smith, Amerikaan, vertegenwoordiger van generaal Eisenhower, namen aan de onderhandelingen deel de volgende generaals:

  • Harry Crerar, de opperbevelhebber van het Canadese legerkorps
  • Sir Francis de Guingand, Brit, chef-staf van Montgomery
  • Sir Alexander Galloway, Brit, van Montgomery's 21st Army Group
  • Andrew Geddes, Brits RAF air-commodore, belangrijk organisator van de voedseldropping waaronder die van Operatie Manna op 29 april 1945
  • Charles Foulkes, de Canadese bevelhebber in Nederland, die op 5 mei 1945 de capitulatie van de Duitsers in Wageningen in ontvangst nam
  • Hugh Webb Faulkner, Brits schout-bij-nacht
  • George Kitching, Canadees, vice-chef-staf van generaal Crerar
  • Sir Kenneth Strong, Brit, uit Reims, chef van de inlichtingenafdeling van het geallieerde hoofdkwartier SHAEF
  • Iwan Susloparow, Rus, namens de Sovjet-Unie
  • Sir Edgar Williams, Brit, chef-staf inlichtingen van Montgomery.

Daarnaast namen nog deel volgens de plaquette in Achterveld de officieren kapitein Gooding, mogelijk brigadegenraal Galbride, lt-kol P.H. Tedman (Canadees), lt-kol J. Weidemann (Can.), kol. I. Zenkovitsch (SU).

Er werd niet alleen afgesproken dat er verruimde voedseltransporten zouden plaatsvinden, maar ook werden er regelingen getroffen voor het openstellen van het gehele luchtruim boven Nederland plus het vrijmaken van de Nieuwe Waterweg en de waterweg via Dordrecht en dat vanuit het dan geneutraliseerde Rhenen per dag 1000 ton levensmiddelen over de weg aangevoerd zou worden. De relatieve zwaarte van de delegatie van geallieerde zijde was bedoeld om meteen de capitulatie te regelen, wat echter niet geheel lukte. Het behoeft geen toelichting dat Hitler onder deze gecreëerde openstelling van het luchtruim boven Nederland gemakkelijk met een vliegtuig naar Spanje heeft kunnen vluchten.

Bedell Smith werd tijdens de onderhandelingen kwaad op Seyss-Inquart toen deze koppig deed. Hij zei toen Seyss-Inquart niet over een Nederlandse capitulatie wilde spreken: "En als u door uw koppigheid nog meer verliezen aan mensenlevens veroorzaakt bij de geallieerde troepen of de Nederlandse burgers, zult u uw straf moeten ondergaan, en u weet wat dat zal betekenen. U zult worden opgehangen." - "Dat laat me koud", zei Seyss-Inquart. "Dat zal het inderdaad", riposteerde Bedell Smith. Na het overleg trachtte generaal Schwebel buiten Seyss-Inquart alsnog over te halen toch in te gaan op de onderhandelingen over capitulatie, en ging terug naar Bedell Smith die er welwillend tegenover stond (Bron: Wikipedia).

Het behoeft geen toelichting dat Seyss-Inquart koppig deed tegenover Bedell Smith. Hij wist namelijk dat Hitler op 27 april 1945 was gevlucht en dat een dubbelganger op 30 april 1945 zelfmoord zou gaan plegen. Om die reden zijn na de zelfmoord van zijn dubbelganger de lijken overgoten met benzine en in brand gestoken, waarbij de sporen zijn uitgewist.

Dat Hitler op 30 april 1945 geen zelfmoord heeft gepleegd en het om een ander persoon gaat is uit later onderzoek feitelijk bewezen. De schedel-met-kogelgat die tot nu toe aan Adolf Hitler werd toegeschreven, blijkt van een onbekende Duitse vrouw te zijn. Dat melden diverse Engelse media zondag op basis van Amerikaans onderzoek.

Een museum in Moskou bewaarde jarenlang de schedel van Hitler. Zijn half verbrande lichaam werd in 1945 begraven, nadat hij op 30 april 1945 samen met Eva Braun zelfmoord pleegde door een cyanidepil te slikken en zich vervolgens door het hoofd te schieten. Daarna zouden de beide lichamen zijn overgoten met benzine en in brand gestoken, om te voorkomen dat Russische troepen er misbruik van zouden maken. Sommige historici twijfelden aan deze versie van Hitlers’ dood, omdat dit zijn heldenrol nog eens zou bevestigen. Een door de Russen gevonden schedelfragment, inclusief kogelgat, bij de bunker van de nazileider gold lange tijd echter als overtuigend bewijs. Dat was een jaar nadat de lichamen al door de Russen naar Moskou waren overgebracht en daar onderzocht. Tot 1970 werden die bewaard en pas toen door de KGB verbrand tot as.

Wetenschappers van de universiteit van Conneticut kregen in september 2009 de mogelijkheid om het bot te onderzoeken. Ze verzamelden niet alleen DNA-monsters, maar trokken ook conclusies op basis van het uiterlijk van het schedelfragment. De onderzoekers kregen een uur de tijd voor hun onderzoek. „Het bot leek erg dun”, verklaarde hoofdonderzoeker Nick Bellantoni in de Engelse krant The Guardian. „Mannelijk bot is normaal gesproken dikker. Bovendien corresponderen de schedelnaden met die van een persoon jonger dan 40 jaar.” De DNA-test bewees vervolgens definitief dat het schedelfragment niet afkomstig kan zijn van Hitler.

„De precieze oorzaak van zijn dood blijft daardoor onduidelijk.” Ook is het stuk bot niet afkomstig van Eva Braun. „Waarschijnlijk is het wel van een vrouw tussen de 20 en de 40 jaar, maar er zijn geen aanwijzingen dat Braun zich door het hoofd heeft geschoten of dat iemand anders dat heeft gedaan. De schedel kan van iedereen zijn geweest”, aldus Bellantoni. Hiermee is het bewijs geleverd dat Hitler niet in de bunker is overleden (Bron: Reformatorisch Dagblad).

