Kleuterschool‎ > ‎Videofragment 04‎ > ‎

Video

Werktijd deel 1: instructie en materiaalverkenning ‎(leerobject 14)‎

 Leerobject 14: werktijd deel 1: instructie en materiaalverkenning
  • Hoe stuurt de juf tijdens haar instructie ongewenst gedrag bij? Waarom doet ze dat op die manier?
  • De activiteit begint met een verkenning en van het materiaal. Geeft de juf daarbij alle informatie of haalt ze deze uit de kinderen?
  • Een kind gebruikt een fout woord: ‘doorzichtbaar’. De juf stuurt dit bij op de enige correcte manier. Wat is die manier? Wijst ze het kind op haar fout? Waarom doet ze het zo?
  • Hoe wordt de fantasie gestimuleerd?

Werktijd deel 2: namiddag ‎‎(leerobject 15)‎‎

 Leerobject 15: werktijd deel 2 (namiddag)
  • Er is een conflict in de poppenhoek. Hoe pakt de juf dit aan tijdens haar instructie van de begeleide activiteit? Wat is het effect van deze aanpak?
  • ‘Mag ik snijden?’ vraagt juf Mieke. Waarom vraagt de leerkracht toelating aan de kinderen om een mond te mogen snijden in hun stuk mousse?
  • Geef het antwoord van de juf op iemand die zegt ‘Ik kan het niet.
  • Welke rol hebben ouders in deze activiteit? 

Werktijd deel 3: namiddag ‎‎(leerobject 16)‎‎

 Leerobject 16: werktijd deel 3 (namiddag)
  • Het is van belang dat de leerkracht ideeën niet afblokt, maar er enthousiast over is en er ‘verder op surft’. Geef een voorbeeld waaruit blijkt dat de juf ideeën stimuleert door er verder over te fantaseren.
  • Na minuut 8 gaat een kind praten met haar pop. Welke stap(pen) van het technisch proces zou ze hiermee zetten?
    • Ontwerpen
    • Maken
    • In gebruik nemen
    • Evalueren

Werktijd deel 4: namiddag ‎‎(leerobject 17)‎‎

 Leerobject 17: werktijd deel 4 (namiddag)
  • De metacognitieve ontwikkeling wordt gestimuleerd als kleuters worden aangezet tot bewustwording van hun eigen gedrag, tot reflectie. Geef drie voorbeelden van vragen die  de juf stelt waarmee ze de kinderen stimuleert om te verwoorden waarmee ze bezig zijn.
  • Wie reikt er de meeste technische oplossingen aan? De juf of de kinderen? Wat wordt daarmee bereikt?
  • Geef een voorbeeld van een instructie waarmee de leerkracht de zelfstandigheid van de kinderen stimuleert.
  • Geef drie namen die worden gegeven aan Pattex-lijm. Welke vind je de leukste?
  • Geef drie uitspraken van de leerkracht die positief bevestigend of aanmoedigend zijn.
  • Omschrijf hoe de juf via haar eigen taalgebruik de taal van de kinderen bevordert.

Werktijd deel 5: namiddag ‎‎(leerobject 18)‎‎

Leerobject 18: werktijd deel 5 (dag 2)

  • De juf begeleidt de kinderen op ooghoogte van hen. Waarom zou ze dat doen? Wat is het effect daarvan?
  • De kunstenaar en de assistent. Wie is er in deze activiteit de kunstenaar en wie de assistent? De juf of het kind? Bewijs telkens met een voorbeeld uit het fragment.
  • Intense leerprocessen zijn niet gemakkelijk. Geef een voorbeeld uit het fragment waaruit blijkt dat de juf er bezorgd om is dat de kinderen niet naar gemakkelijkheidsoplossingen grijpen.
  • De juf knipt in de kartonnen rolletjes. Waarom doet ze dat? Om tijd te sparen of omdat het voor de kinderen te moeilijk is?
  • Als het opruimlied speelt, zegt de juf iets tegen een collega aan de andere kant van het lokaal. Hoe zorgt ze dat ze verstaanbaar is over de muziek en de afstand heen? Wat bereikt ze met deze aanpak?
  • Omschrijf de sfeer op het einde van de activiteit. Hoe komt het dat er zo’n sfeer heerst?