Melissa officinalis

Citroenmelisse

Algemene en Botanische Informatie

Familie: Lamiaceae (Labiatae) - Lipbloemigen.
Naam: Mélisse (Fr.), Melisse (D.), Lemon balm (E.).
Volksnamen: Citroenkruid, Bijenkruid.
Soorten: Melissa off. variagata - Gevlekte gele melisse 

Verwante planten:
  • Melittis melissophyllum L. - Bijenblad, 
  • Dracocephalum moldavicum L. - Drakekop, 
  • Monarda didyma - Bergamotplant 
Teelt, ecologie: Hemikrypt, bij ons geteeld en verwilderd nabij stort­plaatsen en woningen.  Vermeerderen door zaaien, maar is ook zeer goed te scheu­ren.
Herkomst: oorspronkelijk in het oostelijk Middellandse-Zeege­bied en West-Azië inheems;

Materia Medica, gebruikte delen van Citroenmelisse

Melissae herba, Melissae folium. Het blad, soms de net bloeiende plant, van Melissa off. L.

Oogst: Meestal de hele plant vóór de bloei, na het drogen wordt het blad van de stengels afgerist.
Bewaren: Buiten invloed van licht en vochtigheid, niet in kunst­stof (e.o.). Het gehalte aan e.o. kan binnen 3 maand met 70 % ver­min­de­ren (Wichtl)
Beschrijving: Gesteeld, eivormig, hartvormig blad, met dunne, ruwe, op de randen getande bladschijf, aan de bovenzijde donker­groen, aan de onderzijde lichtgroen. De dunne nervatuur is aan de onderzijde duidelijk zichtbaar (reliëf).
Geur: kruidig-aromatisch, aan citroen herinnerend.
Smaak: aangenaam kruidig, maar weinig of geen citroen­smaak.
Nota: De citroenachtige aroma verdwijnt tijdens en na de bloei­tijd, of verandert soms in een onaangename geur.
Vervalsingen: Vervalsing en/of vergissing is mogelijk met: Nepeta cataria L. var. citriodora (de onderzijde van het blad is grijsviltig behaard).
Stachys en Ballota-soorten.
Herkomst: geteeld in Midden-Europa, West-Europa (vooral Spanje) en Oost-Europa. De meeste importen komen uit Bulgarije, Roemenië en de vroegere D.D.R. In het vroegere W.-Duitsland 50 ton in 1983.

Melissae atheroleum, De vluchtige olie door waterdampdistillatie gewonnen uit Melissa off. L.

Heel veel zogenaamde Melisse-olie wordt gewonnen uit Citrus, Andro­pogon en Cymbo­pogon species. Ook wordt Citroenolie over Citroenme­lissekruid gedis­til­leerd (Melissae citratum oleum).
Andropogon citratus D.C., of Cymbopogon citratus STAPF. - Citroengras,
Cymbopogon Nardus REUDLE Ceylon citronel,
Cymbopogon Winterianus JOVITT - Java citronel,
Cymbopogon Martini STAPF. Palmarosa,
Andropogon Muricatus RETZ of Vetiveria zizanioides STAPF.)
In een Spaanse, gecultiveerde melissesoort werd tot 0,8 % e.o. gevon­den.
Eerste en tweede oogst geeft een verschillend e.o.-gehalte.

Samenstelling, gebruikte delen van Citroenmelisse

** Etherische olie (0,10 %): alcoholen: citronellol, linalol, geraniol (35 %),aldehyden: citronellol (5 %), sesquiterpenen, terpenen.
** Looistoffen: catechol (4 %)koffiezuren, rozemarijnzuur, e.a.
*   Bitterstoffen
*   Flavonoïden
*   Vitaminen B1, B2, C
Nota’s: Citronellol bepaalt de geur. Ongeveer 250 bestanddelen zijn bekend, waarvan 190 in de e.o.

Farmacologie, fysiologische werking van Citroenmelisse

** Sedativum (e.o.) en stimulans: aangrijpingspunt in hersenen (lim­bisch systeem).
** Spasmolyticum (e.o.): vooral op de darm (carminativum),in dierproeven neurotroop-antispasmodisch, antihis­taminicum
** Virostatische werking (e.o., vooral looistof) tegen herpes simplex-virus en adenovirus.
*   Antibacteriële werking.
** Antimycotische werking:tegen o.a. Aspergillus flavus, en Candica albicans (waterig extract).
*   Cholereticum (Voornamelijk de verse plant) Uitscheiding gal verhoogt met 200-300 %. 