Dit geeft ook een verklaring voor het feit dat terwijl Seyss-Inquart nog in Achterveld over details confereerde, de Führer zelfmoord pleegde, na per testament Admiraal Dönitz te hebben aangewezen als zijn opvolger, waarop hij concludeerde dat capitulatie onvermijdelijk was (Bron: De Tweede Wereldoorlog).

2 mei 1945

De Protocollen van Achterveld werden in Wageningen ondertekend (Bron: Wikipedia)

 

2 en 3 mei 1945

Admiraal Dönitz, de in het testament de opvolger van Hitler was, ontbood Seyss-Inquart naar Flensburg te komen; deze had een dag eerder Dönitz geïnformeerd over zijn contact met Bedell-Smith. Van Dönitz kreeg hij de opdracht zijn contacten voort te zetten maar wegens slecht weer kon de boot in de nacht van 3/4 mei niet uitvaren(Bron: De Tweede Wereldoorlog).

 

4 mei 1945

Om 9 uur kwam adjudant majoor Molenaar bij minister van Oorlog Jan De Quay binnen met het bericht dat de Duitsers in Nederland, Denemarken en NW Duitsland hadden gecapituleerd (Bron: dagboekaantekeningen van prof. dr J. E. de Quay). Direct daarna, dezelfde dag nog, werd Seyss-Inquart in Hamburg gearresteerd en overgebracht naar Delden om verhoord te worden door generaal Crerar, de commandant van het eerste Canadese leger, die zijn hoofdkwartier toen nog op kasteel Twickel had. Seyss-Inquart werd bewaakt door Canadese soldaten en gevangen gezet in een tent bij de watertoren, tot groot genoegen van de Deldense bevolking, die belangstellend kwam kijken. (Bronnen: Scholieren, Europese Bibliotheek). Op deze wijze moest naar de Nederlandse bevolking toe de indruk worden gegeven dat Nederland was bevrijd, met de voorkennis en wetenschap dat nadien het Hitler-kabinet en daarmee de Nazi’s vanuit Nederland zijn doorgegaan omdat Adolf Hitler niet dood was en tot 1962 heeft geleefd (Bron: Paradigma).

 

5 mei 1945

Rijkscommissaris Seyss-Inquart moest in Nederland (Delden) zijn om (onder dwang!) Jan Donner (de grootvader van Piet Hein Donner) te benoemen tot lid van de Hoge Raad. Hij was de enige persoon die daartoe bevoegd was omdat Adolf Hitler nog in leven was en Jan Donner op 13 maart 1944 ontslag heeft genomen als raadsheer, zonder afstand te nemen van het beleid van de Hoge Raad tijdens de bezetting (Bron: Europa Nu). Adolf Hitler heeft na zijn spectaculaire ontsnapping namelijk nog 17 jaar gewoond op een ranch in San Carlos de Bariloche (Patagonia), waar hij in 1962 om 15:00 uur in het bijzijn van zijn lijfarts Otto Lehmann is overleden (Bron: Paradigma).

 

Na de Tweede Wereldoorlog:

 

Op 5 mei 1945 

wordt in Nederland gevierd dat Duitsland op 5 mei capituleerde in West-Nederland. Op die datum zou in Hotel De Wereld te Wageningen de capitulatie zijn getekend tussen de Duitse generaal Johannes Blaskowitz en de Canadese generaal Charles Foulkes, in het bijzijn van Prins Bernhard. De overeenkomst werd op 6 mei getekend in de naast Hotel de Wereld gelegen Aula van de toenmalige Landbouwhogeschool. Prins Bernhard was daarbij niet aanwezig. De akte zelf, aanwezig in het Gemeentearchief Wageningen, is gedateerd Wageningen 5 mei 1945.

 

In werkelijkheid betrof het slechts een overeenkomst over de technische uitwerking voor Duitse troepen in Nederland van de capitulatie op 4 mei van Duitse troepen in noordwest-Europa. (bron: Wikipedia). Hiermee is het bewijs geleverd dat door toedoen van Prins Bernhard niemand namens het Nederlands Staatshoofd en/of Regering de capitulatie van Duitsland (het Hitler-kabinet) heeft ondertekend en ook niemand bij de ondertekening door de niet gemachtigde Duitse generaal Johannes Blaskowitz en de Canadese generaal Charles Foulkes aanwezig is geweest. Dit kon ook niet want Adolf Hitler was nog in leven en Rijkscommissaris Seyss-Inquart die op deze dag Jan Donner (ARP) als raadsheer bij de Hoge raad heeft benoemd in Nederland (Delden) was.

 

Op 6 mei 1945 

om 18:00 uur stemde opperbevelhebber generaal Dwight D. Eisenhower namens de geallieerde strijdkrachten in met een complete onvoorwaardelijke overgave. Dit met de wetenschap dat Nederland nog bezet was omdat Adolf Hitler in leven was en Rijkscommissaris Seyss-Inguart in Nederland verbleef.

 

Op 7 mei 1945

na de vermeende dood van Adolf Hitler en in overeenstemming met zijn laatste wil en testament, werd Dönitz benoemd tot Hitlers opvolger als Staatsoberhaupt (staatshoofd) met de titel van rijkspresident en opperbevelhebber van de strijdkrachten. Op 7 mei 1945 beval hij Alfred Jodl de Duitse overgave te tekenen in Reims, Frankrijk. Dönitz bleef aan het hoofd van de Flensburgregering, zoals het bekend kwam te staan, totdat het ontbonden werd door de geallieerden op 23 mei 1945 (Bron: Wikipedia). Omdat Adolf Hitler tot 1962 nog in leven was en Nederland niet was bevrijd omdat Rijkscommissaris Seyss-Inquart op deze dag nog in Nederland verbleef, betekent dat Nederland nooit bevrijd is geweest.


