Een 'Bloemlezing' van voordrachten

19 mei 2016, Menterwolmer Joden in kamp Westerbork

Hoe kan het dat maar 2 Joodse inwoners van Menterwolde een veilig heenkomen hebben gezocht en gevonden, voordat zij, zoals de Nazi's het noemden, gegijzeld werden? Hoe zijn Joden weggevoerd en waarheen?

De eerste Joden, mannen, werden naar werkkampen in Nederland gestuurd, maar kwamen uiteindelijk wel in Westerbork terecht. Degene die wel direct naar kamp Westerbork werden gezonden en daar als eerste Joden aankwamen, konden direct aan de slag om het kamp uit te breiden met het bouwen van barakken, om het grote aantal te verwachten gegijzelden te kunnen herbergen. En vooral, te kunnen doorsturen naar de "Entlösung". Hoe was het verder geregeld in dit kamp. Hoe is het op deze plek midden in Drenthe terechtgekomen. Werden gevangenen ingezet om te bewaken? Hoe zag het dagelijkse leven van de Menterwolmer Jood eruit in kamp Westerbork. Over de organisatie om de Joden systematisch af te voeren per trein naar de vernietigingskampen in Polen. De treinen, die langs Zuidbroek kwamen.

Michiel Smit, werkzaam bij educatie van het herinneringskamp Westerbork, heeft hierover een lezing gehouden. Zijn verhaal komt uit het archief van Westerbork, maar vooral uit wat overlevenden hierover vertellen en hebben verteld. Het wordt zichtbaar gemaakt door foto's. Daar waar mogelijk heeft het betrekking op de Joden uit Noord- en Zuidbroek. De lezing werd georganiseerd in het station van Zuidbroek van waaruit de Joden uit onze gemeente op de trein werden gezet richting kamp Westerbork en kijkt u op het spoor waar iedere week tussen 15 juli 1942 en 13 september 1944 de trein stopte waarin zeker 1000 Joden werden afgevoerd naar Auschwitz of Sobibor.

De heer Smit wist op betrokken wijze een beeld te schetsen van het dagelijks leven in kamp Westerbork en gebeurtenissen die zich hebben afgespeeld. Het leven van alledag in het teken van zelfbehoud, ongeloof, hoop en vrees....

Wij hebben  aan alle toehoorders entree gevraagd, welke ten goede komt aan het realiseren van Stolpersteine in Noord- en Zuidbroek. 

Wie: Michiel Smit; werkzaam bij de afdeling educatie van het                                               Herinneringskamp Westerbork
Waar:Zuidbroek; Noord Nederlandse Trein en Tram Museum;
Wanneer: 19 mei 2016; 20.00 uur
Kosten:  € 5,00 ten gunste van project Stolperstaine


3 november 2015, 'Hout door de geschiedenis heen'
De gastspreker van deze avond is de heer Harry Aalberts

Hout door de geschiedenis heen

Een ongewoon onderwerp voor de Historische Kring? En dat is het ook. Maar eigenlijk ook weer passend. Want wie weer verder denkt weet dat hout al vanaf de begintijd een rol heeft gespeeld in het bestaan. Dhr. Aalberts nam ons mee in de geschiedenis van hout in relatie tot de woningbouw. Zoals hij dat placht te noemen 'het tweede leven van het hout'. Gaandeweg de causerie werd het accent verlegd naar 'de menselijke maat' en hoe deze maakt dat wij ons comfortabel voelen in onze woningen en dit op zijn beurt weer terug te voeren is naar bijvoorbeeld gebruikelijke houtlengtes. Zaken waar je nooit bij stil hebt gestaan, 'waarom draait een voordeur naar binnen', werden belicht. Een lezing die een verrassend inzicht gaf in de ongeschreven ontwikkeling van de architectuur, dit alles in samenhang met 'de menselijke maat'.

Dhr. Aalberts heeft een houtbewerking in Leermens en een grote historische belangstelling. Hij geeft educatieve lezingen waarin niet alleen het product hout een rol speelt, maar ook de betekenis van hout voor de mens en de rol van hout in de architectuur van vroeger en nu.

Wie rondloopt bij Aalberts wordt getroffen door de prachtige werkstukken, de spitsvondige ideeën, de structuur van hout en de verhalen van dhr. Aalberts.

