Petasites / Groot hoefblad

Petasites hybridus 

Wat mij het meest opvalt bij het Groot hoefblad zijn z'n bloemen die vroeg in het voorjaar zomaar bloot uit de grond te voorschijn komen, voordat het blad begint te groeien. De bloemen lijken wat op een stevige wilde orchidee, tenminste de mannelijke variant. De vrouwelijke bloemen groeien verder door en vormen later hoge melkwitte zaadpluizen. 

Geschiedenis en etymologie 
Zijn tegendraadse groei was de aanleiding tot de Middeleeuwse naam Filiae ante Patrem, dochters voor vaders. Andere vreemde namen waren pestwortel, omdat hij zo woekerend groeit of omdat hij vroeger tegen de pest gebruikt werd. Al in het kruidboek van Dodonaeus werd Hoefblad pestillentiewortel genoemd. Dodoens schrijft: 'Pestilentie wortel ghedroogt, ghepoedert en met wijn gedroncken is een seer costelijke medecijne tegen die pestilentie .... zij doet den mensche zweeten... 

De wetenschappelijke naam petasites verwijst mogelijk naar de pest, al is het meer waarschijnlijk dat het woord afkomstig is van petasos, Grieks voor breedgerande hoed. De grote bladeren werden door de herders als een zonnehoed gedragen. Het blad blijkt wel meer functioneel gebruikt geweest te zijn, bijvoorbeeld om boter in te verpakken en koel te houden, wat we weer in de Engelse naam Butterbur terug vinden. 
De plant is in onze tijd zowel positief als negatief in het nieuws geweest. Positief omdat hij een duidelijke krampwerende werking bezit en als zodanig werkzaam blijkt bij migraine, astmatische en allergische aandoeningen en maag-darmproblemen. 
Negatief zijn de zogenaamde pyrrolizidine-alcaloïden in Hoefblad, deze stoffen kunnen over langere termijn ingenomen levercellen beschadigen. De oplossing voor dit probleem is de plant kortstondig (3 weken) te gebruiken of extracten zonder alkaloïden in te nemen. 

Een wetenschappelijk onderzoek met Petasites bij migraine 
Petasitus is een plant die uitgebreid onderzocht werd. Een van die studies werd gedaan bij 245 migrainepatiënten die gedurende drie maanden tussen de twee tot zes migraine aanvallen per maand kregen. De patiënten werden willekeurig gekozen en kregen dagelijks twee capsules van 75 milligram van een hoefbladaftreksel of een place­bo. Gemeten werd vooral de frequentie van migraineaanvallen, die vergeleken werd met het aan­tal aanvallen voor het onderzoek. 
Bij de patiënten die 75mg toegediend kregen met de groothoefblad verminderde de frequentie van hoofd­pijn met 48% in vergelijking met de placebogebruikers waar 26% vermindering werd gemeten. 

Bij migraine is het extract van de Groot Hoefblad wortel het meest onderzocht, en hoofdzakelijk het preparataat Petadolex.  
De eerste gerandomiseerde gecontroleerde studie verdeelde 60 patienten over 2 groepen: 2 maal per dag 50mg het Groot Hoefbladextract en de andere groep placebo.
Na 12 weken bleken de migraineaanvallen tot 60 % verminderd te zijn in de actieve groep. Dit was significant ten opzichte van de placebogroep. Een onafhankelijke reanalyse liet ook zien dat Petadolex significant effect had op de hoofdpijnaanvallen.
Een tweede grote studie verdeelde 245 patienten met migraine over 3 groepen: 50mg Groothoefblad extract per dag, 75 mg of placebo.Na 4 maanden bleek 75 mg extract van de Groot Hoefbladwortel significante verbeteringen te geven. 50 mg had geen effect ten opzichte van placebo.

