De Eucumenische Concilies van de Katholieke Kerk

De Eucumenische Concilies van de Katholieke Kerk

 De Heilige Schriften van alle wereldreligies zoals het christendom, het boeddhisme, de islam, het sikhisme, het mormonendom, enz. hebben aan de mensheid een deel van de goddelijke waarheid geopenbaard en niet de gehele waarheid over God, die onvatbaar en onuitspreekbaar is in menselijke woorden. Wat er nodig is om de religies dichter bij elkaar te brengen is een herwoording van de verhalen en leringen die in deze Schriften opgeslagen zijn en die dateren uit de tijd van het ontstaan van deze Heilige Schriften om ze terug aanvaardbaar te maken voor de postmoderne mens. Voor wat het christendom betreft, is een hertaling nodig van de erfzonde, van de godheid van Christus, van de Onbevlekte Ontvangenis van Maria, de onfeilbaarheid, enz.

Onder de 21 zogenaamde oecumenische concilies, waarvan de lijst hieronder, werden de eerste acht concilies samengeroepen door de dienstdoende keizers. Meer en meer komt men tot de overtuiging dat de dogma’s vastgelegd door deze concilies uitgewerkt en geratificeerd werden onder druk van de dienstdoende keizers die vooral belangstelling hadden voor de eenheid van hun rijk met de rooms-katholieke Kerk als overkoepelende staatskerk en als binding tussen de landen van het keizerrijk. Daarom kunnen die zogenaamde geloofswaarheden in vraag gesteld worden als feilbaar mensenwerk, eerder dan als onfeilbaar godswerk en dienen daarvoor ook hertaald te worden vanuit hun lokale achtergrond. Uit de teksten van de Nag Hammadi Scriptures, Internationale Uitgave, Marvin Meyer, Harper Collins, 2008 waarin de teksten van de tientallen gnostische evangelies die de ronde deden in de eerste eeuwen van het christendom. Daaruit kan worden afgeleid dat vrouwelijke leerlingen van Jezus een belangrijke rol gespeeld hebben in zijn driejarig publiek leven, en dat de rol van deze vrouwen uit de vier katholieke evangelies geweerd werd, vooral dan de rol van Maria Magdalena, zijn levensgezellin. Alleen volgende tekst uit het tractaat ‘De Wijsheid van Jezus Christus’ dat begint met: “Nadat hij opstond uit de dood, bleven zijn twaalf discipelen en zeven vrouwen zijn volgelingen. Uit deze teksten blijkt ook dat in die tijd de broers en zusters van Jezus erkend werden als zijn echte broers en zusters, iets wat ook geweerd werd uit de katholieke canonieke evangeliën.

Eerste Oecumenisch Concilie — Nicea I

Jaar: 325 A.D.

Paus: St. Silvester I, 314-335

Keizer: Constantijn I (regeerde 306-337), West-Romeinse keizer; keizer 324-337.

Samengeroepen door de keizer en geratificeerd door de paus, dit concilie veroordeelde de ketterij van Arius (priester van Alexandrië, overleden 336) door het definiëren van de wezenseenheid van God de zoon met God de vader. De zoon is van "dezelfde substantie," (homo-ousion) als de vader (Athanasius); niet alleen een "soortgelijke substantie" homoi-ousion (zoals bij de semi-Arians); noch is hij (zoals Arius leerde) een soort van super-creature.

Opmerking: Athanasius, Doctor van de kerk (overleden 373), bisschop van Alexandrië, als diaken en peritus in Nicea aanwezig; vijf keer verbannen en geëxcommuniceerd door de Arianen. St. Ephrem, Doctor van de kerk (overleden 373), deacon, was ook aanwezig in Nicea als peritus. Keizer Constantijn werd slechts gedoopt kort voor zijn dood in 337.

Tweede Oecumenisch Concilie — Constantinopel I

Plaats: Constantinopel (in de buurt van Bosporus, een staa in het hedendaagse Turkije).

