Home‎ > ‎Ubuntu‎ > ‎

Terminal

Een terminal venster openen

Het hulpmiddel bij uitstek om tot de kern van het systeem door te dringen is de terminal. In plaats van grafisch met het systeem te werken, gaan we ons toeleggen op de tekstinterface die we via de terminal kunnen aanspreken. Met een terminal werken heeft verscheidene voordelen:

  • In de terminal draait een programma, de shell, die de snelste manier is om met Linux te werken, eens je het wat gewoon bent.

  • Via de terminal kan je ook op andere computers op het netwerk. Dat kan natuurlijk ook met andere programma's, maar die bieden telkens maar een deel van de functionaliteit. Met een terminal kan je op een andere computer dezelfde zaken als op je eigen computer.

  • Een terminal laat ons toe verder te zien dan de grafische verpakking van een systeem. Door de terminal kunnen we eender welke Linux leren, terwijl je met een grafische omgeving aan een bepaalde distributie gebonden bent. Wat we in de terminal leren is eigenlijk gewoon UNIX (herinner je uit hoofdstuk 1 dat Linux een gratis UNIX kloon is). Als extraatje zal je na deze cursus dus ook met UNIX systemen zoals Solaris, HP/UX, AIX en IRIX kunnen werken, als je daar ook maar de terminal weet te vinden.

[Opmerking]Waarom heet het "terminal"?

Een terminal is een computer die eigenlijk alleen maar bestaat uit een scherm en een toetsenbord. Via een kabel treed je in verbinding met de hoofdcomputer. De verbinding kan rechtstreeks zijn of over een netwerk, bijvoorbeeld het telefoonnetwerk of het Internet. In de begindagen van UNIX was dit de enige manier om met de computer te werken. Een terminal venster is een simulatie van die vroegere terminals. Voor de mooie ogen van de gebruikers werd er rond de terminal allerlei versiering gebreid, zoals het bureaublad en verschillende thema's. Hoewel het primitief lijkt, is dit nog steeds de snelste manier om met een op UNIX gebaseerd systeem te werken. Omwille van het feit dat er met tekstbestanden en een tekst interface gewerkt wordt, verwijst men soms ook naar een text terminal

Handeling met de muis.

Een terminal venster open je door in het menu ApplicationsHulpmiddelen Terminalvenster te kiezen:

Figuur 2.7. Een terminal openen

Selecteer uit het menu.

De standaardkleur van de terminal is wit met een bruine rand. Als je dat niet leuk vindt, kan je de kleuren en het uitzicht aanpassen. Dat is trouwens een vuistregel in Linux: alles wat je niet aanstaat, kan je veranderen.

Figuur 2.8. Een terminal venster

Een standaard terminal venster.

Als je naast het terminal venster op het bureaublad klikt, wordt het venster grijs. Dit betekent dat het niet meer aktief is. Je kan meerdere terminal vensters openen; gevorderde gebruikers kunnen zelfs via de tabblad funktie verschillende terminals in eenzelfde venster openen.

[Opmerking]Tekst in de terminal

Vanaf nu gaan we tekst, die in een terminal venster verschijnt, aanduiden met een gekleurde achtergrond in plaats van telkens schermafdrukken te tonen. We gebruiken deze methode om je aan te moedigen zelf de voorbeelden uit te proberen en zo stap voor stap ervaring op te bouwen. Op het einde van de cursus zou je zo een terminal-virtuoos moeten zijn!

[Tip]Knippen en plakken

De standaard manier om in Linux te knippen en plakken (copy/paste funktie) is tekst selecteren met de linkermuistoets, of door dubbel te klikken op een woord om het hele woord te selecteren, of om driedubbel te klikken om een hele lijn te selecteren. Gebruik de middelste muistoets om te plakken, in hetzelfde venster of een ander venster, waarin al dan niet dezelfde toepassing draait. Als je geen middelste muisknop hebt, druk dan tegelijkertijd de linkse en de rechtse muistoets in om te plakken. Met een touchpad op een draagbare computer kan je ook tekst selecteren, plakken gebeurt weer met de knoppen.

