Abdijnieuws‎ > ‎

Uitvaartliturgie Thaddæus Herman De Clerck

Geplaatst 17 nov. 2018 06:47 door Jos Vanderbruggen   [ 17 nov. 2018 06:55 bijgewerkt ]
Op 17 november droeg de abdijgemeenschap confrater Thaddæus Herman De Clerck ten grave. Voor het foto-album, klik hier.

Geboren te Ekeren-Donk op 23 augustus 1927.
Ingekleed als norbertijn van Averbode op 12 september 1947 met Thaddaeus als kloosternaam.
Legde professie af op 12 september 1949.
Priester gewijd op 9 augustus 1953.
Van 1954 tot 1987 was hij werkzaam in het Sint-Michielscollege te Brasschaat.
Hij was er leraar, prefect (1960), tevens vicerector (1962) en vanaf 1968 rector.
In deze functie was hij algemeen directeur van de school en overste van de medebroeders.
Van 1988 tot 1999 was hij prior en ziekenmeester in de abdij.
Van 1988 tot 1993 was hij tevens socius van de novice- en geprofestenmeester.
Van 1999 tot 2007 was hij meewerkend priester in Wezemaal en Wakkerzeel.
In 2007 keerde hij terug naar de abdij.
Van 2013 tot 2017 verbleef hij in het WZC in Rillaar.
Overleden in de abdij op 11 november 2018.

Herman groeide op in de schaduw van het Sint-Michielscollege in Brasschaat, dat in volle opbouw was. Meer dan 43 jaar was hij verbonden met dit college. Tijdens de moeilijke oorlogsjaren was hij er leerling. In 1947 trad hij in in de abdij en begon er zijn opleiding. Na zijn priesterwijding in 1953 werd hij als leraar naar het Sint-Michielscollege gezonden. In de jeugdbeweging van het college was hij een enthousiaste proost. Als prefect en vicerector loodste hij het college doorheen de onstuimige jaren 60. Gedurende 20 jaar was hij daarna "pater rector". Hij realiseerde de moderne uitbouw en de herstructurering van het college in goede samenwerking met de raad van bestuur. Eén doel stond hem voor ogen: van het Sint-Michielscollege een sterke schoolgemeenschap maken waar leerlingen en leerkrachten, ouders en personeel zich ten volle thuis konden voelen. Pater De Clerck kon dit waarmaken door zijn veelzijdige persoonlijkheid, zijn beginselvastheid, zijn sociale bewogenheid en zijn pragmatische aanpak. Als overste van het convent in Brasschaat was hij begaan met de medebroeders en zorgde hij er voor dat hun leven zo goed mogelijk afgestemd was op de school. Voor leerlingen en leraars was hij veeleisend en mild, rechtvaardig en toegankelijk, rechtlijnig en loyaal, open en vlot in de contacten maar zonder zijn principes te verloochenen. Hij heeft veel gedaan om studenten bij te sturen, te bemoedigen, goede raad te geven en vooral om hen kansen te geven. Hij deed het vanuit de diepe christelijke overtuiging dat leerlingen, jonge mensen, niet alleen belangrijk zijn maar dat ze het waardevolste zijn dat men u kan toevertrouwen. Fenomenaal was hoe hij elke leerling bij naam kende en hoe hij de oud-studenten bleef volgen. Zo was hij het levend geheugen van het college en dat is hij gebleven tot in zijn laatste jaren. Dankbaar en fier nam hij in 1987 afscheid van "hét" college, zoals hij erover sprak. Abt Ulrik Geniets benoemde hem tot prior van de abdij. Met grote dienstbaarheid en plichtsbesef heeft hij het dagelijkse leven van de abdijgemeenschap geleid gedurende twaalf jaar. Als ziekenmeester stond hij de oude en zieke medebroeders bij. Als socius van de magister stelde hij zijn ervaring met jongeren en opvoeding ten dienste van de opleiding in de abdij. Wij herinneren ons hoe hij vertrouwen kon geven, hoe hij bezorgd was voor de medebroeders, hoe hij met een zekere nuchterheid en met de hem eigen humor de zaken benaderde en veel kon relativeren. In 1999 verhuisde hij naar het koetshuis van de pastorie in Wezemaal om er confrater en pastoor Michel Tilleman te helpen. De druk van de zware verantwoordelijkheden viel weg en hij bloeide er open als een joviaal en geliefd parochiepriester. Hij was er vooral werkzaam in Wakkerzeel. Het waren jaren waarin hij de banden met zijn familie sterker aanhaalde. Toen hij in 2007 naar de abdij terugkeerde, ging zijn gezondheidstoestand achteruit. Van 2013 tot 2017 werd hij verzorgd in het WZC in Rillaar, daarna in de abdij. De laatste vijf jaren waren voor hem een kruisweg van veel pijn, onrust en aftakeling. Moge hij nu "onder de gulden vleugels van Sint-Michiel" rust en vrede vinden in Gods eeuwige Liefde.
Hij heeft het zo vaak gezegd en geschreven en het is zijn laatste woord tot ons: "God vordere u".

Onze-Lieve-Vrouw van het H. Hart, bid voor ons.


Comments