Jaar: A.D. 381

Paus: Damasus I, 367-384

Keizer Theodosius I, de grote, 379-395

Het lijkt erop dat paus Damasus niet benaderd werd met betrekking tot dit concilie bijgewoond door ongeveer 186 bisschoppen. Samengeroepen door de keizer, werd het niet bijgewoond door de paus of zijn gezanten of door alle bisschoppen uit het westen. Niettemin, wordt het vermeld als een algemeen Concilie van de 4e eeuw door pauselijke decreten van de 6e eeuw. Dit concilie veroordeelde de ketterij van Macedonius door de goddelijkheid van de Heilige Geest duidelijk te definiëren: Het Concilie bevestigt ook het credo van Nicea.

Opmerking: Gregory Nazianze, Doctor van de kerk (overleden 389), was bisschop voorzitten. Cyrillus van Jeruzalem, Doctor van de kerk (overleden 386), was ook aanwezig. 

Derde Oecumenisch Concilie — Ephesus

Plaats: Ephesus (S. van Smyrna in SW Anatolië).

Jaar: A.D. 431

Paus: Celestinus I, 423-432

Keizer: Theodosius II, 408-450

Samengeroepen door de Byzantijnse keizer Theodosius II, beïnvloed door zijn vrome zuster, St. Aelia Pulcheria (keizer in het westen was Valentinianus III, 425-455). Dit concilie werd geratificeerd door paus Celestinus I. Het veroordeelt de ketterij van Nestorius door duidelijk het goddelijke moederschap van de Heilige Maagd Maria te definiëren. Er zijn twee naturen in Christus (goddelijk en menselijk), maar als één persoon (Goddelijk). Maria is de moeder van deze ene goddelijke persoon, de eeuwige tweede persoon van de heilige drie-eenheid. Nestorius wordt afgezet als bisschop van Constantinopel. Dit concilie bevestigd ook de veroordeling van de Pelagianen (Zie lokaal Concilie van Carthago, A.D. 416).

Opmerking: Cyrillus van Alexandrië, Doctor van de kerk (overleden 444), was de bisschop voorzitter.

Vierde Oecumenisch Concilie — Chalcedon

Plaats: Chalcedon, (ten noorden van Constantinopel).

Jaar: A.D. 451

Paus: Leo I, de grote, 440-461

Keizer: Marcianus, 450-457

Samengeroepen door Keizer Marcianus, echtgenoot van de kuise en nobele Aelia Pulcheria, en geratificeerd door paus Leo de grote, veroordeelt het concilie de ketterij van de abt Eutyches, het Monofysitisme, dat beweerde dat er slechts "één natuur" (de goddelijke) in Christus was vanaf de incarnatie. Hoewel het concilie beweerde dat Constantinopel moet worden gerangschikt als eerste na Rome op kerkelijk gebied, deed paus Leo dit niet. Het primaatschap van Rome was te wijten aan het bezit van de stoel van Petrus, niet aan een politieke macht. Als de grootste getuigenis van het Oost-Concilie over het primaatschap  van de paus, de bisschoppen riepen ui: "Zie het geloof van de vaders, het geloof van de apostelen; dus heeft door Leo Peter gesproken!". Eutyches werd geëxcommuniceerd.

Opmerking: paus Leo I, Leraar van de kerk (overleden 461), werd de "ziel" van Chalcedon genoemd.

Vijfde Oecumenisch Concilie — Constantinopel II

Plaats: Constantinopel

Jaar: A.D. 553

Paus: Vigilius, 537-555

Keizer: Justinianus I, 527-565

Effectief samengeroepen door keizer Justinianus I en uiteindelijk geratificeerd door Paus Vigilius. Constantinopel II veroordeelde een collectie van verklaringen bekend als de "drie hoofdstukken": 1) de persoon en de geschriften van Theodore van Mopsuestia, Master van Nestorius, opdrachtgever van die ketterij; 2) de geschriften van Theodoretus van Cyrrhus; 3) de geschriften van Ibas van Edessa. De laatste twee vrienden van Nestorius werden gerestaureerd in hun zetels door Chalcedon wanneer zij zich niet langer verzetten tegen de leer van Cyrillus van Alexandrië (overleden 444) en van Efeze.