Op 24 juni 1945 

benoemde koningin Wilhelmina het eerste naoorlogse kabinet. Dit betekent dat Adolf Hitler vóór 24 juni 1945 koningin Wilhelmina moet hebben aangesteld als opvolger van de gevangen genomen Seyss-Inquart. Dit mocht nooit uitkomen. Om die reden is Seyss-Inquart daarna overgeplaatst naar Bad Mondorf in Luxemburg waar alle oorlogsmisdadigers voorlopig werden verzameld voor een van de eerste vooronderzoeken die later tot het Neurenbergproces leidden (Bron: Scholieren).Seyss-Inquart bevond zich onder de 22 oorlogsmisdadigers die tijdens het Proces van Neurenberg werden berecht; hij werd op 1 oktober 1946 op drie van de vier aanklachten schuldig bevonden en op 16 oktober 1946 ter dood gebracht (Bron: Wikipedia)

 
Nederland is nooit officieel teruggegeven door de Duitsers met als gevolg dat Het Hitlerkabinet geruisloos heeft kunnen voortbestaan vanuit Nederlands grondgebied, daaropvolgend Benelux, Europa …  Ook de Nederlandse Koningin Beatrix is hier het slachtoffer van en wordt gegijzeld door het nalatenschap van haar voorgangers. Zij dient hieraan dan ook een HALT te roepen !!!
 
Zoals gewoonlijk werd de belangrijkste motor achter de opbouw van het Reich en de oorlog zelf middels de Anglo-Amerikaanse en Joods / Zionistische bankierstalenten in de geschiedenis dus een complete ‘cover-up’ voor de publieke opinie. Ze plaatsten zichzelf op die manier voor de publieke opinie zogenaamd in het vizier van NS-Duitsland en werden volledig ‘begrepen’ alszijnde de ‘tegenhanger’ van Adolf Hitler omdat ze zogenaamd ‘Joods’ of ‘Amerikaans’ waren. De geschiedenisboeken worden nu eenmaal keer op keer geschreven door de overwinnaar, en daar staat dan ook elke keer weer het bekende verhaaltje in beschreven. Zeer bekende ‘Nazi-jagers’ zoals Simon Wiesenthal hebben namelijk nooit de ‘jacht geopend’ op Bush, Harriman, Brownbrothers, Rockefeller, DuPont, Rothschild en Warburg, maar ook Nederland dat sinds 1940 mede door toedoen van Nazi Bernhard van Lippe-Biesterfeld gegijzeld wordt voor het geruisloos voortzetten van het Hitlerkabinet en het Nazi regime waarvoor Nazi Arthur Seyss-Inquart (Duitse stadhouder van nazi Nederland) na de oorlog ter dood werd veroordeeld op het Nuernberg-tribunaal om dit Nazi geheim te kunnen garenderen. In de Neurenberg processen was ook de naam MM Warburg absoluut aanwezig op de lijst van ‘oorlogsmisdadigers’. Warburg is echter nooit veroordeeld. Terwijl Warburg één van de grootste krachten was achter de opbouw van NS-Duitsland en het regime van Adolf Hitler. Lagere rangen welke bijvoorbeeld binnen IG-Farben onder hun verborgen superieuren hadden gediend werden weldegelijk veroordeeld. Hitler ontving naast de hierboven genoemde steun, via dit netwerk indirect gelden van Krupp, Kennedy en Rothschild. De directe verbinding tussen Hitler en Wallstreet was daarbij Hjalmar H. G. Schacht, de president van de Reichsbank welke meedeelde in de nieuwe opbouw van Duitsland. Zijn vader werkte weer in het Berlijnse kantoor van de Equitable Trust Co. van New York (onder controle van Morgan). Daarnaast is het zeer opmerkelijk te noemen dat ‘Joodse’ bankiershuizen zoals die van Rothschild / Warburg na de oorlog volledig de draad oppikten om verder samen te werken met bankiers die Adolf Hitler in zijn strijd directe steun verleenden. Zo is het ook bekend dat de Chase Manhattan bank van Rockefeller officieel vrijwel direct samen ging met het ‘Joodse’ Warburg kartel. Maar ook Morgan is ondanks alles nog steeds direct verwant aan Rothschild, en het was zelfs Rothschild die (ondermeer via Schiff - Kuhn & Loeb) Morgan groot heeft gemaakt, maar ook Rockefeller en Harriman (railroads). Morgan en zo ook Brownbrothers zijn terug te herleiden naar de slavenhandel, openden vestigingen in Engeland, kwamen onder de Rothschilds, en openden vestigingen in de V.S. (New York).
 
De geschiedenis van het bedrijf J.P. Morgan begon toendertijd binnen George Peabody & Company - dit bedrijf vestigde zichzelf onder die naam in 1835 in Londen - en begon al in 1814 onder de naam Peabody, Riggs and Company met big business in het Amerikaanse Georgetown, waarbij zij operatief werden in de slavenhandel. Daarbij was dit bedrijf in die tijd al een directe zakenpartner van de Brownbrothers (het oudste bankiershuis in de V.S.). Brownbrothers werkt vandaag de dag onder drie namen; Brownbrothers & Harriman (nog steeds!!) in New York, Brown Shipley and Company in Engeland en Alex Brown and Son of Baltimore (deze naam herinnert dus aan de tijden van de slavenhandel).
 
Nadat Peabody in Londen was aangekomen, had hij een ontmoeting met Rothschild, en deze zei tegen Peabody dat de Engelse aristocratie niet zo vreselijk gesteld was op Rothschild, daar ze zijn uitnodigingen telkens weigerden. Hij vroeg vervolgens of Peabody zichzelf als een verkwistend gastheer wilde vestigen, waarbij Rothschild alle rekeningen zou betalen. Peabody ging hierop in, en Peabody zelf werd naast de populairste gast, vervolgens een zeer goede naam in Londen. Bij het diner gegeven door Peabody op de ‘vierde Juli’ in Engeland om de onafhankelijkheid van de V.S. te vieren, werd hij enorm populair onder de Engelse aristocratie, die op hun beurt grapjes zaten te maken over Rothschild bij een glas wijn, geschonken door Peabody. De Engelse aristocratie had niet in de gaten dat elke druppel drank die ze nuttigden door Rothschild was betaald. Peabody werd daarnaast een enorme succesvolle zakenman aan beide kanten van de Atlantische oceaan, en werkte samen met het Huis Rothschild die hem in de schaduw steunde. Peabody’s agent in Amerika was een firma in Boston genaamd Beebe, Morgan and Company. Deze werd gerunned door Junius S. Morgan (de vader van John Pierpont [J.P.] Morgan). Dit bedrijf ging als ‘agent’ in de 60er jaren van de 19e eeuw in Londen volledig samen als partner in George Peabody and Company, waarbij het bedrijf van Morgan zelf, nauwe banden aanging met de Rothschilds.
 
