Stevia / Zoetplant


Stevia rebaudiana Bertoni is een meerjarige kruidachtige plant, behorend tot de familie van de Asteraceae. Tot deze familie behoren ook bekende planten zoals de paardebloem, zonnebloem en witloof. De plant werd voor het eerst botanisch beschreven door dr. M.S.Bertoni in 1899.

Stevia rebaudiana, synoniemen: Eupatorium rebaudianum; Stevia eupatoria, synonyms Mustelia eupatoria, Stevia purpurea.
Family: Asteraceae/Compositae.
De lancet-vormige blaadjes zijn ongeveer 5 cm lang en 2 cm breed en staan kruisgewijs, tegenoverstaand ingeplant. De bloeiwijze is samengesteld uit 5 witte bloemen. In de natuur varieert de plantenlengte van 40 tot 80 cm, maar in cultuur kan Stevia tot 1 meter hoog worden. Stevia kan worden verbouwd op vrij arme bodems. De planten kunnen gedurende 5 jaar of meer in economische productie worden gehouden, waarbij tweemaal per jaar het bovengrondse gedeelte wordt geoogst. De wortels blijven zitten en geven nieuwe scheuten. Planten met een hoogte van 1 meter hebben een drooggewicht van gemiddeld 70 gram. Het drooggewicht van de blaadjes kan variëren van 15 tot 35 gram per plant.

Te veel suiker is niet goed voor de mens, daarvan is iedereen zich tegenwoordig wel bewust. Helaas zijn we zo gewend aan zoet dat we moeilijk zonder kunnen. Kunstmatige zoetstoffen als aspartaam lijken een uitkomst te bieden waar het calorieën betreft, maar zijn dat zeker niet vanwege negatieve gezondheidseffecten. Niet nieuw, maar wel in opmars is de zoetstof Stevia. Deze oeroude zoetstof, gemaakt van het plantje met dezelfde naam is 300 keer zoeter dan suiker en heeft bovendien allerlei positieve effecten op onze gezondheid. 

Het kruid Stevia
Een voedingspatroon met veel suiker kan leiden tot onder meer gewichtstoename en een verhoogde kans op hartaandoeningen, suikerziekte en problemen met de lever, nieren en gebit. Vrijwel al deze kwalen komen steeds vaker voor in het Westen. Het probleem is dat wij gewend zijn om zoet te eten. Er zit zo veel suiker in alles wat we binnenkrijgen, dat we er aan verslaafd zijn geraakt. Het plantje stevia rebaudiana biedt mogelijk uitkomst: het is de bron van een koolhydraatloze zoetstof zonder calorieën die bijna driehonderd keer zoeter is dan suiker. Dit kwetsbare plantje wordt in Paraguay en omstreken al eeuwen gebruikt in voedsel en medicijnen.

Oplossing voor onze suikerverslaving?
In Japan is men in de jaren '60 begonnen Stevia toe te passen als alternatief voor suiker. Inmiddels beheerst Stevia de helft van de Japanse markt voor zoetstoffen en is de suikerconsumptie gestaag afgenomen. Hoewel allerlei andere factoren, zoals voeding en levensstijl, ook een rol spelen, is het aantal obesitaspatienten in Japan slechts 3 procent en heeft slechts 7 procent van de Japanners diabetes.
In Europa is Stevia niet vrij verkrijgbaar als voedingsmiddel, omdat de veiligheid niet bewezen zou zijn. Recente onderzoeken hebben echter niet alleen de veiligheid wetenschappelijk aangetoond, maar zelfs allerlei positieve gezondheidseffecten bewezen. Zo blijkt Stevia goed te zijn tegen tandplaque en heeft het een vochtinbrengende werking voor de huid. Geen wonder dus dat steeds meer mensen het eeuwenoude product gaan gebruiken. Het is tegenwoordig in webshops als voedingssupplement ruimschoots te koop en het plantje is in het voorjaar in sommige tuincentra te vinden onder de naam ‘honingkruid’.