Indicatie, medicinaal gebruik

Zenuwstelsel
** Vegetatieve dystonieklachten. Zie R./
     Nerveuze hartklachten + Crataegus.
     Nerveuze maag-darmklachten + Matricaria, Mentha 
** Emotionele problemen, depressie, melancholie. (Een kleine hulp om verdriet te verwerken)
** Slapeloosheid, Inslaapproblemen door onrust 
*   Geheugenproblemen (ook Ginkgo, Rosmarinus) Kuur Dr. Belaiche: 8 d./mnd, 4 mn­d/jaar

Neurologie
* Migraine-achtige hoofdpijn
* Neuralgie

Spijsvertering / Zenuwstelsel
* Maagpijn, kramp van nerveuze aard, colitis
* Darmgassen
* Misselijkheid
* Zwangerschapsbraken     R./    Melissae fol. 60
                                                 Menthae fol. 20
                                                 Matricaria. fl. 20
Virusinfecties
* Herpes simplex (koortsblaasjes) Vooral uitwendig zalf

Receptuur en Bereidingswijzen

Infuus: 10’, 1 eetl./kop (= 1-2 g gesneden)
Lage doseringen lijken beter te werken dan hoge. Verse Melisse heeft de voorkeur.

Etherische olie: 3 x d. 2 druppels

Melissegeest: Eau des Carmes.
R./ Verse Melisse 180 g
Citroenschil 30 g
Kaneelbast 30 g
Kruidnagel 16 g
Muskaatnoot 16 g
Koriandervrucht 8 g       Ber.: mac. 4 dagen
Engelwor­tel 8 g             distilleren tot 850 g.
Alcohol 80° 1 liter          Dos.: 10 g daags

R./ Melisseblad 60 g         Böhmig: eigen berei­ding
Alc. 45° 1 l
Snufje Koriander, Ka­neel, Noot­muskaat, en Ci­troenschil
Ber.: mac. 1 week, dan zeven.

Melissewijn:
R./ Melisseblad 30 g         Ber.: mac. 24 u/35 C.
Witte wijn 1 l                     Dos.: 1 wijnglas ‘s avonds

R./ Melissae e.o. 1 g
Menthae e.o. 1 g
Oregano e.o. 1 g               Dos.: 40 dr. 3 x daags vóór eten.
Alc. 90° 30 ml                     Ind.: neuro­ve­getatie­ve dystonie
Nota: 1gr etherische olie is ongeveer 20 druppels
Spiritus melissae compositus DAB VI bevat citronelolie i.p.v. melisse-olie.

Species: Species sedativae DAB VII
R./    Menthae fol. 25
        Melissae fol. 25
        Valerianae rad. 50

Eau de Melisse des Carmes
  • Melissae fol. 500 
  • Angelicae rad. 16 
  • Citroenschil 125 
  • Alc. 33° 3 l                        Ber.: mac. 9 d., ze­ven, dan toe­voe­ge­n: 
  • Ko­ri­an­der­ 200 
  • Muskaat­noot 40 
  • Kaneelbast 4 
  • Kruidna­gel 2                     mac. 8 d, zeven en dan toe­voe­gen: Gedist. water 350 cc en nog 24 u macereren
Nota: hoeveelheden moeten soms aangepast worden.