Terminal afsluiten

Er zijn een aantal manieren om een terminal venster af te sluiten. Let er wel op dat het venster aktief is.

  • Selecteer FileClose Window in het menu van het terminal venster.

    OF

  • Druk met de linkermuistoets op het kruisje in de rechterbovenhoek van het venster.

    OF

  • Gebruik de toetsencombinatie Ctrl+D.

    OF

  • Typ het commando exit in het terminal venster, gevolgd door Enter.

    OF

  • Gebruik de toetsencombinatie Shift+Ctrl+Q.

                               

Terminal opdrachten

sudo: opdrachten uitvoeren met beheerrechten.

  • Door voor een opdracht het woord sudo te plaatsen wordt deze uitgevoerd met extra rechten. Dit is nodig om met een terminalvenster opdracht systeem instellingen te veranderen. Het terminalvenster vraagt dan om het wachtwoord. Als het wachtwoord wordt ingetypt is deze niet zichtbaar in het terminalvenster, ook geen sterretjes ofzo. Toch wordt het wachtwoord wel degelijk gecontroleerd!

Opdrachten voor Bestandsbeheer

  • '~' Om het typen te beperken kan in opdrachten het teken '~' worden gebruikt in plaats van de "Persoonlijke mapnaam" (/home/naam).

  • cd: De cd opdracht kan gebruikt worden om een andere map te gebruiken. De terminalvenster start in de "Persoonlijke map". Voorbeelden:

    • Ga naar de hoofdmap (root), "cd /"

    • Ga naar de Persoonlijke map, "cd ~" of korter "cd"

    • Om naar een bovenliggende map te gaan, gebruik "cd .."

    • Om naar de vorige map te gaan, "cd -"

    • Om naar een bepaalde map te gaan kan een pad naar deze map worden opgegeven. Bijvoorbeeld "cd /var/www" gaat naar de submap 'www' in de map '/var'. Nog een voorbeeld, "cd ~/Bureaublad" gaat naar de persoonlijke map 'Bureaublad'.

  • cp: De cp opdracht maakt een kopie van een bestand. Bijvoorbeeld "cp bestand testbestand" maakt een kopie van bestand 'bestand' met de naam 'testbestand'. Om een gehele map te kopieeren gebruik: "cp -r map testmap" (de -r optie staat voor recursief).

  • ls: De ls opdracht toont de bestanden in een map. Er zijn opties voor deze opdracht om meer informatie te tonen zoals bestandsomvang, aanmaak datum en rechten. Bijvoorbeeld: "ls -l ~" toont uitgebreide informatie over de bestanden in de Persoonlijke map. Met een -a optie, "ls -a", toont deze opdrachte ook de "verborgen" bestanden.

  • nano bestandsnaam start het programma nano om het bestand met de naam bestandsnaam te wijzigen. Het programma nano kan worden afgesloten met de toetscombinatie Ctrl+X. Als er wijzigingen zijn gemaakt wordt gevraagd of deze opgeslagen moeten worden.

  • man: Met de man opdracht kan de handleiding (Engelstalig: manual) worden gelezen. Probeer "man man"voor de handleiding van de man opdracht zelf.

    • Kijk voor meer informatie over de opdracht man in het hoofdstuk ""Man" en hulp"

  • mkdir: De mkdir opdracht maak een nieuwe map. Bijvoorbeeld "mkdir muziek" maakt een map met de naam 'muziek'.

  • mv: De mv opdracht verplaatst een bestand naar een andere map of wijzigt de naam van het bestand. Voorbeelden: "mv bestand testbestand" hernoemd 'bestand' in 'testbestand'. "mv bestand ~/Bureaublad" verplaatst bestand met de naam 'bestand' naar de map van het Persoonlijke "Bureaublad" maar met dezelfde naam. Om de naam te veranderen moet een nieuwe bestandsnaam in de opdracht worden opgegeven, bijvoorbeeld "mv bestand ~/Bureaublad/testbestand"

  • pwd: De pwd opdracht toont de mapnaam waarin de terminal werkt (pwd staat voor het Engelstalige "print working directory"). Voorbeeld: "pwd" in de map van het Bureaublad geeft "~/Bureaublad". Tip: de het Gnome terminalvenster geeft deze informatie ook in de titel van het terminalvenster.