Opmerking: Twee belangrijke lokale concilies veroordelen ketterijen: Carthago (416) plechtig goedgekeurd door Paus Innocentius II, (401-417), en vervolgens in 418 door Paus Zosimus (417-418), veroordeelde het Pelagianisme (Pelagius, een Britse monnik), ketterij die de erfzonde lochende. Het concilie van Orange (429), Frankrijk, plechtig goedgekeurd door Paus Bonifatius II (530-532), veroordeelde het Semi-Pelagianisme (een overreactie tegen Augustinus over gratie), die beweerde dat genade alleen nodig was na een eerste bovennatuurlijke daad. Augustinus maakte duidelijk dat God's genade de eerste is.

Opmerking: Concilie verwees veel naar Cyril, bisschop van Alexandrië, Doctor van de kerk (overleden 444).

Zesde Oecumenisch Concilie — Constantinopel III

Plaats: Constantinopel

Jaar: A.D. 680-681

Pausen: Agatho, 678-681, en Leo II, 682-683

Keizer: Constantijn IV, 668-685

Samengeroepen door keizer Constantijn IV, en geautoriseerd door Paus Agatho, dit concilie veroordeelde de ketterij van de Monotheliten (Mono-één, thelema -wil), die slechts één wil toekende aan Christus (de goddelijke), in plaats van de twee (goddelijke en menselijke), die in perfecte overeenstemming bestaan binnen de ééngoddelijke persoon van Jezus, Constantinopel III bevestigde ook Chalcedon. Paus. Leo II, 682 — 683, en  paus Leo II keurden de decreten van paus Agatho goed, die stierf (10 januari) voor het einde van het concilie.

Zevende Oecumenisch Concilie — Nicea II

Plaats: Nicea

Jaar: A.D. 787

Paus: Hadrianus II 772-795

Keizers: Constantijn VI, 780-797 en keizerin Irene (797-802)

Dit concilie, samengeroepen door keizerin Irene (weduwe van Keizer Leo IV en regentes voor haar zoon Constantijn VI), met haar doctrinaire decreet geratificeerd door paus Adrianus II veroordeelde het ICONOCLASME. De paus zette hiermee, net als met paus Leo I op Chalcedon, de toon van het concilie.

Achtste Oecumenisch Concilie — Constantinopel IV

Plaats: Constantinopel

Jaar: A.D. 869-870

Paus: Hadrianus II, 867-872 (ook Adrianus geschreven)

Keizer: Basilicum, 867-886

Samengeroepen door keizer Basil en geratificeerd door Paus Hadrian II, dit concilie veroordeelde en zette  PHOTIUS (820-891) af, de patriarch van Constantinopel en auteur van het Griekse schisma.

Opmerking: In 1054 werd het Griekse schisma eigenlijk geconsumeerd door Michael Cerularius, de Patriarch van Constantinopel op dat moment. PHOTIUS veroordeelde het verplichte celibaat, de toevoeging van het westen van het "FILIOQUE" in de credo, en de kroning van Karel de grote in het westen. Celarius (ongeveer 200 jaar later) sloot de kerken van de Latijnen in Constantinopel, verwierp de eucharistie als ongeldig, en bleef bij zijn weigering om de drie afgevaardigden verzonden door paus Leo IX (1049-1054) te ontmoeten. Op 16 juli, 1054, werd  het document met zijn excommunicatie publiekelijk op het altaar van Saint Sophia gelegd.

Negende Oecumenisch Concilie — Lateranen I

Plaats: De basiliek van Sint Jan van Lateranen in Rome

Jaar: A.D. 1123

Paus: Callistus II, 1119-1124

Keizer: Hendrik V 1106-1125

Samengeroepen en geratificeerd door paus Callistus II, dit concilie bevestigd het concordaat van Worms (1122) tussen keizer Hendrik V en paus Callistus II, en bevestigde hiermee dat alle verkiezingen van bisschoppen en abten vrij door de kerkelijke autoriteiten (kiezers) moeten worden gemaakt. In Duitsland was het de keizer om te presideren over deze vrije verkiezingen en vervolgens wereldlijke macht toe te kennen aan de bisschop zo gekozen, in ruil voor tijdelijke trouw. Buiten Duitsland had de keizer geen deel aan deze verkiezingen.

Opmerking: Ook behandeld in dit concilie was het onderwerp van kerkelijke huwelijken. Er werd besloten dat zodra verordonneerd, een priester niet in Latijnse of Oostelijke riten mocht trouwen.