Geschiedenis en Wetenschappelijk Onderzoek
  • Theophrastus van Eresos 372-287 vr Chr.: Leerling van Aristoteles geeft eerste beschrij­ving onder de naam “Melissophyllon’ (bijenblad) in ‘Historia plantarum’.
  • G. Plinius Secundus en Dioscorides (ca. 50-80 na Chr.): Tegen insectenste­ken, vrouwenkwa­len, ontstekingen, tand- en gewrichtspijnen. Materia Medica.
  • Arabische artsen (Seraphion, Avicenna): Voor het eerst vermeld tegen kommer en zorgen.
  • H. von Bingen 1098-1179: «Melisse vereint die Kräfte von 15 andere Kräutern in sich.»
  • Magnus, Fuchs, Mat­tiolus, Tabernaemon­tanus (Kruidenboeken): Melding van werking tegen: angsten, epilep­sie, verlammingen, maag­branden; ook tegen hartaandoe­ningen.
  • Paracelsus (1493-1541): Zijn lievelingsplant, vooral gebruikt tegen hartkwa­len en als vrouwenmiddel. (Zon en Venusplant.)
  • In leerdichten vermeld zoals ‘Macer Floridus’ (11de eeuw) onder de naam ‘Boragum’.
  • Dodonaeus / Seraphio: «Voor een vochtige en koude maag, bangigheid en kloppingen des Herten, verstoptheid der hersenen en buikpijn.»
  • Dioscorides: «Voor Engborstigheid.»
  • Dioscorides / Ravelingius: «Voor verstopte maandstonden, opstijginge en pijn des lijf-moeders.» (Melissewijn + uitwendig warm compres van Melisse en Kamille op de buik.)
  • 1889: Frans onderzoek toont de slaapverwekkende werking (hoge dosering e.o. tot 2 g ?).
  • Seel: sedatieve werking met 20 dr. melisse extract (o.a. langzamere adem­haling en polsfrequentie).
  • Joegoslavisch onderzoek met vissen, invloed op centraal zenuwstelsel vooral de etherische olie met veel terpenen.
  • Wagner, Sprinkmeyer: Sedatie­test met muizen, dosering van 3, 16 tot 100 mg melisse-olie per kg lichaamsge­wicht waren ongeveer even sterk sedatief werkzaam; 1 mg per kg li­chaamsgewicht werkte nauwelijks nog. Terpenen gaven de sterkste werking bij lage dosering (1 mg/kg gewicht). Deutsch. Apoth. Ztg. 30/1159 - 1973.
  • Möse, Lukas: Uitgebreid onderzoek naar anti-bacteriële werking van de e.o. Werkzaam tegen 36 van de 43 onderzochte soorten. De herkomst van de e.o. was ook van belang. Arzneim. Forschung 7/687 - 1957.
  • Russisch onderzoek: Antimicrobieel effect op stafyloc., streptoc., E. coli en candidastam­men, geïsoleerd bij patiënten met long­ontste­king.
  • Deininger: Verslag van de werking tegen virussen. Der Kassenarzt 7 - febr. 1985.
  • May, Willuhn: Onderzoek van 178 geneeskruiden naar hun virostatische werking. Arzeim. Forsch. 28/1 - 1978.
  • H. Saurgens e.a.: Bij dierproeven met Melisse-extract daling van thyreotro­pinspiegel. Planta med. 45/78 - 1982.
Recenter onderzoek
Dressing H, Riemann D, Löw H, et al. Insomnia: Are valerian/balm combination of equal value to benzodiazepine? Therapiewoche 1992;42:726–36.
Dressing H, Köhler S, Müller WE. Improvement of sleep quality with a high-dose valerian/lemon balm preparation: A placebo-controlled double-blind study. Psychopharmakotherapie 1996;6:32–40.
Wöhlbling RH, Leonhardt K. Local therapy of herpes simplex with dried extract of Melissa officinalis. Phytomedicine 1994;1:25–31.
Koytchev R, Allen RG, Dundarov S. Balm mint extract (Lo-701) for topical treatment of recurring Herpes labialis. Phytomed 1999;6:225–30. 

Onderzoek Antiviral activity
Aqueous extracts of Folium Melissae inhibited the replication in vitro of herpes simplex virus type 2, influenza virus A2 (Mannheim 57) and vaccinia virus at a concentration of 10% (20). A dried aqueous extract of the leaves inhibited the replication of herpes simplex viruses in vitro at a concentration of 200 µg/ml (18). A condensed tannin isolated from an aqueous extract of the leaves inhibited haemagglutination induced by Newcastle disease virus or mumps virus; protected eggs and chick cell cultures from infection by Newcastle disease virus; and prevented haemagglutination by Newcastle disease, mumps and parainfluenza viruses 1, 2 and 3, but not by influenza viruses A and B (21). A tannin-free polyphenol fraction of an aqueous extract of the leaves was active against herpes simplex and vaccinia viruses in egg and cell culture systems (22). Aqueous extracts of the leaves have also been reported to have activity against Semliki Forest virus, influenza viruses and myxoviruses in vitro (23, 24).
20. May G, Willuhn G. Antiviral activity of aqueous extracts from medicinal plants in tissue cultures. Arzneimittel-Forschung, 1978, 28:1-7.
21. Kucera LS, Herrmann EC. Antiviral substances in plants of the mint family (Labiatae). II. Tannin of Melissa officinalis. Proceedings of the Society of Experimental Biology and Medicine, 1967, 124:865-869.
22. Herrmann EC, Kucera LS. Antiviral substances in plants of the mint family (Labiatae). II. Nontannin polyphenol of Melissa officinalis. Proceedings of the Society of Experimental Biology and Medicine, 1967, 124:869-874.
23. Van den Berghe DA et al. Present status and prospects of plant products as antiviral agents. In: Vlietinck AJ, Dommisse RA, eds. Advances in medicinal plant research. Stuttgart, Wissenschaftliche Verlagsgesellschaft, 1985:47-99.
24. Konig B, Dustmann JH. The caffeoylics as a new family of natural compounds. Naturwissenschaften, 1985, 72:659-661.

