één gemeenschappelijk geloof

De ‘heelwording’ van de mensheid; het ziektemodel en het evolutiemodel verenigd

Het volgende citaat staat – van begin tot eind – centraal in “Eén gemeenschappelijk geloof”, het Naw-Rúz 2005 studiedocument van het Universele Huis van Gerechtigheid:

“Wat de Heer heeft voorgeschreven als de voortreffelijkste remedie en het machtigste werktuig tot genezing van de gehele wereld is: de vereniging van alle volkeren in één universele Zaak, één gemeenschappelijk Geloof. Dit kan op geen andere wijze worden bereikt dan door de kracht van een kundig, een almachtig en bezield Geneesheer.”[1]

 

Wat hier staat, is dat de gehele wereld ziek is, dat onze zieke wereld genezing behoeft, dat de genezing op geen andere wijze kan worden bereikt dan door de kracht van een kundig, een almachtig en bezield Geneesheer (Bahá’u’lláh), en dat de voortreffelijkste remedie en het machtigste werktuig bestaat uit de vereniging van alle volkeren in één universele Zaak, één gemeenschappelijk Geloof. Kort gezegd:

De vereniging van alle volkeren is dus het geneesmiddel voor de zieke mensheid.

 

We zullen verderop zien dat dit ziektemodel behoorlijk sterk in het Bahá’í-geloof speelt. Het zal trouwens veel mensen aanspreken dat ‘de geest van geloof’ binnen de mensheid aan kwalen onderhevig is, ziekelijke geloofsovertuigingen, ziekelijke mentaliteiten, ziekelijke culturen, ziekelijke idolatrieën, ziekelijke denkpatronen; onbewust kunnen mensen daar depressief en zelfs suïcidaal van worden. Sommigen noemen het een “Godverlaten” wereld waarin we leven, veel mensen zijn overgeleverd aan ego-driften die van lagere status zijn dan in de dierenwereld. “Waar is God nou?”, schreeuwen velen in hun hart, “Doet God nou niks meer? Wanneer zegt Hij er nou eens wat van?..”. Anderen zijn juist blij dat God afgeschaft werd in de 20e eeuw. Vooral in het geseculariseerde Westen heerst een toenemende “cultus van narcisme en arrogantie”. Zelfverheerlijking, dat ‘moet’ immers als je erbij wil horen. Grandiositeit raakt in steeds meer mentaliteiten tot ontremming, ziekelijke zelfverheffing – ondersteund door een modieuze verafgodingscultuur – behoort steeds meer tot de modekoorts waarin de mens wordt opgeroepen om zelf God te zijn en geen enkele autoriteit of gezag boven zichzelf te accepteren.

 

Dus ja, dat ziektemodel, zo specifiek in de openbaring van Bahá’u’lláh, spreekt velen wel aan.

Maar hoe zien we de toediening van dat geneesmiddel dan, en hoe zien we dat goddelijke genezingsproces dan in z’n werk gaan? Het studiedocument ‘Eén gemeenschappelijk geloof’ vertegenwoordigt heel uitdrukkelijk een centraal Bahá’í-principe, namelijk dat van geestelijke evolutie. Heeft dat met elkaar te maken, genezing en evolutie?

 

Wordt dat geneesmiddel ons wellicht toegediend in de vorm van een evolutionaire attractor[2]? Geestelijke evolutie wordt dan niet alleen gezien als een aansturing vanuit historisch verzamelde krachten (vis-à-tergo), maar vooral als doelgericht aangetrokken door een kracht die in de toekomst ligt (vis-ad-ante)… Een aangetrokken worden door wat ons uiteindelijk als ‘goed’ toeschijnt (‘Goed’ verschilt niet veel van ‘God’). We verlangen er ‘vóórbewust’ naar, èn de organiserende attractor vormt gaandeweg onze wereldvisie en ons ‘willen’. Ook al blijft onze wil ‘vrij’ in het realiseren van dat ‘ontwerp’ dat vanuit de toekomst lokt, uiteindelijk zal het ‘slikken of stikken’ zijn, uiteindelijk ‘slikken’ we het geneesmiddel! Ons proces van zelforganisatie verloopt dan volgens een ‘ultiem oriëntatieprincipe’ [3]. Je zou dus kunnen spreken van een ‘evolutionair genezingsproces’, ingezet door Bahá’u’lláh. Zijn geneeswijze is de toediening aan de evolutie van de (teleologische) attractor ‘volwassenwording en heelwording’. Dè Attractor (met een hoofdletter) is God Zelf.[4]

Het hart van de mensheid gaat heelwording ‘prefereren’, gaat steeds meer ‘verlangend-uitstaan-naar’ het ideaal om als één gezond organisme te worden, als éénheid-in-verscheidenheid.

