De radiobesturing

Om een telegeleide zeilwagen te besturen heb je een telegeleide verbinding tussen jezelf en
de zeilwagen nodig.

De telegeleide verbinding zal bestaan uit een zender waarmee je stuurcommando's geeft,
en een ontvanger in de zeilwagen.
Tegenwoordig biedt de techniek volgende mogelijkheden om een telegeleide verbinding te maken:

- Optisch: met licht, zichbaar of infrarood
- Akoestiek: met geluidsgolven
- Radiografisch: met een radioverbinding , ook wel radiobesturing genoemd.

De laatste is momenteel de meest verbreide, meest storingsvrije en meest handige mogelijkheid.
Er bestaan op de markt tegenwoordig radio-sets in alle grootte's en prijsklasse's voor telegeleide modellen.
Vroeger werkten deze op de 27mHz, 35mHz, 40mHz, of 72 mHz.
Tegenwoordig wordt gebruik gemaakt van de computertechnologie en werken de meeste
radio-sets op de 2,4 gHz.
Door de omschakeling naar de 2,4 gHz-band zijn op de 2-de handsmarkt oude radio-sets
beschikbaar. 
Is Uw budget beperkt dan kan U daarvan gebruik maken.

Een 2-kanaals radioset volstaat, je moet enkel kunnen het voorwiel besturen en de zeilwinch bedienen.
De zeilwinch dient om het zeil aan te trekken of te lossen.

Een radioset bestaat uit een zender, een ontvanger en servo's.
De zender bevat stuurknuppels waarmee je stuurcommando's geeft.
De ontvanger ontvangt deze stuurcommando's.
De servo's zetten de signalen uit de ontvanger om in mechanische bewegingen, het draaien van het voorwiel
en het aantrekken of lossen van het zeil.