Wie:Harry Aalberts
Wat: lezing 'Hout door de geschiedenis heen'
Waar:Zuidbroek in de Broeckhof
Wanneer: 3 november 2015; 20:00 uur

 

23 september 2015, 'Naar het Gerecht'
De gastspreker van deze avond is mevrouw Marianne Kruijswijk

Met een helder uiteenzetting over de Oranjegezinden begon onze gastspreker Marianne Kruijswijk haar verhaal over criminele zaken die speelden in het Oldambt, om ons op boeiende wijze mee te nemen naar 'misdaden' gepleegd in de tweede helft van de achttiende eeuw. Met ons hedendaags normbesef is het soms niet voor te stellen dat iets als misdaad werd aangemerkt. Zo kon het lopen met een oranje versiering op je hoed reden genoeg zijn om opgepakt te worden door de Drost. Vroeger had Zuidbroek zeer veel met deze criminele zaken te maken, of beter gezegd, bij de afhandeling hiervan. Zo was er in vroegere tijden de Drost (van Zuidbroek), die verantwoordelijk was voor de rechtshandhaving en recht sprak in het Oldambtster rechtsgebied hier in Zuidbroek in betreffende periode in het Rechthuis. 

Het meest spraakmakend verhaal van deze avond is toch wel het dossier van Eerhardus Knoop, een schoolmeester uit Eexta. Uitgebreid werd hier bij stil gestaan, mede omdat het tegelijkertijd een schets geeft van het toenmalig rechtssysteem hier in de provincie. Na jaren van procederen werd Knoop, die werd beschuldigd van een zedenmisdrijf, uiteindelijk verbannen uit de provincie. Een strafmaat met een impact die wij ons nauwelijks kunnen voorstellen. Uiteindelijk creëert het een klasse van zwervers en ontheemden in de maatschappij. Ook geeft Marianne Kruijswijk haar eigen visie op het hele proces van Knoop 

Met niet aflatend enthousiasme vertelt de spreekster een aantal verhalen uit het boekje “Naar het Gerecht”, voorziet deze van kanttekeningen en achtergrondinformatie. Bijzondere verhalen van stelende dienstbodes, doorgewinterde oplichters, relschoppers en vechtersbazen. Met de verhalen over contacten tussen buren, rondtrekkende mensen op zoek naar werk en onderdak, ruzies en roddels en herinneringen van getuigen werd een beeld geschapen van het leven in die tijd. Hoe werd men gepakt door de rondtrekkende kinderen en de strafmaat in die dagen. De verrassing dat men tussen de regels van de functionarissen door te weten kwam hoe mensen elkaar behandelden en in de gaten hielden. 

Marianne Kruijswijk, van het Cultuurhistorisch Centrum Oldambt, is als eindredactrice betrokken geweest bij de totstandkoming van het boekje 'Naar het Gerecht' en heeft in dit proces van begin tot eind gezocht, gelezen, gevolgd, geselecteerd, gewikt en gewogen. Met een rijk arsenaal aan verhalen heeft ze ons deze avond meegenomen naar onze 'misdadige' voorouders om relativerend en geruststellend af te sluiten met de conclusie dat het gezien de tijdspanne en het aantal processtukken wij ons hier in de regio niet eens zo slecht gedroegen.

Wie:Marianne Kruijswijk
Wat: lezing 'Naar het Gerecht'
Waar:Zuidbroek in de Kerkhörn 
Wanneer: 23 september 2015; 20:00 uur

 


16 april 2015, familie van Panhuys
 

De Veenkoloniën waren tezamen een groot gebied in het Groninger en Drentse landschap. Maar er was nog een groot veengebied. Namelijk ten zuiden van Leek. Waar in de Veenkoloniën gezamenlijke heren ( compagnieën ) grote delen van het veen kochten om te ontginnen, waren de eigenaren van het veen te Leek de Jonkers van Nienoord. En dus werd dat het Nienoorterveen genoemd.

Één van die jonkers was Johan Aemilius Abraham van Panhuys. Zijn moeder was uit het geslacht van Inn- en Knyphuizen welke al sinds 1693 de bewoners waren van Nienoord.

Over deze Jonker, de herbouwer van Nienoord, burgemeester, commissaris van de Koning(in), en vice-president van de raad van state, ging de lezing die de HKM heeft georganiseerd in april 2015.