Later zij de baron Kurt von Schröder; "De invloed van de grote banken op de Duitse industrie werd zo groot, dat er bijna geen stukje van de Duitse industrie was dat niet onder hun controle stond." Zoals Kurt von Schröder dit zei, staat dit in een rapport van een regeringscommissie uit de Verenigde Staten, over een onderzoek naar de Dresdner bank in 1945 - 1946.

Een aantal Amerikaanse bedrijven die Adolf Hitler (en via het Federal Reserve System van Rothschild/Warburg) financiërden zijn;

Chase National Bank (Rockefeller) *

National City Bank (Rockefeller) *

Standard Oil (Rockefeller) *

General Aniline and Film

Sterling Products

Radio Corporation of America (RCA)

Ford Motors

General Motors

International Telephone and Telegraph (ITT)

IBM

Alcoa (het Mellon-Davis-Duke monopolie)

Hearst newspaper syndicate

Readers Digest magazine

Du Pont

The Saturday Evening Post

Sullivan and Cromwell law firm (Allen Dulles = CIA)

Texas [Oil] Company *

Davis Oil Company
 
SKF Industries(*) - De Rockefellers hebben tevens samen met de Rothschild's naast het Nationaal Socialisme ook het Communisme op zeer grove wijze gefinanciërd.
 
Dezelfde geldmagnaten en industriëlen achter het Communisme
 
Dezelfde geldmagnaten en industriëlen (nog altijd) achter het Communisme Open de boeken…. En je zult versteld staan als je ziet hoeveel Amerikaans geld werd weggenomen van de schatkist der Verenigde Staten voor het welzijn van Rusland. Zoek uit, welke zaken werden verricht voor de Staatsbank van Sovjet Rusland, door zijn correspondent, de Chase Bank van New York…."
 
- Congressman Louis T. Mc Fadden (Chairman, House Banking Committé) Dr. Bella Dodd, een ex-Communiste en leider van de Communistische Partij voor Amerika (CPUSA) in de 30er en 40er jaren (ze bekeerde zichzelf aan het einde van haar leven tot de Katholieke kerk), sprak naderhand vaak over ondermeer de Communistische infiltratie binnen de Katholieke kerk (als insider kon ze dat heel erg goed weten, en ze spreekt in haar boek "School of Darkness" dan ook nadrukkelijk over 1100 Communisten die in het geheim Katholiek ‘priester’ werden in de jaren ‘30), en sprak verder ook over hoe ze als ware idealiste langzaam maar zeker de ware aard van het Communisme begon te doorgronden. En vooral toen haar werd verteld, dat wanneer (tijdens de tweede wereldoorlog) de directe communicatie met Moskou onmogelijk zou worden geacht, ze naar New York moest bellen (de Waldorf Towers), waar vandaan ze vervolgens 1 van de 3 mensen zou spreken die ‘alles afwisten van de binnenste agenda van het Communisme’. Volgens haar waren deze mensen alle drie stuk voor stuk extreem rijke Amerikaanse Kapitalisten (multi-miljonairs). Daarbij was het adres van het hoofdkwartier van de partij (35 E. 12th Street) verdeeld over negen verdiepingen, en (zo stelde ze) werden ze alle negen gebruikt voor CPUSA zaken. De 6de verdieping (ook onder hun ‘beheer’) werd gebruikt voor de Joodse krant de Freiheit, en tevens door de Jewish Commission. Ze zei later; "Ik denk dat het Communistische komplot eerder een onderdeel is van een veel groter komplot…." Ze vreesde later nog steeds voor haar leven en was bang dat ze teveel zou vertellen van hetgeen ze wist. In haar boek "School of Darkness" stelt ze dat het Comminisme in feite een hoax was, voortgebracht door financierders uit New York en Londen, om ‘de gewone man’ onder controle te stellen, wereld tirannie te bevorderen en een Fascistische wereldoverheid voort te kunnen brengen. En hier heeft ze stellig gelijk in gehad. De oorlogsjaren werden een prachtige samenwerking tussen de Communistische partij aldaar en de kapitalistische elite, waarbij dezelfde elite figuren een Communistisch propaganda bureau financierde (Russian Institute) welke op hetzelfde adres te vinden was als de CFR van Rockefeller. Hier mengden grote namen als Whitney, Vanderbilt, Lamont en Morgan zichzelf met de Communisten. Bijna de gehele administraties van president Roosevelt en Truman werden gedomineerd door Communisten en mensen met Communistische sympathieën (!!!!). Verder stelde Bella Dodd dat het Communisme een ‘vreemde geheime sekte’ is welke het doel heeft, de complete (religieuze) Westerse beschaving te vernietigen. Bella Dodd hielp in die tijden tevens mee om het Congress of American Women van de grond te trekken (de voorloper van de Feministische beweging welke gezorgd heeft voor een omwenteling in de ‘natuurlijke orde’ in de verhoudingen van man en vrouw). Het Sovjet Communisme (net als vele andere soorten van ‘Communisme’ van vandaag de dag) was een ‘apparaat’ in handen van de grootkapitalisten, de Maffia en de Internationale (privé) bankiers. Ook de CPUSA zelf had connecties met de geheime politie van Stalin middels het Brother-Sun netwerk (waar de CPUSA in operatie actief voor was). Via dit netwerk zouden geallieerde atoom-geheimen zijn gestolen en voorts zijn overgedragen richting de Sovjet Unie. Grote subsidies richting de CPUSA kwamen vanuit Moskou, en vooral in de vroege jaren. Daarna sluisde de Joods/Russische miljonair en industrieel Armand Hammer (tevens een Rockefeller agent van het concern Occidental Petroleum) Sovjet gelden richting die organisatie. De CPUSA had tevens sinds 1924 een overeenkomst met de Maffia. Dit werd ondermeer verteld door Maurice Malkin (een ex-leider van de CPUSA - en tevens van Joodse origine), welke gediend had in de Russische Communistische onderwereld. Hij werd extreem veroordeeld en aangevallen toen hij dit in een getuigenis voor het Congres naar voren bracht (Malkin’s broer was een toegewijd Marxist en werd later omgebracht onder het regime van Stalin).

