Deze website gaat over de kostendelersnorm. De site verstrekt informatie en kritiek. De site wordt voortdurend aangepast en verbeterd, tot de aanzienlijke verarming door de kostendelersnorm wordt beëindigd.

Voorgeschiedenis 2013

In 2013 heeft staatssecretaris Klijnsma een wetsvoorstel ingediend, dat onder meer beoogde een kostendelersnorm in te voeren voor de bijstandsgerechtigden die met andere volwassenen in 1 huis wonen. Het wetsvoorstel had echter geen gevolgen voor paren die zonder extra volwassenen in 1 huis wonen. Het betreffende wetsvoorstel is genaamd "Wijziging van de Wet werk en bijstand en enkele andere sociale zekerheidswetten", nummer 33801 van 11 november 2013. 
Zie voor het wetsvoorstel en de memorie van toelichting enzovoorts:

Het wetsvoorstel van Klijnsma was ten aanzien van de kostendelersnorm in het geheel niet met valide bewijs onderbouwd.
Klijnsma had zich beperkt tot opzettelijke misleiding van de Tweede Kamer. Zij had daartoe de resultaten van een wiskundige formule gebruikt, die ontleend is aan een analyse van het CBS uit 2004. Een analyse die gebaseerd is op gegevens uit de negentiger jaren, en wel gegevens over een andere doelgroep dan die van inwonende bijstandsgerechtigden. Deze wiskundige formule heeft dan ook geen enkele relatie met feitelijke behoeften van de inwonende bijstandsgerechtigden.
Zie pagina Onbewezen Onderbouwing van deze site.

Toen die misleiding in besprekingen met de Tweede Kamer eind 2013 dreigde te mislukken, is minister Asscher bijgesprongen. Hij is erin geslaagd de kostendelersnorm voor bijstandsgerechtigden bij het parlement door te drukken, via koehandel met de gedoogoppositie. Het wetsvoorstel is in 2014 zowel door de Tweede als de Eerste Kamer van het parlement aangenomen.
De partijen die in beide Kamers niet ingestemd hebben met de kostendelersnorm zijn: GroenLinks, de SP, de Partij voor de Dieren en de PVV.
Bij de stemming over een motie in december 2016 om de kostendelersnorm voor alle doelgroepen voor 2017 af te schaffen, hebben de SP, Denk, Partij voor de Dieren, 50 Plus en de Vrijzinnige Partij (Klein) vóór gestemd. Echter, Tweede Kamerlid en nummer 4 op de kandidatenijst Linda Voortman van GroenLinks heeft per e-mail uitdrukkelijk medegedeeld: "GroenLinks is tegen de Kostendelersnorm. Maar je moet wel aangeven waar je het afschaffen uit betaald. Dat deed deze motie niet, daarom waren we genoodzaakt tegen te stemmen. GroenLinks is tegen de Kostendelersnorm en zal zich ervoor inzetten dat deze wordt afgeschaft. De positie van de PVV is onduidelijk geworden.

De kostendelersnorm nader bezien

De kostendelersnorm is gebaseerd op een formule waarmee het percentage bijstand van 1 persoon wordt berekend. Dit percentage is een deel van het 100% bedrag voor samenlevende partners ad 1333,78 per maand. Het percentage is gelijk aan 30% + 40% / aantal volwassenen in huis. Tot die volwassenen behoren ook de volwassen bewoners zonder bijstand.
Zie verder pagina FormuleKDN

Alleenstaande alleenwonenden plus gehuwden en anderszins als paar samenlevenden - zonder extra volwassenen in huis - worden niet getroffen door de kostendelersnorm. De overige kostendelers worden ten opzichte van de regels van 2013 aanzienlijk gedupeerd, gemiddeld door een inkomstenverlaging van 22%. Dit is netto. 
Zie verder pagina Dupe en Zelfstandigheid
Bij het jaarsalaris van een staatssecretaris ad €146.000 bruto zou een dergelijke inkomstenverlaging neerkomen op circa 
€35.000 bruto; dan blijft er nog wel een zeer comfortabel salaris over, terwijl de bijstandsgerechtigden serieuze problemen krijgen.

