Broeders in Christus - Geschiedenis in het kort

In de eerste eeuw van de huidige tijdrekening was er een Nazareense prediker die een zeer uitvoerige kennis van de Heilige Geschriften had. Overal waar hij kwam gaf hij uitleg over wat er in de apart geplaatste (of heilige) boekrollen te lezen of te vinden was.

Ook al was hij maar een eenvoudige handarbeiderszoon had hij een enorme kennis over die geestelijke geschriften en over de hoofdfiguur er van. In zijn Joodse gemeenschap was die hoofdfiguur uit die boekrollen de Meest Hoge Vereerde God van Israël, de God van Abraham. In die landstreek werden door velen ook wel veel andere goden aanbeden, maar de Joodse rabbijn Jeshua (later beter gekend onder de vervalste naam Jesus of Jezus Christus) stond er op dat men slechts één Enige Ware God mocht aanbidden. Hij vertelde over die ene Ware God en Zijn Plan voor de mensheid en melde dat hij de Weg naar die Ene en Enige Ware God was.

Met de jaren groeide Jezus zijn volgers aan. Hij zelf had ook enkele mensen uitgekozen om hem van naderbij te volgen en hem bij te staan in zijn predikingswerk. Ook wenste hij dat zij zijn werk zouden voortzetten wanneer hij er niet meer zou zijn. Toen hij ter dood was gebracht, uit de doden was opgestaan en aan zijn trouwe discipelen verschenen was, beloofde hij hen ook een Helper van Hogerhand. Veertig dagen na zijn dood kwam die Bijzondere Kracht van God over de apostelen en werden zij begenadigd door de Heilige Geest om over de hele wereld het Goede Nieuws te gaan verkondigen.

Zij verspreidden het geloof in Christus, maar al gauw hadden ook zij te kampen met tegenstanders en met leermeesters die de leerstellingen of gedachten van Jeshua (Christus Jezus) vervormden. In hun brieven konden zij het dan ook niet nalaten om voor deze valse leraren te waarschuwen.

Doorheen de jaren groeide echter de aanhang van de valse leraren die de leer van Christus vermengden met allerlei filosofieën van de vroegere Griekse filosofen. De Romeinen waren ook niet gediend met die aanbidders van één God die niet toelieten dat er beelden verkocht werden om te aanbidden. In de vierde eeuw kwam het tot een dispuut  tussen de ware volgers van Jeshua, de aanhouders van de valse leermeesters en de Romeinse bewindvoerders. er werden vergaderingen belegd waarbij men de geschillen trachtte bij te leggen. Op zulke wereldraden der kerken wenste  men tot een gemeenschap van kerken komen die de man Jeshua nu als een godheid wenste kenbaar te maken, zodat deze ook in het pantheon der goden kon opgenomen worden.

De dogmatische geschillen gaven de Romeinse keizer Constantijn de Grote een gelegenheid om die vele predikers tot de orde te roepen en van hen te eisen om tot een consensus te komen. De hevige debatten gaven aanleiding tot een scheuring in de Christenheid (in 325) waarbij de grote meerderheid koos voor de verbondenheid met de wereldse tradities en met een akkoord gaan met een gelijkstelling van Jeshua met Zeus, hem ook tot een drievoudige god makend, met eenerzijds een God de Vader, een god de zoon (Jezus) en tenslotte een god de heilige geest. Die gedachte van een zogenaamde Ene God, Vader, zoon en Heilige Geest, werd aanschouwd als de Drieëenheid en basis van het lidmaatschap in de Wereldraad van Kerken of tot basis van de Katholische of Katholieke Kerk. Men zou daar kunnen zeggen dat het christendom zich met de wereldse machthebbers heeft geprostitueerd en zo het rijk van de Hoer van Babylon is in getuimeld. In het afvallige christendom mocht keizer Constantinus zelfs het hoofd van die kerk worden (wat hij natuurlijk ook verwacht had).

Ondertussen bleven Christelijke broeders en zusters elkaar steunen en het geloof onderhouden, niettegenstaande verhoogde tegenstand. De ware volgelingen van Jeshua die zich niet konden vinden in die overeenkomst met de Romeinse leider bleven zich verzetten tegen die valse leer van een Drie-vuldigheid. Erg genoeg wonnen die anderen die met de Romeinse keizer Constantijn de Grote een overeenkomst hadden gesloten het gelag en groeide hun Kerk verder uit tot de grootste denominatie in het Christendom. doch bleven de ware volgelingen van Jeshua hun predikingswerk voortzetten, dikwijls met gevaar voor hun eigen leven.