Enkele internetlinks wetenschappelijk onderzoek
  • Radical scavenging, antibacterial, and antiproliferative activities of Melissa officinalis L. extracts. Canadanović-Brunet J, Cetković G, Djilas S, Tumbas V, Bogdanović G, Mandić A, Markov S, Cvetković D, Canadanović V.  J Med Food. 2008 Mar;11(1):133-43.
  • Comparison of rosmarinic acid content in commercial tinctures produced from fresh and dried lemon balm (Melissa officinalis).Sanchez-Medina A, Etheridge CJ, Hawkes GE, Hylands PJ, Pendry BA, Hughes MJ, Corcoran O.   J Pharm Pharm Sci. 2007;10(4):455-63.
  • Anti-HIV-1 activity of herbs in Labiatae. Yamasaki K, Nakano M, Kawahata T, Mori H, Otake T, Ueba N, Oishi I, Inami R, Yamane M, Nakamura M, Murata H, Nakanishi T. Biol Pharm Bull. 1998 Aug;21(8):829-33.
  • [Treatment of chronic colitis with an herbal combination of Taraxacum officinale, Hypericum perforatum, Melissa officinalis, Calendula officinalis and Foeniculum vulgare] Chakŭrski I, Matev M, Koĭchev A, Angelova I, Stefanov G. Vutr Boles. 1981;20(6):51-4. Bulgarian.
Typologie 
  • Böhmig e.a.: Voor zeer gevoelige mensen: het bezorgde type. 
  • Culpeper: «... kruid van Jupiter, onder de Kreeft.» 
  • Seraphion en Avicenna: Vermelden dat het zowel goed is voor het fysieke als het emotionele hart (zetel van het gevoel). 
Algemene literatuur (doc. Maurice Godefridi)
I. Koch, Heitzmann und Wulf Schutze: 2000 Jahre Melissa officinalis. Ztschr. Phytoth. 9, 77/85 - 1988.
‘Kleine Geschichte der Melisse’. Medizinisch Wissen­schaftlichen Abteilung des Hauses Klosterfrau - jan. 1982.
Bosmans Jòzsi: Citroenmelisse. Eindwerk in opdracht van de Vlaamse Herboristen Opleiding Dodonaeus vzw. Info: Dodonaeus of bij bvba BETONIE, de Merodelei 14, B 2300 Turnhout. 


MELISSAE  FOLIUM ET ESSENTIA 100 jaar geleden
Pharmacognostische commentaar op de Belgische Pharmacopee IV Prof. apoth. R. Dequeker. Uitg.1941

In de apothekersboeken van 100 jaar geleden en ook in de moderne monografieën werden en worden de stoffen besproken die voor medicinale doeleinden gebruikt worden. Vroeger waren dat hoofdzakelijk natuurlijke stoffen, vooral planten. Het waren dikwijls sterk werkende, min of meer giftige planten, maar ook zeer onschuldige planten zoals citroenmelisse die, in de positieve zin, niet zo sterk werkzaam zijn, werden ook volgens dezelfde procédés besproken. Het was en is nog steeds de bedoeling om exact aan te geven welke delen van de planten gebruikt moeten worden, wanneer ze geplukt en hoe ze verwerkt kunnen worden. Het gaat dus in het algemeen om de kwaliteit van producten.

Bij Citroemelisse was het vooral het blad dat gebruikt werd. Het is het voor de bloeitijd geplukte blad van M e l i s s a o f f i c i n a l i s , LINNAEUS (Dicotyleae, Sympetalae, Tubiflorae, Labiatae). De C. M. N. geeft aan als stamplant Melissa officinalis var. t y p i c a , L.
Melisseblad (Ned.) ; Feuille de melisse (Fr.) Melissen-, Zitronenmelissenblatt (D.) ; Balm Leaf (Eng.).

Afkomst
Het melissekruid is inheems in het Middellandsche-Zeegebied, het werd als bijenplant en als geneeskrachtige plant gekweekt in Duitsland, Frankrijk en Zwitserland.

Inzameling en bereiding
Het melisseblad moest voor de bloeitijd ingezameld worden, omdat tijdens de bloei en de vruchtzetting het aangename, citroenachtige aroma verdwijnt en er in de plaats een onaangename geur, wandluisachtige geur kan ontstaan. De geplukte bladeren moeten onmiddellijk worden gedroogd en zorgvuldig in goed gesloten vaten bewaard om de aangename geur te behouden.

Macroscopische kenmerken of het uiterlijk van het gedroogde blad of kruid.
Gesteeld, eivormig, hartvormig blad, met dunne, ruwe, op de boorden getande bladschijf, tot 5 cm. lang, aan de bovenzijde donkergroen, helderder getint aan de onderzijde heeft het een vinnervig bladgeraamte. De geuk en smaak zijn licht kruidig.