De Rockefeller's waren (natuurlijk!!) ook zeer diep betrokken bij de promotie en investeringen van de Communistische Revolutie. De Marxistische ideologie was niet hetgeen ze interesseerde, maar men wilde het ondermeer gebruiken vanuit zakelijke interesse. Standard Oil Company werkte absoluut samen met Royal Dutch Shell om de controle te verkrijgen over de lucratieve Europese markt. Rockefeller financiërde Lenin met enorme bedragen om de Communistische Revolutie in 1905 te bewerkstelligen. Jacob Schiff zijn bankier, heeft ook de Japanners gefinanciërd in hun oorlog tegen Rusland. Schiff zorgde ook voor de gelden die naar Trotsky en Stalin gingen. Zoals eerder werd gezegd is Karl Marx absoluut te associëren met het Huis Rothschild. Karl Marx en Frederick Engels zijn door het Huis Rothschild gefinanciërd doormiddel van fondsen ten tijden dat zij 'Das Kapital' en 'Het Communistisch Manifesto' schreven. Ook Leon Trotsky kwam voort uit deze kringen. Trotsky huwde de dochter van de bankier Abram Zhivotovsky welke een zeer nauwe samenwerking had met het Huis Rothschild. Rockefeller zag in het Communisme het ultieme monopolie. Niet alleen qua macht over de overheid maar een bijna 'eeuwigdurende' wat de absolute progressie was van zijn Standard Oil monopolie. De Rockefellers gaven financiële steun aan het Communisme toen de Tsaar in Rusland hen de toegang tot de Russische olievelden had geweigerd. Op deze olievelden werd op dat moment al door Royal Dutch Shell Co. gepompt, maar Rockefeller wilde tevens zijn Standard Oil in Rusland vestigen. Royal Dutch Shell werd mede beheerd door de Rothschilds en de Nobel brothers. Dezelfde namen blijven echter terug komen wanneer we kijken naar de financiële structuur die het Communisme hebben grootgemaakt, en diens revoluties hebben bekostigd; Hier schrijven we duidelijk de namen Jacob Schiff, Felix Warburg, Otto H. Kahn, Mortimer L. Schiff, Jerome J. Hanauer, Kuhn, Loeb & Company, Rockefeller, Guaranty Trust (Lamont van J.P. Morgan) en Brownbrothers & Harriman. Het State department decimal file (861.00/5339) dat zelfs de titel draagt ‘Bolsjewisme en Judaïsme’ (gedateerd op 13 november 1918) geeft eveneens de namen Isaac Seligman, Guggenheim en Max Breitung weer. Ook Speyer & Co komt in het rapport naar voren. Maar er is nog meer. Zo is er ook een ondervragings rapport uit 1938 van de NKVD (Stalinistische geheime politie), waarbij Christian Rakovsky (Communistisch Revolutionair) werd ondervraagt, daar hem doodstraf door executie zou staan te wachten voor een mislukte poging om Stalin omver te werpen. Rakovsky was een revolutionair leider van een (Trotsky) groep die overheidsfunctionarissen aanviel. Lenin stelde hem in 1919 aan voor de overheid in de Oekraïne, en in 1925 stelde Stalin hem aan als Russische ambassadeur voor Parijs. Rakovsky behoorde echter tot de machtige revolutionaire groep van Leon Trotsky (deze verkregen hun orders van de Rothschilds). Velen van deze groep werden in 1937 doodgeschoten na de Stalinistische zuiveringen binnen de Communistische partij. Rakovsky werd bij nacht en ontij op 26 januari 1938 aan een ondervraging onderworpen door de naaste agent van Stalin (Gavriil Kus’min - bekend als Gabriel). Naast zijn aanwezigheid - inclusief een verborgen geluidstechnicus - was ook Dr. Jose Landowsky aanwezig (deze werd door de NKVD ingeroepen voor ‘het losmaken van de tongen van gevangenen’ - maar daarentegen werd hij letterlijk ziek van de vele martelingen waar hij getuige van was geweest). De ondervraging van Rakovsky was echter geheel anders, en zeer zeker mild te noemen. Hij kreeg een (te) lichte drug in zijn drinken, waarvan Dr. Landowsky niet verwachtte dat het veel effect zou hebben. De ondervraging duurde van middernacht tot 7:00 uur in de ochtend, en werd gedaan in het Frans. Gavriil Kus’min gaf daarna aan Landowsky het bevel om de ondervraging in het Russisch te vertalen en er twee kopiën van te maken. Landowsky zelf, was zeer ondersteboven van de ondervraging en maakte vervolgens nog een extra kopie voor zichzelf - een riskante zaak overigens. Hij schreef later; ‘Ik verontschuldig mijzelf niet dat ik hier het lef voor heb gehad.’ (Begrijpelijk, daar zijn vader - een Tsaristische kolonel - door de Bolsjewieken dood werd geschoten tijdens de revolutie in 1917). Een Spaanse vrijwilliger vond het document later op het dode lichaam van Dr. Landowsky in een hut aan het front in Petrograd gedurende de Tweede wereldoorlog. Vervolgens nam hij het mee naar Spanje waarna het in 1949 gepubliceerd werd onder de naam ‘Sinfonia en Rojo Mayo’. Het gehele document werd in 1968 gepubliceerd in het Engels in eenboek onder de naam ‘Red Symphony: X-Ray of Revolution’. Dit document was er dus eigenlijk niet voor om publiekelijk geopenbaard te worden, daar het een aantal zeer interessante zaken verteld over de ‘ware heersers van de wereld’, en vele andere dubieuze zaken. Rakovsky spreekt hier over een geheime machtsgroep die zowel het Communisme als het Nationaal Socialisme groot heeft gemaakt, de Romanov’s (Tsaristische familie) in het geheim bestrijdde (middels de Revolutie) en tevens van gelden voorzag, en zo een ‘synthese’ wilde bewerkstelligen middels een dialektisch plan. Rakovsky spreekt van ‘HEN/ZIJ’ wanneer hij het over die geheime machtsgroep heeft, en geeft voor zover hij kan (of wil) vertellen enkel en alleen de ‘familienamen’ van HEN door. Hij zei vervolgens dat hij niet wist welke personages uit die familienamen precies tot ‘HEN/ZIJ’ behoorden. Hij spreekt verder over Hitler, Stalin, Trotsky, Lenin enz. Let wel; Dit document is een zeer belangrijke te noemen voor een JUISTE kijk op de ECHTE geschiedenis. Daarbij is het een zeer opmerkelijk document (niet alleen om de grootse onthullingen van Rakovsky) omdat het stamt van voor de Tweede wereld oorlog (1938), in een tijd dat Duitsland in de volle bloei stond van het Nationaal Socialisme. Rakovsky vertelde over de grote geldverstrekkers van de revolutie, maar tevens over de dubieuze rol die Internationale bankiers gespeeld hebben in zowel het Communisme als het Nationaal Socialisme. Rakovsky stelde eerder in de ondervraging; "In 1929, toen de Nationaal Socialistische Partij een crisis in haar groei begon te ervaren en de financiele middelen ontoereikend waren, stuurden ‘ZIJ’ hun ambassadeur erheen. Ik weet zelfs zijn naam; het was één van de Warburgs. In directe onderhandelingen met Hitler gingen ze akkoord met de financiering van de Nationaal Socialistische Partij. En de laatstgenoemde ontving in een paar jaar tijd miljoenen dollars, die werden verzonden van Wallstreet, en miljoenen Marken van Duitse financiers door Schacht; het onderhoud van de S.A. en SS en ook de financiering van de verkiezingen die plaats vonden, welke Hitler aan de macht bracht, werden gedaan door de Dollars en de Marken die door ‘HEN’ werden gezonden."

