Clubinfo‎ > ‎

API (Aanspreek Punt Integriteit) en tuchreglement

API - aanspreekpunt integriteit

grensoverschrijdend gedrag, pesterijen (via sociale media), ongewenste opmerkingen, ...




De klacht per e-mail / telefonisch of persoonlijk bezorgen aan Cindy / Katrien. 

Katrien en Cindy gebruiken hiervoor dit mailadres: ddat.api@gmail.com.


Cindy Debuyser en Katrien Uyttersprot





Tuchtreglement Vlaamse zwemfederatie



Integrale tekst dd 01/05/2019

I. PROCEDUREREGLEMENT 

I.1. TUCHT & ETHIEK 
De Ethische Commissie ingericht in de schoot van de Vlaamse Zwemfederatie conform art. VIII van dit reglement neemt kennis van klachten inzake tucht omtrent een werkend, dan wel een niet-werkend lid op basis van - een schriftelijke klacht, verzonden per aangetekende zending, uitgaande van o een meerderjarig niet-werkend lid; o de ouders, dan wel de voogd, allen handelende qualitate qua, voor een minderjarig niet-werkend lid; o een werkend lid. - een schriftelijk verslag van de hand van de kamprechter van de wedstrijd waarop de inbreuk werd vastgesteld; - een schriftelijk verslag van de hand van de delegatieleider die selecties vergezelde; - een bericht waarvan het publiek in het algemeen kennis kan nemen, waaruit een inbreuk blijkt; - een schrappingsprocedure wegens wanbetaling ingesteld door de Raad van Bestuur; - een verzoek uitgaande van de Algemene Vergadering, waarin de inbreuk, en de identiteit van de beschuldigde, duidelijk omschreven wordt. - Melding via het meldpunt op de website van de Vlaamse Zwemfederatie; Op straffe van niet-ontvankelijkheid dienen klachten duidelijk de aard van de inbreuk, de plaats en datum van de inbreuk alsook de beschuldigde aan te duiden, en dit op zodanige wijze dat het de Ethische Commissie toelaat de aard van het geschil te bepalen, en de in de zaak betrokken partijen te contacteren. Op straffe van niet-ontvankelijkheid dient in het geval van een schriftelijke klacht, de klagende partij blijk te geven van een wettelijk belang. 

I.2. KENNISNAME KLACHTEN 
De Ethische Commissie die kennis krijgt van een mogelijke inbreuk conform art. XIII.1, dient uiterlijk 15 dagen na de kennisname van de inbreuk zowel de eventuele klagende partij, als de beschuldigde per aantekende post te berichten van het gegeven dat een onderzoek wordt gevoerd naar de bewuste feiten, samen met een kopie van het geschrift dat aanleiding heeft gegeven tot het onderzoek (dan wel een verwijzing naar de media waarin een bericht werd weergegeven). Dit schrijven omvat een duidelijke opgave van de feiten die ten laste gelegd worden van de beschuldigde, alsook een uitnodiging aan de beschuldigde om binnen 15 dagen na ontvangst van dit schrijven diens schriftelijke verweer aan te voeren. De eisende partij heeft de mogelijkheid om binnen 15 dagen na ontvangst van het standpunt van de beschuldigde een schriftelijk antwoord te formuleren, waarna de beschuldigde een laatste termijn krijgt van 5 dagen om een repliek te formuleren. Deze schriftelijke standpunten dienen per aangetekende post te worden overgemaakt aan de ethische commissie die deze stukken binnen 5 werkdagen aan de overige partijen overmaakt. De termijnen waarbinnen een standpunt moet worden ingenomen door de relevante partijen loopt vanaf deze toezending door de ethische commissie. In geval een behandelende kamer werd bijeengeroepen wegens een in art. XIII.1 vermelde reden die geen schriftelijke klacht uitmaakt, beoordeelt de behandelende kamer binnen de 5 dagen of er daadwerkelijk een procedure wordt opgestart, dan wel of het feit aanleiding geeft tot een sepot. Een dergelijk sepot heeft geen invloed op een navolgende schriftelijke klacht, doch de leden van de behandelende kamer die het sepot verleend heeft, kunnen niet zetelen in de behandelende kamer die over de schriftelijke klacht oordeelt. In het kader van art. XIII.1 lopen de termijnen omtrent aangetekende zendingen vanaf de 3e dag na postdatum. 