Gezondheidswaarde van Stevia
Stevia is de gangbare naam voor het zoet smakende extract van de bladeren van Stevia rebaudiana, een Zuid-Amerikaanse plant die sinds mensenheugenis gebruikt wordt als zoetstof en als medicijn. Hoewel de naam tevens op de hele plant slaat, is het dit extract – ook wel steviolglycosiden genoemd – dat in reformwinkels en op internet wordt verkocht onder de naam stevia. Het wordt in toenemende mate gebruikt ter vervanging van suiker in verschillende soorten voedsel en drank.
Stevioside en rebaudioside A zijn de meest gebruikte steviolglycosiden en ze zijn beide wetenschappelijk onderzocht. De consument lijkt de voorkeur te geven aan de zoete smaak van rebaudioside A1, maar het is stevioside dat het gezondheidsprofijt zou opleveren. Stevioside is iets beter hittebestendig dan Rebaudioside A en heeft een specifieke bittere bijsmaak. Rebaudioside A - kortweg Reb-A genoemd - is krachtiger en heeft geen bijsmaak. Daarnaast zitten er, in kleinere hoeveelheden, nog meer glycosiden in de steviabladeren: Rebaudioside C (RC), Dulcoside A, Rubusoside, Steviolbioside en Rebaudioside-B (RB). 
Rebaudioside C (RC) is verantwoordelijk voor de bittere smaak en daarom krijgen steviaproducten met een zuiverheid van meer dan 95% de voorkeur. Toevoeging van zuren, zoals citroenzuur, appelzuur, wijnsteenzuur of acetylic zuur in bijv. vloeibare stevia helpen de bittere bijsmaak in meer of mindere mate te reduceren.

Amerikaanse onderzoekers hebben onlangs de effecten van stevioside bij gezonde en bij obese proefpersonen afgezet tegen de effecten van aspartaam en sucrose (gewone tafelsuiker). Daarbij werden de deelnemers in drie groepen verdeeld. Een kreeg vóór de lunch en het avondeten een tussendoortje met stevioside van 290 calorieën, een met aspartaam (290 calorieën) en een met sucrose (493 calorieën). Na afloop werd de totale voedselinname tijdens lunch en diner, alsmede het gevoel van honger of verzadiging gemeten. De onderzoekers constateerden dat de deelnemers significant minder calorieën binnenkregen via de met stevioside of aspartaam gezoete tussendoortjes (ten opzichte van sucrose), en dat ze dat later niet compenseerden door bij de lunch en het avondeten meer te eten. De verzadiging na afloop was in alle drie de gevallen gelijk. Daaruit valt af te leiden dat het gebruik van een suikervervanger in het dieet een goede manier is om minder calorieën te eten.

Diabetes
De meest interessante uitkomst was echter dat alleen stevioside zowel het bloedsuiker- als het insulinegehalte verlaagde, wat het tot een uitstekend middel maakt bij diabetes2. Extracten van S. rebaudiana worden sinds lange tijd in Zuid-Amerika gebruikt als medicijn bij diabetes3 en stevioside bleek in veel studies een positief effect te hebben op het glucosemetabolisme.
In een klinisch onderzoek van twaalf patiënten met diabetes type 2 kwam naar voren dat een standaard-testmaaltijd – verrijkt met één gram stevioside (met als controle één gram zetmeel) – het bloedsuikergehalte met 18 procent verlaagde. ‘Stevioside is nuttig voor de behandeling van type 2 diabetes’, zo luidde de conclusie van de onderzoekers4. Een ander onderzoek – bij ratten, dus niet per se van toepassing op mensen – toonde aan dat stevioside een aantal antidiabetische effecten heeft, zoals een stimulerend effect op insuline en verlaging van het bloedsuikergehalte.

Hart en bloedvaten
Stevioside heeft ook een uitwerking op het cardiovasculair systeem (hart en bloedvaten). In een aantal dierstudies bleek dat het antihypertensief (bloeddrukverlagend) werkt. Daarop besloten wetenschappers uit Taiwan het middel uit te testen op mensen die leden aan hoge bloeddruk. Daarbij kregen 106 mannen en vrouwen in de leeftijd van 28 tot 75 drie maal per dag een capsule die ofwel 250 mg stevioside bevatte – een hoeveelheid zoetstof die normaal gesproken per dag wordt gebruikt – of een placebo. Zij werden een jaar lang maandelijks gevolgd. Na drie maanden waren in de steviosidegroep zowel de systolische als de diastolische waarde significant gedaald en dit effect hield het hele jaar aan. Er werden geen bijwerkingen gemeld.
Een andere studie – waarbij twee jaar lang drie maal daags een dosis van 500 mg werd gebruikt – wees uit dat stevioside bij hypertensiepatiënten niet alleen de bloeddruk verlaagde. Ook de kwaliteit van leven – gemeten aan de hand van een gestandaardiseerde vragenlijst – verbeterde.

