Artikelen‎ > ‎

Rudolf Mees

Rudolf Mees


Het Financieele Dagblad, 9-10-2010
Door Jaap Koelewijn


Twee forse advertentie in de kranten van vorige week zaterdag meldden het overlijden van oud-bankier Rudolf Mees. De antroposoof Mees was samen met zijn collega Wim Scherpenhuizen Rom in de jaren tachtig van de vorige eeuw lid van de raad van bestuur van de toenmalige NMB. Vanuit hun levensbeschouwing streefden zij naar een meer duurzame vorm van bankieren. Groen, duurzaam en verantwoord bankieren zijn – in ieder geval  voor zover het met de mond beleden wordt – ondertussen gemeengoed.  De ABN AMRO trakteert haar gasten op een biologisch koekje bij de koffie en bij de Rabobank ligt zo ongeveer een grasmat in het bankkantoor. Nu de kruitdampen van de financiële crisis zijn opgetrokken, doen bankiers hun uiterste best zichzelf als maatschappelijk verantwoord te presenteren.


Bij Mees en Scherpenhuizen Rom kwam het streven naar verantwoord handelen van binnenuit. Ze liepen er niet mee te koop, maar desondanks kregen hun ideeën destijds – het bankwezen verkeerde toen ook in een forse crisis – veel aandacht.

Ik heb Mees twee keer zeer uitvoerig gesproken. Samen met zijn copromotor Hans Visser interviewde ik hem. Hij had daarvoor zijn boekje Een andere kijk op geld gepubliceerd. In dat boekje ontvouwde Mees zijn antroposofische visie op het gebruik  van geld in het kapitalistische systeem.

Hij was maar wat graag bereid om zijn opvattingen toe te lichten. Zeer gedreven, en zonder al te veel luisteren naar tegenspraak, deed hij zijn verhaal. Zijn visie was dat geld onnodig de oorzaak was van verstoringen van de economie. Met speculatieve hulpverlening zouden bankiers de conjunctuurcyclus versterken. Dat zou dan weer leiden tot een overreactie, het inzakken van de groei en onnodige werkloosheid. Zijn suggestie was dat klanten en bedrijven directer – en dan bij voorkeur op lokaal niveau – zaken zouden gaan doen. Zijn blik op de wereld was profetisch, maar of zijn oplossing zou werken, betwijfelden wij toen al. Ons tegenargument dat deze vorm van ruilhandel  de economie een paar eeuwen terug zou zetten in de tijd, kwam niet echt bij hem aan.

Wat mij is bijgebleven, is zijn menselijke manier van opereren. Nadat ik hem een concept van ons artikel had gestuurd, nodigde hij mij daags daarna uit om nog even langs te komen. Onder het genot van een sigaar, dat kon toen nog, namen we het verhaal nog eens door.

Een jaar of drie geleden spraken wij elkaar weer. Voor een onderzoek wilde ik hem spreken over de handel in schulden. Daarmee verdiende de NMB destijds veel geld. Hij was inmiddels met pensioen en daarom kwam ik bij hem thuis in een statige villa in Zeist. Hij was te laat voor zijn afspraak. Hij had in de rij gestaan bij het stembureau en wilde zijn stem voor GroenLinks niet verloren laten gaan. Hij was toen al oud en wat breekbaar, maar nog scherp van geest. Onvermijdelijk kwam ons gesprek uit op de kredietcrisis en het morele handelen van bankiers.  Naar zijn stellige overtuiging was de overgang van de banken naar naamloze vennootschappen een van de oorzaken van de crisis.

Bankiers zouden de pijn van verkeerde beslissingen volgens hem veel te weinig voelen. Hij stamde zelf uit een oud bankiersgeslacht, Mees en Zoonen, uit Rotterdam. bankiers namen in die tijd nog persoonlijk deel aan de door hen verstrekte kredieten. Als het fout ging, moesten ze persoonlijk voor het verlies opdraaien. Dat weerhield hen volgens Mees van wilde speculaties. Het herinvoeren van dit systeem is minder utopisch dan het lijkt. Nog steeds zijn veel private banken en vermogensbeheerders partnerschappen. Rudolf Mees is een van de oprichter van de Triodos bank, een van de weinige banken die écht duurzaam bankieren. Zijn gedachtegoed leeft daardoor voort. Bij mij blijft de herinnering aan een mild mens met scherpe gedachten.

Jaap Koelewijn is hoogleraar corporate finance aan Nyenrode Business Universiteit.

Comments