I.3. BEHANDELING KLACHTEN 
De eventuele schriftelijke klacht, samen met het standpunt der partijen, wordt door de behandelende kamer van de Ethische Commissie overgemaakt aan de sportcommissie van de relevante sportdiscipline. Deze brengt binnen de door de behandelende kamer van de Ethische Commissie opgelegde termijn, dewelke evenwel niet korter mag zijn dan 48u, schriftelijk advies uit omtrent de gegrondheid van de procedure, alsook de eventuele sanctie. Dit advies wordt overgemaakt aan de Ethische Commissie, dewelke het binnen 5 werkdagen per aangetekende post ter kennis gebracht van de partijen, die de mogelijkheid hebben om een schriftelijke repliek uit te brengen binnen 5 dagen. Indien een schriftelijke klacht in de loop van de procedure ingetrokken wordt, kan de Ethische Commissie de tuchtprocedure voortzetten indien ze zulks nodig acht. 

I.4. VERJARINGSTERMIJN 
Schriftelijke klachten dienen te worden ingesteld binnen een verjaringstermijn ad 1 De termijn vangt aan op 1 september volgend op de datum waarop de inbreuk zou gepleegd zijn. 

I.5. DERDEN 
Een derde die een wettelijk belang kan bewijzen, kan vrijwillig tussenkomen in een tuchtprocedure. 

I.6. VERLOOP TUCHTPROCEDURE 
De tuchtprocedure voor de Ethische Commissie verloopt in principe schriftelijk. Het staat de Ethische Commissie vrij om werkende, dan wel niet-werkende leden, op te roepen om deze te ondervragen omtrent de bewuste feiten. Op verzoek van de eventuele klagende partij, dan wel van de beschuldigde, worden deze gehoord door de Ethische Commissie omtrent de feiten. Voor zover de klagende partij, dan wel de beschuldigde, een minderjarige uitmaakt, zal deze in aanwezigheid van zijn advocaat en/of ouders, dan wel zijn voogd, dan wel een vertrouwenspersoon gehoord worden op diens eenvoudig verzoek. 

I.7. BIJSTAND 
Doorheen de procedure onder art. XIII kan de eventuele klagende partij, dan wel de beschuldigde, zich laten bijstaan. Doorheen de procedure onder art. XIII kan de eventuele klagende partij, dan wel de beschuldigde, zich enkel laten vertegenwoordigen met toestemming van de Ethische Commissie. Bijstand en vertegenwoordiging gebeurt door een advocaat, of, met toestemming van de Ethische Commissie, door een bijzonder gevolmachtigde. 

I.8. OORDEELVELLING 
Na kennis te hebben genomen van de standpunten van de partijen, dan wel nadat de Ethische Commissie vaststelt dat de partijen niet tijdig standpunt hebben ingenomen, en nadat eventueel toepassing werd gemaakt van art. XIII.7 velt de Ethische Commissie een oordeel. Dit oordeel dient evenwel uiterlijk 3 maanden na de kennisname van een mogelijke inbreuk conform art. XIII.1 tussen te komen, behoudens schriftelijk akkoord van de partijen met een verlenging van deze termijn met een bepaalde duur, en behoudens gemotiveerde uitzonderlijke omstandigheden. Het oordeel van de Ethische Commissie wordt degelijk gemotiveerd, met een standpunt omtrent alle door partijen opgeworpen argumenten, in schriftelijke vorm per aangetekende zending overgemaakt aan de partijen. Deze geanonimiseerde beslissing wordt tevens gepubliceerd op de website van de Vlaamse Zwemfederatie. 

