Myanmar                             december 1999

Deel 1, Yangon en Inlémeer                                                                                                                 terug naar de hoofdpagpina

                                                                                                                                                                                               verder naar deel 2

Myanmar, ook nog wel bekend onder de naam Birma werd de bestemming voor de volgende reis.

Na een aantal reizen in Midden- en Zuid- Amerika werd het toch tijd om eens naar Azië te gaan.

Ik had al van meerdere mensen gehoord dat Azië ook verslavend kan zijn. Maar ik was toen toch wel een Zuid-Amerika fan geworden. Toch moest ik Azië maar eens een kans geven.

En na lang zoeken en wikken en wegen werd de bestemming Myanmar.

Een land dat tussen India, China en Thailand in Zuid-Oost Azië ligt.

Bekend van de Birma spoorlijn.

Het is nu een militaire dictatuur. De generaals die de leiding over het land hebben dulden geen tegenspraak van de bevolking. De mensen hebben vrijwel geen contact met de buitenwereld. Er is geen internet, geen buitenlandse kranten, en geen Coca-Cola.

Er is wel iemand die tegen de regeringsleiders heeft meegedaan aan de verkiezingen: Aung San Suu Kyi.

Maar zij is nu al jaren door de leiders onder huisarest geplaatst.

Dus de afweging om dit land te bezoeken was moeilijk.

Summum, de reisorganisatie waar ik mee gereisd heb, gebruikt alleen particuliere hotels en restaurants, zodat de regering daar niet aan verdiend.

Uit verhalen blijkt dat de bevolking graag contact wil met buitenlanders, omdat hun enige kans is om iets van de buitenwerled te leren.

Tijdens de reis blijkt dat de bewoners van myanmar buitengewoon vriendelijke mensen zijn. Het is heel veilig daar rond te reizen. Diefstal (van toeristen) komt vrijwel niet voor.

Het is een prachtig land, en vooral op het platteland lijkt de tijd stil te hebben gestaan. Er worden ossen gebruikt voor het ploegen, en om de kar te trekken. Auto's zijn er nauwelijks. Wel oude bussen en vrachtwagens.

En dan nu het verslag:

Een paar weken voor vertrek had ik een visum aangevraagd bij de ambassade van Myanmar in Duitsland. Ik kreeg zonder problemen en netjes op tijd mijn paspoort met visum weer in huis.

Op 5 december 1999 was het vertrek vanaf Schiphol met China Airlines.

In Bangkok moesten we overstappen en vlogen we verder naar Yangon (vroeger bekend als Rangoon), waar we op 6 december om ongeveer 11 uur in de ochtend aankwamen.

We werden daar ontvangen door de reisleider en de gids. De gids, Myo, was een heel vriendelijk en hulpvaardige jongeman. Gedurende de hele reis had hij een rugzak gevuld met grote pakken Kyat biljetten (het geld in Myanmar) bij zich. We konden steeds tegen een gunstige koers bij hem wisselen.

Het hotel in Yangon lag een stukje buiten het centrum. Na een nacht slapen besluit ik maar eens de stad in te lopen, maar ik wandel per ongeluk weg van het centrum, en kom in soort haven buurt terecht. Veel kolengruis, slechte wegen alles grijs en dof.  Hier is niet veel te zien. Een man spreekt me aan en in slecht engels zegt hij me dat dit gebied verboden is voor buitenlanders.  Ik kijk toch nog even rond, beetje nieuwsgierig geworden, en loop dan weer terug.

Ik kijk even in het centrum, bij de grote Shwedagon pagode en zoek het hotel weer op.

Met een busje gaan we op bezoek bij de liggende boeddha. Een beeld van een boeddha van 72 ! meter lang in een liggende houding. Erg indrukwekkend hoor.  De voetzolen zijn bewerkt met boeddhistische symbolen.






De volgende dag nog eens naar het centrum om de grote pagode, de Shwedagon, nog eens goed te bekijken. Het is een enorm groot complex dat er heel schoon en verzorgd uitziet. Overal schitter goud, de pagode zelf is bedekt met 20.000 gouden platen, die 90 kilo per stuk wegen! En voor de afwerking zijn duizenden diamanten gebruikt. Op het plein met marmeren? tegels staan nog veel tempeltjes, torens en altaren.. Er zijn veel mensen bezig met het offeren van bloemen en fruit, er wordt wierrook gebrand en sommige beelden van heiligen worden met water overgoten. Ik dwaal er lange tijd rond.





In de stad bezoeken we nog een traditioneel thee huis. Op lage tafeltjes wordt thee geserveerd, en we zitten op heel kleine krukjes. Dat zullen we deze reis nog vaak doen!

Tegen de avond gaan we naar het station om de nachttrein te nemen naar Thazi