Reinder Hovinga te Zuidbroek heeft zich verdiept in deze zeer rijke man, die Nienoord bezat, maar ook andere schitterende huizen waaronder een pand in Groningen aan het Hereplein. Dhr. Hovinga nam de toehoorders op boeiende wijze mee in een verhaal over de puissante familie van Panhuys. 

Ruim 40 jaar was de heer Hovinga kerkgids in het romaanse kerkje te Midwolde, tevens de kerk van de bewoners van Nienoord. Hier is ook een gebrandschilderd raam  aangebracht ter nagedachtenis aan genoemde Jonkheer en zijn echtgenote, zijn zoon en diens echtgenote, die op tragische wijze zijn omgekomen op 6 november 1907. Hun koets raakte bij dichte mist in het Hoendiep. Ook van dit voorval, dat in toenmalige tijd een zeer diepe indruk bij de bevolking heeft achtergelaten, werd in beeldende bewoordingen verhaald.

Een interessante avond vol boeiend vertelde wetenswaardigheden rondom deze familie van Panhuys. 

Wie:Reinder Hovinga
Wat: familie van Panhuys
Waar:Meeden, Dorpshuis  
Wanneer: 16 april 2015


29 Januari 2015  Polen. De bevrijders

Het  oostelijk deel van Groningen werd in 1945 bevrijd door Poolse troepen. Hoezo Polen? Waar kwamen die vandaan?

70 Jaar na dato werd in deze lezing door de heer Nick Kieft stilgestaan bij onze bevrijders. Poolse bevrijders, die niet uit het oosten kwamen maar meevochten aan de zijde van de Canadezen!

Op boeiende wijze weet de heer Kieft de dramatische geschiedenis van het Poolse volk in de twintigste eeuw voor het voetlicht te brengen. Tussen 1795 en 1919 bestond er geen Poolse staat. Het land was door zijn machtige buren Rusland en Duitsland opgedeeld. Na de Duitse nederlaag in 1918 werd bij de Vrede van Versailles een nieuwe Poolse staat gecreëerd. Door de burgeroorlog die volgde op de Bolsjewistische Revolutie in Rusland in 1917 werd Polen bijna opnieuw verzwolgen door het Rode Leger. Uiteindelijk stabiliseerde zich de grens van het Poolse rijk.

In 1939 was het de Duitse aanval op Polen die de Tweede Wereldoorlog ontketende. Drie weken na het begin van de Duitse aanval viel het Rode Leger het oosten van Polen binnen. Veel Polen vluchtten via Roemenië naar het westen. Zij vormden de kern van onze Poolse bevrijders. Na 1945 viel hun een droevig lot toe; bevrijders die om politieke redenen niet konden terugkeren naar hun vaderland. Maar ook het verhaal van de bevrijding van een Pools vrouwenkamp in het Duitse Haren hoort bij de geschiedenis van de Poolse bevrijders

In 1980 waren het de Poolse arbeiders die door Lech Walesa geleid in opstand kwamen in Gdansk en in 1989 waren het de eerste vrije verkiezingen in het Oostblok die korte tijd later leidden tot de val van het IJzeren Gordijn.

Er is geen land in Europa met een dramatischer geschiedenis dan Polen. En veel te veel van die geschiedenis is onbekend gebleven. Wij in Nederland, maar eigenlijk ook vele elders, danken veel aan het Poolse volk.


Wie:Nick Kieft
Wat: Polen. De bevrijders
Waar:Zuidbroek, Noord Nederlandse Trein- en Tram Museum
Wanneer: 29 januari 2015


18 november 2014 - Kornelis ter Laan 

De gastspreker van deze avond was mevrouw Stip ter Laan.

Kornelis ter Laan werd in 1871 te Slochteren geboren. Zijn vader was een dagloner, maar slaagde erin een boerderij te kopen. Ruim kregen de Ter Laan’s het echter niet. Er waren twee zoons in het gezin. Maar vader Remco zag een toekomst in de landbouw voor zijn kinderen niet zitten en liet zijn kinderen leren.Kornelis ging naar de hbs in Sappemeer. Daarna volgde hij enige cursussen en begon als vervangend onderwijzer te Noordbroek.