Groot hoefblad bij hooikoorts
Het extract van het groot hoefblad (Petasites hybridus) is bij de behandeling van hooikoorts even effectief als antihistaminica, zoals cetirizine.
Dit bleek uit een dubbelblind Zwitsers onderzoek onder 125 patiënten, dat in het bekende Engelse medische tijdschrift BMJ werd gepubliceerd.Groot Hoefblad[1] De Groot Hoefbladgroep kreeg 4 maal per dag pillen met Groot Hoefblad, waarvan per pil 8 mg van de actieve stof Petasine bevatte. De andere groep kreeg 10 mg Cetirizine per dag. De Groot Hoefbladtabletten werden goed verdragen en hadden geen ongewenste bijwerkingen. Gebruik van cetirizine veroorzaakte soms duizeligheid en vermoeidheid, hoewel dit middel wordt beschouwd als een niet suf makend antihistaminicum.
De conclusie van de auteur was: ‘We believe butterbur should be considered for treating seasonal allergic rhinitis, particularly in cases where the sedative effects of antihistamines need to be avoided’.
Een andere dubbelblind placebo gecontroleerde studie met 186 hooikoorts patienten uit 2005 liet zien dat het effect van dit kruid dosisafhankelijk was en ook in deze studie was geen verschil qua bijwerkingen in de 3 groepen (hoge dosis, lage dosis en placebo).[2]
De stof petasine, het werkzame bestanddeel in Groot Hoefblad, zorgt ervoor dat het slijmvlies in de neus slinkt, doordat het de aanmaak van leukotrienen en het vrijmaken van histamine blokeert. Histamine en leukotrienen spelen een belangrijke rol in allergische rhinitis (hooikoorts). Een studie liet zien dat er minder van deze stoffen in de neusexcretie was, wanneer de patienten tabletten met groothoefblad namen.[3]

Beoordeling
De bijwerkingen waren zeer gering, hooguit af en toe boeren. Op korte termijn zijn de bijwerkingen goed gedocumenteerd en is Petadolex veilig. Op langere termijn is het bewerkingsprofiel niet goed onderzocht.[8] Dit extract wordt gezien als veilig voor de behandeling van migraine.[9] Omdat er niet een heel duidelijk inzicht bestaat in de bijwerkingen op lange termijn krijgt dit preparaat een oranje-groen stoplicht. Wel duidelijke positieve studies, maar een lange termijn studie zou uitsluitsel moeten geven over de veiligheid als je het ook gedurende lange tijd inneemt. Ook voor hooikoorts lijkt het zinvol dus een oranje-groen stoplicht ook voor deze indicatie.

Referenties
Grossmann M, Schmidramsl H. | An extract of Petasites hybridus is effective in the prophylaxis of migraine. | Int J Clin Pharmacol Ther. | 2000 Sep;38(9):430-5.
Grossman W, Schmidrams H. | An extract of Petasites hybridus is effective in the prophylaxis of migraine. | Altern Med Rev. | 2001 Jun,6(3):303-10.
Diener HC, Rahlfs VW, Danesch U. | The first placebo-controlled trial of a special butterbur root extract for the prevention of migraine: reanalysis of efficacy criteria. | Eur Neurol. | 2004;51(2):89-97. Epub 2004 Jan 28.
Lipton RB, Göbel H, Einhäupl KM, Wilks K, Mauskop A. | Petasites hybridus root (butterbur) is an effective preventive treatment for migraine. | Neurology. | 2004 Dec 28;63(12):2240-4.



In de naam van... Groot en Klein hoefblad
Het uiterlijk van een plant heeft mede dikwijls de naam bepaald. Ook bij Hoefblad is dat het geval geweest. De bladvorm zou er als een hoef uitzien, maar de Latijnse naam Petasites kreeg de plant van Dioscorides omdat het blad op een breedgerande hoed (petasos) zou lijken. Zo krijgen we dan, in het Latijn dat het blad op een hoed lijkt en in het Nederlands op een hoef. Of zou het ‘hoestblad’ moeten zijn? Naar de medicinale werking van vooral het Klein hoefblad.

Een van de oudste namen, die in vele variaties vroeger gebruikt werd is Pestblad, naar de gevreesde ziekte die in de tijd van Matthiolus (1563) halve volkeren uit moorden. Ook als pestilentiekruid bekend. Dus zeker niet omdat men er de pest aan had. Mogelijk is die naam ook ontstaan uit een verandering van Petasitus... Pestasitus?

