Morinda citrifolia / Noni

De laatste jaren hebben meerdere geneeskrachtige planten van overzee hun intrede gedaan in Europa. Voorbeelden zijn Kava-kava {Piper methysticum), afkomstig uit de Zuidzee-eilanden te gebruiken bij stress en angsten en Duivelsklauw {Harpagophytum procumbens) uit Zuid-Afrika en toegepast bij reumatische aandoeningen.

De Noni-plant (Morinda citrifolia L.) geldt in de Indonesiche en Malaysische geneeskunde als een universeel geneesmiddel, te gebruiken bij diabetes, beroerte, depressie, allergië, spijsverteringsproblemen en kanker. Al deze indicaties zijn echter omstreden. Daarom zijn producten, die inhoudsstoffen van noni-planten bevatten, lange tijd verboden geweest in de Europese Unie; ook niet als ze als voedingssupplementen of als zogenaamd 'novel food' worden aangeboden. Alleen via internet waren de producten te bestellen. Op het ogenblik is deze regeling versoepeld, want via de kruidenwinkels zijn volop noni-sapproducten te verkrijgen. Toch wordt in Duitsland nog altijd, via officiële organen zoals het BGW (Instituut voor voedselgezondheid van het Duitse ministerie) gewaarschuwd en wordt nog altijd de vraag gesteld; of het om een gewoon levensmiddel dan wel om een geneesmiddel gaat.

Oorsprong en botanische kenmerken
De noni-plant, ook bekend als Indische moermeiboom, stamt niet zoals algemeen wordt aangenomen uit Zuid- en Zuid-oost Azië, maar uit Queensland in Australië. Van daaruit verbreidde de plant zich zowel over de Indische oceaan alsook over de Polynesische eilanden. Polynesische zeelui brachten de plant, zo'n 2000 jaar geleden naar Hawaï, waar ze onder de naam 'Noni' bekend werd. Vandaag vindt men het gewas in vele kustgebieden van Midden Amerika en Westindië, waar ze ook gecultiveerd worden. De plant gedijt goed in vochtig-heet binnenlands klimaat. Maar ze zijn ook bestand tegen maandenlange droogtes. Aan de bodem wordt door de Indische moermeiboom weinig eisen gesteld. De plant wordt ook als schaduwboom aangeplant voor koffïestruiken.

Het geslacht Morinda met ongeveer een zestigtal soorten behoort tot de familie der Rubiaceae. De noni-plant (Morinda citrifolia L. of M. Litoralis Blanco, M. Bracteata Roxb., Bancudus latifolia) is een struik of een drie tot acht meter hoge, diep vertakte boom met vierkante takken en een grijsbruine tot geelachtige bruine schors.
De altijd groene zachte bladeren met korte steel zijn lancetvormig en staan kruisgewijs, zijn 10 tot 30 cm lang (soms tot 50 cm) en 5 tot 15 cm breed en gaafrandig. De bovenkant ervan is glanzig en heeft duidelijke nerven. De kleine witte bloemen staan dicht opeen gedrongen aan het einde van de takken. De tot 15 mm bloemkroon is buisvormig en eindigt meestal met 5 terug geslagen kleine slippen. Na bevruchting zwellen de klokvormige bloeivormen op tot een vlezige vrucht. Daardoor dragen de vruchten dikwijls aan hun uiteinden nog knop- en bloemresten. De soort Morinda citrifolia werd botanisch opgesplitst, in de variëteit citrifolia en bractenta.

De noni-vruchten zijn in 't algemeen rondachtig tot ovaal en zo groot als een kippenei. De vrucht bevat glanzend donker bruine, harde zaden. De onrijpe vruchten worden als weinig smaakvol, sappig-bitter of als scherp smakend omschreven; terwijl de rijpe vruchten naar ranzige kaas ruiken. In Australië worden zij derhalve als 'rottend kaas-fruit' bestempeld. Om sap, extract of poeder uit de vruchten te winnen, moeten de snel rottende vruchten vlug worden verwerkt.
De zaden zijn van binnen hol en blijven op het water drijven, waardoor ze via de stroming naar andere oorden worden gevoerd.