Voor rebaudioside A ligt het verhaal anders. Regelmatig gebruik van een dosis van 1000 mg/dag verlaagde noch het bloedsuikergehalte, noch de bloeddruk bij patiënten met diabetes type 2, zo toonde een studie van zestien weken aan. Uit een reageerbuisonderzoek van cellen uit de eilandjes van Langerhans van de alvleesklier van muizen, bleek dat de glycoside een positieve rol kan spelen bij de behandeling van diabetes type 210, maar in een onderzoek bij ratten met diabetes type 2 werd aangetoond dat rebaudioside A geen enkel positief effect had, terwijl dat voor steviodoside wel was gevonden.

Ontsteking en kanker
Naast de gunstige effecten die al genoemd zijn, blijkt stevioside bij mensen ook ontstekingsremmend en tegen kanker te werken, en een regulerend effect op het immuunsysteem te hebben. Stevioside noch rebaudioside A tast het gebit aan – in tegenstelling tot suiker. Omdat deze conclusie alleen gebaseerd is op laboratorium- en dieronderzoek hoeft dit niet voor mensen te gelden.

Groen en wit poeder?
Groen poeder is normaal gedroogd en verpoederd steviablad. Wit poeder kan nooit de steviaplant zelf zijn, maar zijn de geïsoleerde glycosiden uit de plant. en soms zelfs niet alle steviolglycosiden maar nog verder 'gezuiverd' tot alleen het meest zoete en het minst bittere rebaudioside overblijft. Niks op tegen maar echt natuurlijk kunnen we dat toch moeilijk noemen. Het is alsof we uit paardenbloem alleen de inuline zouden halen en dat dan paardenbloem zouden noemen? En hoe die chemische inhoudstoffen uit de plant gehaald worden, is ook niet zo natuurlijk.
Mij lijkt het meest eenvoudige en het meest natuurlijke om van het gedroogd of vers kruid een klassiek kruidenaftreksel te maken en dat zoet water, melk of andere vloeistof dan te gebruiken om een deeg te maken voor koek, cake, gebak of pap. 



Additieven (Zoetstoffen)

Sinds Juli 2007 werden er drie verschillende aanvragen ingediend voor de toelating van steviol glycosides (stevioside) van Stevia rebaudiana als zoetstof in levensmiddelen onder de Richtlijn 94/35/EC voor zoetstoffen in voedingswaren . De Europese commissie heeft de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) gevraagd advies uit te brengen over de veiligheid van steviol glycosides aan de hand van de voorgelegde documenten. EFSA heeft een gecombineerde risicobeoordeling uitgevoerd op de drie aanvragen en zal hoogst waarschijnlijk het assessment voltooien in maart 2010. Indien het EFSA een positief advies uitbrengt zal de Europese commissie de nodige maatregelen nemen om steviol glycocides op te nemen in de communautaire lijst van zoetstoffen. Deze maatregelen zullen zoals steeds voorbereid worden, in nauwe samenwerking met experten van andere lidstaten, in de technische werkgroepen waar voedingsmiddelen en hun vastgestelde gebruiksvoorwaarden worden bepaald. Deze maatregel zal uiteindelijk worden voorgesteld aan het regularisatie comité, het permanent comité voor de voedselketen. Op basis van een gunstig advies door dit comité behoudt het Europese Parlement een periode van 2 maanden om de maatregel uit te pluizen vooraleer het aangenomen en gepubliceerd wordt in het Publicatieblad.

Novel Food
Levensmiddelen van Stevia rebaudiana, die niet onder de wetgeving vallen van voedsel additieven, vereisen een toelating overeenkomstig de “Novel Food Regulation 2” vooraleer deze kunnen worden op de markt gebracht. Momenteel blijft de aanvraag voor het gebruik van gedroogde Stevia rebaudiana blaadjes als novel food ingrediënt hangend, en dit zo lang als de aanvrager niet de bijkomende gevraagde informatie voor legt.