Dodonaeus in zijn Cruydeboeck van 1554 schreef over Petasites, Pestilentie wortel (Dockebladeren): Pestilentie wortel heeft groote ronde bladeren die ierst den Hoefbladeren ghelijck zijn ende daer naer zoo groot worden dat men met een blat een cleyn ront tafelken bedecken mach/ ende zijn op die een zijde schoon gruen/ en op die andere witachtich van coluere.
‘Pestilentie wortel ghedroocht/ ghepoedert en met wijn ghedroncken es een seer costelijcke medecijne teghen die pestilentie ende pestilentiale cortsen/ want zy doet den mensche zweeten/ ende daer duer drijft zy alle fenijn en quaet vier (kwaad vuur, ontsteking) vander herten.

Dokkebladeren
De naam Dokkebladeren bij Dodoens is ook nu nog soms in gebruik en duidde dikwijls op allerlei planten met grove, grote bladeren. Dokken zou dan van duiken komen, planten die vochtig groeien of in het water duiken. Mij lijkt het eerder dat deze naam overgenomen is uit het Engelse Butter dock, een bewaarplaats voor boter. Ook bij ons wordt wel vermeld dat de grote bladeren gebruikt werden om boter in te verpakken of fris te houden. En ik moet zeggen dat ikzelf het blad vroeger ook wel omgekeerd op mijn hoofd plaatste als een soort zonnehoed. Al wil ik mijn kop niet vergelijken met een pakje boter. Toch vinden we ook de volksnaam Grote hoetjesblaar terug, waaruit zou blijken dat dit blad vooral ook door kinderen als zonnehoed gebruikt werd. In dat verband is er ook nog een andere mogelijke verklaring voor Dok. Bij Grimm lezen we dat Dock ‘een geschmuckte kopfbedeckung, Mutze‘ is. Dus toch een hoedje van natuur.

Inde Capitulare de villes 795 komen we Parduna tegen, al zou daar ook Grote klis mee bedoeld kunnen zijn. Bij Hildegard van Bingen (1150) is de naam Hufblatta major al in gebruik, en daar wordt zeker het Groot hoefblad mee bedoeld.

Klein hoefblad
Als er een ‘groot’ hoefblad bestaat, dan moet er ook een ‘klein’ hoefblad zijn. Vreemd genoeg behoren ze allebei tot een ander geslacht Petasites dus groot en Tussilago klein. Dat ‘tussilago’ komt van ‘tussis’ hoesten en ‘agere’ verdrijven, naar zijn hoestdempende werking en dus zou het kunnen dat de Nederlandse naam oorspronkelijk ‘hoestblad’ geweest is. Ook de Grieken noemden haar ‘becchion’ van besso (hoesten). Zowel bij Plinius als bij Dioscorides vinden we de plant als hoestblad terug, met de nodige ingewikkelde recepturen, zoals het opzuigen van smeulende bladeren door een pijpje.

Uiteindelijk heeft de naam Hoefblad het gewonnen. In de Codex Bonnensis (11de eeuw) wordt het ‘Rossehuf’ (hoef van een ros), Bock in zijn ‘Neu Kreuterbuch’ zegt Rosshuf en Fuchsius (1543) spreekt zelfs over Peertsclauwe, tenminste in de Nederlanse vertaling. Hoe dan ook de officiële Nederlandse en Latijnse naam is nu Klein hoefblad – Tussilago farfara en Groot hoefblad – Petasites hybridus en dat kan alleen nog veranderen mits toestemming van een officiële taalcommissie. Ja, ook daar hebben wij officiële instanties voor.