Door zijn achtergrond raakte hij al op jonge leeftijd geïnteresseerd in het socialisme en werd lid van de Sociaal Democratische Bond. Later van de SDAP. In 1901 werd hij als lid van de Tweede Kamer gekozen, wat hij combineerde met hoofdonderwijzer te Delft. Tot 1937 bleef hij lid van de Tweede Kamer, waar hij wetsontwerpen indiende over de leerplicht en de staatsloterij. Ondertussen was hij nog gemeenteraadslid van Den Haag en vervulde hij het burgemeesterschap te Zaandam. Van 1911 tot 1946 was hij ook voorzitter van de Commissie van Toezicht van de Algemeene Landsdrukkerij in Den Haag.

K. ter Laan


Ondanks dat hij al vroeg uit de provincie was weggegaan, interesseerde hem de Groningse taal en cultuur enorm. Naast zijn vele publicaties heeft hij ook Groningse boeken uitgegeven. O.a. Het nieuw Groninger Woordenboek. Die nog steeds als standaard geldt.


Mevr. Stip-ter Laan, kleindochter van Kornelis, heeft een levensoverzicht van haar grootvader gemaakt. Het leven dat begint in Slochteren en via Noordbroek, Sappemeer, Appingedam en Sluis in Delft terecht komt. Ondertussen Akten behalend, politiek bedrijvend en taalkundige werken publicerend. Over dit volle en rijke leven komt zij vertellen bij de Historische Kring Menterwolde. 





Wie:mevr. Stip ter Laan
Wat: Kornelis ter Laan
Waar:Dorpshuis 'De Broekhof' te Zuidbroek
Wanneer: 18 november 2014



Lezing door Menno Wielinga
 
"Het Engelse Kamp – Groningen 1914-1918"
 
De spreker van deze avond was Menno Wielinga, bekend van zijn in maart verschenen boek: “Het Engelse Kamp – Groningen 1914-1918

Dit jaar is het 100 jaar geleden dat de eerste Wereldoorlog (de Grote Oorlog genoemd) begonnen is en die duurde tot 11 november 1918. De moord op 28 juni 1914 op aartshertog Frans Ferdinand van Oostenrijk, troonopvolger van Oostenrijk-Hongarije, was de directe aanleiding van de oorlog. Verschillende bondgenootschappen werden ingeroepen, zodat binnen een paar weken de grootmachten in oorlog waren. 
In het westfront vestigde zich een statische uitputtingsslag van een loopgravenoorlog.

In oktober 1914 werden twee Engelse brigades van de Royal Navy ingezet als ondersteuning van de Belgische troepen toen het Duitse leger Antwerpen aanviel. De vestingstad bleek onhoudbaar en besloten werd tot de terugtocht. Het bevel voor de terugtocht werd te laat ontvangen waardoor ze ingesloten raakten.
Ze besloten de grens van het neutrale Nederland over te steken. Zo kwam de eerste  wereld oorlog naar Nederland. 1100 militairen werden ontwapend en op 11 oktober 1914 overgebracht naar een bewaakt kamp in Groningen. 

In Groningen, omdat de troepen zover mogelijk van het oorlogstoneel moesten worden ondergebracht. Ze hebben zich gekooid gevoeld. Iedere zondag kon men in het kamp, tegen betaling, een kijkje nemen wat in de volksmond algauw “Het Engelse Kamp” werd genoemd”. 

Toch kwamen er hierdoor vele persoonlijke contacten tussen Engelsen en Groningers, soms 
uitmondend in huwelijken en in langjarige vriendschappen.

Wie : Menno Wielinga
Wat : Het Engelse Kamp – Groningen 1914-1918
Waar : Dorpshuis 'De Menterne' te Muntendam
Wanneer  : 21 oktober 2014


Lezing door Cees Stolk 

"De hel van Jipsinghuizen"

In deze tijd van kruisiging, hemelvaart en wederopstanding, komt de Historische Kring Menterwolde met de hel. De Hel van Jipsinghuizen. De onderzoeker en schrijver van het gelijknamige boek, Cees Stolk, komt de voordracht geven.