Tiende Oecumenisch Concilie — Lateranen II

Plaats: De basiliek van Sint Jan van Lateranen (Rome)

Jaar: A.D. 1139

Paus: Innocentius II, 1130-1143

Keizer: Koenraad III, Rooms-Koning 1137-1152

Samengeroepen en geratificeerd door Paus Innocentius II, dit concilie vernietigde de handelingen van de overleden Tegenpaus, Anacletus II (overleden 1138), die eindigde op het pauselijk schisma van die tijd. Het veroordeelt ook de ketterijen van: 1) Peter Bruys (Bruis) en zijn Neo-manicheeërs, die de Mis als een "ijdele vertoning" afwees, en ook de Eucharistie, het huwelijk, en het doopsel van kinderen — dit alles leidde tot het Albigensianism ("materiële dingen zijn kwaad op zich"); 2) Arnold van Brescia, die betoogde dat de kerk een "onzichtbaar lichaam," dat niet van deze wereld is, en geen eigendom mocht hebben.

Opmerking: Bernard, abt van Clairvaux (1113-1128) en Doctor van de Kerk (overleden 1153), predikte tegen de misbruiken en laksheid bij de leken investituur, waartegen ook met klare wetten werd ingegaan door het Lateraanse Concilie .

Elfde Oecumenisch Concilie — Lateranen III

Plaats: De basiliek van Sint Jan van Lateranen (Rome)

Jaar: A.D. 1179

Paus: Alexander III, 1159-1181

Keizer: Frederik Barbarossa, 1152-1190

Samengeroepen en geratificeerd door paus Alexander III, dit concilie regelde de verkiezing van pausen (tweederde meerderheid van stemmen door het College van kardinalen was vereist voor de paus om gekozen te worden, en de keizer werd uitgesloten van stemming). Het verklaart de besluiten van de drie antipopes nietig: tegenpaus Victor IV (1159) en zijn twee opvolgers. Een van de hoofdstukken was de excommunicatie van de Albigenzen, en het  Lateraanse Concilie IV, onder Paus Innocentius III behandelde dit verder.

Twaalfde Oecumenisch Concilie — Lateranen IV

Plaats: De basiliek van Sint Jan van Lateranen (Rome)

Jaar: A.D. 1215

Paus: Innocentius III, 1198-1216

Keizer: Otto IV, 1208-1215

Samengeroepen en geratificeerd door Paus Innocentius III [deze paus sprak ex cathedra (Denz. 430): "Er is maar één universele kerk van de gelovigen, buiten wie niemand gered wordt.", Lateranen IV legde de biecht en de communie op als eens per jaar verplichtend voor alle gelovigen, en maakte het gebruik van het woord, ‘Transsubstantiatie’ officieel. De enige mislukking was de vierde kruistocht. Het hervormde de discipline en veroordeelde de ketterijen: 1) het Algigensianisme (Neo-manicheïsme), dat tegen het huwelijk, alle sacramenten en het geloof in de opstanding van het lichaam was; 2) Waldensianisme (antiklerikale ketterij), dat beweerde dat leken die een apostolisch leven leidden zonden kunnen vergeven, terwijl een priester in de staat van zonde dit niet kon. Volgens het Waldensianisme was het toewijzen van doodstraffen een doodzonde. Het hield ook voor dat de Evangelische raad van armoede een gebod was en verbood daarom ook alle particuliere eigendom van onroerend goed.

Dertiende Oecumenisch Concilie — Lyons I

Plaats: Lyon, Frankrijk

Jaar: 1245

Paus: Innocentius  IV, 1243-1254

Keizer: Frederik II, 1215-1250

Samengeroepen en geratificeerd door Paus Innocentius IV, dit concilie ëxcommuniceerde keizer Frederik II, kleinzoon van Frederik Barbarossa, voor zijn halsstarrige poging om de kerk te herleiden tot een onderdeel van de staat. Het beval ook een nieuwe kruistocht (de 6e) onder het commando van Louis IX (1226-1270), koning van Frankrijk, tegen de Saracenen en de Mongolen.

Veertiende Oecumenisch Concilie — Lyons II

Plaats: Lyon, Frankrijk

Jaar: 1274

Paus: Gregorius X, 1271-1276

Keizer: Rudolf I van Habsburg, 1273-1291

Samengeroepen en geratificeerd door paus Gregorius X, dit concilie verklaarde de dubbele voortkomst van de Heilige Geest van de Vader en de Zoon: "Qui ex Patre Filioque procedit." De terugkeer van de Oosterse kerk naar vereniging met Rome, gezocht door de pausen, mislukte volledig.