Nog wat namen
Tussilago farfara L., Tussilage, pas d'âne (Frankrijk), Coltsfoot (GB), Gemeiner Huflattich (Duitsland)
Andere Engelse namen voor Klein hoefblad: assfoot, Butterbur, Butter dock, Coughwort, coltsfoot (veulenvoet), horsefoot, foalfoot, bull'sfoot, horsehoof, colt-herb, clayweed, cleats, dove-dock,
Andere Franse namen voor Klein hoefblad: chou de vigne, herbe de Saint-Quirin, herbe aux pattes, pas de cheval, pied de cheval, racine de peste, taconnet.
Andere Duitse benamingen: Bachblümlein, Berglatschen, Brandlattich, Brustlattich, Fohlenfuss, Hoflörrich, Hufblatt, Labassen, Ladderblätter, Lehmblümel, Loambleamel, Märzblume, Rosshuf, Sandblümel, Sommertürl, Teebleaml, Tabakkraut, Zeitrösele
Franse benamingen voor Groot hoefblad: Herbe à teigneux, Chapeau du diable,Herbe-à-la-peste.
Duitse benamingen voor Groot hoefblad: Adamsblaä (te gebruiken zoals vijgenblad), Kraftwurz, Neunkråftblått, Laddikenbläe, Brandlottkeblätter (op brandwonden), Bachlatte, Lattchen, Lättichblätter, Tabaksbläar.



Monografie Petasites hybridus

Inhoudsstoffen groot hoefblad
  • Sesquiterpenen, vooral petasine en iso-petasine. Petasine (spasmolyticum) ontkrampende werking
     op de gladde spieren en vaatwanden en mogelijk ook
     ontstekingsremmende werking, verhinderen van leukotriënen synthese.
  • pyrrolizidine alkaloïden, op lange termijn schadelijk voor levercellen
Bladeren: Het gehalte aan petasine in de bladeren ligt tussen de 3 tot 10 ppm per 100 gram droog gewicht. De bladeren zijn moeilijk te drogen
op een droogrek of waslijn hangen. Ze kunnen vers verwerkt worden in een tinctuur, deze tinctuur zal pyrrolizidine alkaloïden bevatten, naast de
andere inhoudsstoffen in de plant, een hydrolaat (distillatie) zal waarschijnlijk geen pyrrolizidinen bevatten omdat deze niet oplossen in water.

Wortels: Normaal oogst je wortels van de meeste planten in de herfst. Het gehalte aan pyrrolizidine alkaloïden is 5 tot 90 ppm per 100 gram
droog gewicht, dus meer dan in de bladeren. Het gehalte aan petasine (werkzame stof, sesquiterpeen) in de wortels ligt tussen de 7 en 15 mg per 100 gr droog gewicht. De wortels kunnen gedroogd worden in de oven of drooginstallatie met ventilatorkacheltje. Ze kunnen ook vers verwerkt worden tot een tinctuur.

Extracts of Petasites hybridus are prepared from the rhizomes, roots, and leaves. The main active constituents are two sesquiterpenes, petasin and isopetasin. Petasin is responsible for the antispasmodic properties of the plant by reducing spasms in smooth muscle and vascular walls, in addition to providing an anti-inflammatory effect by inhibiting leukotriene synthesis. Prostaglandins are important mediators in the inflammatory process and isopetasin’s positive impact on prostaglandin metabolism contributes to the effectiveness of Petasites extracts. Extracts of the plant also contain volatile oils, flavonoids, tannins, and pyrrolizidine alkaloids. As these alkaloids are believed to be toxic to the liver and carcinogenic in animals, extracts are available in which the pyrrolizidine alkaloids have been removed.2

Mechanisms of Action
The active constituents of Petasites have an antispasmodic effect on vascular walls and appear to have an affinity for cerebral blood vessels. Petasites’ ability to reduce smooth muscle spasm suggests it may be a useful therapeutic tool in treating urinary disorders, menstrual cramps, migraine headaches, kidney stone disorders, obstruction of bile flow, as well as other liver or gastrointestinal disorders associated with smooth muscle spasm.1
 The anti-inflammatory properties of butterbur extracts are attributed to inhibition of lipoxygenase activity and down-regulation of leukotriene synthesis, and are primarily due to the petasin content.5

Clinical Indications

Migraine Headache
Two clinical studies using 50 mg of a standardized Petasites extract twice daily for 12 weeks demonstrated its effectiveness as a prophylactic treatment for migraines. Both studies were doubleblind, placebo controlled, and involved a total of 128 patients. The results of the two studies showed a significant reduction (as much as 60%) in frequency of migraine attacks compared to placebo. Other improvements in the Petasites group included a reduction in the number of days with migraines per month, a decrease in migraine-associated symptoms, and diminished duration and intensity of pain. No adverse reactions were reported in either study. Butterbur extract’s high degree of efficacy and excellent
tolerability accentuates its value in the prophylactic treatment of migraines.6,7