Zo stelde Gavriil Kus’min (degene die de ondervraging leidde) een stukje verder in de ondervraging; "Als, zoals je bevestigd, het ‘ZIJ’ waren die hem [Hitler] Führer maakte, dan hebben zij de macht over hem en moet hij hen gehoorzamen."

Rakovsky; "In navolging van het feit dat ik wat haastig was, drukte ik mijzelf niet correct genoeg uit en u begreep mij niet. Als het waar is dat ZIJ Hitler financierden, dan betekent dit niet dat ze hun bestaan en hun bedoelingen aan hem [Hitler] bekend maakten. De ambassadeur Warburg presenteerde zichzelf onder een valse naam, en Hitler raadde nog niet eens zijn ras; Hij [Warburg] loog ook over wiens vertegenwoordiger hij was. Hij vertelde hem dat hij door de financiele cirkels van Wallstreet werd gestuurd welke geïnteresseerd waren in het financieren van de Nationaal Socialistische beweging met het doel een bedreiging te creëren tegen Frankrijk, wiens overheden een financieel beleid nastreven die een crisis in de Verenigde Staten veroorzaakt."

Dit Rakovsky document (Red Symphony -- klik op de link om dit pdf.file te downloaden) is zeer zeker de moeite van het lezen waard, en het zal menigeen een juiste blik kunnen laten werpen op de verborgen agenda van beide wereldoorlogen.

