Vinca minor / Kleine maagdenpalm

Periwinkle / Vinca minor

ACTIONS AND PHARMACOLOGY
COMPOUNDS
Indole alkaloids (0.15-1.4%): chief alkaloid vincamine (eburnamine-tyoe, 25-65%), including as well vincine, apovincamine, vincadifformin.
Flavonoids: including kempferol-3-O-rhamnoside-7O-galactoside, kempferol-3-O-rhamoglucoside-2-O-glucoside, quercetin-3-O-rhamnoglucoside-7-O-glucoside.

EFFECTS
The alkaloid vincamine is hypotensive, negatively chronotrophic, spasmolytic, hypoglycemic and sympatholytic. Scientifically validated studies on the hypotensive effect on humans have not yet been carried out. Its use as an amaroid seems plausible.

INDICATIONS AND USE
Unproven Uses: Periwinkle is used internally for circulatory disorders, cerebral circulatory impairment and support for the metabolism of the brain. It is also used internally for loss of memory, hypertension, cystitis, gastritis and enteritis, diarrhea, raised blood sugar levels and to help weaning. Periwinkle is used externally for sore throats, nose bleeds, bruising, abscesses, eczema and to stop bleeding.

Homeopathic Uses: Periwinkle is used for weeping eczema and bleeding mucous membranes.

PRECAUTIONS AND ADVERSE REACTIONS
No health hazards are known in conjunction with the proper administration of the designated therapeutic dosages. Gastrointestinal complaints and skin flushing have been observed as side effects.

OVERDOSAGE
Overdosage will bring about a severe drop in blood pressure. Cases of poisonings have not yet been recorded.
Treatment includes gastrointestinal emptying (inducement of vomiting, gastric lavage with burgandy-coloured potassium permanganate solution, sodium sulphate), instillation of activated charcoal and shock prophylaxis (appropriate body position, quiet, warmth). The therapy for poisonings consists of treating bradycardia with atropine or Alupent, cardiac arrhythmias with licodine or phyentoin and treating possible cases of acidosis with sodium bicarbonate infusions. In case of shock, plasma volume expanders should be infused.

DOSAGE
Mode of Administration: Whole, cut and powdered drug is available in the form of capsules, ampules, coated and filmed tablets, and compound perparations.

Preparation: To make a tea, pour 200 ml boiling water over 1 teaspoon of drug, steep for 10 minutes, then strain. To make a decoction, boil 60 gm of drug in 1 liter of water for 2 minutes, steep for 10 minutes, then strain.

To make infusion, boil 15 gm of drug in 1 liter of wine for 10 days, decant, then press. To make a liquid for gargling, boil 2 dessertspoonfuls of drug for a few minutes in ½ liter water.

Daily Dosage: The usual drug dosage is as follows: Tea -2 to 3 cups daily; Decoction-2 to 4 cups between meals; Infusion-drink after meals for diarrhea; Wine-1 dessertspoonful after meals; a gargle or wash can be used externally as needed.

Homeopathic Dosage: 5 drops, 1 tablet or 10 globules every 30 to 60 minutes (acute) or 1 to 3 times daily (chronic); parenterally: 1 to 2 ml sc, acute; 3 times daily; chronic: once a day (HAB1).



Het verbod op vrijwel alle kruiden die momenteel in Nederland niet in kruidenpreparaten zijn toegestaan, moet van kracht blijven. Dit adviseert het RIVM op basis van literatuuronderzoek naar de gezondheidsrisico’s van de 46 ‘verboden kruiden’ in onderdeel II van de bijlage van het Warenwetbesluit Kruidenpreparaten. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Mensen
gebruiken kruidenpreparaten vanwege de al dan niet vermeende gunstige gezondheidseffecten van natuurlijke producten. De verboden kruiden kunnen echter,nadelig zijn voor de gezondheid, bijvoorbeeld door effecten op het hart of het zenuwstelsel.

Het RIVM beoordeelde de gezondheidsrisico’s van de verboden kruiden, zoals vingerhoedskruid en monnikskap, op basis van informatie over mogelijke schadelijke effecten van stoffen in deze kruiden. Ook is gekeken naar bijwerkingen en vergiftigingen door het gebruik van de kruiden als zodanig of bijvoorbeeld in de vorm van thee of een kruidenextract. Voor slechts één kruid (Convolvulus scammonia) zijn er geen aanwijzingen gevonden voor schadelijke effecten die pleiten voor een verbod.

Vinca minor bevat diverse indolalkaloïden en van middelen met Vinca minor wordt voornamelijk geclaimd dat ze de bloedcirculatie in de hersenen verbeteren. Voor het gebruik van Vinca minor zijn maagdarmklachten en rood aanlopen als bijwerkingen beschreven. In een aantal handboeken wordt Vinca minor als giftig geclassificeerd en wordt vermeld dat een overdosering een ernstige bloeddrukdaling tot gevolg zal hebben.
In de geraadpleegde bronnen is zeer beperkte informatie beschikbaar over twee van indolalkaloïden uit Vinca minor, namelijk vincamine en vinpocetine. Concrete toxiciteitsgegevens zijn zeer beperkt, maar diverse bijwerkingen (waaronder bradycardie en braken voor vincamine en hypotensie en tachycardie voor vinpocetine) en contraindicaties (onder andere hersenaandoeningen, diverse hartaandoeningen, zwangerschap en
borstvoeding voor vincamine) worden gerapporteerd. 
Ondanks dat concrete toxiciteitsgegevens ontbreken, zou het gebruik van Vinca minor in kruidenpreparaten risico’s met zich mee kunnen dragen gelet op de hierboven beschreven bijwerkingen en contra-indicaties. Dit pleit voor handhaving van Vinca minor in onderdeel II van de bijlage
van het Warenwetbesluit Kruidenpreparaten. 

Comments