Je kunt ook zeggen dat uitgesproken na de komst van Bahá’u’lláh in de 20e eeuw het zogenoemde ‘holistische paradigma’ wetenschappelijk werd onderbouwd. Men noemt het ook het ‘organische paradigma’ of het paradigma van eenheid-in-verscheidenheid.

 

Dit paradigma wordt nu ‘het machtigste werktuig’ omdat het religieuze model van de organische heelwording van de mensheid in partnership samengaat met het wetenschappelijk model uit de nieuwe wetenschappen. Wetenschap en religie formeren gezamenlijk het nieuwe denkmodel, het nieuwe paradigma, het nieuwe,universele, op waarneming berustende inzicht”, precies zoals ‘Abdu’l-Bahá dat zegt :

“De verschillen tussen de religies van de wereld zijn te wijten aan de verschillende soorten opvattingen. Zolang de verstandelijke vermogens uiteenlopen, is het zeker dat de beoordelingen en inzichten van mensen onderling zullen verschillen.

Als er echter één enkel, universeel, op waarneming berustend inzicht geïntroduceerd wordt - een inzicht dat al het overige omvat, dan zullen de verschillende inzichten samensmelten en zal er een geestelijke harmonie en eenheid zichtbaar worden.”[5]

 

Maar laten we eerst nog eens kijken naar het ziektemodel:

“De alwetende Geneesheer houdt Zijn vinger op de pols van de mensheid. Hij stelt de ziekte vast en schrijft in Zijn onfeilbare wijsheid het geneesmiddel voor. Ieder tijdperk heeft zijn eigen problemen en ieder mens zijn persoonlijk streven. Het geneesmiddel dat de wereld in haar huidige lijden van node heeft, kan nooit hetzelfde zijn als dat waaraan een later tijdperk behoefte zal hebben. Houdt u zich vol zorg bezig met de noden van de tijd waarin gij leeft, en maakt zijn noden en behoeften tot het middelpunt van uw overwegingen.”[6]

Wat hier duidelijk wordt is, dat ieder mens zich met zijn ‘persoonlijke streven’ eigenlijk zou moeten afstemmen op het tijdperk waarin we leven, en dat we zelfs de noden en behoeften tot ‘het middelpunt van onze overwegingen’ moeten maken, dus ook al tot ons oriëntatieprincipe, opdat we de genezing (als heelmakende attractor) achter de ziekte kunnen waarnemen en realiseren.

 

Welke noden en behoeften zijn er dan? Allereerst is er de behoefte aan harmonieuze en vredige  samenwerking in een sfeer van eenheid. En dat kan pas als we tot erkenning komen van de ziekte van verdeeldheid:

"De Profeten Gods moeten beschouwd worden als geneesheren wier taak het is het welzijn van de wereld en haar volkeren te bevorderen, opdat zij door de geest van eenheid de ziekte van een verdeelde wereld kunnen genezen... Geen wonder dus dat de in deze tijd door de geneesheer voorgeschreven behandeling niet geheel gelijk is aan die welke Hij vroeger voorschreef.

Op dezelfde wijze hebben de Profeten Gods iedere keer dat zij de wereld hebben verlicht met de luisterrijke straling van de Morgenster van goddelijke kennis telkens weer de volkeren opgeroepen Gods licht te aanvaarden door die middelen, welke het beste beantwoorden aan de eisen van de tijd waarin zij verschijnen."[7]  “Verheft u en verbrijzelt, gewapend met de kracht van geloof, de goden van uw ijdele verbeelding die verdeeldheid onder u zaaien. Houdt u vast aan hetgeen u nader tot elkander brengt en u verenigt.”[8]  

Het verbrijzelen van de goden van onze ijdele verbeelding. Dat is een aloud religieus concept. Ieder nieuw geloof had tot taak om goden van ijdele verbeelding te verbrijzelen en te vervangen door een waarachtiger verbeelding. In het huidige tijdperk hoeven we weinig moeite te doen om een waslijst samen te stellen van ‘verbeeldingen’ die verdeeldheid zaaien. Denk alleen al aan de vele goden van eigenbelang-vóór-gemeenschapsbelang, dat zijn er nogal wat. Denk ook aan het particuliere eigenbelang in de vorm van exclusivisme, superioriteit, triomfalisme, grandiositeit en fantasieën over wereldheerschappij.