Aantekeningen gemaakt door Roland Lemaire zoals verkregen van de woordvoerder van de Europese Commisie voor Gezondheid en Consumenten beleid op 4 maart 2010.

Zie ook http://www.health.belgium.be/eportal/foodsafety/19060964?ie2Term=stevia


Steviolglycosiden industrieel bekeken

Europa laat eindelijk het gebruik van de zoetstoffen uit Stevia in voeding toe. Binnen Vlaanderen hebben 14 voedingsbedrijven samen met drie onderzoeksinstellingen 2 jaar lang onderzocht hoe ze deze natuurlijke zoetstoffen kunnen gebruiken. Want vooraleer producten met deze zoetstoffen op de markt te brengen, moet de industrie een aantal technologische uitdagingen aanpakken.

De zoetstoffen uit de Stevia plant hebben de verzamelnaam steviolglycosiden gekregen, waarvan stevioside en rebaudioside A de meest voorkomende zijn. Deze intensieve zoetstoffen zijn 200 tot 300 keer zoeter dan suiker. Bovendien leveren ze bijna geen calorieën aan. In april 2011 gaf de European Food Safety Authority (EFSA) groen licht voor de goedkeuring van steviolglycosiden. Op 12 november 2011 bevestigde het Europees Parlement deze goedkeuring officieel. Een toelating voor het gebruik van steviolglycosiden opent voor de bedrijven de mogelijkheid om producten met een gereduceerde calorie-inhoud te produceren, met zoetstoffen die uit een plant komen.

Maar vooraleer producten met steviolglycosiden als suikervervangers op de markt te brengen, moet de industrie een aantal technologische uitdagingen aanpakken.
  • Doordat Stevia, en dus de steviolglycosiden, een natuurlijk product zijn, kan de samenstelling van de beschikbare commerciële mengsels zeer verschillend zijn. Als gevolg hiervan verschilt ook de smaakkwaliteit sterk, wat zowel de zoetkracht als de off-flavours beïnvloedt. Voedingsbedrijven wensen echter producten op de markt te brengen met een constante (smaak)kwaliteit. Het omgaan met de variatie in steviolglycosiden, vergt dus de nodige aandacht. 
  • Een tweede uitdaging voor de industrie zijn de ‘smaak’ aspecten. Producten op basis van steviolglycosiden kunnen een andere smaak hebben dan producten op basis van suiker. Dit fenomeen is niet enkel van toepassing bij steviolglycosiden, het is typisch gelinkt met intensieve of alternatieve zoetstoffen. Het is dus niet zo dat de smaak van zoetstoffen identiek is aan de smaak van suiker. Denk bv. aan ‘light’ drankjes die op de markt zijn, heel vaak hebben deze een andere smaak dan de suikervariant. Bij gebruik van steviolglycosiden worden soms bijsmaken gedetecteerd, zoals bitter, of de typische “zoethoutsmaak”. De aanwezigheid van deze bijsmaken en/of variaties in smaakkwaliteit van gezuiverde steviolglycosiden kunnen de industriële toepassing ervan als intensieve zoetstof in de weg staan. 
  • Tenslotte vervult suiker meerdere functies in een voedingsproduct. Suiker bepaalt dus ook mee de producteigenschappen, zoals bijvoorbeeld textuur, structuur, stabiliteit… Steviologlycosiden vervangen enkel de zoetfunctie van suiker. De andere functies worden hiermee niet vervangen. Het is vaak een hele kunst om deze andere eigenschappen op te vangen.

Isolatie van steviaglycosiden

Stevioside a natural sweetener and medical supplementary material, has been widely applied to food and pharmaceutical industries (Chan et al., 2000). Owing to its high sweetness and low calorie, stevioside is acknowledged as a natural sweetener resource and common with consumers and manufacturers (Carakostas, Curry, Boileau, & Brusick, 2008). Stevioside also possesses some pharmacological effects, such as regulating blood sugar level, enhancing insulin secretion, lessening blood pressure, adjusting or improving immunization and preventing chemical carcinogenesis (Yang, Lee, Tsao, Wu, & Cheng, 2009). Furthermore, other auxiliary
functions, such as preventing obesity, restraining bacterial growth and preventing cavities, have also been demonstrated. All of these properties endow stevioside with broad application prospects, and have been widely studied (Chatsudthipong & Muanprasat, 2009; Yoda, Marques, Petenate, & Meireles, 2003).