  • rm: Gebruik deze opdracht om een bestand of map te wissen.

  • rmdir: Gebruik een rmdir opdracht voor het wissen van een lege map. Gebruik rm -r om een map met inhoud recursief te wissen.

Opdrachten voor systeem informatie

  • df: De opdracht df toont het schijfgebruik van gekoppelde partities. De opdracht "df -h" wordt vaak gebruikt - het gebruikt megabyte (M) en gigabyte (G) in plaats van diskblokken.(-h Engels: "human-readable")

  • du: De opdracht du toont het schijfgebruik voor (sub) mappen. Veel gebruikte opties zijn -s voor een samenvatting (Engels: summary) en -h voor een leesbaar overzicht. Bijvoorbeeld:

naam@ubuntu-nl:~$ du /boot
224 /boot/grub
13108 /boot
naam@ubuntu-nl:~$ du -sh /boot
13M /boot
  • free: Met de opdracht free kan het geheugen gebruik worden opgevraagd. "free -m" toont het geheugengebruik in megabyte, voor de huidige computers een bruikbare grootheid.

  • ifconfig: toont informatie over de netwerk interfaces.

  • lsb_release -a: Met de -a optie geeft de lsb_release opdracht informatie over de geinstalleerde Linux distributie. Bijvoorbeeld:

naam@ubuntu-nl:~$ lsb_release -a
No LSB modules are available.
Distributor ID: Ubuntu
Description: Ubuntu 9.04
Release: 9.04
Codename: jaunty
  • top: De opdracht top geeft een beeld van de activiteiten op het Linux systeem en hoeveel computerbronnen zoals CVE, RAM geheugen en swap geheugen in gebruik zijn. Het top scherm wordt doorlopend ververst. Om top te stoppen druk op "q".

  • uname -a: Een uname opdracht met de -a optie geeft alle systeem informatie zoals systeemnaam en gebruikte versie van de Linux kernel.

Een nieuwe gebruiker toevoegen

  • "sudo adduser gebruikersnaam" maakt een nieuwe gebruiker met de naam "gebruikersnaam". De opdracht vraagt om een wachtwoord voor de nieuwe gebruiker in te stellen. Om een wachtwoord van een gebruiker te wijzigen kan de opdracht "sudo passwd gebruikersnaam" worden gebruikt.

Opties

Hoe een opdracht werkt is vaak te beïnvloeden door een optie aan de opdracht mee te geven. Bijvoorbeeld bij de ls opdracht om een lijst van de aanwezige bestanden op te vragen. Aan de ls opdracht kan de -s optie worden meegegeven. "ls -s" zal per bestand ook de bestandsgrote tonen. Een andere optie is de -h optie om de uitvoer ("human readable") te tonen in kilobytes (K), megabytes (M) of gigabytes (G).

Meerdere opties kunnen worden gegroepeerd. Dus "ls -sh" is dezelfde opdracht als "ls -s -h". Ook kennen opties soms een lange en een korte notatie. "ls --size --human-readable" is ook dezelfde opdracht.

Bron :   http://wiki.ubuntu-nl.org/community/WerkenMetDeTerminal                            Copyright © 2007, 2008 Machtelt Garrels

Specifieke terminalopdrachten.

Wisselen van Window Manager :

 compiz --replace&  <-----   wijzigt de window manager naar compiz

 metacity --replace&  <-----  wijzigt de window manager naar metacity


Maak automatisch en handig overzicht van de hardware.

In de terminal : sudo lshw -html > hardware.html
Dit bestand (hardware.html) open je dan gewoon in firefox. De naam kies je natuurlijk zelf.





Comments