 

Het gaat dus vooral ook om religieuze verdeeldheid:

“Er kan geen enkele twijfel over bestaan dat alle mensen ter wereld, tot welk ras of welke godsdienst zij ook behoren, hun bezieling putten uit één hemelse Bron en de onderdanen zijn van één God. Het verschil tussen de voorschriften waaronder zij leven moet worden toegeschreven aan de wisselende vereisten en behoeften van de tijd waarin deze werden geopenbaard. Deze werden – uitgezonderd enkele voorschriften die voortvloeien uit ’s mensen verdorvenheid

door God beschikt en zijn een afspiegeling van Zijn Wil en Plan.”[9]  Verdorvenheid – vooral bij religieuze machthebbers of gezagdragers - is immers ook een vorm van ziekte.

 

Het zaad der werkelijkheid moet steeds opnieuw gezaaid worden, willen we naties en volkeren verenigen die nu door religie worden verdeeld:

“Uit het zaad der werkelijkheid is een boom gegroeid, de boom van religie, die takken en bladeren, bloesems en vruchten draagt. Na verloop van tijd wordt de boom oud en gaat hij achteruit. De bladeren en bloesems verwelken en vergaan; de boom wordt te oud en brengt geen vruchten meer voort. Het is niet redelijk als de mens aan de oude boom bleef hechten met de bewering dat zijn levenskracht onverminderd is, hij weergaloze vruchten voortbrengt en eeuwig blijft bestaan. Het zaad der werkelijkheid moet opnieuw gezaaid worden in het hart der mensen, opdat er een nieuwe boom uit groeit en nieuwe goddelijke vruchten de wereld verkwikken. Hierdoor zullen de naties en volkeren die nu door religie worden verdeeld, tot eenheid worden gebracht, alle vormen van blinde navolging worden opgegeven en zal een werkelijk universele broederschap tot stand komen. Oorlogen en strijd zullen ophouden te bestaan; alle mensen zullen als dienaren van God in vrede met elkaar leven. Want allen worden beschut onder de boom van Zijn voorzienigheid en genade. God is goed voor allen, Hij is milddadig voor allen, evenals Jezus Christus heeft gezegd dat God ‘regen uitstort over de rechtvaardigen en de onrechtvaardigen’ - dat betekent dat de genade van God universeel is. De gehele mensheid staat onder de bescherming van Zijn liefde en gunst en aan allen heeft Hij de weg van leiding en vooruitgang gewezen.”[10]

Op de laatste, zeer opmerkelijke zin – De gehele mensheid staat onder de bescherming van Zijn liefde en gunst en aan allen heeft Hij de weg van leiding en vooruitgang gewezen – kom ik later nog terug omdat deze belangrijk is voor onze conceptie van het evolutionaire proces.

Kijk om te beginnen al naar het citaatgedeelte in de volgende alinea:

 

Het gaat om meerdere (ernstige) ziekten en kwalen in de mensenwereld.

In alinea 53 van Eén gemeenschappelijk geloof wordt verwezen naar:

“O gij gekozen volksvertegenwoordigers in ieder land! Beraadslaagt met elkaar en bekommert u slechts om hetgeen de mensheid ten goede komt en haar toestand verbetert. Beschouw de wereld als een menselijk lichaam dat, hoewel gaaf en volmaakt bij zijn schepping, door verschillende oorzaken met ernstige ziekten en kwalen wordt bezocht. Geen dag vond het verlichting, integendeel, zijn ziekte werd steeds ernstiger, daar het onder behandeling van onkundige geneesheren kwam die de vrije teugel gaven aan hun persoonlijke begeerten en ernstig faalden. En als eens, door de zorg van een bekwaam geneesheer, een deel van het lichaam genas bleef de rest even ziek als daarvoor.”[11]  

Een eerste gebod ter verbetering van die complexe ziektetoestand is hier: beraadslaging door gekozen volksvertegenwoordigers! Mensen dus, mensen die door mensen worden gekozen.