In navolging van de getrouwen van Abrahamistisch geloof voelden de volgelingen van Jeshua zich ook als broeders en zusters van elkaar wegens hun samengaan en verbondenheid 'in het Lichaam van Christus'. Als getrouwe volgelingen van Jeshua de Messias of Jezus Christus, gaven zij zich dan ook uit als Broeders in Christus.

Terwijl de volgeling van Abraham allen behoorden tot het Joodse geloof kwamen meer en meer goyim of niet-Joden zich aansluiten bij die volgelingen van de verrezen Jeshua (de uit de dood opgestane Jezus Christus). Hun groepering werd eerst "De Weg" genoemd, maar naargelang de jaren verstreken begon men hen meer "Christenen" te noemen, met die verstande dat het volgelingen van de Christus zouden zijn.

De ware volgers van Christus konden zich echter nooit vinden in de leer van die kerk die zich verder heel gemakkelijk verspreidde omdat zij ook heel handig inpikten in het afstellen van hun gebruiken op de reeds bestaande heidense gebruiken waar dat de meeste mensen moeilijk afstand van konden nemen.

In Belgica, Gallië en omstreken waren velen die volgens de ariaanse Visigotische Wulfila zijn zendingswerk kozen voor het erkennen van Jezus als zoon van God en niet als god de zon. Onder de Goten kon Wulfila zijn Bijbelvertaling in het Gotisch op bijval rekenen. De Gotische leider Fritigern werd bekeerd gedurende de regering van de ariaanse keizer Valens. Gevolg hiervan was dat de meeste Germaanse stammen, die tijdens de grote volksverhuizingen het Romeinse Rijk binnenvielen, ariaans waren of zich als broeders en zusters in Christus er aan hielden geloofsgemeenschap te houden zoals de eerste christenen deden. Dit gold voor de Visigoten, de Ostrogoten, de Vandalen, de Bourgondiërs en de Lombarden.

Alleen de Franken bleven heidens totdat het westelijke Romeinse Rijk — waar zij foederati van waren — verdwenen was. Daarna bracht Clovis, koning der Franken, zijn volk tot het katholieke geloof, waardoor hij beter aansluiting kreeg bij zijn onderdanen van Romeinse afkomst.

In ariaanse koninkrijken bleef de kloof tussen de Germaanse adel en de grote meerderheid van Romaanse en katholieke bevolking groot. Er werd bijvoorbeeld in het Germaans gepreekt in de ariaanse kerk. Voor de Germaanse heersers was het arianisme ook een middel om als kleine minderheid niet opgeslorpt te worden door de autochtone meerderheid. In het Vandalenrijk in Noord-Afrika leidde de tegenstelling tot geweld en vervolging van de katholieken (althans volgens Gregorius van Tours, een katholieke bron).

De ariaanse rijken gingen daarna een voor een teloor. De Vandalen en Ostrogoten werden door Justinianus vernietigd en de Bourgondiërs door de Franken. De Sueven gingen uit eigen beweging over tot het katholicisme, om meer steun tegen hun machtige ariaanse Visigotische buren te verwerven. Dat verhinderde niet dat ze door hen vernietigd werden.

De Visigoten in Spanje bleven vasthouden aan het arianisme totdat koning Reccared I zich in 589 bekeerde tot het katholicisme. Hij wilde daarmee vooral zijn koninkrijk beter aansluiting bij de buurlanden geven en de binnenlandse tegenstellingen uit de weg ruimen. Nog langer ariaans bleven de Longobarden in Italië, hun laatste ariaanse koning overleed in 671. Toen met deze koningen de laatste machtige beschermers van het arianisme waren weggevallen en de overgebleven arianen werden vervolgd, verviel deze variatie binnen het christendom binnen korte tijd. Ook de Gotische taal, die in de ariaanse eredienst werd gebruikt, verdween toen snel.

Om een of andere reden begonnen de Longobarden in de zevende eeuw zoals vele anderen af te wijken van de Schriftuurlijke leer dat er slechts één God is, die Jezus als Zijn zoon verklaarde, en gingen over tot de trinitarische gedachte.