I.9. VERZET 
Wanneer een regelmatig gecontacteerde partij geen verweer laat gelden, dan wel niet verschijnt op een niet-gerechtvaardigde wijze na hiertoe te zijn opgeroepen, kan de Ethische Commissie een oordeel bij verstek vellen. De niet-verschijnende partij kan tegen dit oordeel verzet aantekenen uiterlijk 10 dagen na publicatie van het oordeel op de website van de Vlaamse Zwemfederatie, waarbij deze periode van 10 dagen niet eerder begint te lopen dan de derde dag na de postdatum van de aangetekende zending waarmee de partij bericht werd van het oordeel. Het verzet schorst de uitwerking van het tussengekomen oordeel niet. Een verzet aantekenende partij die een tweede maal verstek laat gaat, kan niet opnieuw verzet aantekenen. 

I.10. VERZET DERDEN 
Een derde die zich benadeeld acht door een oordeel van de Ethische Commissie, kan derden verzet aantekenen tegen een oordeel in een procedure waarbij zij geen partij waren. De partij die dit derdenverzet aantekent, moet dit doen uiterlijk 10 dagen na publicatie van het oordeel op de website van de Vlaamse Zwemfederatie. 

I.11. INBREUKEN 
De volgende zaken worden in overweging genomen teneinde te oordelen of er sprake is van een inbreuk op de tucht en de ethiek: - incidenten, laakbare feiten, betwistingen en gevallen van wangedrag van nietwerkende leden en feiten ten laste van de werkende leden die zich voordoen o tijdens trainingen; o tijdens officiële competities; o tijdens vriendschappelijke wedstrijden of tornooien; o tijdens een wedstrijd in het kader van een internationale competitie, tenzij deze haar eigen disciplinaire jurisdictie bezit, in welk geval het de sportcommissie enkel gevat is wanneer zij hierom verzocht wordt door het internationale orgaan; o tijdens andere momenten waar er contact is tussen niet-werkende leden onderling. - incidenten, laakbare feiten, betwistingen en gevallen van wangedrag van nietwerkende leden en feiten ten laste van de werkende leden die zich niet voordoen binnen één van de gevallen van het voorgaande lid, maar die een weerslag hebben op het imago van de zwemsport, dan wel de Vlaamse Zwemfederatie en/of één of meerdere van haar organen of al dan niet werkende leden. - wanbetaling van schulden aan de Vlaamse Zwemfederatie. Het gegeven dat een werkend lid reeds een niet-werkend lid tuchtrechtelijk heeft gesanctioneerd, of dat een koepel van werkende leden reeds een werkend lid heeft gesanctioneerd, doet geen afbreuk aan de bevoegdheid van de Ethische Commissie om een sanctie op te leggen op Federatie-niveau. Het gegeven dat een werkend lid samenwerkt met individuen zonder deze als nietwerkend lid aan te sluiten teneinde sancties te vermijden ten aanzien van dit individu te vermijden, of teneinde een reeds uitgesproken sanctie te ontlopen, stelt dit werkend lid zelf bloot aan tuchtsancties. 

I.12. ONGEGRONDE KLACHTEN 
Indien een schriftelijke klacht ongegrond wordt verklaard, en door de Ethische Commissie als tergend wordt aanzien, wordt de klagende partij een boete opgelegd ad 250 EUR, te voldoen aan de Vlaamse Zwemfederatie. De kosten door partijen gemaakt in het kader van de tuchtprocedure voor de Ethische Commissie, zijn voor hun rekening. 

I.13. RECHTSPLEGING 
De rechtspleging binnen de Vlaamse Zwemfederatie wordt geregeld volgens het Huishoudelijk Reglement. Het Gerechtelijk Wetboek is van toepassing als aanvullend recht. 

I.14. BEKENDMAKING TUCHTREGLEMENT
 De werkende leden zijn verplicht een door de Vlaamse Zwemfederatie ter beschikking gesteld uittreksel van artikel XIII van dit huishoudelijk reglement aan de bij hen aangesloten niet-werkende leden van de Vlaamse Zwemfederatie kenbaar te maken, dit minstens door het linken naar het bestand op een website, dan wel het opnemen van dit uittreksel in een eigen huishoudelijk reglement.