Turfstekerroute

De turfstekerroute.

In België ten noorden van Gent ligt Zelzate, een kleine Vlaamse stad aan de Nederlandse grens. In deze gemeente lokaliseert zich de fietsroute die ik verkend heb. Hieronder mijn beschrijving.
.
Opmerking: De beschrijving is verouderd. Door veranderingen in het straatbeezld en aan de verkeerssituatie, moet ik die eens actualiseren.

Guy Verhelst, juni 2001-januari 2002
opmerking bijgeplaatst op 14 maart 2009

We vertrekken aan het gemeentehuis. We fietsen noordwaarts langs de Havenlaan. Toen het kanaal hier nog lag, wisselden schipperscafés, schipperswinkels en expeditiebureaus elkaar af. Bijna aan het einde zien we het voormalig tolkantoor, gebouwd in 1910. Ikzelf herinner me het gebouw uit de tijd dat het vredegerecht er gehuisvest was. In 1993 is het gebouw erkend als monument, en de omgeving ervan als dorpsgezicht. Tegenover dit tolkantoor ligt de nieuwe jachthaven van Zelzate. We draaien de andere kant op via de Polderstraat, en aan het kerkhof rijden we oostwaarts de Sint Stevenstraat in. We blijven die straat volgen en steken de gevaarlijke traktaatweg over. De Sint Stevenstraat buigt zuidwaarts naar de Leegstraat, die we richting Wachtebeke volgen. Ten noorden van ons ligt de Sint-Francies-polder. In de prille middeleeuwen kwam de zee via een arm van de Schelde nog tot in Zelzate. Het was hier een  moerassig gebied, met venen. Uit het veen werd eerst turf gemaakt. Het veen had daarbij zout vastgehouden. Met het turf werd een vuurtje gestookt. In een  zoutpan werd de as van een vroeger turfvuur gedaan, tesamen met het zout water. Het water werd uitgedampt en het zout gescheiden van de andere asbestanddelen. De naam Zelzate betekent zout-plaats. Met dit in gedachten slaan we de Zeestraat in en komen zo op Den Akker terecht. Langs de Akker keren we terug naar Zelzate centrum. Na het oversteken van de traktaatweg komen we in de Rijkswachtlaan terecht, waarin Tania en Filip een bloemenwinkel uitbaten.

Rechts van ons ligt de wijk Molenstukken, Voor ons de wijk Wittouck. We slaan even links af de Wachtebekestraat in, die we weer onderbroken zien door de traktaatweg. In gans Zelzate zien we die plotse onderbrekingen in de straten terug. Nu goed, we maken rechtsomkeer en fietsen terug.