Asthma/Bronchitis
Various parts of the butterbur plant have been used for centuries to treat bronchial asthma and whooping cough, and in folk medicine the leaves of the plant were used as a mucus-reducing cough remedy. Butterbur’s ostensible effectiveness in treating upper respiratory disorders such as asthma and bronchitis is attributed to the antispasmodic properties of the petasin constituent. The plant’s antiinflammatoryaction would also help calm the reactive airways seen in both asthma and bronchitis.2

Polish clinical study conducted in 1998 examined the influence of Petasites on lung ventilation and bronchial reactivity in patients suffering from asthma or chronic obstructive bronchitis. The study included three test groups and two control groups. Test Group A exhibited an improvement in f orced expiratory volume (FEV1) three hours after an oral dose of 600 mg Petasites extract. Group B experienced a significant decrease in bronchial reactivity two hours after receiving an oral dose of 600 mgPetasites extract. Group C patients were treated for 14 days and received 600 mg of the extract three times daily. Some patients (n=10) were also given corticosteroids due to disease severity. All three groups exhibited a decrease in bronchial reactivity, but the patients in Group C who received no corticosteroidshad the most pronounced results.8
 These results indicate Petasites might be helpful in improving lung ventilation in patients with asthma or chronic obstructive bronchitis.

Gastrointestinal Disorders
Butterbur’s use as an antispasmodic for gastrointestinal conditions dates back to the Middle Ages. The leaves and rhizomes were used to treat spasms of the digestive tract associated with colic, plague, and bile flow obstruction.9,10 A German study conducted in 1993 found ethanolic extracts of Petasites hybridus blocked ethanol-induced gastric damage and reduced ulcerations of the small intestine caused by indomethacin, an anti-inflammatory drug used to treat arthritic conditions. The results of this study were attributed to inhibition of lipoxygenase activity and leukotriene biosynthesis.11

Safety
Until recently, side effects from Petasites extracts had not been reported. In September 2000, a study conducted in Taiwan noted the petasin constituent, responsible for many of butterbur’s pharmacological properties, inhibited the production of testosterone in rat testicular cells, but did not speculate whether this effect would be applicable in humans.12 The plant’s pyrrolizidine alkaloids are thought to cause liver damage and to be carcinogenic in animals; however, extracts are commercially available in which the pyrrolizidine alkaloids have been removed. There are no known interactions with either pharmaceutical or over-the-counter anti-inflammatory agents; however, use of Petasites extracts during
pregnancy and lactation is contraindicated.1

Dosage
Typically, Petasites extracts are standardized to contain a minimum of 7.5 mg of petasin and isopetasin. The adult dosage ranges from 50-100 mg twice daily with meals. When used to treat migraines, administration is prophylactic and supplementation should be carried out daily for four to six
months and then tapered until migraine incidence begins to increase. Dosage regimens for asthma and gastrointestinal disorders are as yet undefined, dictating the need for further research.

