Ophiopogon japonicus / Slangenbaard

Ophiopogonis radix is een preparaat op basis van de knolvormige wortels van Ophiopogon japonicus, een lelieachtige plant, en wordt op grote schaal gebruikt in lokale geneesmiddelen in China, Japan en enkele andere Zuidoost-Aziatische landen. Het is in China door het ministerie van Volksgezondheid als eetbaar medicijn toegelaten vanwege de effectiviteit, hoge mate van beschikbaarheid en veiligheid. Volgens de principes van de traditionele Chinese geneeskunde (TCG) is Ophiopogonis radix voedend voor het yin, waarbij de productie van lichaamssappen wordt gestimuleerd, de uitdroging van de longen wordt tegengegaan, de geest wordt verlicht en droge hitte en de verschijnselen van een ‘brandend hart’ verdwijnen [2]. Daarnaast wordt O. japonicus toegepast bij onvoldoende menstruatie en lactatie, evenals bij longabcessen en hart- en longzwakte. In China wordt O. japonicus vaak gecombineerd met andere geneeskruiden, zowel in traditioneel als in klinisch gebruik. 

Glycyrrhiza uralensis, Scrophularia ningpoensis, Rehmannia glutinosa, Panax ginseng en Schisandra chinensis komen relatief veel voor in de combinatiepreparaten. Als substituut voor Ophiopogonis radix wordt in China Liriope radix gebruikt. Het geslacht Liriope is nauw verwant aan Ophiopogon en de wortel van L. spicata en L. muscari zijn beide toegelaten. In Japan wordt O. japonicus traditioneel gebruikt als middel bij keelontsteking en om fysiologische dorst te remmen. Ook wordt het ingezet ter bestrijding van onkruid en is het te beschouwen als een natuurlijk herbicide waarbij het voor andere planten groeiremmende stoffen aanmaakt. In Vietnam is het vooral een anti-hoestmiddel. Naast het gebruik als geneesmiddel wordt de plant in China en andere Oost-Aziatische landen ook gebruikt als een kleverig voedingsmiddel met een geurige zoete smaak. 

FARMACOLOGISCHE KARAKTERISERING
Steroïdsaponinen, homo-isoflavonoïden en polysachariden zijn de belangrijkste inhoudsstoffen voor de farmacologische werking van O. japonicus. 

Steroïdsaponinen 
Er zijn ongeveer 75 steroïdsaponinen geïsoleerd uit O. japonicus; 48 daarvan zijn spirostanolsaponinen en 25 zijn furostanolsaponinen. De basisstructuur van sommige van deze saponinen hebben een benaming die verwijst naar de plant zelf, zoals pogonin, ophiopogojaponin, ophiogenin en ophiofurospiside. Ze hebben een uiteenlopende biologische activiteit, zoals bescherming tegen hart- en vaatziekten, ontstekingsremming, antikankerwerking, antioxidatieve werking, immuunmodulatie en het tegengaan of verlichten van hoesten. Bij de hart- en vaatziekten gaat het onder andere om voorkoming van ritmestoornissen van de hartkamers. In dat laatste verband zijn vooral ophiopogonin D en ruscogenin actief. In het kader van ontstekingsremming wordt een concrete werkzaamheid van ruscogenin bij longontsteking genoemd. 

De antikankerclaim is gebaseerd op een effect bij cellijnen van borst- en longkanker. Daarnaast ruimen de saponinen de vrije radicalen in cellen op en fungeren zo als antioxidanten. Ophiopogonin D blijkt verder effectief te zijn bij het tegengaan van osteoporose door de oxidatieve stress te verlagen. Ook het effect van de behandeling van droge hoest met Ophiopogonis radix berust waarschijnlijk op de aanwezigheid van ophiopogonin D. De immunomodulatie lijkt vooral via verhoging van de fagocytosecapaciteit van cellen in de lever te werken. 

Homo-isoflavonoïden De homo-isoflavonoïden hebben in vitro een anti-oxidatieve en ontstekingsremmende werking. Bij de antioxidantwerking gaat het ook hier om het opruimen van vrije radicalen in cellen. In totaal zijn er 36 verbindingen geïsoleerd waarvan een aantal ophiopogononen en ophiopogonanonen. 