Veel later is Averell Harriman (Skull&Bones / financiërder voor N.S. Duitsland - Harriman werd groot gemaakt door Rothschild) verantwoordelijk geweest voor het verschepen van hele fabrieken naar Rusland. Sommige onderzoekers beweren ook dat Harriman toezag op de overdracht van nucleare geheimen en plutonium. Averell Harriman was samen met Winston Churchill, Franklin D. Roosevelt en Joseph Stalin op de Moskou Conferenties die tussen '42 en '47 plaats vonden om de 'opening van een tweede front' te bespreken. Deze conferenties werden gehouden voor de zogenaamde totstandkoming van het lend-lease project om de overdracht van voedsel, wapentuig etc. rond te maken. De aangestuurde macht van het huis Rothschild door de namen Kuhn, Schiff en Warburg waren met het Rockefeller complex de grootste geldverstrekkers om het Communisme groots te doen zegevieren, en daarbij als een zeer krachtige stroming de wereld in te brengen. Deze investeringsreuzen stonden overigens op zeer goede voet, met Colonel Mandell House (CFR), welke ondermeer de geheime werkwijze in zijn boek 'Intimate papers' heeft beschreven over hoe men 'problemen moet creëren om een 'oplossing' te verkrijgen die de punten van de agenda 'staven'... De Chase National Bank (nu de Chase Manhattan Bank, tevens 1 van de beheerders van de Federal Reserve banken), was de financiële kracht achter de Russische overheid vanaf de Bolsjevistische revolutie. Deze bank werd (en word nog) beheerd door Rockefeller. De Chase National Bank heeft in 1926 de Russische overheid een enorme macht gegeven door hen ondermeer 30 miljoen Dollar aan krediet te geven. Stalin zelf, heeft in 1944 bevestigd dat tweederde van de Sovjet Industrie door Amerikaanse hulp en gelden werd opgezet. Dezelfde figuren die nu nog steeds aan de touwtjes trekken en notabene bekend staan naast de beruchte Anglo-Amerikaanse tak als ‘wel edele’ steenrijke Joodse families, zorgden ervoor dat Duitsland groot werd gemaakt voordat de oorlog uitbrak, en dat Duitsland de verdere jaren een economie had waar ze oorlog mee kon voeren (zowel vanuit verdediging als aanvallend). Daarnaast werd hetzelfde spelletje gespeeld voor de Communisten in Rusland. Daarbij schreef de Russische generaal Arsene DeGoulevitch in zijn boek "Czarism and the Revolution" dat het ‘echte’ geld voornamelijk vanuit Engelse en Amerikaanse kringen kwam, welke voor een lange tijd de Russische revolutie steun verleenden. DeGoulevitch die zijn informatie van een andere Russische generaal ontving, zei dat de Russische revolutie in elkaar werd gezet door de Engelsen, om precies te zijn, door sir George Buchanan en Lord Alfred Milner (van de Cecil Rhodes Round Table group, waarvan leden ook Adolf Hitler benaderden. Ook Hjalmar Schacht, de bankier van Hitler welke voor die functie verkozen werd door Hitler en Warburg, was lid van deze groep). Hij zei; "In privé gesprekken werd mij verteld dat er meer dan 21 miljoen roebels werd gespendeerd door Lord Milner inzake het financieren van de Russische revolutie." Ook Vladimir Lenin zelf, wist dat hij niet zelf de controle voerde over hetgeen geschiedde (natuurlijk!!). Hij schreef eens; "De staat functioneert niet zoals wij wensen. Hoe functioneert het? De auto gehoorzaamd niet. Een man is aan het stuur en lijkt het te besturen, maar de auto rijd niet in de gewenste richting. Het beweegt zich zoals een andere kracht het wenst." Hier zien we dus weer de macht van dezelfde families binnen de broederschap. En het is zeker niet mis te noemen wat deze elite-macht door de geschiedenis heen heeft veroorzaakt om ongezien tot een zichzelf steeds meer uitbreidende (wereld)macht (NWO) te kunnen komen. Zonder deze ‘Babylonische’ (Illuminati) broederschap van ondermeer internationale topbankiers die nu nog steeds het heft in handen hebben (en machtiger zijn als ooit tevoren), geen tweede wereldoorlog, geen NS Duitsland, en geen Sovjet Communisme. En zo ook anno vandaag, geen Zionisme. Het geld wat zij opstreken aan de tweede wereldoorlog hadden zij niet nodig om ‘nog rijker’ te worden. Deze lieden kunnen zichzelf echt ALLES permitteren. Ook voor die tijd. Het gaat hier om macht en controle. En die slag hebben ze wederom gewonnen. Het is voor zover we zien eigenlijk nooit anders geweest, dan dat meerdere machten werden gecreëerd om oorlogen tegen elkaar te voeren, waarbij die machten in feite gefinanciërd werden door dezelfde geesten. Wanneer iemand voor zijn ‘land gaat vechten’ heeft diegene dus een ‘vijand’. Het doel is voor diegene simpel; Hij strijd tegen een zichtbare vijand die zijn land wil ‘veroveren’. Voor diegene is het doel van die oorlog dus ‘verdediging door strijd’. Of deze vedediging nu bestaat uit een eerste aanval of niet. (in het geval van Hitler, heeft het zelfs te maken met een grootschalige uitlokking om Duitsland in een oorlog te krijgen. Hitler deed net als Stalin en Lenin de dingen toch weer eventjes anders dan dat men achter de schermen aanvankelijk verwacht had)

Dat is voor hem de eenvoudige agenda, en voor hem de eenvoudige waarheid. Maar is dit dan de ‘werkelijke’ agenda? Simpel gezegd; Nee. Wanneer diegene zou weten dat zijn ‘vijanden’ ook uit dezelfde bronnen worden gefinancierd evenals zijn eigen strijd voor zijn land of natie, dan wordt het verhaal natuurlijk een flink stukje anders. Dan betekent het heel eenvoudig dat de inzet voor oorlog op alle fronten een geheel andere doelstelling dient, en dus een verborgen agenda. Diegene zou dus gaan inzien dat zijn inzet om ‘te sterven’ voor die natie helemaal niets te maken heeft met het idee dat hij hier zelf van heeft, maar dat zijn leven (en dat van zijn ‘vijand’) systematisch wordt ingezet voor een bloedige machtsuitbreiding voor en door enkelen, die geen zier geven of hij keihard sneuveld en daarbij een gezin achter laat in die dubbel gefinancierde strijd. Voor die ongeziene groep is de gewone burger niets meer dan een product, een slaaf of een nietige mier die men onder de voetzool vertrapt. Met zo’n inzicht wordt ‘oorlog’ voor een ieder een volstrekt zinloos iets, en kan men stellen dat diegenen die achter de grote propaganda-machine zitten van ‘vechten voor je vaderland’ of vechten voor wat voor soort ‘Nationaal/Internationaal ideaal’ middels militaire strijd, dan ook de directe vijanden zijn van elke goedgeaarde burger van welk land en welke natie dan ook. Daarbij zorgen dezelfde figuren iedere keer weer dat men ‘bedreigd wordt’ middels de dreiging van oorlog zodat men geen andere uitweg heeft dan zichzelf en dierbaren te verdedigen middels gebundelde kracht (en wie verleend hiervoor weer de financieringen ). Een ieder word volledig gek gemaakt door deze machtswellustelingen, en de middelen daarvoor lijken onuitputtelijk. De Majoor Generaal Smedley Darlington Butler (1881-1940) stelde eens heel duidelijk;"Oorlog is enkel een zwendel. Een zwendel is het beste te omschrijven, denk ik, als iets wat niet is wat er voor de meerderheid van de mensen op lijkt dat het is. Enkel een kleine binnenste groep weet waar het om draait. Het wordt geleidt ten voordele van zeer weinigen en ten koste van de massa’s. "Een agenda die geruisloos is voortgezet via Nederlands grondgebied als paard van Troje binnen Europa en de Bilderbergconferenties.