References
1. Eaton J. Butterbur, herbal help for migraine. Nat Pharm 1998;2:1,23-24.
2. Mauskop, A. Petasites hybridus: ancient medicinal plant is effective prophylactic treatment for migraine. Townsend Lett 2000;202:104-106.
3. Grieve M. Butterbur. In: Leyel CF, ed. A Modern Herbal, electronic version. New York, NY: Dover Publications,
Inc. 1971.
4. Reglin F. A clinical review: Petadolex® (Standardized Butterbur Extract), Praxis-Telegram, Nr. 1/98:13-14.
5. Bickel D, Roder T, Bestmann HJ, Brune K. Identification and characterization of inhibitors of peptido-leukotriene synthesis from Petasites hybridus. Planta Med 1994;60:318-322.
6. Mauskop A, Grossmann WM, Schmidramsl H. Petasites hybridus (butterbur root) extract is effective in the prophylaxis of migraines. Results of a randomized, double-blind trial. J Head Face Pain 2000;40:4.
7. Grossmann WM, Schmidramsl H. An extract of Petasites hybridus is effective in the prophylaxis of migraine. Int J Clin Pharmacol Ther 2000;38:430-435.
8. Ziolo G, Samochowiec L. Study on clinical properties and mechanism of action of Petasites in bronchial asthma and chronic obstructive bronchitis. Pharmaceutica Acta Helvetica 1998;72:359-380.
9. Lindauerova T. Palynomorphological investigation of the species Petasites hybridus and Petasites albus. Farmaceuticky Obzor 1981:50:569-574.
10. Blumenthal M, ed. The Complete German Commission E Monographs. Austin, TX: American Botanical Council;
1998;183:365.
11. Brune K, Bickel D, Peskar BA. Gastro-protective effects by extracts of Petasites hybridus: the role of inhibition of peptido-leukotriene synthesis. Planta Med 1993;59:494-496.
12. Lin H, Chien CH, Lin YL, et al. Inhibition of testosterone secretion by S-petasin in rat testicular interstitial cells. Chin J Physiol 2000:43:99-103.

Alternative Medicine Review ◆ Volume 6, Number 2 ◆ 2001 Page 209



Pétasite

Historique du pétasite
« Pétasite » vient du mot grec petasos, qui désigne un chapeau de feutre à larges bords que portaient les pâtres grecs (un « pétase » en français). Le nom fait référence aux immenses feuilles de la plante. On s’en servait d’ailleurs jadis pour envelopper les mottes de beurre afin de les protéger de la chaleur, d'où le nom anglais butterbur.
En Europe, on tire parti des propriétés médicinales du pétasite depuis des siècles. Au Moyen Âge, on s'en servait pour combattre la peste et la fièvre. Au XVIIe siècle, on la prescrivait contre la toux, l'asthme et les blessures cutanées. Son action antispasmodique et analgésique expliquerait les nombreux usages médicinaux qu'on en a faits. Dans les années 1950, on lui a également découvert des vertus contre l’inflammation et les allergies.
Quelques fabricants de produits naturels ont misé sur ces propriétés pour créer des extraits de pétasite visant à prévenir les crises de migraine et à soulager les symptômes de la rhinite allergique (rhume des foins). L’entreprise suisse Zeller a lancé le Tesalin® (aussi appelé Ze339), un extrait de feuilles de pétasite vendu uniquement sur ordonnance1. Le Tesalin a été approuvé pour le traitement de la rhinite allergique par les autorités suisses en 2003.

Recherches sur le pétasite

Efficacité probable Migraine. Deux essais cliniques de très bonne qualité (réalisés en double insu avec placebo) ont évalué l’efficacité d’un extrait normalisé de rhizome de pétasite (Petadolex®) auprès de personnes souffrant d’au moins 3 migraines par mois.

Dans la première étude publiée en 2001, la prise de 25 mg d’extrait, 2 fois par jour, a réduit de façon significative la fréquence et la durée des migraines2. Dans la seconde (en 2004), les chercheurs ont comparé 2 dosages différents de l’extrait, soit 100 mg ou 150 mg par jour (en 2 prises). Après 4 mois de traitement, les attaques de migraine ont diminué de moitié (48 %) chez la majorité des participants qui prenaient 150 mg de pétasite. Avec la dose de 100 mg, les résultats ont été moins concluants3.

Testé chez des enfants et des adolescents âgés de 6 ans à 17 ans, l’extrait de pétasite à raison de 50 mg à 100 mg par jour (selon l’âge) pendant 8 semaines a également permis d’espacer les attaques de migraines4,18.

Efficacité probable Rhinite allergique. Des recherches ont été effectuées en utilisant un extrait de feuilles standardisé, le ZE339 (Tesalin®), destiné à soulager les symptômes de la rhinite allergique (rhume des foins). Elles ont montré que 1 ou 2 comprimés par jour réduisaient l’écoulement et la congestion du nez, les éternuements, ainsi que l’irritation du nez et des yeux causés par les allergies saisonnières9,10,12. Ces effets sont comparables à ceux d’un antihistaminique classique (fexofénadine)10, mais n’entrainent pas la somnolence habituellement associée à leur utilisation11. De plus, mis à part de légers troubles gastro-intestinaux, l’extrait de pétasite est généralement bien toléré12.