Opmerking: Thomas van Aquino, priester en kerkleraar (overleden 1274), stierf op zijn weg naar Lyons II. Bonaventure, kardinaal en Doctor van de kerk (overleden 1274), was prominent op Lyons II, en werd aldaar begraven door het concilie. FILIOQUE werd gedefinieerd en aan de geloofsbelijdenis van Nicea toegevoegd.

Vijftiende Oecumenisch Concilie — Vienne

Plaats: Vienne (ten zuiden van Lyon), Frankrijk

Jaar: 1311-1312

Paus: Clemens V, 1305-1314

Keizer: Hendrik VII, 1308-1313

Samengeroepen en geratificeerd door paus Clemens V, eerste van de pausen van Avignon (de "Avignon gevangenschap" duurde van 1305 tot 1377, toen paus Gregorius XI de Heilige stoel naar Rome terugbracht), dit concilie onderdrukte de ridders Tempeliers (Master: Jacques de Molay) voor misdaden door koning Filips IV van Frankrijk in rekening gebracht. Hun in beslag genomen eigendommen werden gegeven aan de Hospitaal Ridders of, in Spanje, aan de nationale orden die hadden gevochten tegen de Moren.

Opmerking: In zijn 1302 Bull Unam Sanctam verklaarde Paus Bonifatius VIII (1294-1303), ex cathedra, dat het "…absoluut nodig is voor de redding van elk menselijk wezen onderworpen te zijn aan de Roomse paus." (Denz. 469)

Zestiende Oecumenisch Concilie — Constance

Plaats: Constance, Duitsland

Jaar: 1414-1418

Pausen: Gregorius XII, 1406-1415; Martinus V, 1417-1431

Keizer: Sigismund van Luxemburg, 1410-1437

Samengeroepen door keizer Sigismund en Paus Gregorius XII die een troonsafstand door de paus wettig verklaarde. De tegenpausen Benedictus XIII (Avignon) en Johannes XXIII (Pisa) stemden hiermee in omwille van de eenheid van de kerk. Het concilie plaatste Martinus V op de stoel van Petrus tegen de confusie van het Westers schisma. Naast de beëindiging van het Westers schisma, veroordeelde het concilie ook de ketterijen van John Wycliffe, die het heilig offer van de Mis verwierp, en de schrift benadrukte als de enige regel van geloof.

Zeventiende Oecumenisch Concilie — Florentië

Plaats met jaar: Basel (Zwitserland), in de omgeving van Frankrijk, 1431-1437; Ferrara (Italië), noorden van Bologna, ten zuidwesten van Venetië, 1438; Florentië (Italië), zuiden van Bologna, ten noorden van Rome, 1439-1445

Paus: Eugenius IV, 1431-1447

Keizers: Albrecht II, 1438-1439; Frederik III, 1440-1493.

Dit concilie koos in 1431 voor Basel (Zwitserland), door Paus Martinus V, die dat jaar stierf. Paus Eugenius IV bevestigde dit decreet voor Basel, en de eerste zitting werd gehouden op 14 December, 1431. In de mening dat het concilie onbehandelbaar zou worden, ontbond Eugene IV het concilie binnen vier dagen, wat de woede opriep van de bisschoppen in Basel, die begonnen de ketterse decreten van Constance dat "een algemeen Concilie superieur is aan de paus" te bevestigen. In januari, 1438 beval de paus een nieuwe start in Ferrara. (Sommige bisschoppen bleven in open schisma in Basel, zelfs met verkiezing van een tegenpaus Felix V. De pest brak uit in Ferrara, en de paus en het concilie verhuisden naar Florentië. Op 29 mei 1453 viel Constantinopel aan de mohammedanen. Decreet ‘Cantate Domino’ afgekondigd. Pauselijke autoriteit meer verankerd: ex cathedra, bevestiging van het “Ex ecclesia nulla salus, geen redding buiten de kerk”.

