Doelstellingen

De leerstof is niet het doel op zichzelf, maar wordt gebruikt als

 

ontwikkelingsstof.

 

 “De leerstof is geen doel op zich, maar een middel om het wezen van het kind te doorgronden, het te voeden, ten volle tot ontplooiing te brengen, en zo nodig te helen.'
De antroposofie is wel de bron, maar niet de inhoud van de leerstof op school. Zij biedt wel aan de opvoeders de nodige inzichten: die voeding waardoor de leraren door zelfopvoeding en scholing geleidelijk bewuster, gerichter en beter kunnen handelen, zodat het ten goede komt aan het kind. Het kind als individu staat centraal, met zijn ongekende en verborgen mogelijkheden, met zijn eigen taak. Vandaar dat het leerplan wordt afgelezen aan die wordende mensennatuur, en dat daarbij telkens de vraag wordt gesteld: hoe moeten wij ons als opvoeders gedragen tegenover deze opgroeiende mens? Wat bieden we aan, als we hem zo willen leiden en begeleiden dat hij als volwassene zijn eigen authentieke een wezenlijke bijdrage kan leveren aan de totale mensheidsontwikkeling?” Hibernia School, België

 

4.a De Onderwijsdoelen

 

Taalontwikkeling

Taal onderwijs daarom vooral gericht op:

            Doelmatig gebruik

            Genoegen beleven in taal als communicatie en expressiemiddel

            Gesproken taal begrijpen

            Een opmerking, een mededeling, een verhaal begrijpen

            Enig begrip van symbolen ( verwijzers, foto’s picto’s)

            Opdrachten/aanwijzingen volgen.

            Deel kan nemen aan een gesprek; naar elkaar luisteren, laten uitspreken; aangeven

            wanneer ze iets willen meedelen.

            Beschikken over voldoende woordenschat (woorden, beelden, gebaren, symbolen)

            Hulpmiddelen: Verhalen/vertelstof vormen een belangrijk onderdeel bij de taalontwikkeling van de kleuter.

            Zie document ”Verhalen en vertelstof als leermiddel”  elders.

Liederen, gedichten, versjes en vingerspelletjes tongknopers en klankoefeningen.        

Verder wordt gewerkt aan: Opdrachten/aanwijzingen volgen links/rechts oriëntatie, sorteren.

 

 In hoeverre kan hij de taal begrijpen (passieve taalvermogen)

In hoeverre kan hij de taal gebruiken om te communiceren? (actieve taalvermogen)

 

Effectief gebruik van taalvaardigheden in allerlei situaties; zich verstaanbaar en begrijpelijk kunnen uitdrukken en de taalvaardigheden kunnen en willen gebruiken. Vooral gericht op communicatie; beeldtaal is vooral van belang: lichaamstaal, gebarentaal, voorwerpen, verwijzers, foto’s, en andere communicatie hulpmiddelen. Ook de houding als taalgebruiker is van belang (durven spreken/zich uiten, gemotiveerd zijn om te communiceren,, kunnen en willen genieten van de taal als communicatiemiddel.

Voor het heilpedagogische kind is vooral van belang:

Klankoefeningen: leren horen en onderscheiden van de klanken als bouwelementen van de woorden; woorden als bouwelementen van een zin.

Bevorderen van een luisterhouding en leren onderscheidend te luisteren– om uiteindelijk te leiden tot bewuster/zinvoller gebruik van taal als communicatiemiddel.

 

 

Voorbereidende wiskunde/ getalbegrip

            Vormen ervaren, lopen en benoemen.

            Introductie van getallenrij door middel van versjes en aftelrijmpjesaftelrijmpjes;           

            Beleefbaar maken van de getallenrij: tafeldekken, spelletjes.

            Tegenovergestelde eigenschappen ervaren: groot/ klein

            Begrippen waarin verhoudingen uitgedrukt worden, als: meer als/minder als, warmer/kouder, voor, middel en achter.

            Relatieve eigenschappen: groot/klein.