The major ingredients of stevioside are types of diterpene derivatives with the same skeleton, the three predominant ingredients (Geuns, 2003; Zhang, Chen, Shi, & He, 1998) of the diterpene derivatives are stevioside (SS, 60–70%), Rebaudioside A (RA, 15–20%) and Rebaudioside C (RC, no more than 10%). Although SS, RA and RC have similar chemical structures (Wheeler et al., 2008), they have significant differences in sweetness and taste quality. The (fold) sweetness of them compared to sucrose is for SS 270–280, for RC 50–120, and for RA 350–450. Moreover, RA has the best quality, close to that of glucose (Chatsudthipong & Muanprasat, 2009). Thus, RA is considered to be the ideal components in stevioside, and the separation of high content of RA from stevioside hasattracted increasing attention in the stevioside industry. Nevertheless, the separation and purification of RA from stevioside is
difficult since SS, RC and RA have the same glycoside, and similar structure and molecular polarity (Bondarev, Sukhanova, & Reshetnyak, 2003; Li, 2009).

The method of recrystallization and HPLC are often adopted to separate RA from stevioside (Liu, Li, Xu, & Zhou, 2007; Zhang et al., 1998). However, there are some disadvantages when both methods are applied in industrial production. For the method ofrecrystallization, the process of operation is complicated, and the massive consumption of steviosides and reagents is inevitable.
Thus, it makes industrial production less favourable (Jaroslav, Barbora, & Tuulia, 2007). For the method of HPLC it can result in a product with higher purity and is easier to operate, but its yield is too small to be suitable for industrial production (Li, Yang, Hua, & Zhang, 2010). Alternatively, adsorption separation technology of macroporous adsorption resin (MAR) is a relatively new separation method and displays an obvious superiority in industrial production since MAR has a high adsorption capacity, certain selectivity, low cost, easy regeneration and has a good stability (Babic, van der Ham, & de Haan, 2006; Liu et al., 2006). These advantages of MAR have caught great attention of the researchers all over the world, and MAR has been extensively used in the fields of chromatography analysis, water treatment industry and extraction, isolation and purification of natural products (Ma et al., 2009). Due to the limitation for the selectivity of MAR and the similarity for chemical structures of RA and SS, it is not easy to separate RA from steviosides using MAR simply. Chen et al. synthesized a series of new MARs to investigate the separation effect of RA, and the results showed that MARs containing the residues of pyridine and ketone have relatively good separation effects for RA (Chen, Zhang, Liu, Shi, & Sun, 1999a; Chen, Zhang, Shi, Liu, & He, 1999b). Nonetheless, some problems, such as the residual organic solvents and the feasibility of operation would influence the industrial production of RA by the synthesized MAR. Moreover, stevioside is used as a high purity product in the literature, which means that the synthesized MAR remained in a relative simple environment, and the effectiveness of it may be decreased and even disappeared when used in a more complicated environment. Compared to synthetic resin for the separation of RA, the mixed bed consisting of commercialised MARs is much more meaningful.
The mixed bed is a relatively new method for enrichment andseparation, and has been used in the field of cation–anion exchange resin (Bruzzoniti, Cardellicchio, Cavalli, & Sarzanini, 2002) for the preparation of ultrapure water (Fu, Sheng, & Yao, 1990).
However, the separation of substrate by MAR mixed bed has not been reported so far.

As MARs have different functional groups, pore sizes, pore volumes and specific surface areas, the selectivity of them should be different in the process of separation. Mixing several types of MARs would endow them with different adsorption selectivity for substrates. The separation of a target substrate would become possible
after repeatedly cross-assignment of the substrate on mixed MARs.
This work focused on the separation and purification of RA from
crude extracts of Stevia Rebaudiana Bertoni by MAR mixed bed. In
order to select a MAR mixed bed with a good separation degree
for RA, the separation effect between SS and RA was investigated,
the influences of different separation conditions on the separation
degree for RA were investigated and optimised, and the purity
under the optimal conditions was also determined.