Par ailleurs, si le pétasite apporte un soulagement aux personnes souffrant d’allergies respiratoires, il ne semble pas avoir d’effet sur les manifestations allergiques de la peau13,14.

Usage reconnu Spasmes des voies urinaires. En 1990, la Commission E reconnaissait l'usage médicinal du pétasite pour soulager les douleurs causées par les spasmes des voies urinaires, en particulier ceux causés par des calculs (« pierres »). Tout en lui attribuant des propriétés antispasmodiques, les experts allemands ont signalé que la plante renfermait des alcaloïdes pyrrolizidiniques toxiques pour le foie et ont donc mis en garde contre un usage abusif. Depuis, on est en mesure de produire des extraits qui sont débarrassés de ces substances, donc exempts de toxicité.

Usage traditionnel Asthme, toux, problèmes respiratoires. La science commence tout juste à s’intéresser aux effets potentiellement bénéfiques de cette plante dans le traitement de différents troubles respiratoires, associés ou non aux allergies. Les résultats de 2 essais préliminaires publiés en 2004 indiquent que le pétasite pourrait constituer un traitement adjuvant efficace pour les personnes souffrant d’asthme et leur permettre de réduire leurs doses de corticostéroïdes15,16.

Usage traditionnel Troubles gastro-intestinaux. Des essais in vitro et menés sur des animaux tendent à confirmer l'usage traditionnel de la plante pour traiter les spasmes gastro-intestinaux et prévenir les ulcères de l’estomac17.

Attention
Le pétasite renferme des alcaloïdes de pyrrolizidine qui sont cancérigènes et toxiques pour le foie et les poumons. Il ne faut donc pas consommer la plante à l'état brut. Les extraits du commerce sont habituellement exempts de cette substance ou en contiennent moins de 1 µg par dose quotidienne.
Les personnes allergiques aux plantes de la famille des astéracées (ou composées), comme la laitue, la marguerite ou le tournesol, pourraient souffrir d'allergie au pétasite.
Contre-indications
Ne pas prendre de pétasite durant la grossesse ou l'allaitement, ni en cas de précédent d'hépatite ou de maladie du foie.
Effets indésirables
Le pétasite est généralement bien toléré. Au cours des études cliniques, on a rapporté des troubles gastro-intestinaux légers et passagers, des maux de tête et, plus rarement, des vomissements et de la diarrhée.