Een wortel met rode kleurstof
De plant zou niet allen gezondheidsbevordende eigenschappen bezitten, maar werd ook als kleurstofplant verbouwd. Eind van de 19° eeuw werden in grote delen van India en Java, plantages met de Indische meekrap aangelegd, om zo de rode kleurstof te winnen voor de kleuring van wol en om batikstoffen te kleuren. Daarom werden de planten van 3 tot 5 jaar oud, uitgegraven, de wortels afgesneden en verschillende dagen in de zon gedroogd. Men verpulverde de schors en behandelde deze met een zuur. Afhankelijk van het gebruikte beitsmiddel, bekwam men roze, violet, oranjerood of scharlaken rode kleuring. Het kernhout van de wortel leverde een gele kleurstof.
In verscheidene Aziatische en Afrikaanse landen worden nog altijd kleurstoffen gewonnen u de wortels van andere Morinda-soorten.

Inhoudsstoffen
In de gedroogde vruchten worden naast iridoïd-glycoside: asperuloside, ook de vetzuren n-hexaanzuur en n-oxtylzuur gevonden. Zij maken ongeveer 90% uit van het destilleerbare vluchtige deel.
De rijpe vrucht bevat ook n-decanzuur. Deze stof is waarschijnlijk verantwoordelijk voor de onaangename geur. Nog in de vruchten: verscheidene trisaccharide-vetzuuresters en een gele etherische olie bevattende capron- en caprylzuur. Uit het geperste sap van de vrucht isoleerde men een tot hiertoe nog niet nader gepreciseerde polysacchariderijke substantie (13%) welke men als noni-PTT aanduidde.
In de bloemen vindt men anthrachinonglycoside, dimethylapigenine en een acacetinglucosic
In de bladeren worden meerdere iridoïdglycosiden aangetroffen.
In de wortels van Morinda officinalis vond men vijf componenten die een anti-depressieve werking zouden hebben.

In reclamefolders wordt soms gewezen op de aanwezigheid van xeronine, die in de noni-vrucht zou voorkomen. In 1985 dacht men een nieuw alkaloïde te hebben ontdekt. Naast xeronine vondt de onderzoeksgroep nog een ander molecule, dat wordt beschouwd als de voorlopersubstantie van xeronine en de naam kreeg van proxeronine. Deze laatste verbindt zich in de darm tot xerogenine onder invloed van het enzyme proxeronase. In de wetenschappelijke literatuur wordt zulke natuurstof tot nu toe nog niet beschreven. Several noni products are marketed with the information that the key active ingredients in noni are alkaloids called proxeroxine and proxeronine. 'These compounds have yet to be identified by conventional researchers and have not been reported in peer-reviewed scientific publications; it appears that the claims may be false'.

http://www.florahealth.com/NoniJuice.htm
http://www.integrativepractitioner.com/article_ektid14838.aspx



Noni Juice -- The Passing of Another Panacea? By Michael T. Murray, ND

Introduction
Are you as amazed as I am about how popular some nutritional supplements and herbal products can become on the flimsiest of evidence? Over the years we have witnessed countless "miracle cures" and panaceas. One of my all time favorites to cite as an example is noni juice. Is this once immensely popular product about to drift away? Apparently so, based upon waning interest.

What is noni?
Noni (Morinda citrifolia) or Indian mulberry is a small tree native to Polynesia that usually grows to a height of 10 feet high. The 4 inch sized fruit is the portion of the plant used. It starts out green then turns yellow.

What was noni used for historically?
Traditional Polynesian healers have used the fruit of the noni plant for just about everything from a tonic drink to mending broken bones, but it is said that a person won't take it until they are too sick and desperate because of its strong unpleasant odor and bitter taste. The bark yields a red dye while the root yields a yellow one. Both colors were used in the ceremonial outfits of Hawaiian chiefs.

Are there any clinical studies with noni juice?
No. In the early 1990s, noni juice became heavily marketed in the United States primarily through network marketing companies.
However, despite tremendous claims and testimonials, there is little scientific documentation for noni. Yet, even to this day It remains a very popular Item even In health food stores.

What are the key constituents?
The key components in noni appear to be polysaccharides and a compound known as damnacanthal.[1-3] An alkaloid, given the name "xeronine," has been claimed to be an important constituent by the developer of a commercial product, but there has been no confirmation by independent researchers. Animal and in vitro studies have shown some anticancer and immune enhancing activity and an earlier animal study seemed to indicate the fruit exerts a mild sedative effect.[4-6] Specifically, the polysaccharide component has been shown to increase the release of immune enhancing compounds that activate white blood cells to destroy tumor cells while damnacanthal is thought to be responsible for producing sedative effects in animal studies.