Preparative separation and purification of Rebaudioside A from Stevia rebaudiana Bertoni crude extracts by mixed bed of macroporous adsorption resins
Jie Li a,b, Zhenbin Chen a,b,c,⇑, Duolong Di cStevioside 2.pdf



Stevia onderzoek

Stevia Research Study 1
A Review of the Scientific Information on Stevia

Cardiovasc Hematol Agents Med Chem. 2010 Apr;8(2):113-27.An evidence-based systematic review of stevia by the natural standard research collaboration.
Ulbricht C, Isaac R, Milkin T, Poole EA, Rusie E, Grimes Serrano JM, Weissner W, Windsor RC, Woods J.
Massachusetts General Hospital, USA. ulbricht@naturalstandard.comAbstract
The objective of this study was to evaluate the scientific evidence on stevia, including expert opinion, folkloric precedent, history, pharmacology, kinetics/dynamics, interactions, adverse effects, toxicology, and dosing. This review serves as a clinical support tool. Electronic searches were conducted in 10 databases, 20 additional journals (not indexed in common databases), and bibliographies from 50 selected secondary references. No restrictions were placed on the language or quality of the publications. All literature collected pertained to efficacy in humans, dosing, precautions, adverse effects, use in pregnancy and lactation, interactions, alteration of laboratory assays, and mechanisms of action. Standardized inclusion and exclusion criteria were used for selection. Grades were assigned using an evidence-based grading rationale. Based on the availability of scientific data, two indications are discussed in this review: hypertension and hyperglycemia. Evaluation of two long-term studies (1 and 2 years in length, respectively) indicates that stevia may be effective in lowering blood pressure in hypertensive patients, although data from shorter studies (1-3 months) did not support these findings. A pair of small studies also report positive results with respect to glucose tolerance and response, although the relatively low methodological rigor of these experiments limits the strength of these findings. Further investigation is warranted in both indications.
PMID: 20370653 [PubMed - in process]

Stevia Research Study 2
A Compilation of the Current and Past Evidence Regarding Stevia

Int J Food Sci Nutr. 2010 Feb;61(1):1-10.Stevia (Stevia rebaudiana) a bio-sweetener: a review.
Goyal SK, Samsher, Goyal RK. Department of Agricultural Engineering and Food Technology, S.V.B.P. University of Agriculture & Technology, Meerut, India. sunil_155@yahoo.comAbstract
Studies revealed that Stevia has been used throughout the world since ancient times for various purposes; for example, as a sweetener and a medicine. We conducted a systematic literature review to summarize and quantify the past and current evidence for Stevia. We searched relevant papers up to 2007 in various databases. As we know that the leaves of Stevia plants have functional and sensory properties superior to those of many other high-potency sweeteners, Stevia is likely to become a major source of high-potency sweetener for the growing natural food market in the future. Although Stevia can be helpful to anyone, there are certain groups who are more likely to benefit from its remarkable sweetening potential. These include diabetic patients, those interested in decreasing caloric intake, and children. Stevia is a small perennial shrub that has been used for centuries as a bio-sweetener and for other medicinal uses such as to lower blood sugar. Its white crystalline compound (stevioside) is the natural herbal sweetener with no calories and is over 100-300 times sweeter than table sugar.
PMID: 19961353 [PubMed - indexed for MEDLINE]