In Jipsinghuizen staat een monument ter nagedachtenis aan de werkverschaffing in Westerwolde. Initiatiefnemer voor de werkverschaffing in de jaren twintig van de 20e eeuw was Jan Buiskool (burgemeester van achtereenvolgens Vlagtwedde en Delfzijl en rijksinspecteur van de werkverschaffing). De werkverschaffing werd georganiseerd door de in 1924 opgerichte NV Vereenigde Groninger Gemeenten, waar uiteindelijk 50 Groninger gemeenten lid van zijn geworden. In de periode van 1924-1939 werden de werklozen per tram naar Jipsinghuizen gebracht om in de omgeving van het dorp vele hectares heide te ontginnen. Ze overnachtten in barakkenkampen. De werklozen kregen een laag salaris, het werk was zwaar en voor velen zeer ongewoon.

Cees Stolk, ook bekend van zijn RTV-Noord programma “Strunen met Stolk”,  vertelt over hoe het er dagelijks aan toe ging in de barakken en op het veld. De werkomstandigheden, de voeding en de ontspanningsmogelijkheden van de arbeiders. Hoe anders ging men toen, in die crisis, om met werklozen, dan in deze tijd van weer een crisis met een record aan werklozen?

Beslist geen hemel op aarde en daarom de moeite waard om te komen luisteren.

Wie : Cees Stolk
Wat  : de Hel van Jipsinghuizen
Waar : “Elthedo”, verenigingsgebouw Prot. Gemeente Hereweg 197 A, Meeden
Wanneer  : 7 mei 2014


Lezing door Jochem Abbes

"Koning Willem I "
 
2013. Het jaar waarin het Koningschap zijn 200ste verjaardag vierde; En waarin Jochem Abbes bij de Kring kwam vertellen over de eerste Koning van Nederland; Koning Willem I.
Nadat zijn vader, stadhouder Willem V in 1795 gevlucht was voor de Fransen volgde een roerige tijd, waarin veel veranderde. De Fransen meenden dat het afgooien van het juk van heersers en regenten ook in andere landen moest gebeuren. Vrijheid, gelijkheid en broederschap wilden zij voor alle lagen van de bevolkingen en vielen landen om hen heen binnen. Ze werden in de Nederlanden met gejuich ontvangen. Men was de heersers zat, die elkaar de leuke baantjes toespeelden. Men was de vele oorlogen zat, waardoor de handel steeds weer blokkeerde en er armoede heerste. De hoge heren werden afgezet en de Nederlanden werd Bataafse Republiek. Napoleon kwam en voerde vele veranderingen door. Even werd Nederland een Koninkrijk onder Lodewijk Bonaparte. Een Koning die hart had voor het kikkerlandje, dit tot ongenoegen van Napoleon. Toen volgde een tijd als Franse provincie. Uiteindelijk voegden de omliggende landen de legers bij elkaar om Napoleon te verslaan in de volkerenslag bij Leipzig en later in de slag bij Waterloo.
De Nederlanden waren even vogelvrij. Het driemanschap van Van Hoogendorp, Van Limburg Stirum en Van Duyn van Maasdam lieten vliegensvlug een bekendmaking de deur uitgaan, dat Holland eindelijk vrij was, de zee weer open lag, de koophandel kon herleven en Oranje weer terugkeren. En dus zette Willem Frederik van Oranje in het jaar 1813 bij Scheveningen weer voet aan wal. Omdat Frankrijk in toom gehouden moest worden, werden Luxemburg, de Zuidelijke- en de Noordelijke Nederlanden samen gevoegd tot één land. De koloniën werden teruggegeven en Willem werd Soeverein Vorst en in 1815 Koning. Er stond hem veel te doen, want handel en industrie lagen lam en er heerste veel armoede. Willem besefte ook goed dat de tijd rijp was voor verandering en paste zich aan.
Een vlijtig baasje, die zijn schouders eronder zette om Nederland er bovenop te krijgen, maar die in de Zuidelijke Nederlanden niet zo geaccepteerd werd. En waar Jochem Abbes ongetwijfeld weer adembenemend over gaat vertellen. 