Bestanddelen of werkzame stoffen in Mellisseblad
Melissebladeren bevatten ca. 0,1 pCt. v l . olie met citronellal, citral, geraniol en linaloöl, bovendien ca. 4 pct. looistoffen, een bitterstof en hars.
Het verse melissekruid bevat slechts 0,014 pCt. vluchtige olie. Het gehalte stijgt, ten koste van het aroma, tijdens den bloei tot 0,104 pCt. Begrijpelijk is melisseolie een zeer kostbaar product dat moeilijk te verkrijgen is. De meeste in de handel verkrijgbare melisseolie werd gemaakt door destillatie van citroenolie of citronellenolie op mellissekruid. De melisseolie uit de handel zo schrijft de P. B. IV is dan een ’kleurlooze of geelachtige vloeistof, kenmerkend en aangenaam van reuk, met niet altijd gelijke samenstelling.

Onderzoek en vervalsingen :
Melissebladeren mochten volgens de C.M.N. (Codex Medicamentorum Neerlandicum) niet meer dan 2 pct. stengels bevatten, die niet dikker dan 3 mm zijn. Bij verbranden mocht het niet meer dan 10 pct. as en niet meer dan 1,5 pct. ruw zand bevatten. De P. Helv. V (Zwitsers apothekersboek) liet toen 13 pct., het DAB. 6 (Duits arsenijboek) 14 pct. as toe.
Vervalsing kwamen vroeger voor met bladeren van andere Lipbloemigen, o. m. van Nepeta cataria,L., var. c i t r i o d o r a , BENTHAM (Kattekruid), die min of meer dezelfde geur hebben. De bladeren van het kattekruid zijn echter aan de onderkant grijs-viltig behaard en kunnen ook microscopisch herkend worden. Bijmenging van stengels verraadt zich microscopisch door de aanwezigheid van houtige elementen.
Melissa o f f i c i n a l i s , L., var. h i r s u t a , BENTHAM, uit Zuid-Europa, heeft grotere, hartvormige bladeren die minder aromatisch zijn.
Het is voorgekomen dat bladeren van Stachys officinalis (Betonie), S. silvatica, S. palustris en van BalIota nigra met melissebladeren waren vermengd.

Pharmacodynamische eigenschappen en geneeskundig gebruik :
Het melisseblad werd toen zoals pepermunt, als een aromatisch maagmiddel en ook dikwijls als smaakcorrigens gebruikt. In de volksgeneeskunde werd melissewater ok als eerste hulpmiddel veel gebruikt oa voor kinderen tegen darmkrampen, koliek, onrust en nerveuze hartkloppingen.

Farmaceutische bereidingsvormen in die tijd
De officinale Spiritus aromaticus werd o. m. met melisseblad bereid. Met de melisseolie werd een Melissae Spiritus bereid, die als smaakcorrigens van de Arsenicalis Solutio Fowleri dient. De Aqua Melissae was een mengsel van melissespiritus en water.
In de Belgische Farmacopee van 1930, 4de uitgave, werden nog Melissae folium, Melissae essentia, Melissae spiritus en Melissae aqua beschreven. De Spiritus aromaticus, samengestelde melissespiritus of ook wel Carmelietenwater genoemd, werd gemaakt met 200 delen verse melissebladeren, 40 delen verse citroenschil, 10 delen kaneelbast, 10 delen kruidnagel, 10 delen koriandervrucht, 10 delen engelwortel, 1000 delen alcohol van 80° en 500 delen water.
Melissae spiritus werd samengesteld uit 10 delen melisseolie met 990 delen alcohol van 80° en het melissewater, melissae aqua was dan weer samengesteld uit 30 delen melissespiritus met 970 delen water.

Bewaren :
Melissebladeren moesten in goed gesloten vaten bewaard worden. Stamm en Wilmer (Pharmacia, 1934) vonden bij het bewaren in papieren zakken na l jaar een vermindering van 55,5 pct. aan vluchtige olie. Ze moesten ook buiten invloed van het licht bewaard worden