Stevia Research Study 3
The Possible Therapeutic Benefits of Stevia
Pharmacol Ther. 2009 Jan;121(1):41-54. Epub 2008 Oct 27.Stevioside and related compounds: therapeutic benefits beyond sweetness.
Chatsudthipong V, Muanprasat C.
Department of Physiology, Faculty of Science, Mahidol University, Rama 6 Road, Bangkok 10400, Thailand. scvcs@mahidol.ac.th
Comment in:
* Pharmacol Ther. 2009 Jun;122(3):e1-2; author reply e3.
Abstract
Stevioside, an abundant component of Stevia rebaudiana leaf, has become well-known for its intense sweetness (250-300 times sweeter than sucrose) and is used as a non-caloric sweetener in several countries. A number of studies have suggested that, beside sweetness, stevioside along with related compounds, which include rebaudioside A (second most abundant component of S. rebaudiana leaf), steviol and isosteviol (metabolic components of stevioside) may also offer therapeutic benefits, as they have anti-hyperglycemic, anti-hypertensive, anti-inflammatory, anti-tumor, anti-diarrheal, diuretic, and immunomodulatory actions. It is of interest to note that their effects on plasma glucose level and blood pressure are only observed when these parameters are higher than normal. As steviol can interact with drug transporters, its role as a drug modulator is proposed. This review summarizes the current knowledge of the pharmacological actions, therapeutic applications, pharmacokinetics and safety of stevioside and related compounds. Although much progress has been made concerning their biological and pharmacological effects, questions regarding chemical purity and safety remain unsolved. These issues are discussed to help guide future research directions.
PMID: 19000919 [PubMed - indexed for MEDLINE]

Stevia Research Study 4
Food Grade Stevia Extract is Safe for Human Comsumption
Food Chem Toxicol. 2008 Jul;46 Suppl 7:S1-S10. Epub 2008 May 16.Overview: the history, technical function and safety of rebaudioside A, a naturally occurring steviol glycoside, for use in food and beverages.
Carakostas MC, Curry LL, Boileau AC, Brusick DJ.
Scientific and Regulatory Affairs, The Coca-Cola Company, 1 Coca-Cola Plaza, Atlanta, GA 30313, United States. mcarakostas@na.ko.comAbstract
Rebaudioside A is a sweet tasting steviol glycoside extracted and purified from Stevia rebaudiana (Bertoni). Steviol glycosides can currently be used as a food ingredient in only a handful of countries. Questions on specifications, safety and special population effects have prevented steviol glycosides from obtaining a legal status permitting their use as a sweetener in most countries. A set of papers reporting results of research studies and reviews has been compiled in this Supplement to definitively answer unresolved questions. Specifically, recently completed studies on the general and reproductive toxicity of rebaudioside A corroborate studies carried out with purified steviol glycosides demonstrating safety at high dietary intake levels. Comparative metabolism studies provide further affirmation of the common metabolic pathway for all steviol glycosides and the common metabolism between rats and humans. Finally, clinical studies provide further evidence that purified rebaudioside A has no effect on either blood pressure or glucose homeostasis. This paper summarizes the information used to conclude that high purity rebaudioside A (rebiana) produced to food-grade specifications and according to Good Manufacturing Practices is safe for human consumption under its intended conditions of use as a general purpose sweetener.
PMID: 18555576 [PubMed - indexed for MEDLINE]

Stevia Research Study 5
Stevia May Contain Anti-tumor and Anti-inflammatory Characteristics
J Agric Food Chem. 2006 Feb 8;54(3):785-9.Anti-Inflammatory and Immunomodulatory Activities of Stevioside and Its Metabolite Steviol on THP-1 Cells.
Boonkaewwan C, Toskulkao C, Vongsakul M.
Departments of Physiology and Microbiology, Faculty of Science, Mahidol University, Bangkok 10400, Thailand.Abstract

Stevioside, a natural noncaloric sweetener isolated from Stevia rebaudiana Bertoni, possesses anti-inflammatory and antitumor promoting properties; however, no information is available to explain its activity. The aim of this study was to elucidate the anti-inflammatory and immunomodulatory activities of stevioside and its metabolite, steviol. Stevioside at 1 mM significantly suppressed lipopolysaccharide (LPS)-induced release of TNF-alpha and IL-1beta and slightly suppressed nitric oxide release in THP-1 cells without exerting any direct toxic effect, whereas steviol at 100 microM did not. Activation of IKKbeta and transcription factor NF-kappaB were suppressed by stevioside, as demonstrated by Western blotting. Furthermore, only stevioside induced TNF-alpha, IL-1beta, and nitric oxide release in unstimulated THP-1 cells. Release of TNF-alpha could be partially neutralized by anti-TLR4 antibody. This study suggested that stevioside attenuates synthesis of inflammatory mediators in LPS-stimulated THP-1 cells by interfering with the IKKbeta and NF-kappaB signaling pathway, and stevioside-induced TNF-alpha secretion is partially mediated through TLR4.

Comments