Aan de Burgemeester Chalmetlaan slaan we linksaf. We passeren de Bloemenbos, een home waar oudere mensen verblijven. Naderhand passeren we de brandweer. Naast het terrein van de brandweer is een braakliggend terrein, waar vroeger een open lucht zwembad was. Aan de openbare bibliotheek slaan we rechtsaf naar de Onteigeningsstraat toe. Onteigenen was courant in Zelzate omdat het kanaal een ander tracé kreeg en er nieuwe wegen kwamen (de N49 van Antwerpen naar Knokke en de R4 de ring rond Gent). We fietsen oostwaarts in de Onteigeningstraat tot aan de Schepen De Deckerstraat, die we inslaan. Zo komen we weer in de Wachtebekestraat terecht, die we in noordoost richting volgen. We slaan rechtsaf de Leegstraat in. Dan linksaf de Landstraat in, en weer links de Patronagestraat in. In de Patronagestraat is langs de rechterkant tussen huisnummer 25 en 24 een doorgang naar de Grijphoek, net als we de sporthal links gepasseerd zijn. Als we rechts de drankcentrale zien, zijn we net te ver doorgefietst en moeten we iets terug. We fietsen doorheen de smalle doorgang en komen zo in de Grijphoek. We rijden westwaarts de Grijphoek door. Ongetwijfeld valt het de fietser op dat de nieuwe woningen een stuk ruimer zijn dan de oude. Een bewoner heeft zelfs zijn huisje opgesierd met de opmerking "Klein maar mijn". Die Grijphoek wordt weer geweldig smal waar zij aan de Kerkstraat uitkomt. We slaan linksaf de Kerkstraat in. Links van ons ligt een katholiek scholencomplex, eerst een meisjesschool dan een jongensschool. Dan het lokaal van de Chiro meisjes, en dan een voormalige gemeenteschool. De eerste keer dat ik moest stemmen in Zelzate was dat in die Gemeenteschool. Op de zolder ervan heb ik nog een tijd een opslagplaats van de Civiele Bescherming gehad. Rechts zijn we overigens de kerk gepasseerd. We slaan nu de Frans Wittoucklaan in en komen zo op de markt terecht. Terwijl we de markt oversteken, moeten we ons realiseren dat hier vroeger het kanaal lag, en dat we nu fietsen over waar vroeger de brug lag. Over de markt zien we rechts de Volkskliniek, die nu geen kliniek meer is. We slaan de Korte Straat in. Hoe onooglijk dit straatje ook is, het is wel het straatje waar het syndicalisme in Zelzate ontstaan is. Terug in onze tijd kijken we naar het zwembad, dat we zeker een zwembad van onze tijd mogen noemen. We fietsen nu in de Oostkade. Ook hier heeft indertijd het kanaal gelegen.

We fietsen de Markstraat door, komen weer op de Grote Markt terecht en fietsen naar de Kanaalstraat. We draaien af naar het zeekanaal toe. Naast het gemeentehuis zien we trouwens nog het mooi gerestaureerde bruggehuis. In dat bruggehuis zijn nu twee musea gevestigd: dat van de Tweede Gidsen en dat van Mietje Stroel. Mietje Stroel was een vondelinge die op het Zelzaats stort is opgevoed. Haar standbeeld staat voor ons aan het gemeentehuis. Van de Tweede Gidsen zien we nog voor het busstation een pantservoertuig staan. We fietsen naar de brug toe. Rechts van ons zien we ten noorden van het parkeerterrein de visvijver liggen. Naderhand passeren we een stuk groen, dat het teerkot verbergt. Als we op de brughelling wachten tot de schepen voorbij zijn, zien we noordwaarts het teerkot en de terreinen van De Nul, met de grote kranen erop. Zuidwaarts zien we ten oosten van het kanaal de staalreus Sidmar, ten westen de Kuhlman.

Wij fietsten de brug over en kiezen de richting naar Sas van Gent. Het Sas is echter geen onderwerp van deze fietsroute, dus slaan we aan de grens linksaf, De grenspaal n° 310 dateert uit 1843. We zijn hier aan de Zwarte Sluispolder. We volgen Denderdreve, steken de Assenede steenweg over en volgen nu de Kasteelstraat. De Kasteelstraat begint eigenlijk al aan Stoepe in Ertvelde, en herinnert ons aan de vesting Ter Looveren. Zelzate was in de 14de eeuw een deel van de heerlijkheid van Ter Looveren. Die vesting is nu verdwenen. En voor ons eindigt de straat abrupt op de N49, de expressweg. We kunnen die hier niet oversteken en fietsen de Trieststraat door, via de Molenstraat terug naar de Assenede Steenweg. We slaan rechtsaf de steenweg op. We zijn hier trouwens op de wijk De Katte. We blijven de Assenede Steenweg volgen. We herkennen de Vierweegse waar we uit Denderdreve kwamen en naar de Kasteelstraat reden, maar we fietsen rechtdoor. We steken de R4 over. Als we links van ons door de Europaprijslaan kijken, zien we de gipsheuvels van Callemansputte. We fietsen echter rechtdoor tot wanneer we op de spoorweg uitkomen. We hebben nu de wijk Debbautshoek doorgefietst. Langs de Tweede Gidsenlaan fietsen we naar de wijk Klein Rusland. Let even op de gracht die gegraven is om de miljoenpoten tegen te houden. Onder ons is de N49 in een tunnel verdwenen. We zien de express weg niet meer, maar het geluid van het verkeer horen we wel nog. Die wijk Klein Rusland is tussen de twee wereldoorlogen gebouwd. Dimitri Peniakoff was de stichter en bezieler ervan. We fietsen er even door: Schoolstraat, Mechelincklaan, Koophandelsplein, Peniakofflaan. Op nr 1 is de gedenkplaat voor die meneer Peniakoff ingemetseld. Wij rijden onder de spoorweg door naar de Beneluxlaan op, en fietsen weer naar de brug. Links van ons zien we nog het station van Zelzate, een goederen station. De spoorweg loopt trouwens van Gent naar Terneuzen, precies zoals het kanaal.

