024

Sonnet 24

Mijn oog speelde voor schilder en het heeft

Diep in mijn hart jouw schone vorm geprent.

Mijn lichaam is de lijst die diepte geeft;

En daaraan wordt de kunstenaar herkend.

Kijk door de ogen van de meester - Zie,

Hoe levensecht hij jou heeft afgebeeld.

Ik berg je in mijn hart, mijn galerie,

Waar door jouw oog het licht naar binnen speelt.

Zo zijn de ogen elkaars compagnon:

Mijn ogen etsten jou, de jouwe zijn

De vensters van mijn hart, waardoor de zon

Naar binnen gluurt en jouw portret beschijnt.

Toch maakt het oog geen kunst die kunst mag heten,

Want in haar beelden wordt het hart vergeten.

Sonnet 24

Mine eye hath played the painter and hath steeled,

Thy beauty's form in table of my heart;

My body is the frame wherein 'tis held,

And perspective that is best painter's art.

For through the painter must you see his skill,

To find where your true image pictured lies,

Which in my bosom's shop is hanging still,

That hath his windows glazed with thine eyes.

Now see what good turns eyes for eyes have done:

Mine eyes have drawn thy shape, and thine for me

Are windows to my breast, where-through the sun

Delights to peep, to gaze therein on thee;

Yet eyes this cunning want to grace their art,

They draw but what they see, know not the heart.