Polysachariden 
De 11 polysachariden die zijn geïsoleerd uit O. japonicus ondersteunen het voorkomen van een hartinfarct of diabetes en zijn ook actief als antioxidant en bij immunomodulatie. Bij diabetes zorgen de polysachariden onder andere voor reductie van de α-glucosidase-activiteit, bescherming van de cellen van de eilandjes van Langerhans, verlaging van de bloedglucosespiegel door ‘snelle’ koolhydraten en verhoging van de insulinespiegel. Met betrekking tot de immunomodulatie wordt het gunstige effect tegen het syndroom van Sjögren genoemd. De polysachariden zorgen ook voor verhoging van de fagocytosecapaciteit. Overige inhoudsstoffen Naast genoemde groepen inhoudsstoffen zijn er 13 organische zuren, waaronder salicylzuur en vanillinezuur, 4 glycosiden, 2 cyclodipetides en enkele andere verbindingen uit O. japonicus geïsoleerd. Deze hebben een anti-oxidatieve, antimicrobiële of antikankerwerking. De antioxidantwerking berust bij deze categorie inhoudsstoffen op de aanwezige fenolische verbindingen zoals fenolzuren, flavonoïden en tanninen. Een lectine dat mannose bindt, had een antivirale werking bij het herpes simplex-virus type II en remde ook de plantenschimmels Gibberella saubinetti en Rhizoctonia solani. Dit lectine remt daarnaast de groei van kankercellijnen en kankergezwellen en zet aan tot het afsterven van borstkankercellen. 

Ruw extract Van het ruwe totaalextract van O. japonicus is vastgesteld dat het trombose en ontstekingen tegengaat. 

RELATIE MET TRADITIONEEL GEBRUIK
De gevalideerde bioactiviteit zoals in de voorgaande subparagrafen is beschreven, toont tot op zekere hoogte een correlatie met het TCG-gebruik zoals genoemd in de eerste paragraaf. Zo zou de antidiabeteswerking in verband te brengen zijn met het positieve effect van O. japonicus op het yin. Het gunstige effect bij het syndroom van Sjögren is te relateren aan de productie van lichaamsvloeistoffen. Deze ziekte wordt in de TCG namelijk beschouwd als een droogtesyndroom, een van de TCG-categorieën waartegen O. japonicus al eeuwen wordt gebruikt. De ontstekingsremmende en antimicrobiële effecten zijn te relateren aan de werking van het yin bij het verminderen van droge hitte. 

SAMENVATTING FARMACOLOGISCHE EFFECTEN 
In de voorgaande paragrafen is een breed spectrum van farmacologische activiteiten van O. japonicus beschreven. Meer onderzoek naar de farmacologische effecten en de stoffen die hiervoor verantwoordelijk zijn is nodig. Daarbij verdienen vooral de polysachariden extra aandacht. In dat kader dient het onderzoek ook gericht te zijn op een ruscogeninderivaat (DT-13) dat voorkomt in de verwante soort Liriope muscari. Deze verbinding heeft antikanker- en hartbeschermende eigenschappen. Mogelijk blijkt deze stof (of een analoog) in voldoende hoge concentraties aanwezig te zijn in O. japonicus.

MEER ONDERZOEK NODIG 
De steroïdsaponinen, homo-isoflavonoïden en polysachariden die in O. japonicus aanwezig zijn, lijken een veelheid aan farmacologische potenties in zich te hebben: de homo-isoflavonoïden als ontstekingsremmers en antioxidantia bij neurodegeneratieve ziekten en de saponinen ophiopogonin C en D als mogelijke kandidaten bij de behandeling van hart- en vaatziekten, zoals een te hoog bloedvetgehalte of herseninfarct. Het onderzoek met O. japonicus heeft zich tot nu toe alleen beperkt tot de knolvormige wortels van de plant. Ook de vezelachtige wortels en bovengrondse delen hebben mogelijk waarde als geneesmiddel of functioneel voedingsmiddel. Voor een duurzaam gebruik van de plant zou daarom verder onderzoek op basis van fytochemische en farmacologische technieken moeten zouden uitgevoerd. Daarnaast blijft kwaliteitscontrole van O. japonicus in verband met de veiligheid en effectiviteit van de medicatie, een uitdaging. Er bestaan namelijk allerlei vervalsingen die ook worden gebruikt in de volksgeneeskunde. Verder is nader onderzoek gewenst naar de interactie tussen O. japonicus en de andere kruiden in de bestaande combinatiepreparaten. Tot slot doen de auteurs van de review een oproep om het gedane klinische onderzoek op een grotere schaal uit te voeren. Daarbij merken ze op dat het onderzoek tot nu toe veelal in China is uitgevoerd en alleen plaatselijk is gepubliceerd. De auteurs geven ook aan dat gedetailleerd klinisch onderzoek moet worden uitgevoerd naar de bijwerkingen en toxiciteit van O. japonicus op de organen waarvoor het geneeskruid wordt gebruikt. REFERENTIES | [1] Chen MH, Chen XJ, Wang 

REFERENTIES | [1] Chen MH, Chen XJ, Wang M, Lin LG, Wang YT. Ophiopogon japonicus - A phytochemical, ethnomedicinal and pharmacological review. J Ethnopharmacol 2016;181:193-213. [2] (red.) Zie voor omschrijving van de wijze waarop in de TCG ziektepatronen en effecten van kruiden worden omschreven www.tcmbasics.com/syndromes_8p.htm en http://www.tcmbasics.com/classification_characteristics.htm. 
Comments