We steken het kanaal over, nemen de eerste mogelijkheid rechts om met de fiets aan de oostkant van het kanaal uit te komen. We moeten immers nog een stuk van Zelzate Oost verkennen. We nemen nu de Groenstraat. Het ontgaat ons niet dat die in het verlengde van de Assenede Steenweg ligt. Beide vormden vroeger een weg. In de Groenstraat komen we het groen tegen in de vorm van de Warande. Hier liep vroeger de spoorweg. Rechts hebben we nog het Lappersfort. In de 19de eeuw waren er 6 molens in Zelzate. In de Molenstraat in Zelzate West zijn we ook reeds langs een molen gefietst. De molen die hier in Lappersfort stond ontbeerde een fundering en scheurde uit elkaar. De molen is dan afgebroken. We fietsen nu over de Westkade, en fietsen naar de psychiatrische instelling Sint-Jan-Baptist. Gewoon de wegwijzers volgen. De voorkant van die instelling oogt als een typisch gesticht. We keren nu om naar de watertoren, en fietsen de doodlopende Suikerkaai in tot aan de spoorweg, waar we naar links afslaan. Via een kleine omweg bereiken we de watertoren. Dit kunstwerk dateert van 1952 en wordt nu omgebouwd naar een appartementencomplex. Vlakbij zien we ook het terrein van de schutters: Sint Sebastiaan. Deze gilde is in de XVIde eeuw opgericht. Nu, 500 jaar later, fietsen we weer naar de markt.

Hiermee is de turfstekerroute ten einde. Weinig turf gezien, maar we hebben gefietst in een landsdeel waar fabriekschouwen kerktorens de loef afsteken, waar woonwijken geschapen zijn onder de stinkende wolken van de chemische processen, waar straten verknipt zijn door de noden van zeevervoer en wegverkeer. Maar we hebben ook het groen gezien en hoe de mensen steeds beter gehuisvest zijn. Onze nijverige Zelzaatse bevolking boog het hoofd niet maar nam haar lot in eigen handen.


Verantwoording: de route heb ik gebaseerd op een stratenplan dat huis aan huis verspreid was. De invulling ervan is echter persoonlijk. De afbeelding van Lappersfortmolen en de Groenstraat komt uit een flyer die verspreid was om reklame te maken voor sierborden. De postzegel rechtsboven komt van een strooibiljet van PHILA, de postzegelclub van Zelzate.


Nawoord: op 2 maart 2002 organiseerde de heemkundige kring een ruildag. Ik heb dan kennis kunnen maken met de oorspronkelijke versie van deze fietswandeling. Zij was samengesteld ter gelegenheid van de open monumentendag 1996. De heemkundige kring heeft toen een brochure uitgegeven, waarin deze route diepgaand en uitvoerig beschreven is. De brochure is verrijkt met heel wat heemkundige wetenswaardigheden, en overdrukken van oude foto’s.

Comments