Beschrijving van de plant :
Het is een tot 1,25 m hooge, kruidachtige plant met rhizoom, waaruit talrijke uitloopers ontstaan, welke, uit den oksel van vleezige ondergrondsche bladeren, bovenaardsche, sterk vertakte, vierkantige, houtige en bebladerde stengels ontwikkelen.
De bladeren zijn kruisgewijs geplaatst, enkelvoudig, langgesteeld, dun, breed-eivormig of hartvormig. Zij hebben een spitsen top en een in den steel afloopenden voet. De bladrand is afgerond getand. Zij zijn 3-5 cm lang, tot 3 cm breed, veernervig ; hoofd- en zijnerven aan den onderkant sterk uitpuilend. De groen gekleurde bovenzijde is kaal en slechts aan den top eenigs-zins behaard. De lichter gekleurde onderzijde is vooral op de nerven viltig behaard. De bladsteel is 3-8 cm lang, eenigszins dorso-ventraal samengedrukt, aan de bovenzijde gevoord en meestal behaard.
De bloemetjes staan met 3-5 in schijnkransen in den oksel der bladeren. De groene kelk is tweelippig, de bovenlip met drie korte tanden. De wit, geelachtig wit of lila gekleurde kroon is tweelippig, de bovenlip met korte slippen, de naar onderen omgebogene onderste lip is 3-slippig, de middenste slip tweemaal zoo groot als de twee andere. Meeldraden 4.


Lemon Balm Uses and Pharmacology http://www.drugs.com/npp/lemon-balm.html

Antimicrobial
Animal data
Lemon balm has antiviral activity against a variety of viruses, including herpes simplex virus (HSV) and HIV-1. 11 , 12 The activity has been attributed to caffeic acid and its di- and trimeric derivatives, as well as to tannins. A concentration-dependent inhibition of HSV-2 proliferation by lemon balm essential oil has been demonstrated, possibly due to the citral or citronellal components. 13 Activity against bacteria and fungi has been evaluated with varying results. 4 , 8 , 14 Activity against culex mosquito larvae has also been demonstrated. 15

Clinical data
Placebo-controlled trials have shown symptomatic improvement for herpes virus lesions after application of a standardized lemon balm cream applied 2 to 4 times daily for 5 to 10 days. 16 , 17 , 18

CNS effects
Animal data
The lyophilized hydroalcoholic extract, which does not contain the volatile oil components, exhibited sedative activity in several mouse models when given intraperitoneally. 19 This extract was also active in an acetic acid writhing analgesia assay but not in a hot plate test. The volatile oil of the plant had much weaker activity or was inactive in the same assays.

Clinical data
In a series of trials investigating the effects of lemon balm extract on laboratory-induced stress, a dose-dependent effect was demonstrated for single doses of Melissa officinalis . 2 , 20 , 21 Cholinergic receptor-binding properties have also been demonstrated. 20 With 600 mg of extract, increased calmness and decreased alertness were demonstrated compared with placebo. With 300 mg, no modulation of stress was found, but speed and accuracy of mathematical processing increased. 21 At the highest dosage of 1,600 mg, a paradoxically negative effect on mood resulted, with reduced alertness. 20
In patients with mild to moderate Alzheimer disease, 60 drops of lemon balm extract (citral 500 mcg/mL) increased cognitive function and decreased agitation over placebo. 22 , 23 , 24 Essential oil of lemon balm applied to the faces of patients with dementia decreased agitation compared with placebo. 25 , 26

Other uses
Anti-inflammatory
Rosmarinic acid was found to inhibit the C3 and C5 convertase steps in the complement cascade. 27 , 28 , 29 This action may play a role in the anti-inflammatory action of Melissa extract, because the action was observed in vitro and in vivo in rats with oral administration of the compound.

Antioxidant
In vitro antioxidant activity has been described for lemon balm essential oil and its extracts. 4 , 10 , 14 , 30

Cancer
Activity against human and mouse cancer cell lines has been demonstrated in vitro. 5

Cholesterol
In hyperlipidemic rats and mice, lemon balm extracts improved the lipid profile as well as liver enzyme markers (AST, ALT, alkaline phosphatase) and increased glutathione levels in the tissue. 31 , 32

Gastrointestinal
The contractility of rat ileum was reduced with essential oil of lemon balm and its citral extract. 33 Babies with colic given a combination preparation containing lemon balm extract as well as 2 other extracts showed improved symptoms. 34

Dosage
Crude lemon balm herb typically is dosed at 1.5 to 4.5 g/day. Doses of 600 to 1,600 mg have been studied in trials. A standardized preparation of lemon balm 80 mg and valerian extract 160 mg, Euvegal Forte , has been given 2 or 3 times/day as a sleep aid, and has also been studied in children. 35 , 36 , 37 A 1% extract cream has been studied as a topical agent for herpes. 17

Pregnancy/Lactation
Information regarding safety and efficacy in pregnancy and lactation is lacking.

Interactions
None well documented. A small trial evaluated the cardiac effects of lemon balm and reported possible cardiac muscarinic receptor stimulation or calcium channel-dependent blockage. 38 Potentiation of pharmacologic agents may be possible.