 

Niet alleen zijn er meerdere kwalen; ze nemen alleen nog maar toe. En één van de factoren daarin is, dat de wereld onder behandeling kwam van onkundige geneesheren die de vrije teugel gaven aan hun persoonlijke begeerten, en aan de volle vrijheid van handelen die we aan kwakzalvers geven. In alinea 12 staat:

“Ziet hoe de wereld iedere dag door een nieuwe ramp wordt geteisterd. Haar ziekte nadert het stadium van volslagen hopeloosheid, aangezien het de ware Geneesheer belet wordt het geneesmiddel toe te dienen, terwijl kwakzalvers met eerbied worden bejegend en volle vrijheid van handelen krijgen.”[12] Mensen kunnen dus – helaas – foute mensen kiezen. Grootheden zoals Marx, Lenin, Stalin, Hitler, Mao, Coucescu, Hoxa, Pol Pot, etc, etc, allemaal aanbeden als grote geneesheren. Alleen al in de 20e eeuw zijn er meer dan 170 miljoen onschuldige mensen door totalitaire staatsregimes omgekomen.[13]

 

Maar Shoghi Effendi praat ook over de terreur van de mensen zelf als hij zegt:

“Het weer opleven van religieuze onverdraagzaamheid, van rassenhaat en van aanmatigend nationalisme; de toenemende tekenen van zelfzucht, achterdocht, vrees en bedrog; de verbreiding van terrorisme, losbandigheid, dronkenschap en misdaad; de onlesbare dorst en tomeloze hang naar de ijdelheden der wereld, weelde en vermaak; de verzwakking van de familiebanden; de veronachtzaming van de ouderlijke macht; het vervallen in luxueuze uitspattingen; de onverantwoordelijke houding ten opzichte van het huwelijk en de daaruit volgende vloed van echtscheidingen; de degeneratie van kunst en muziek, de besmetting van de literatuur en de corruptheid van de pers; de uitbreiding van de invloed en activiteiten van die profeten van de decadentie die het vrije huwelijk propageren, die de filosofie van het nudisme prediken, die ingetogenheid een geestelijke fictie noemen, die weigeren het verwekken van kinderen als de heilige en voornaamste opdracht in het huwelijk te zien, die religie beschouwen als opium voor het volk, en die, als hun daartoe de vrijheid zou worden gegeven, de mensheid zouden terugvoeren naar barbarisme, chaos en uiteindelijke vernietiging - al deze dingen tonen de duidelijke kenmerken van een tot verval geraakte samenleving, een samenleving die of tot nieuw leven moet worden gewekt, of ten onder moet gaan.” [14]

 

Een belangrijke ziektefactor zijn zij die dronken zijn van eigendunk. In alinea 55 staat:

“Wij kunnen duidelijk waarnemen hoe het gehele mensdom met grote, onvoorziene rampen is omringd. Zij die dronken zijn van eigendunk hebben zich tussen de mensheid en de goddelijke en onfeilbare Geneesheer geplaatst. Zie hoe ze alle mensen, zichzelf inbegrepen, hebben verstrikt in het web van hun listen. Zij kunnen de oorzaak van de ziekte niet ontdekken en kennen het geneesmiddel niet.”[15] Onvoorziene rampen, rampen die niet voorzien werden door gekozen bestuurders die dronken van eigendunk zijn. Rampen die ook door begaafde academici en adviseurs van de bestuurders niet voorzien waren.

 

Een verwoestende ziekte die op 11 september 2001 bleek, is die van de religieuze haat:

“Religieus fanatisme en religieuze haat zijn een wereld-verslindend vuur waarvan het destructieve geweld door niemand kan worden getemperd. Alleen de Hand van goddelijke Kracht kan de mensheid verlossen van deze verwoestende ziekte.”[16]  

 

In verband met het religieus terrorisme wees het Universele Huis van Gerechtigheid bij monde van Bahá’í International Community naar het religieuze leiderschap:

“In feite berust de verantwoordelijkheid voor de toestand van de mensheid grotendeels bij de religieuze leiders van de wereld. Zij dienen hun stem te verheffen om een eind te maken aan haat, exclusiviteit, onderdrukking van het geweten, schendingen van mensenrechten, ontkenning van gelijkwaardigheid, verzet tegen de wetenschap, en de verheerlijking van het materialisme, het geweld en het terrorisme, begaan uit naam van religieuze waarheid.”[17]

 