De doelgroep van deze inkomstenverlaging omvat volgens een opgave van Klijnsma uit 2013 51.000 bijstandsgerechtigden in 36.000 woningen. Dat betekent gemiddeld 1,42 bijstandsgerechtigde per woning.
Zie pagina Statistiek

Er zijn dus 15.000 bijstandsgerechtigden meer dan het aantal woningen. Hoe die 15.000 over de 36.000 woningen zijn verdeeld, is onbekend. Wel zijn er aanwijzingen dat het meestal gaat om 1 of 2 additionele bijstandgerechtigden per woning. En dat 3 of meer extra bijstandsgerechtigden per woning weinig voorkomen.
De kostendelersnorm is echter in belangrijke mate ingegeven door het idee dat er vaak veel bijstandsgerechtigden in 1 woning zouden wonen. Men noemt dat ongewenste stapeling van uitkeringen. De memorie van toelichting is daarvan een toonbeeld. Ongewenste stapeling doet zich echter in feite nauwelijks voor. Het idee is borrelpraat van VVD-ers zonder kennis van de leef- en woonomstandigheden van bijstandsgerechtigden, waarbij de duperende reactie op het idee enthousiast is uitgevoerd door PvdA-ers.
Zie pagina Stapeling

In november 2016 heeft de Tweede Kamer een onderzoeksrapport van Regioplan over de gevolgen van de kostendelersnorm voor bijstandsgerechtigden in Amsterdam ontvangen en besproken. Uit het rapport blijkt dat vrijwel alle bijstandsgerechtigden waarvoor de kostendelersnorm gevolgen hebben, daardoor ernstig financieel tekortkomen.

Kostendelerskorting opnieuw

Op zich is het in beginsel waar, dat bijstandsgerechtigden die met andere volwassenen in een woning samenwonen, daardoor kosten zouden kunnen delen mits de uitkering daarvoor voldoende ruimte biedt. 
De regeling van 2013 houdt daar rekening mee door een kostendelerskorting van 10% of 15% (van het 100%-bedrag) ten opzichte van de alleenstaande alleenwonende bijstandsgerechtigde (70%). Die korting gaat ervan uit dat de hoofdbewoner(s) een vriendenkorting van 10% of 15% aan de de uitkeringsgerechtigde geven. Van de overige 60% of 55% bijstand kan de uitkeringsgerechtigde dan ook enigermate meebetalen aan de algemene kosten van het huis, voornamelijk de huur of hypotheekbetaling.

Uit het onderzoeksrapport van Regioplan blijkt dat alleenstaande bijstandsgerechtigden die met andere volwassen in 1 woning samenwonen, 5% tot 18% (van het 100%-bedrag) minder ondeelbare (= meer deelbare) kosten hebben dan alleenstaande alleenwonende bijstandsgerechtigden. Als die bandbreedte maatgevend zou zijn voor het bijstandspercentage analoog aan de regeling van 2013, dan zou dat dat percentage variëren tussen 65% en 52%.
Zie pagina Kostendelerskorting
Dit leidt tot het inzicht dat de regels van 2013 goed aansluiten op de uitgaven van de doelgroep die noodzakelijk zijn om armoede én uitsluiting te voorkomen. 

Daarom dient de kostendelersnorm te worden vervangen door een kostendelerskorting voor de doelgroep, ter grootte van 10% of 15% van het 100%-bedrag.

In totaal zijn bij de kostendelersnorm conservatief geschat meer dan 100.000 personen direct betrokken: 51.000 bijstandsgerechtigden en 51.000 hoofdbewoners. Daarnaast zijn er nog tienduizenden sympathisanten: huisgenoten, familie, vrienden en overigen.