Opvallend mag het genoemd worden dat tot aan de 12de eeuw de Oosterse Kerk de geloofsbelijdenis van Athanasius niet kende. Het is zelfs zo dat sinds de 17de eeuw  bijbelgeleerden het er algemeen over eens zijn dat de Athanasiaanse Geloofsbelijdenis niet door Athanasius (die in 373 stierf) geschreven werd, maar waarschijnlijk in de 5de eeuw in Zuid-Frankrijk werd opgesteld. . . . De geloofsbelijdenis schijnt in de 6de en 7de eeuw voornamelijk invloed te hebben gehad in het zuiden van Frankrijk en Spanje. Ook vinden wij die geloofsbelijdenis in de liturgie van de 9de eeuwse kerk in Duitsland en enige tijd later in Rome.

In de 12de eeuw gaf Petrus van Bruys (ook wel bekend als Pierre de Bruys of Peter Bruis) aan dat een kerk niet typische kerkgebouwen nodig had zoals de Roomse Kerk deed uitschijnen. Hij stelde mensen gerust dat zij, zoals de meeste niet-trinitariërs deden konden samenkomen in huizen of schuren, waar zij even goed konden bidden tot God. Zijn visie op de verkeerde handelingen van kinderdoop en plaatsen van kruisen, maakten hem niet bepaald populair. Rond het jaar 1131 werd hij door een boze menigte vermoord.

In de 14de en 15de eeuw waren er meerdere groepen van Broeders onder verscheidene namen actief. De Evangelische Broedergemeente richtte zich voornamelijk op de levenswijze en geloofsuitoefening van de eerste christenen. Uit vele van die bewegingen groeiden groepen van wederdopers zoals de anabaptisten en baptisten.

In de sterk aangegroeide Rooms Katholieke Kerk vonden sommige priesters dat op sommige vlakken die kerk haar boekje te buiten ging en de mensen bepaalde onschriftuurlijke regels op legde. Het ophangen van de 95 stellingen door Maarten Luther aan de deur van de Slotkerk te Wittenberg, in 1517, luidde een woelige periode in waarbij heel wat personen de dood werden ingestuurd.

De Reformatie bracht voor de ware volgelingen van Christus niet echt de verhoopte vrijheid, al konden zij nu makkelijk bijbels in hun eigen taal verkrijgen. Hun niet aanvaarden van de 'heilige Drie-eenheid' maakte van hen zogenaamde ketters die 'des duivels' waren en verbrand moesten worden.

De samenwerking tussen staat en kerk kwam in de 16de eeuw en 17de eeuw wel tot haar einde.

Meerdere groepen begonnen zich te vormen, die elk ook hun eigen cathechismussen  opdrongen aan hun gelovigen.

Als onderdeel van het reformatorische streven ontstond in de 16e eeuw wel een opening voor die volgelingen van Jeshua die er van overtuigd waren dat men tot het geloof in Christus moest komen en zich dan moest laten onderdompelen in water. Die prediking voor een ware doop maakte dat vele gelovigen die daar toch een bijbels punt zagen zich ook lieten herdopen. De predikers voor dat geloof geraakten dan ook bekend als Wederdopers. Zij werden, mede vanwege hun kritische houding ten opzichte van Kerk en overheid, zwaar vervolgd, niet alleen van rooms-katholieke zijde, maar ook door lutheranen en calvinisten. In later tijd kregen zij de naam van Doopsgezinden. Een van hun leiders was de Fries Menno Simons; doopsgezinden werden - naar hem - ook wel Mennonieten genoemd. Maar in die stroming waren er ook twee grote groepen, zij die zich hielden aan de leer van Christus en het geloof in slechts één God en anderen die zich aansloten bij het trinitarisch denken. Later, tussen 1980 en 2010, zou die versassing naar het trinitarisch denken tot gevolg hebben dat duizenden Baptisten of Doopsgezinden die groepering verlieten om zich aan te sluiten bij andere niet-trinitarische groeperingen zoals de Getuigen van Jehovah, de Nazarener Vrienden, de Kerk van Abrahamitsch Geloof, de Kerk van God (van het Abrahamitisch geloof) of tot de broedergroepering van de Restored Church en die van de Christadelphians.

Onder invloed van de Verlichting in de 17e en 18e eeuw, ontstond een moderne variant van het oude arianisme, welk een vorm voort bracht die tegenwoordig ook veel unitarisme wordt genoemd.

De late 19de eeuw was er een van emancipatie op velerlei vlakken. Ook de verhoudingen en de plaats van de Kerk in de maatschappij werden in vraag gesteld. onder invloed van nieuwe rituelen doken ook oude controverses terug op. Bepaalde mensen hadden genoeg van de staats en kerkinstellingen en hoopten in een nieuwe wereld meer vrijheid te vinden. Tijdens de lange reis waarbij zij meerdere mensen met zeer verschillende geloofsideeën tegenkwamen, konden zij uitgebreid nemen om de Bijbel te lezen, te bestuderen en er met anderen over te discussiëren.