Wie  : Jochem Abbes
Wat   : Koning Willem I
Waar  : Voormalig oud gemeentehuis Zuidbroek, Winschoterdiep, Zuidbroek
Wanneer  : 26 november 2013



Lezing door Ynskje Penning
 
 "Stormvloed"
 
Ynskje Penning, beeldhouwster, maar ook schrijfster van historische romans in samenwerking met de Universiteit Groningen, komt bij de Historische Kring vertellen. Zij schreef o.a. het boek “Stormvloed”, tevens de titel van deze lezing, waarin het gaat over twee eeuwenoude, teruggevonden dagboeken van Almoed van Munster. Hierin beschrijft Almoed haar strijd tegen haar stiefvader, Johan de Mepsche. Hij wil haar uithuwelijken. Zij kiest voor Sebo de Bastaard, die ze tijdens een toernooi op de Fraeylemaborg heeft ontmoet. Ze vluchten naar het eiland Bosch, waar ze veilig zijn voor de brute De Mepsche. Maar de grillen van de natuur moeten ze wel voor lief nemen. En angstig beschrijft Almoed de stormvloed op 1 november 1570. Hoe het raast en tiert om hun blokhut.
Het is niet precies na te gaan wanneer het eiland Bosch in de golven is verdwenen. Maar zoals dat in de Waddenzee gaat, is het voortdurend aan veranderingen onderhevig geweest. De stormvloeden van 1570 en 1717 hebben grote schade aangericht. En wellicht heeft de laatste de genadeklap gegeven. Het eiland is in het bezit geweest van steeds andere eigenaren; het klooster van Aduard, de familie Lewe, Karel V, Filips II en de Staten van Stad en Lande. Men liet er een strandvoogd wonen, die de aangespoelde vondsten tegen vindersloon moest afstaan aan deze eigenaren. Heel alleen moet hij een zwaar bestaan hebben gehad op het eiland. Vanwege natuurlijke omstandigheden, maar ook om het verweer tegen de vele kapers en piraten, die de Waddenzee onveilig maakten.


Wie
: mevr. Ynskje Penning
Wat  : Stormvloed
Waar : De Broeckhof , Zuidbroek
Wanneer  : 23 september 2013



Lezing door Annelies Vermue
 
" Middeleeuws cultuurlandschap van Noordbroek"

Op 12 februari 2013 staat een lezing gepland gegeven door Annelies Vermue. Zij komt uit Noordbroek en heeft voor haar studie geschiedenis een afstudeerproject gekozen wat betrekking heeft op haar omgeving. “Het middeleeuwse cultuurlandschap van Noordbroek”.Het project is afgerond en we zijn er trots op dat Annelies bij ons haar verhaal wil vertellen.
De ontwikkelingen door de eeuwen heen van het landschap hebben niet speciaal betrekking op Noordbroek. Ze kunnen gezien worden als de ontwikkelingen rond de dorpen van Menterwolde.
In een periode van duizenden jaren voor Christus zijn er in de lagere delen van Nederland uitgestrekte veengebieden ontstaan. Ook het gebied rondom de noord-zuid georiënteerde zandrug waarop de dorpen Noordbroek, Zuidbroek en Muntendam zijn gelegen, was bedekt met een dik pakket hoogveen. Toen rond 1000 na Chr. de eerste permanente bewoners zich in dit gebied gingen vestigen, legden ze hun akkers aan in het ongerepte veengebied. Dit gebeurde volgens een bepaalde ontginningstechniek. Na de uitbraak van de Eems in 1509, waarbij de Dollard ontstond, bleven de akkers ten oosten van de zandrug van Noordbroek achter met wel één meter Dollardklei. Er was dus een nieuw (klei)landschap ontstaan, maar konden de boeren hun oude akkers nog wel terug vinden en weer in gebruik nemen? Of werd het landschap compleet opnieuw verkaveld? En door wie gebeurde dit? Kwamen er kleikolonisten uit andere gebieden af op deze nieuwe, vruchtbare landerijen?
Interessante vragen betreffende een patchwork van landerijen, die is blijven bestaan tot aan de ruilverkaveling in de 70er jaren van de vorige eeuw.

