Wetenschap is ook een geloof

Laatst werd ik op straat aangesproken door een jonge vrouw, die mij ervan wilde overtuigen dat Jezus ook voor mij gestorven was. Ik probeerde de zaak af te doen met de tegenwerping dat Jezus’ onbezonnen aktie wat mij betreft niet nodig was geweest, en dat ik daardoor bepaald niet het gevoel had bij Hem in het krijt te staan. Ook merkte ik op dat ik, als onderzoeker, God gewoonweg niet zo’n sterke hypothese vond. Daarop werd ik op samenzweerderige toon deelgenoot gemaakt van een diepe wijsheid: wetenschap is ook een geloof.

Er zijn wel meer mensen die dit idee aanhangen en daaronder zijn ook studenten. Hoewel ik het niet erg vind dat religieuze fanatici in de veronderstelling verkeren dat het onderscheid tussen henzelf en wetenschappelijk onderzoekers neerkomt op een nuanceverschil, is iedere student die dit denkt er één teveel. Als je er even over nadenkt dan wordt namelijk al snel duidelijk dat wij hier te maken hebben met een categoriefout. Men denkt dat wetenschap een geloof is omdat je kunt geloven in de wetenschap. Dat klopt natuurlijk niet. Je kunt ook geloven in het Nederlands Elftal, maar dat maakt het Nederlands Elftal nog niet tot een geloof.

Het geloof houdt bovendien een verplichte ontologische stellingname in die er in de wetenschap niet is. Het is namelijk de bedoeling van het geloof dat je gelooft dat God bestaat. Nu mag je als onderzoeker best geloven in het bestaan van atomen, algemene intelligentie, en de multipele persoonlijkheidsstoornis. Maar dat hoeft niet. Ik geloof bijvoorbeeld niet dat de multipele persoonlijkheidsstoornis bestaat, en over algemene intelligentie heb ik ook zo mijn twijfels. Toch mag ik meedoen in de wetenschap. Ik ken zelfs een persoonlijkheidstheoreticus die beroemd is geworden door de stelling te verdedigen dat persoonlijkheid niet bestaat. Als gelovige zou je daarentegen geen goede beurt maken door te verkondigen dat God een verzinsel is.

Geloof en wetenschap zijn principiële aartsvijanden. Dat komt omdat wetenschap er een principe van maakt twijfel te tolereren, terwijl het geloof die juist probeert uit te bannen. Ook in praktisch opzicht zijn er tal van verschillen. In de wetenschap heeft men bijvoorbeeld nooit veel gezien in het gebruik van brandstapels, en biechten bij je hoogleraar is zowel uit persoonlijke als uit carrière-overwegingen een slecht idee. Ik denk eerlijk gezegd dat mensen die beweren dat wetenschap een geloof is zowel van wetenschap als van geloof geen kaas gegeten hebben.