Bibliographie
  • Anonyme. Clinical Update : Standardized Butterbur Extract for Migraine Treatment : A Clinical Overview. HerbalGram #58, American Botanical Council, États-Unis, 2003.
  • Anonyme. Monograph. Petasites hybridus.Altern Med Rev. 2001 Apr;6(2):207-9. Texte intégral [document pdf consulté le 17 novembre 2010]: www.thorne.com
  • Blumenthal M. Special Butterbur Leaf Extract (Ze 339) as Effective as Antihistamine for Intermittent Allergic Rhinitis. HerbalGram. 2006;69:30. American Botanical Council, États-Unis, 2006. [Consulté le 17 novembre 2010]. www.herbalgram.org
  • Blumenthal M (Ed). The Complete German Commission E Monographs, American Botanical Council, publié en collaboration avec Integrative Medicine Communications, États-Unis, 1998.
  • National Library of Medicine (Ed). PubMed, NCBI. [Consulté le 17 novembre 2010]. www.ncbi.nlm.nih.gov
  • Natural Standard (Ed). Foods, Herbs & Supplements – Butterbur (Petasites hybridus), Nature Medicine Quality Standard. [Consulté le 17 novembre 2010]. www.naturalstandard.com
  • The Natural Pharmacist (Ed). Natural Products Encyclopedia, Herbs & Supplements - Butterbur,ConsumerLab.com. [Consulté le 17 novembre 2010]. www.consumerlab.com
Notes
1.Anonyme Petasites--Zeller: ZE 339. Drugs R D. 2003;4(6):378-9.
2. Grossman W, Schmidramsl H. An extract of Petasites hybridus is effective in the prophylaxis of migraine.Altern Med Rev. 2001 Jun;6(3):303-10.
3. Lipton RB, Gobel H, et al. Petasites hybridus root (butterbur) is an effective preventive treatment for migraine. Neurology. 2004 Dec 28;63(12):2240-4.
4. Pothmann R, Danesch U. Migraine prevention in children and adolescents: results of an open study with a special butterbur root extract. Headache. 2005 Mar;45(3):196-203.
5. Schapowal A; Petasites Study Group. Randomised controlled trial of butterbur and cetirizine for treating seasonal allergic rhinitis.BMJ. 2002 Jan 19;324(7330):144-6. Texte complet accessible à l'adresse suivante : http://bmj.bmjjournals.com
6. Lee DK, Carstairs IJ, et al. Butterbur, a herbal remedy, attenuates adenosine monophosphate induced nasal responsiveness in seasonal allergic rhinitis. Clin Exp Allergy. 2003 Jul;33(7):882-6.
7. Gray RD, Haggart K, et al. Effects of butterbur treatment in intermittent allergic rhinitis: a placebo-controlled evaluation. Ann Allergy Asthma Immunol. 2004 Jul;93(1):56-60.
8. Lee DK, Gray RD, et al. A placebo-controlled evaluation of butterbur and fexofenadine on objective and subjective outcomes in perennial allergic rhinitis. Clin Exp Allergy. 2004 Apr;34(4):646-9.
9. Schapowal A; Petasites Study Group. Butterbur Ze339 for the treatment of intermittent allergic rhinitis: dose-dependent efficacy in a prospective, randomized, double-blind, placebo-controlled study. Arch Otolaryngol Head Neck Surg. 2004 Dec;130(12):1381-6
10. Schapowal A; Study Group. Treating intermittent allergic rhinitis: a prospective, randomized, placebo and antihistamine-controlled study of Butterbur extract Ze 339.Phytother Res. 2005 Jun;19(6):530-7.
11. Blumenthal M. Special Butterbur Leaf Extract (Ze 339) as Effective as Antihistamine for Intermittent Allergic Rhinitis. HerbalGram. 2006;69:30. American Botanical Council, États-Unis, 2006. [Consulté le 17 novembre 2010]. www.herbalgram.org
12. Kaufeler R, Polasek W, et al. Efficacy and safety of butterbur herbal extract Ze 339 in seasonal allergic rhinitis: postmarketing surveillance study. Adv Ther. 2006 Mar-Apr;23(2):373-84.
13. Jackson CM, Lee DK, Lipworth BJ. The effects of butterbur on the histamine and allergen cutaneous response. Ann Allergy Asthma Immunol. 2004 Feb;92(2):250-4.
14. Gex-Collet C, Imhof L, et al. The butterbur extract petasin has no effect on skin test reactivity induced by different stimuli: a randomized, double-blind crossover study using histamine, codeine, methacholine, and aeroallergen solutions. J Investig Allergol Clin Immunol. 2006;16(3):156-61.
15. Lee DK, Haggart K, et al. Butterbur, a herbal remedy, confers complementary anti-inflammatory activity in asthmatic patients receiving inhaled corticosteroids. Clin Exp Allergy. 2004 Jan;34(1):110-4
16. Danesch UC. Petasites hybridus (Butterbur root) extract in the treatment of asthma--an open trial.Altern Med Rev. 2004 Mar;9(1):54-62. Texte intégral : [Consulté le 17 novembre 2010] www.thorne.com
17. Brune K, Bickel D, Peskar BA. Gastro-protective effects by extracts of Petasites hybridus: the role of inhibition of peptido-leukotriene synthesis. Planta Med. 1993 Dec;59(6):494-6.
18. Butterbur root extract and music therapy in the prevention of childhood migraine: an explorative study. Oelkers-Ax R, Leins A, et al. Eur J Pain. 2008 Apr;12(3):301-13.
Comments