Wie : Mevr. Annelies Vermue
Wat: : Middeleeuws cultuurlandschap van Noordbroek
Waar : Klipheerd Noordbroek
Wanneer  : 12 februari 2013




Lezing door Dr. Dick de Boer
 
" Emo's reis"
 
In de gloednieuwe, prachtige zaal van de Broeckhof, met meer dan 100 toehoorders, vertelde prof. Dr. Dick de Boer vol overgave over zijn reis naar Rome in de voetsporen van Emo van Huizinge, abt van het Klooster te Wierum. Een niet geromantiseerd verhaal die iedereen boeide.
Zoals onze generatie is verteld zouden de mensen in de Middeleeuwen niet anders weten dan dat de aarde plat was. Niets is minder waar. Er zijn tekeningen gevonden waarop duidelijk een ronde wereld staat afgebeeld. Ook ging men naar school, want handelaren moesten kunnen rekenen en schrijven. Na 1250 veranderde dit. Tussen 1190 en 1250 leefde een bevolking van Christenen, Joden en Moslims vreedzaam naast elkaar. Ze bouwden gezamenlijk synagogen en kathedralen, wat in die tijd veelvuldig werd gedaan. Bouwwerken die er nu nog staan.
En in die wereld bewoog zich abt Emo. Dat de kerk van Wierum aan zijn Nijeklooster werd geschonken, waar Emo inmiddels abt was geworden, kon alleen in Friesland. Elders was dit qua wetten ondenkbaar. Toen de bisschop van Münster, ten gunste van zijn zoon, deze schenking ongedaan maakte, schendde hij dit recht. Abt Emo kon niet anders dan naar de paus te Rome gaan om zijn gelijk te halen. Zijn vriend Hendrik, bouwmeester van kerken, wilde wel met hem mee. Zij gingen eerst langs het klooster te Prémontré te Frankrijk om te regelen dat het Nijeklooster bij de orde van de Premonstratenzers werd aangesloten. Emo en Hendrik moeten per dag ongeveer 35 km gelopen hebben. Vergelijk het met de Nijmeegse Vierdaagse maar dan naar Rome van 9 nov. 1211 tot 19 jan. 1212. De terugreis wordt hervat op 11 maart 1212. In Rome waren zoveel loketten waar Emo moest betalen ( leges ) om zijn oorkonde te krijgen, dat hij blut was toen alles was geregeld. Hij moest geld lenen van kooplieden, met de oorkonde van het klooster en de kerk als onderpand. In Bologna zou hij terug betalen en de oorkonde weer in ontvangst nemen. Maar de kooplieden waren onderweg overvallen en de oorkonde was weg. Emo gaat bijna dood van emotie. Hendrik stelde voor dat hij alleen weer terug naar Rome zou gaan om een nieuwe oorkonde te halen. In tussen kon Emo herstellen. En dat gebeurde.
Zo zie je maar weer; kleine gebeurtenissen bepalen soms een grote geschiedenis. Want Nijeklooster kwam naast de kerk van Wierum en kreeg de naam Bloemhof. En Wierum werd Wittewierum, genoemd naar de witte habijten van de monniken die men daar rond zag lopen.

Wie  : Dr. Dick de Boer
Wat : Emo's reis
Waar : De Broeckhof , Zuidbroek
Wanneer  : 26 april 2012


Lezing S.W. Mollema 5 oktober 2011

"Over Beurtschippers en Boderijders"

De lezing van de Historische Kring Menterwolde over beurtschippers en boderijders. Gegeven door dhr. S.W. Mollema, zoon van boderijder Mollema te Leens.
U heeft ze misschien wel meegemaakt of van gehoord. Beurtschippers en boderijders. Twee beroepen die niet meer bestaan.
Toen er nog geen openbaar vervoer was en geen vervoermiddelen voor iedereen, was de beurtschipper degene die de boodschappen over ver deed bv. in de Stad. Pakjes en boodschappenbriefjes kreeg hij mee en kwam met de handel weer terug. Door de talrijke kanalen kon hij overal komen. Toen de wegen beter begaanbaar werden konden paard en wagen ook beter vervoeren en menig schipper klom van zijn schip op de bok en werd boderijder. Op dinsdag en vrijdag, marktdagen, trokken boderijders naar de stad en stonden op de markten met hun wagens. Later stonden ze aan het Zuiderdiep. Paarden werden vrachtwagens en het verkeer werd te zwaar voor de binnenstad. Vandaar dat een bodenterrein werd aangewezen waar de vrachtwagens konden staan terwijl de boden de boodschappen deden. Na 1960 was dit beroep uitgestorven. Een ieder was in staat om zijn eigen boodschapjes te doen.