Op zulk een overtocht naar America bevond zich ook de Engelse arts John Thomas (geboren in Hoxton Square, Hackney, London, op April 12, 1805) die in 1832 had besloten om te immigreren naar de Verenigde Staten. Op weg naar New York ging het schip door verschillende stormen waardoor schipbreuk en zelfs de dood dreigde. Tijdens die barre tocht beloofde Dr. Thomas God dat, als hij dit zou overleven, hij zijn leven zou toewijden aan de studie van religie. Hij geraakte in Amerika en hield zijn belofte. Zijn vele gesprekken met andere gelovigen hadden hem doen inzien dat vele kerken aan hun gelovigen niet-bijbelse leerstellingen hadden opgedrongen.

In de nieuwe wereld aangekomen sloot hij zich eerst aan bij de 'Discipelen' van de Schotse immigranten Thomas en Alexander Campbell, welke deel uitmaakten van de protestantse grote revival "Second Great Awakening" of "Tweede Grote Ontwaking". Die vernieuwing in hert religieuze landschap weerspiegelde de romantiek die wordt gekenmerkt door enthousiasme, emotie en een aantrekkingskracht van het bovennatuurlijke. Het verwierp het sceptische rationalisme en het deïsme van de Verlichting.
Uiteindelijk zou die nieuwe opwekking miljoenen nieuwe leden opbrengen in de in de nieuwe wereld gevormde evangelische denominaties die op hun beurt weer zouden leidden tot de vorming van nieuwe denominaties.

Veel bekeerlingen geloofden dat de Awakening een nieuw millennial tijdperk inluidde. De Tweede Grote Ontwaking stimuleerde de oprichting van vele hervormingsbewegingen die ontworpen waren om het kwaad van de maatschappij te verhelpen vóór de verwachte wederkomst van Jezus Christus.

Geboeid door het Woord van God en tot  het besef gekomen dat daaraan de meeste aandacht en geloof moesten geschonken worden, begon dr. Thomas in te zien dat er bij de Campbellieten toch ook te veel dingen bij waren die hij niet in eenheid met de Bijbel kon vinden. Hun meningsgeschil leidde tot een scheuring waarbij vele Campbellieten met hem de Campbellietengroep verliet.

Dat vertrek kan men aanschouwen als het sleutelmoment in de Broeders beweging waarbij het begin van de Christadelphianbeweging op gang kwam, alhoewel ze toen nog niet zo genoemd werd. Sommigen noemden zijn groepen bijbelstudenten. Eén van zijn leerlingen, Charles Taze Russell, zou later ook de stichter van de Amerikaanse en Internationale bijbelstudentenvereniging (International Biblestudents)worden, alsook van een groep met zijn naam er in "Russlellites" zoals andere leerlingen van Thomas zich ook graag "Thomasites" of "Thomasiten" noemden.

In 1834 startte dr. Thomas een magazine met de naam “The Apostolic Advocate”. Die publicatie zorgde er voor dat zijn gedachtegoed zich makkelijker kon verspreiden. Meer inzicht krijgend van het Oude Testament begon hij te beseffen hoe god een Plan heeft met de mensheid en hoe Hij uitverkoren mensen voorspellingen kenbaar had maten maken die steeds uit gekomen waren. Geboeid door die profetieën deed hij veel inspanningen om de bijbelse eschatologie te begrijpen.

In 1839 verhuisde Thomas naar Illinois en in 1842 werd hij de uitgever van het magazine “The In-vestigator”. Vijf jaar later startte hij een ander magazine: “The Herald of the Future Age”.

Toen dr. Thomas in 1848 terug naar Engeland trok bracht hij zijn ideeën naar Engeland waarbij zijn preken een vruchtbare bodem vonden en volgelingen ook het kanaal deden oversteken naar het Europese vaste land.

Bij zijn terugkeer in Amerika verhuisde Thomas van Richmond, Virginia naar New York City en begon daar te prediken. Hij sprak met de joodse gemeenschap omdat dr. Thomas was gaan geloven dat het christendom de wet van Mozes niet heeft vervangen, maar eerder heeft vervuld. Hij geloofde dat christenen, hoewel geloof en doop, het 'zaad' (of 'afstammeling') van Abraham moeten worden.