How is noni usually taken?
The usual recommendation is the equivalent of four ounces of noni juice one half hour before breakfast (effectiveness is thought to be best on an empty stomach). Commercial products are now available that have either eliminated the odor, altered the taste, or made it available as an extract in tablets or capsules to increase palatability. For liquid concentrates the typical recommendation is two tablespoons daily. For powdered extracts the typical recommendation is 500 to 1,000 mg daily.

Are there any side effects or interactions?
There are no known side effects, although it has been suggested that noni be taken on an empty stomach and that it not be taken with
coffee, tobacco or alcohol. Since the use of noni during pregnancy and lactation has not been adequately studied, it is recommended
that it not be used during these times.

Conclusions
Noni may prove to be a phenomenal plant-based medicinal agent. Unfortunately, until it is tested more thoroughly soon it will probably fall by the wayside of many other possibly effective natural products. After all, experience tells us that unless a natural product stands up to scientific scrutiny it has little staying power. With all the money made on noni juice sales, certainly there is enough for some preliminary human trials at the very least.

References:
1. Levand O, Larson HO: Some chemical constituents of Morinda citrifolia. Planta Med 1979;36:186-7.
Hirazumi A, Furusawa E. An immunomodulatory polysaccharide-rich substance from the fruit juice of Morinda citrifolia (noni) with antitumour activity. Phytother Res 1999;13:380-7.
2.Hiramatsu T, Imoto M, Koyano T, Umezawa K. Induction of normal phenotypes in ras-transformed cells by damnacanthal from Morinda citrifolia. Cancer Lett 73(2-3):161-6, 1993.
3. Hirazumi A, Furusawa E, Chou SC, Hokama Y. Anticancer activity of Morinda citrifolia (noni) on intraperitoneally implanted

Lewis lung carcinoma in syngeneic mice. Proc West Pharmacol Soc 1994;37:145-6
Noni is an evergreen shrub or small tree that grows throughout the tropical regions of the Pacific Ocean, from Southeast Asia to Australia and especially in Polynesia. Noni has been traditionally used in Polynesia as a dye.

Common Names—noni, morinda, Indian mulberry, hog apple, canary wood
Latin Name—Morinda citrifolia

What Noni Is Used For
Noni has a history of use as a topical preparation for joint pain and skin conditions.
Today, people drink noni fruit juice as a general health tonic, as well as for cancer and chronic conditions such as cardiovascular disease and diabetes.
How Noni Is Used
Traditionally, the leaves and fruit of noni have been used for health purposes.
Today, the fruit is most commonly combined with other fruits (such as grape) to make juice. Preparations of the fruit and leaves are also available in capsules, tablets, and teas.

What the Science Says
In laboratory research, noni has shown antioxidant, immune-stimulating, and tumor-fighting properties. These results suggest that noni may warrant further study for conditions such as cancer and cardiovascular disease. However, noni has not been well studied in people for any health condition.
NCCAM-funded research includes a study on noni for cancer to determine its safety and potential effects on tumors and symptoms, as well as a laboratory study of noni's effects on prostate cancer cells. The National Cancer Institute is funding preliminary research on noni for breast cancer prevention and treatment.

Side Effects and Cautions
Noni is high in potassium. People who are on potassium-restricted diets because of kidney problems should avoid using noni.
Several noni juice manufacturers have received warnings from the U.S. Food and Drug Administration about making unsubstantiated health claims.
Although there have been few reported side effects from using noni, its safety has not been adequately studied.
There have been reports of liver damage from using noni. It should be avoided if you have liver disease because it contains compounds that may make your disease worse.

Sources
  • Morinda. Natural Medicines Comprehensive Database Web site. Accessed at www.naturaldatabase.com on August 5, 2009.
  • Mueller BA, Scott MK, Sowinski KM, et al. Noni juice (Morinda citrifolia): hidden potential for hyperkalemia? American Journal of Kidney Disease. 2000;35(2):310–312.
  • Noni (Morinda citrifolia). Natural Standard Database Web site. Accessed at www.naturalstandard.com on August 4, 2009.
  • Pawlus A, Bao-Ning S, Kinghorn A. Noni (Morinda citrifolia). In: Coates P, Blackman M, Cragg G, et al., eds. Encyclopedia of Dietary Supplements. New York, NY: Marcel Dekker; 2005:1–8.

Comments