Plastic horloges

In 2000 werd Einstein door Time Magazine uitgeroepen tot persoon van de eeuw. Terecht. De wetenschappelijke prestaties van Einstein grenzen aan het onmogelijke. Bovendien stond hij aan de basis van wellicht de belangrijkste maatschappelijke gebeurtenis van de twintigste eeuw: de ontwikkeling van de atoombom, die in wezen een gewiekste toepassing van Einstein’s e=mc2 is.

In 1905 publiceerde Einstein vijf artikelen, die ieder op zich een Nobelprijs waardig waren. Deze prestatie is nooit geëvenaard of zelfs maar benaderd. Hoe kan dat? Complotdenkers beweren dat Einstein zijn ideeën gestolen had van andere onderzoekers, zoals Lorentz, Poincaré, en Hilbert. Of dat zijn vrouw, Mileva, het eigenlijke werk deed. Of dat Einstein slechts beroemd is geworden door een internationale Joodse samenzwering. Anderen vermoeden dat Einstein behept was met hersenkundige anomalieën: zo heeft men gevonden dat zijn parietaalkwab een eigenaardig groevenpatroon liet zien. We weten natuurlijk niet of dat met de relativiteitstheorie te maken heeft, of dat het kwam doordat Einstein viool speelde, maar suggestief is het wel. 

Zelf denk ik niet dat Einstein abnormaal was. Eerder had hij een goede intellectuele smaak en voldoende eigengereidheid om zich niet door de waan van de dag af te laten leiden. De uitzonderlijkheid van zijn prestaties is, als je het mij vraagt, vooral een functie van de uitzonderlijkheid van het tijdsgewricht. Op de Solvay conferentie van 1927 waren bijvoorbeeld  29 onderzoekers aanwezig, waarvan er 17 later de Nobelprijs hebben ontvangen. Je maakt mij niet wijs dat die onderzoekers allemaal plagiaat pleegden op hun echtgenote of een vreemde parietaalkwab hadden. De natuurkunde van die dagen was een schietkraam, en Einstein was de beste schutter.

Sommigen denken dat er ooit een Einstein in de psychologie zal opstaan. Dat denk ik niet. De psychologie is geen schietkraam maar eerder zo’n grijpmachine op de kermis van vroeger, waarbij de grijparm net te licht was voor de knuffelbeertjes die naar je lonkten. Aan het eind van het liedje ging je dan een paar gulden armer en een plastic horloge rijker naar huis.

De wetenschappelijke methode is voor veel psychologische fenomenen net te licht, precies zoals die grijparm op de kermis. Hoe dat komt is een interessante methodologische vraag. Je zou denken dat er voor zo’n vraag veel belangstelling is, maar dat is niet zo. Dat komt door de menselijke aard. Mensen willen toch proberen een knuffelbeertje te vangen. En daarom hebben we in de psychologie wel plastic horloges, maar geen e=mc2.