           Omgaan met geld/ herkenning van munten. (weinig haalbare doelstelling voor de

           kinderen waarmee hier gewerkt worden)

 

 

Rekenkunde is de sleutel van het heelal en het zal zich op verschillende manieren in het dagelijkse leven openbaren: tellen hoeveel koekjes er over gebleven zijn, koken en berekenen van hoeveelheden samen met moeder of juf, ritme en muziek. Dat is kleuter rekenen! Wanneer de basische begrippen en bewerkingen later, in de eerste klas, geïntroduceerd wordt, doe het dan met eerbied en een gevoel van verwondering.

Bron: Wonder Ranch Homeschooling

 

 

Natuurkunde Heemkunde (wereldorientatie op de natuur)

            Aandacht richten op en wekken van belangstelling en leren genieten van natuur:

            Natuurverhalen

            Tuinmaken

            Teksturen ervaren

            Omgeving verkennen

            Ruimtelijke oriëntatie

 

 

 

Wetenschap is ontdekking, wetenschap is geheimzinnigheid! Op een dag probeert een kind vast te stellen hoe lang het op één voet kan hinkelen. Wanneer hij valt van het lachen, wat heeft hij geleerd? Wanneer hij een bal laat vallen, stuitert het; maar wanneer hij een baksteen op zijn teen laat vallen, stuitert het niet, het doet pijn! Dat is kleuterwetenschap.

Uit: Wonder Ranch Home Schooling

 

 

Kunstzinnige Ontwikkeling:

            Beeldende vorming: schilderen – proces is belangrijk, niet resultaat/vorm; tekenen

            Bewegen en muziek: liederen: instrumenten, kringspelen

            Dramatische vorming: toneel en zangspelen, poppenspelen

 

 

Handvaardigheid

            Fijne motoriek en ooghandcoördinatie: knutselen, borduren, vingerhaken, tolletje brei

 

Tijdbeleven

            Oriëntatie op tijd, tijdbeleven: zeisoentafel, dag week seizoen en jaarritmen:

            Jaarfeesten

Zintuiglijke stimulering en ontwikkeling

Oriëntatie in de ruimte

Zelfredsaamheid

Algemene ontwikkelingsvaardigheden: het eigen adres en tel no. kennen en kunnen doorgeven aan anderen waar nodig is. De meeste kinderen met een ontwikkelingsachterstand kunnen deze vaardigheid niet in deze vroege levensfase al verwerven. Waar ze wel er toe in staat zijn, moet het wel aangeleerd worden.

Zindelijkheidstraining

Lichamelijke Opvoeding; gezondheid/lichamelijke verzorging

Bewegingsvaardigheden

Voorbereiding op toekomstige recreatie of bewegen al dan niet in teamverband

Betekenis beleven en begrip ontwikkelen van gezond en zelfstandig leven.

Functieontwikkeling

Spelontwikkeling

Bevordering van gezond gedrag

Bevorderen van sociaal gedrag

 

 

 4.b Leergebiedoverstijgende doelen

 

Spelontwikkeling:

 De omgeving moet ingericht wordt op een wijze waarbij creatief spel mogelijk wordt gemaakt en aangemoedigd wordt.

 

Sensomotoriek

Sensomotorische ervaringen & vaardigheden verwerven, omgaan met materialen en teksturen

 

Fijne motoriek: ooghandcoördinatie en fijne motoriek wordt ontwikkeld; knutselen,

           handvaardigheid: wol, vilt, spullen uit de natuur, hout, kleurige

           weefwerkjes en borduursels; vingerhaken, lopen, rennen en kruipen

           Handvaardigheid ondersteunt de ontwikkeling van het kind in heel zijn wezen.

Grove motoriek; lichaamsbeweging en behendigheidspelen

 

 Lichaamscheografie.

 

Oriëntatie in de ruimte: lopen en rennen, zich spelenderwijs leren oriënteren.

 

Sociale vaardigheden. Bevordering van sociale redzaamheid

Een van de doelen van het voorschoolse onderwijs is om sociale vaardigheden aan te leren door middel van voorbeelden, ervaring, beeldrijke taal, beelden uit verhalen, en “natuurlijke” rechtvaardigheid.

Beurt nemen: De kinderen leren bij voorbeeld om hun beurt af te wachten. Kinderen leven in het hier en nu. In een groep moeten ze op elkaar leren wachten. Er wordt onderhandeld. Dat houdt in dat er aan de ene kant gesproken en aan de andere kant geluisterd wordt.