Ieder weldenkend mens in onze 21e eeuw erkent nu wel dat we te maken hebben met kwalen van de ‘geest van geloof’ als we het hebben over fundamentalisme, dogmatisme, absolutisme, exclusivisme, finalisme, fanatisme, religieuze haat, religieus radicalisme of extremisme, religieus terrorisme. En daar kun je natuurlijk wel genezingsgebeden voor bidden, bijv: “Geneest Gij de ziekten die de zielen aan alle kanten hebben aangetast, en die hen verhinderen de blik te richten naar het Paradijs dat ligt in de beschutting van Uw beschermende Naam, welke Gij hebt ingesteld als de Koning aller namen voor allen die in de hemel en op aarde zijn… Verlos mij van de ziekten die mij omringen.” [18] Maar het is natuurlijk beter om eerst maar eens binnen in jezelf te kijken dan ‘omringend’ naar ‘alle kanten’ buiten jezelf. Het gaat immers om universeel verspreid voorkomende kwalen. Hebben we onszelf al helemaal genezen van alle naïef-religieuze eigendunk en fundamentalistische trekken?[19] Per slot: verbeter de wereld en begin bij jezelf, nietwaar?

 

In het voorgaande werd gewezen naar de volksvertegenwoordiging en naar het religieuze leiderschap, en naar hen die dronken zijn van eigendunk, naar onkundige geneesheren die de vrije teugel gaven aan hun persoonlijke begeerten, en naar de volle handelingsvrijheid van kwakzalvers. Maar het is het volk zelf dat voor hen kiest. We hebben te maken met het democratische karakter van de formatie van religieuze en bestuurlijke cultuur. Het is de verzamelde mensheid zelf – aan de grassroots – die door God’s Zaak wordt aangetrokken.

De gehele mensheid staat onder de bescherming van Zijn liefde en gunst en aan allen heeft Hij de weg van leiding en vooruitgang gewezen, vooral in ons huidige tijdperk.

 


[1] Bahá'u'lláh, Bloemlezing, CXX

[2] Een “attractor”, een toekomstige orde waar een actueel chaotisch lijkend proces door aangetrokken wordt, kan vergeleken worden met het eindbeeld waar de beeldhouwer naar toe werkt; het “ontwerp” zit niet allen in het hoofd van de beeldhouwer, maar natuurlijk ook al binnen in de klomp steen. Genezing zit eigenlijk al in ziekte verborgen.

[3] Ook het begrip ‘ultiem oriëntatieprincipe’ komt, net zoals ‘attractor’, uit de zogenoemde Nieuwe Wetenschappen.

[4] Baha'u'llah: “..unto the Day-Star of Thy guidance lead me, O Thou my Attractor!” Prayers and Meditations p.258

[5] ‘Abdu’l-Bahá, Selections from the Writings of ‘Abdu’l-Bahá, #31, blz. 63

[6] Bahá'u'lláh, Bloemlezing, CVI

[7] Bahá'u'lláh, Bloemlezing, XXXIV

[8] Bahá'u'lláh, Bloemlezing, CXI

[9] Bahá'u'lláh, Bloemlezing, CXI

[10] ‘Abdu’l-Bahá, PUP, p. 141-142

[11] Bahá'u'lláh, The Summons of the Lord of Hosts, par. 174

[12] Bahá'u'lláh, Bloemlezing, XVI

[13] Randolph Rummel zocht het uit in zijn Statistics of Democide (1997): Alleen al gedurende de 'verlichte' 20e eeuw werden er 174 miljoen (!) onschuldige mensen op georganiseerde wijze en in opdracht van een staatsregime onder een vigerende ideologie vermoord. Dat is vijf keer het aantal soldaten dat tijdens deze oorlogshandelingen sneuvelde. Zie daarvoor op http://www.hawaii.edu/powerkills/NOTE5.HTM 

[14] Shoghi Effendi, The World Order of Bahá’u’lláh, blz. 187, Oproep aan de Volkeren, blz. 19

[15] Bahá'u'lláh, Bloemlezing, CVI

[16] Bahá'u'lláh, Epistle to the Son of the Wolf, p.14

[17] Religie en Ontwikkeling op de Tweesprong: Convergentie of Divergentie? Een Verklaring van Bahá’í International Community voor de Wereldtop over Duurzame Ontwikkeling 26 Augustus 2002 Johannesburg.

[18] Bahá'u'lláh: Prayers and Meditations, Pages: 21-22

[19] Religions of the World: Divisive or Divine? Moojan Momen 2001