Het was in deze tijd dat Dr. Thomas en degenen die soortgelijke overtuigingen deelden bekend werden als "the Royal Association of Believers" of "de Koninklijke Vereniging van Gelovigen". Deze groep gelovigen gebruikte, zoals hun medebroeders de Thomasiten, de term 'ecclesia', een Grieks woord dat 'vergadering' betekent, om ze te beschrijven.

Overtuigd zijnde dat een volgeling van Christus geen geweld mag gebruiken zocht hij naar mogelijkheden om zijn mede-gelovigen van de verplichting om te gaan vechten, in de Amerikaanse burgeroorlog (van 1861 tot 1865), te bevrijden. Om door de regeringsleiders aanvaard te worden moesten die gelovigen tot een erkende kerkgemeenschap behoren. Hiertoe richtte dr. Thomas dan in 1864 de Christadelphians op, zodat zijn broeders in Christus als gewetensbezwaarden of dienstweigeraars, niet ten oorlog moesten trekken.

Gebaserd op een reeks lezingen gaf dr. Thomas in 1848 "Elpis Israel"  (Elpis Israel - An Exposition of the Kingdom of God) uit als een Bijbelstudieboek. dit werk bracht over de gehele wereld vele mensen tot hetzelfde geloof en bracht hen er toe om zich als Broeder of Zuster in Christus op te stellen en te verenigen.

Rond het einde van de 20ste eeuw en het begin van de 21ste eeuw waren er ook Joden die zich in de leer van Christus konden vinden. Er ontstonden meerdere Messiaanse groepen, waarbij er echter, vooral in de Verenigde Staten van Amerika, ook trinitarische groepen bij waren. Die Messiaanse groepen welke de drie-eenheid aanbaden deden de ware Joden die toch Jezus als de Messias wensten aan te nemen verafschuwen om namen als Messiaanse of Christen aan te nemen. Zij voelden er geen graten in om als Broeder in Christus door het leven te gaan maar wensten niet vereenzelvigd te worden met christenen (daar dat het beeld op roept van hen die in de Drie-eenheid of Heilige Drievuldigheid geloven.

Rond 2016 stelde de Broeder in Christus Marcus Ampe hen de naam Jeshuaist voor, mits zij ware volgers van de profeet Jeshua (Jezus Christus) willen zijn. De Jeshuaisten zijn dan ook Broeders in Christus waarbij velen afstammen van Joodse families die geslachtslijn van Abraham hoog willen houden. Alsook willen zij een openheid laten voor de Door god opgegeven feesten en sommige Joodse gebruiken zoals de eerste volgelingen van Jezus deze ook onderhielden. Hierdoor kunnen er bepaalde verschillen zijn tussen de Engelse Christadelphians en de West Europese christadelphians of Broeders in Christus die zich ook groeperen onder de naam Jeshuaisten of Jeshuaists.

Te samen met de vele andere groepen in het Christadelhianisme vormen zij meerdere kleine geloofsgemeenschappen die er de voorkeur aan geven om volgens de Bijbelse voorschriften hun geloof en leven op te bouwen.



+

Vindt ook om verder te lezen

  1. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #1 Abraham de aartsvader
  2. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #2 Broeders
  3. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #3 De Weg
  4. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #4 Volgelingen van Jezus
  5. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #5 Apologeten
  6. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #6 Constantijn de Grote
  7. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #7 Afstandelijken, donatisten en arianisten
  8. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #8 Concilie van Constantinopel
  9. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #9 Controverse betreft doop
  10. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #10 De Inquisitie
  11. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #11 Vredelievende waarheidzoekers
  12. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #12 Anabaptisten
  13. Broeders en Zusters in Christus door de eeuwen heen #13 Hutterieten of Hutteriaanse Broeders, Boheemse Broeders en Broederschap van eenheid
  14. Valse profeten en leraren als roofzuchtige wolven in schaapskleren #6 Valse leraren en geestelijke hoererij
  15. Stichter van een beweging
  16. Misvattingen over C.T.Russell
  17. Bijbelonderzoekers en Russelism
  18. Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 1
  19. Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 2
  20. Andere aanpak in de organisatie van de diensten # 3
  21. Is de Beleidvolle Slaaf van de JG Gods enige instrument
  22. De naam van Jehovah gebruikend maar geen getuigen met die naam
  23. Wie is een Jeshua-ist


***

Deze pagina werd voorzien door de Vlaamse Broeders in Christus
(Flemish Christadelphians)

+
+
+
Onze andere plekjes

Wij zijn verbonden met


Comments