Adverse Reactions
Most clinical trials report no adverse reactions. 2 , 20 , 37

Toxicology
Melissa extract was not found to be genotoxic in a screen of several medicinal plants. 39

Bibliography

1. Melissa officinalis L. USDA, NRCS. 2008. The PLANTS Database ( http://plants.usda.gov , 8 September 2008). National Plant Data Center, Baton Rouge, LA 70874-4490.
2. Kennedy DO, Wake G, Savelev S, et al. Modulation of mood and cognitive performance following acute administration of single doses of Melissa officinalis (Lemon balm) with human CNS nicotinic and muscarinic receptor-binding properties. Neuropsychopharmacology . 2003;28(10):1871-1881.
3. Adzet T, Ponz R, Wolf E, Schulte E. Content and Composition of M. officinalis Oil in Relation to Leaf Position and Harvest Time1. Planta Med . 1992;58(6):562-564.
4. Mimica-Dukic N, Bozin B, Sokovic M, Simin N. Antimicrobial and antioxidant activities of Melissa officinalis L. (Lamiaceae) essential oil. J Agric Food Chem . 2004;52(9):2485-2489.
5. de Sousa AC, Alviano DS, Blank AF, Alves PB, Alviano CS, Gattass CR. Melissa officinalis L. essential oil: antitumoral and antioxidant activities. J Pharm Pharmacol. 2004;56(5):677-681.
6. Holst J, Lindblad B, Bergqvist D, Garre K, Nielsen H, Hedner U, et al. Protamine neutralization of intravenous and subcutaneous low-molecular-weight heparin (tinzaparin, Logiparin). An experimental investigation in healthy volunteers. Blood Coagul Fibrinolysis . 1994;5(5):795-803.
7. Fecka I, Turek S. Determination of water-soluble polyphenolic compounds in commercial herbal teas from Lamiaceae: peppermint, melissa, and sage. J Agric Food Chem . 2007;55(26):10908-10917.
8. Mencherini T, Picerno P, Scesa C, Aquino R. Triterpene, antioxidant, and antimicrobial compounds from Melissa officinalis . J Nat Prod . 2007;70(12):1889-1894.
9. Agata I, et al. Meltric acids A and B, new trimeric caffeic acid derivatives from Melissa officinalis . Chem Pharm Bull . 1993;41(9):1608.
10. Safra J, Pospísilová M, Honegr J, Spilková J. Determination of selected antioxidants in Melissae herba by isotachophoresis and capillary zone electrophoresis in the column-coupling configuration. J Chromatogr A . 2007;1171(1-2):124-132.
11. Kucera LS, Herrmann EC Jr. Antiviral substances in plants of the mint family (labiatae). I. Tannin of Melissa officinalis . Proc Soc Exp Biol Med . 1967;124(3):865-869.
12. Herrmann EC Jr, Kucera LS. Antiviral substances in plants of the mint family (labiatae). II. Nontannin polyphenol of Melissa officinalis . Proc Soc Exp Biol Med . 1967;124(3):869-874.
13. Allahverdiyev A, Duran N, Ozguven M, Koltas S. Antiviral activity of the volatile oils of Melissa officinalis L. against Herpes simplex virus type-2. Phytomedicine . 2004;11(7-8):657-661.
14. López V, Akerreta S, Casanova E, García-Mina JM, Cavero RY, Calvo MI. In vitro antioxidant and anti-rhizopus activities of Lamiaceae herbal extracts. Plant Foods Hum Nutr . 2007;62(4):151-155.
15. Cetin H, Cinbilgel I, Yanikoglu A, Gokceoglu M. Larvicidal activity of some Labiatae (Lamiaceae) plant extracts from Turkey. Phytother Res . 2006;20(12):1088-1090.
16. Wöbling RH, Leonhardt K. Local therapy of herpes simplex with dried extract from Melissa officinalis . Phytomedicine . 1994, 1:125-131.
17. Koytchev R, Alken RG, Dundarov S. Balm mint extract (Lo-701) for topical treatment of recurring herpes labialis. Phytomedicine . 1999;6(4):225-230.
18. Gaby AR. Natural remedies for Herpes simplex. Altern Med Rev . 2006;11(2):93-101.
19. Soulimani R, Fleurentin J, Mortier F, Misslin R, Derrieu G, Pelt JM. Neurotropic action of the hydroalcoholic extract of Melissa officinalis in the mouse. Planta Med . 1991;57(2):105-109.
20. Kennedy DO, Little W, Haskell CF, Scholey AB. Anxiolytic effects of a combination of Melissa officinalis and Valeriana officinalis during laboratory induced stress. Phytother Res . 2006;20(2):96-102.