Wie : S.W. Mollema
Wat  : Beurtschippers en Boderijders
Waar : De Gouden Zon te Sappemeer
Wanneer : 5 oktober 2011


Lezing Jur Engels 23 november 2011

"Op hozevörrels deur Grunneger Literatuur"

Doe kwamen te ’s koninks hove 
Alle die diere groot ende klens, 
Zonder Vos Reynaert allene: 
    Hij hadde te hove zo vele mesdaan, 
Dat hij ‘re niet dorste gaan.

Enkele regels uit het eerste letterkundig gedicht wat bekend is. Geschreven door één of twee Vlaamse dichters omstreeks 1200. Grote namen volgen als Bredero en Hugo de Groot. Bordewijk en Maarten ’t Hart. De Nederlandse literatuur. Maar hoe zit dat met het Gronings? Is Gronings wel een taal of is het een dialect en waaruit is het ontstaan. Kent de Groningse literatuur een oud werk als De Vos Reynaerde of zijn ze uit latere tijdstippen. Tegenwoordig zijn/worden er vele boeken in het Gronings geschreven, als “Martha” van Kees Visscher. En kinderboeken als “Mieke Mauchie” en een schoolboek “De Siberische kou”. Komen auteurs niet van overver, maar wonen ze dichtbij. Niet alleen verhalen en boeken, maar ook gedichten en poëzieversjes. Dat het Gronings door de eeuwen heen veranderd, is duidelijk. Wie gebruikt nog woorden als knibbels, kwint, boesjeude of stieg oaer? Maar in de literatuur zijn auteurs op hun hoede dat het Gronings niet vernederlandst. Want zeg nou zelf; waar vind je zulke mooie woorden als dieverdoatsie, eelsk, hupseeln en mishottjen. Jur Engels, geboren en getogen in Zuidbroek, beleidsmedewerker cultuur te Leek en daarnaast allerlei functies bij “t Grunneger Bouk”, “de Boukenkist”, “Grunneger Toal”, “Toal en Taiken” en RTVNoord sprak, en las voor over de Groningse literatuur op deze avond van de HKM. 
Het ging over het Gronings en het was in het Gronings!

Doar is goud en tjout bie; OP HOZEVÖRRELS DEUR GRUNNEGER LITERATUUR

Wel : Jur Engels
Wat Op hozevörrels deur Grunneger Literatuur
Woar : in 't dörpshoes “Nooitgedacht” te Tripscomnij 
Wanneer  : 23 november 2011



Lezing Jan Battjes (27 april 2011)

"Bouwen in de Middeleeuwen"

Is de Kerkhörn gebouwd in de Middeleeuwen? Nee. Waarschijnlijk net erna. De oudste gebinten in het gebouw zijn van rond 1650. Als woning en boerderij van de predikant van de Petruskerk, weem genaamd, is het ontstaan. De kerk is wel uit de Middeleeuwen. Zoals toen gebruikelijk zijn de bakstenen of kloostermoppen ter plekke op vorm en grootte gebakken van Groninger klei. In het Groninger gebied zijn de kerken en kloosters in grote aantallen ontstaan. Doordat de wegen in het waterrijke gebied soms vele maanden onbegaanbaar waren, bouwde ieder dorp zijn eigen kerk. En het ene dorp wilde voor de andere niet onder doen. De geestelijkheid en het ridderdom bepaalden het karakter van de vroege Middeleeuwen. Bouwwerken als kerken en burchten werden van de opkomende baksteen gemaakt. De minder belangrijke burger en horigen moesten het met hout doen. Hoewel er zo hier en daar een boer met eigen bezittingen in staat was een steenhuis te bouwen. In Zuidbroek hebben er meerdere gestaan o.a. op het huidige industrie terrein De Gouden Driehoek. Dhr. Jan Battjes, bouwhistoricus, heeft een boek geschreven over het bouwen in de Middeleeuwen. Hij komt bij de Historische Kring Menterwolde vertellen over deze bouwkunst en belicht hierin de Petruskerk. Maar het gaat ook een beetje over de Kerkhörn. Dit gebouw is door zijn bureau “ontleed” en beschreven in een rapport.

Wie : Jan Battjes
Wat  : Bouwen in de Middeleeuwen
Waar : In de Kerkhörn te Zuidbroek
Wanneer 27 april 2011