 

Sociale vaardigheden zijn nou verbonden met taalontwikkeling. Kinderen die hun gevoelens en gedachten niet in woorden kunnen weergeven worden vaak agressief, voelen zich gefrustreerd, bedreigd, angstig, onzeker en onveilig. Vaak gaan ze bijten, krabben, schoppen of slaan. Anderen trekken zich terug. De kinderen met ontwikkelingsachterstand hebben hier een grote achterstand en moeten daarbij met geduld en begrip begeleid wordt en waar mogelijk moeten de blokkades opgeheven worden of handvaten aangereikt worden.

"Natuurlijke Rechtvaardigheid" impliceert dat een kind de gevolgen van haar gedrag ervaart. Zo, bijvoorbeeld, als een kind een kop omgooit, moet het zelf schoonmaken waar het geknoeid heeft. Geen harde woorden zijn nodig; de situatie wordt eenvoudig recht gezet. In groepssituaties, wanneer een kind niet mee kan komen, kan het tijdelijk uit de groep worden genomen tot hij bereid is om op een aanvaarbare manier te handelen. Dit is niet alleen ten voordele van het vernietigende kind, maar ook voor de gehele groep.

Verhalen: Archetypische verhalen waarbij waardering voor de ervaringen, ontmoeting van problemen en overwinning ervan als typisch menselijke erfgoed, ontmoet worden.

 

Aanpakgedrag

 

Functieontwikkeling

Informatie kan opnemen, verwerken en gebruiken.

Hun omgeving verkennen

Hun zintuigen trainen, oefenen en gebruiken; aspecten van taal- en denkontwikkeling, bij vb. spelenderwijs herkennen & benoemen vorm en kleur, plaats in de ruimte, onderlinge

Verhoudingen.

Grove motorische vaardigheden beheersen (zie lich. opv.)

Fijne motorische vaardigheden; omgaan met materiaal en gereedschap

Communiceren: kijken, luisteren, praten en doen (beelden, picto’s, lichaamstaal, computer als hulpmiddel gebruiken)

 Werkhouding

 Zelfbeeld

 

 BELANGRIJKE HULPMIDDELEN:

 

Imitatie/navolging: bij normale ontwikkeling een vanzelfsprekende activiteit met behulp waarvan algemeen menselijke vaardigheden aangeleerd worden. Bij kinderen met een ontwikkelingsachterstand moet deze anders zo natuurlijke drang gewekt en gestimuleerd worden.

 

Ritmen: ademproces: in/uit, afwisselend aandacht/geen aandacht, groepsactiviteit/vrije activiteit.

Volgens Truida de Raaf kunnen de volgende ritmen onderscheid worden:

Biologisch –voeding, waak/slaap, ademhaling.

Psychisch – inspanning/ontspanning, aandacht/geen aandacht, humor/ernst.

“Ik”ritme – kring en vrijspel, binnen/buiten, individu/groep

 

Herhaling: vastlegging door herhaaldelijk zelf doen(gewoontevorming); niet abstracte/cognitieve uitgangspunt; vaste terugkerende dagelijkse/wekelijkse rituelen; geeft houvast en vertrouwen.

 

Spel: verkleedkleding doeken etc.; bouwdozen. Stimuleren van imaginatief spel. Leerproces komt tot stand wanneer gevoelswereld actief wordt en tot activiteit stimuleert; herhaaldelijk zelf ervaren integreert opgedane kennis tot eigen belevenis en vaardigheid.

 

Leerplan en kerndoelen
Op de website van de Alkmaarse Vrije School treft u een uitgebreide beschrijving van het leerplan van de vrije school aan, ingedeeld per vakgebied. De formulering is in overeenstemming met de systematiek van de kerndoelen. De overheid heeft kerndoelen vastgesteld waaraan het onderwijs dient te voldoen. Jarenlang hebben de vrije scholen gewerkt aan het formuleren van eigen ontwikkelingsdoelen, zodat de inhoud van de Vrije School pedagogiek gewaarborgd zou blijven. Uiteindelijk konden wij instemmen met de meeste kerndoelen, behoudens enkele uitzonderingen. Op landelijk niveau voert de Bond van vrije scholen overleg met de Inspectie van het onderwijs om het standpunt van de vrije scholen aangaande de kerndoelen te verduidelijken en te verdedigen.

 

 
Comments