Achttiende Oecumenisch Concilie — Lateranen V

Plaats: De basiliek van Sint Jan van Lateranen (Rome)

Jaar: 1512-1517 (maart). (Luthers stellingen Gepost 31 oktober 1517)

Pausen: Julius II van 1503-1513; Leo X, 1513-1521

Keizer: Maximiliaan I, 1493-1519

Samengeroepen door Paus Julius II, dit concilie werd geopend op 10 mei 1512; daar in Feb. 1513 Paus Julius stervende was, en werd het concilie georganiseerd door paus Leo X in April 1513 en geratificeerd door hem. De meest belangrijke besprekingen betrokken de "pragmatieke sanctie van Bourges." In 1438 had de koning van Frankrijk, Karel VII, dit edict, afgegeven waarbij een algemeen Concilie superieur is aan de paus en zijn recht om bisschoppen te benoemen in Frankrijk te ontkennen. Een latere koning, Lodewijk XI, die dit decreet in 1461 had afgeschaft, terwijl Lodewijk XII (1498-1515) geprobeerd had om het opnieuw door te voeren. Dit concilie heeft de tekst opgenomen in het edict duidelijk verworpen.

Negentiende Oecumenisch Concilie — Trente

Plaats: Trent, Italië.

Jaar: 1545-1549

Pausen: Paulus III, 1534-1549 & 1551-1552; Julius III, 1550-1555; Pius IV, 1559-1565

Keizers: Karel V, 1519-1556 & Ferdinand I, 1556-1564

Samengeroepen door paus Paulus III, dit concilie werd voortgezet door Paus Julius III, en, na 18 jaar en totaal 25 sessies, bevstigde paus Pius IV plechtig zijn decreten. Het concilie veroordeelde de ketterijen van Luther, Calvijn, en anderen. De decreten over de Eucharistie, het Heilige Misoffer, de sacramenten (met name doopsel en heilige wijdingen) en leringen over het huwelijk, vagevuur, aflaten en het gebruik van beelden. De resterende taken begonnen door paus Pius IV werden voortgezet door zijn opvolger, paus Pius V (1566-1572): hervorming van het missaal en het breviergebed, het schrijven van een catechismus op basis van de decreten van Trent, benoeming van een Commissie voor een meer exacte uitgave van de Vulgaat, en de hervorming van de moraal.

Onbevlekte Ontvangenis van Maria: werd als dogma afgekondigd door paus Pius IX op 8 december 1854 met de pauselijke ‘Ex cathedra’ bul Ineffabilis Deus en zette onder katholieken een nieuwe golf van Mariaverering in gang. Het dogma bevestigt de bijzondere status van Maria door te stellen dat zij verwekt werd en ter wereld kwam zonder met de erfzonde te zijn bevlekt.

Ineffabilis Deus (God die onuitsprekelijk is) is de titel van de pauselijke bul.  Vijf jaar eerder had Pius, met de encycliek Ubi Primum alle bisschoppen gevraagd wat hun gedachten waren over het leerstuk van de Onbevlekte Ontvangenis. In de bul onderzoekt Pius IX de katholieke traditie van Mariaverering in het volksgeloof, zowel als verschillende auteurs - waaronder vele van zijn voorgangers - die zich met het onderwerp hebben beziggehouden. Ook verwijst hij naar zijn encycliek van 1849 en naar een bijzonder consistorie dat hij met alle kardinalen heeft gehouden rond het thema.

De formulering van het dogma is als volgt:

‘Derhalve, na zonder ophouden in vernedering en vasten onze bijzondere gebeden en de openbare gebeden van de Kerk aan God de Vader door Zijn Zoon te hebben opgedragen, opdat Hij door de kracht van de Heilige Geest ons zou besturen en versterken; - de hulp ingeroepen hebbende van geheel het hemels hof, en met verzuchtingen de Geest onze Parakleet om bijstand gesmeekt hebbende, en deze het dus ingevende, zo is het dat wij, ter ere van de heilige en ondeelbare Drievuldigheid, tot siering en luister van de H. Maagd en Moeder Gods, ter verheffing van het Katholiek geloof, en ter uitbreiding van de christelijke godsdienst, op gezag van onze Heer Jezus Christus, van de gelukzalige apostelen Petrus en Paulus en het onze, verklaren, uitspreken en bepalen, dat de leer, welke houdt dat de allerzaligste Maagd Maria in de eerste stand van haar Ontvangenis door een enige bijzondere genade en bevoorrechting van de almachtige God, om de wille van de verdiensten van Christus Jezus de Behouder van het mensdom, van alle smet van de erfschuld vrij is bewaard, door God is geopenbaard, en alzo door alle gelovigen vast en bestendig moet geloofd worden. Alzo, wanneer er mochten wezen, die, hetgeen God verhoede, het onderstonden anders dan door ons bepaald is in het hart te menen, dezen mogen weten, en zijn zij het in het vervolg indachtig, dat zij door eigen oordeel veroordeeld ten opzichte van het geloof schipbreuk geleden hebben en van de eenheid van de Kerk zijn afgevallen; en bovendien, dat zij ipso facto zich de straffen bij het recht bepaald op de hals halen, bijaldien zij hetgeen zij in het hart menen, met woord of schrift of op enige andere uiterlijke wijze, zich vermeten kenbaar te maken’.

Twintigste Oecumenisch Concilie — Vaticaan I

Plaats: Het Vaticaan (St. Peter's Basiliek in het Vaticaan stadstaat, Rome).

Jaar: 1869-1870

Paus: Pius IX, 1846-1878

Europese heersers tijdens het concilie: Oostenrijk: Francis Joseph, 1848-1916; Engeland: Victoria, 1837-1901; Frankrijk: Napoleon III, 1852-1870; Spanje: Republiek, 1868-1870; PRUISEN: Duits Rijk Pruisische Koninkrijk William ik, 1861-1888; Rusland: Alexander II, 1855-1881; Italië: Victor Emmanuel II, 1848-1861 (koning van Sardinië) 1861-1878 (koning van Italië); Ulyssyes S. Grant, 1869-1877 (President van de Verenigde Staten).

Bijeengeroepen en geratificeerd door paus Pius IX, het eerste Vaticaans Concilie definieerde de ONFEILBAARHEID van de paus wanneer hij als paus, uit de zetel van Petrus (ex cathedra), over een onderwerp van geloof en zeden spreekt, een leer om te geloven door de hele kerk.

Eenentwintigste Oecumenisch Concilie — Vaticaan II

Plaats: Het Vaticaan (St. Peter's Basiliek in het Vaticaan stadstaat, Rome).

Jaar: 1962-1965

Pausen: Johannes XXIII, 1958-1963; Paulus VI, 1963-1978

Samengeroepen door paus Johannes XXIII en geratificeerd door paus Paulus VI, het Tweede Vaticaans Concilie was een pastoraal Concilie (niet dogmatisch) met 16 documenten met nadruk op oecumene begrepen als religieuze gemeenschap, in plaats van nadruk op katholieke missionaire aanpak  voor de bekering tot het geloof. In 1960 weigerde Paus Johannes XXIII het derde geheim van Fatima te onthullen.  1968-Paus Paulus VI verkondigt zijn encycliek, Humanae Vitae, tegen kunstmatige anticonceptie. 1969-Paus Paulus VI kondigde de Novus Ordo Missae aan.

Opmerking: Er is op dit Concilie geen dogma gedefinieerd en geen ketterij veroordeeld.


*Deze concilies worden door de rooms-katholieke Kerk als oecumenische concilies erkend maar niet door de Oosters-orthodoxe Kerk.

De eerste 60 pausen van de katholieke kerk tot rond 540 werden bijna allemaal heilig verklaard!!!! De ‘St.’ voor de pausnamen is  met opzet weggelaten.

Ook in middeleeuws Engeland werden concilies en synodes samengeroepen door de lokale politieke gezagsdragers. Uit de geschriften van Bede (673-735), Geschiedkundige en Doctor van de Kerk leren we dat bv. de Synode van Whitby in 664 samengeroepen werd door King Oswiu of Northumbria en waar de Roomse dag voor het Paasfeest, de zondag, aangenomen werd tegenover het Ionse (Iona, Ierland) Paasfeest van de Ierse Kerk, berekend op de maankalender.

*    *    *

Lucien Cosijns, Binnensteenweg 240/A26, 2530 Boechout, Belgium

T. +32 3 455.6880     lfc.cosijns@gmail.com

www.interfaithdialoguebasics.info

 

Comments