De Anarchist Lysander Spooner (1808-1887) stelde het eens zeer duidelijk en precies op de volgende wijze;

"This business of lending blood money is one of the most thoroughly sordid, cold blooded, and criminal that was ever carried on, to any considerable extent, amongst human beings. It is like lending money to slave traders, or to common robbers and pirates, to be repaid out of their plunder. And the man who loans money to governments, so called, for the purpose of enabling the latter to rob, enslave and murder their people, are among the greatest villains that the world has ever seen."
Laat ons duidelijk zijn wanneer er over joodse bankiers wordt gesproken, word hierbij een selecte groep bedoeld DIE HET JUDAÏSME HEBBEN GEADOPTEERD EN MISBRUIKT VANUIT WELLICHT POLITIEKE REDENEN. HET GAAT HIER OM EEN UITERST KLEINE KLIEK VAN ZEER INVLOEDRIJKE MENSEN!! Dus niet het joodse volk in het algemeen die uiteindelijk net als ons misleid en misbruikt worden, zij hebben hier niets mee te maken!! Velen staan onder invloed van het Zionisme, wat niet betekend dat elke aanhanger van het Zionisme een onbetrouwbaar persoon is. Er is een groot verschil tussen de burgers en de invloedrijke stromingen waar wij met zijn allen van geboorte tot ons graf onder gebukt gaan, “ ook het het Joodse volk die hun jongeren zien sneuvelen voor de zelfde leugens in de zelfde oorlogen, net als Palestijnen, Amerikanen, Europeanen en vele anderen… Mede door de haat die ze voor elkaar voelen DANKZIJ DE ENORM GEFINANCIËRDE PROPAGANDA NETWERKEN. Het gaat niet om de Joodse burgers! LATEN WIJ DIT GOED ONTHOUDEN! Ook zij zijn slachtoffers die onze steun en begrip nodig hebben!

Waarvoor de volgende verzoekschriften d.d. 17 april 2015 aan Z.K.H Filip, eerste voorzitter Hof van Cassatie, Belgisch Parlement (Kamer en Senaat) en alle Ministers van de Federale Regering:

17 april 2015: Verzoekschrift aan Koen Geens, Minister van Justitie (federale regering) voor herstel Belgische grondwet van 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-koen-geens-van-de-federale-regering-voor-herstel-belgsische-grondwet-van-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Jan Jambon, Vice-eersteminister en minister van Veiligheid en Binnenlandse Zaken (federale regering) voor herstel Belgische grondwet van 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-jan-jambon-van-de-federale-regering-voor-herstel-belgsische-grondwet-van-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan DanielBacquelaine, Minister van Pensioenen(federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944 

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-daniel-bacquelaine-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Alexander de Croo, Vice-eerste Minister en Minister van Ontwikkelinkssamenwerking (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-alexander-de-croo-federale-regering-voor-herstel-belgsische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Jacqueline Galant, Minister van Mobiliteit, belast met Belgacontrol en de Nationale Maatschappij der Belgische spoorwegen (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-jacqueline-galant-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Didier Reynders, Vice-eerste Minister van Buitenlandse Zaken en Europese Zaken, belast met Beliris en de Federale Culturele Instellingen (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-didier-reynders-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Kris Peeters, Vice eerste Minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Buitenlandse Handel (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-kris-peeters-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Maggie de Block, Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoek-aan-minister-maggie-de-block-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17april 2015: Verzoek aan Steven Vandeput, Minister van Defensie, belast met Ambtenarenzaken (federaleregering)voor herstel Belgische grondwet 1944 (Geweigerd om in ontvangst te nemen)

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-ontvangst-verzoekschrift-aan-minister-steven-vandeput-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Christine Defraigne, Voorzitter Senaat (van de Senaat) voor herstel Belgische grondwet 1944 

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-voorzitter-christine-defraigne-senaat-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoek aan Siegfried Bracke, Voorzitter van de kamer van Volksvertegenwoordigers (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoek-aan-voorzitter-siegfried-bracke-kamer-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Willy Borsus, Minister van Middenstand, Zelfstandigen, KMO's, Landbouw en Maatschappelijke Integratie (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944 

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-willy-borsus-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoek aan Marie Christine Marghem, Minister van Energie, Leefmilieu en Duurzame Ontwikkeling (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-marie-christine-marghem-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

17 april 2015: Verzoekschrift aan Herve Jamar, Minister van Begroting, belast met Nationale Loterij (federale regering) voor herstel Belgische grondwet 1944

http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/17-april-2015-verzoekschrift-aan-minister-herve-jamar-federale-regering-voor-herstel-belgische-grondwet-1944.pdf

Nationale & Internationale formele verzoekschriften:


https://sites.google.com/site/degroenenbelgie/no-cancer-foundation-vzw-en-de-politieke-partij-de-groenen-afdeling-sint-oedenrode


http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/22-maart-2014-engels-verzoekschrift-ncf-en-ekc-aan-verenigde-naties-new-york.pdf


http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/22-maart-2014-engels-verzoekschrift-ncf-en-ekc-aan-internationaal-strafhof-den-haag.pdf
http://www.sdnl.nl/pdf/1-april-2014-klacht-van-ad-van-rooij-en-de-groenen-aan-europese-ombudsvrouw-tegen-belgische-staat.pdf


http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/22-april-2013-brief-van-ncf-en-ekc-aan-verenigde-naties-in-belgie.pdf


http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/19-april-2013-koning-albert-aanvulling-op-31-januari-2013.pdf


http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/31-januari-2013-verzoekschrift-aan-belgische-federale-overheid-over-groot-belgie.pdf


http://www.mstsnl.net/ekc/pdf/3-oktober-2012-memorie-met-verantwoording-grondwettelijk-hof-belgie.pdf

https://docs.google.com/viewer?a=v&pid=sites&srcid=ZGVmYXVsdGRvbWFpbnxuY2Zha3R1ZWVsfGd4OjZkMDJlYzMyNjI0OGE4YTQ


https://docs.google.com/viewer?a=v&pid=sites&srcid=ZGVmYXVsdGRvbWFpbnxuY2Zha3R1ZWVsfGd4OjVkMmQ5MDNmZTY1YTM1NQ


https://docs.google.com/viewer?a=v&pid=sites&srcid=ZGVmYXVsdGRvbWFpbnxuY2Zha3R1ZWVsfGd4OjExZDNkYTYxZTc4NjQyODI

https://docs.google.com/viewer?a=v&pid=sites&srcid=ZGVmYXVsdGRvbWFpbnxuY2Zha3R1ZWVsfGd4OjNhYWE1MzgxMmUzYjBiZjE


http://www.sdnl.nl/pdf/21-november-2011-federale-regering-grontwettelijk-hof.pdf