21. Kennedy DO, Little W, Scholey AB. Attenuation of laboratory-induced stress in humans after acute administration of Melissa officinalis (Lemon Balm). Psychosom Med . 2004;66(4):607-613.
22. Akhondzadeh S, Noroozian M, Mohammadi M, Ohadinia S, Jamshidi AH, Khani M. Melissa officinalis extract in the treatment of patients with mild to moderate Alzheimer's disease: a double blind, randomised, placebo controlled trial. J Neurol Neurosurg Psychiatry . 2003;74(7):863-866.
23. Dos Santos-Neto LL, de Vilhena Toledo MA, Medeiros-Souza P, de Souza GA. The use of herbal medicine in Alzheimer's disease-a systematic review. Evid Based Complement Alternat Med . 2006;3(4):441-445.
24. Izzo AA, Capasso F. Herbal medicines to treat Alzheimer's disease. Trends Pharmacol Sci . 2007;28(2):47-48.
25. Ballard CG, O'Brien JT, Reichelt K, Perry EK. Aromatherapy as a safe and effective treatment for the management of agitation in severe dementia: the results of a double-blind, placebo-controlled trial with Melissa. J Clin Psychiatry . 2002;63(7):553-558.
26. Block KI, Gyllenhaal C, Mead MN. Safety and efficacy of herbal sedatives in cancer care. Integr Cancer Ther . 2004;3(2):128-148.
27. Rampart M, Beetens JR, Bult H, Herman AG, Parnham MJ, Winkelmann J. Complement-dependent stimulation of prostacyclin biosynthesis: inhibition by rosmarinic acid. Biochem Pharmacol . 1986;35(8):1397-1400.
28. Englberger W, Hadding U, Etschenberg E, et al. Rosmarinic acid: a new inhibitor of complement C3-convertase with anti-inflammatory activity. Int J Immunopharmacol . 1988;10(6):729-737.
29. Peake PW, Pussell BA, Martyn P, Timmermans V, Charlesworth JA. The inhibitory effect of rosmarinic acid on complement involves the C5 convertase. Int J Immunopharmacol . 1991;13(7):853-857.
30. Marongiu B, Porcedda S, Piras A, Rosa A, Deiana M, Dessì MA. Antioxidant activity of supercritical extract of Melissa officinalis subsp. officinalis and Melissa officinalis subsp. inodora . Phytother Res . 2004;18(10):789-792.
31. Bolkent S, Yanardag R, Karabulut-Bulan O, Yesilyaprak B. Protective role of Melissa officinalis L. extract on liver of hyperlipidemic rats: a morphological and biochemical study. J Ethnopharmacol . 2005;99(3):391-398.
32. Lee J, Chae K, Ha J, et al. Regulation of obesity and lipid disorders by herbal extracts from Morus alba , Melissa officinalis , and Artemisia capillaris in high-fat diet-induced obese mice. J Ethnopharmacol . 2008;115(2):263-270.
33. Sadraei H, Ghannadi A, Malekshahi K. Relaxant effect of essential oil of Melissa officinalis and citral on rat ileum contractions. Fitoterapia . 2003;74(5):445-452.
34. Savino F, Cresi F, Castagno E, Silvestro L, Oggero R. A randomized double-blind placebo-controlled trial of a standardized extract of Matricariae recutita , Foeniculum vulgare and Melissa officinalis (ColiMil) in the treatment of breastfed colicky infants. Phytother Res . 2005;19(4):335-340.
35. Dressing H, Kohler S, Muller WE. Improvement of sleep quality with a high-dose valerian/lemon-balm preparation. A placebo-controlled double-blind study. Psychopharmakotherapie . 1996;3:123-130.
36. Cerny A, et al. Tolerability and efficacy of valerian/lemon balm in healthy volunteers (a double-blind, placebo-controlled, multicentre study). Fitoterapia . 1999;70:221-228.
37. Müller SF, Klement S. A combination of valerian and lemon balm is effective in the treatment of restlessness and dyssomnia in children. Phytomedicine . 2006;13(6):383-387.
38. Gazola R, Machado D, Ruggiero C, Singi G, Macedo Alexandre M. Lippia alba, Melissa officinalis and Cymbopogon citratus : effects of the aqueous extracts on the isolated hearts of rats. Pharmacol Res . 2004;50(5):477-480.
39. Ramos Ruiz A, De la Torre RA, Alonso N, Villaescusa A, Betancourt J, Vizoso A. Screening of medicinal plants for induction of somatic segregation activity in Aspergillus nidulans . J Ethnopharmacol . 1996;5;52(3):123-127.




ċ
maurice godefridi,
4 mei 2010 04:52
Comments